Is Congo op weg naar een nieuwe cyclus van geweld?

De presidentsverkiezingen in de Democratische Republiek Congo hadden dit jaar moeten plaatsvinden, waarna een nieuwe president had moeten aantreden. In plaats daarvan werden de verkiezingen tot begin 2018 uitgesteld. Zullen de politieke oppositie en de bevolking dat zomaar laten passeren? Dat wordt wellicht duidelijk op 19 december, de laatste dag van het grondwettelijk legitieme mandaat van huidig president Kabila.

  • EU Humanitarian Aid and Civil Protection (CC BY-ND 2.0) EU Humanitarian Aid and Civil Protection (CC BY-ND 2.0)

Kris Berwouts

MO*academy
Expert Centraal-Afrika
19 december 2016

Twintig jaar geleden, in de herfst van 1996, werd de vrije val van het Zaïre van Mobutu ingezet. De oude dictator, 31 jaar aan de macht, was terminaal. Hij had het land in de tweede helft van de jaren zestig met harde hand een nieuw elan gegeven, maar in de jaren zeventig ontspoorde het: slecht bestuur en nepotisme namen zo’n hoge vlucht dat men ten slotte van kleptocratie ging spreken. Mobutu slaagde erin zich decennia te handhaven door de netwerken die hem ondersteunden vrijelijk in de staatskas te laten graaien – ook wel omschreven als l’auto-cannibalisation de l’Etat zaïrois.

Maar het verhaal was eindig: in de jaren tachtig verkruimelde de staat, Mobutu werd uitgedaagd door een oppositiepartij die erin slaagde over het hele land voet aan de grond te krijgen. Een militante, efficiënte civiele maatschappij begon de hiaten van de staat in te vullen en ging het dagelijks leven van veel mensen aan de basis mee organiseren. Op 24 april 1990 verklaarde Mobutu de eenpartijstaat dood en begraven, maar door de oppositie en de civiele maatschappij intern te verdelen slaagde hij er toch in om nog jaren aan de macht te blijven.

Laurent-Désiré Kabila, beroepsrebel, werd door Kigali en Kampala als uithangbord gebruikt om hun optreden een geloofwaardig Congolees gezicht te geven

Eind oktober 1996 luidde het begin van Mobutu’s einde in. Rebellen vielen met Rwandese steun Uvira binnen en namen enkele dagen later Bukavu in. De Zaïrese staat verkruimelde zienderogen en het leger was geen partij voor de oprukkende buitenlandse troepen en de kindsoldaten van Laurent-Désiré Kabila, beroepsrebel en anachronisme uit de tijd van Pierre Mulele (1929-1968), maar door Kigali en Kampala als uithangbord gebruikt om hun optreden een geloofwaardig Congolees gezicht te geven.

Op 17 mei 1997 trok Kabila’s leger Kinshasa binnen, enkele dagen later legde hij de eed af als president en werd Zaïre de Democratische Republiek Congo. Op 7 september 1997 stierf Mobutu eenzaam en verarmd in Marokko.

Wat volgde was een cascade van geweld: een tweede oorlog brak uit in 1998 toen Kabila brak met Rwanda en Oeganda, lokale conflicten raakten vermengd met nationale en grensoverschrijdende breuklijnen, en uiteindelijk groeide het oosten van Congo uit tot het slagveld van wat de Eerste Afrikaanse Wereldoorlog wordt genoemd, omdat op zeker ogenblik de reguliere legers van negen landen en een onoverzichtelijk aantal Congolese en buitenlandse gewapende groepen erbij betrokken waren.

Aan dat internationale conflict, dat drie tot zes miljoen slachtoffers maakte (de schattingen lopen nogal uiteen), kwam eind 2002 officieel een einde toen de laatste buitenlandse troepen het land hadden verlaten. Ondertussen, in januari 2001, was Laurent Kabila wel doodgeschoten door een lijfwacht in zijn eigen paleis, en opgevolgd door zijn toen onbekende zoon Joseph.

Veelbelovend begin

Joseph Kabila slaagde er verbazend snel in zich van de entourage van zijn vader te ontdoen en het ontspoorde vredesproces weer op de rails te zetten. Als resultaat van die onderhandelingen nam een overgangsregering, nog steeds geleid door Kabila, de macht over. Die moest binnen de twee jaar verkiezingen organiseren. Die deadline werd niet gehaald, uiteindelijk legde de eerste verkozen president van de Derde Republiek, nog steeds Kabila, met anderhalf jaar vertraging de eed af, op 6 december 2006. De meeste binnen- en buitenlandse, zowel officiële als niet-gouvernementele waarnemers hadden de verkiezingen voldoende vrij en eerlijk genoemd, en beschouwden de Congolese democratie als embryonaal maar veelbelovend.

Er werden nooit lokale verkiezingen gehouden en er werd geen enkele vooruitgang geboekt in de strijd tegen corruptie en wanbeheer

Dat was allang niet meer waar toen de volgende verkiezingen in november 2011 er aankwamen. De instellingen van de Derde Republiek waren er maar mondjesmaat gekomen. Zo werden de lokale verkiezingen nooit gehouden, en was er geen enkele vooruitgang geboekt in de strijd tegen corruptie en wanbeheer. Kabila won, maar dit keer uitsluitend doordat hij een zo goed als volledige greep had op de media, de veiligheidstroepen en de electorale machine.

De uitslag werd hevig aangevochten, zijn ultieme uitdager Etienne Tshisekedi beschouwt zich tot vandaag als de toen rechtmatig verkozen president. De verkiezingen van 2011 moesten het broze democratiseringsproces consolideren, maar brachten het land aan de rand van een nieuwe implosie. Mede doordat de oppositie strategisch erg zwak en hopeloos verdeeld was, haalde Kabila toch zijn slag thuis.

Découpage

Zijn tweede en grondwettelijk laatste mandaat loopt af op 19 december 2016. De verkiezingen die op 27 november zijn opvolger moesten aanwijzen, zijn er niet gekomen. Congo leeft al sinds 2014 met de obsessie “Stapt hij op of gaat hij proberen te blijven?”. President Kabila zelf heeft daar al die tijd nooit iets over gezegd, maar ondertussen hebben zijn medewerkers allerlei pogingen gedaan zijn mandaat uit zijn constitutioneel bepaalde begrenzing te tillen. In september 2014 probeerde men bijvoorbeeld een parlementaire meerderheid te vinden (te kopen dus) om een referendum te houden waarin de bevolking zich kon uitspreken voor een nieuwe grondwet die vorm zou geven aan de Vierde Republiek. Wat de teller van de mandaten weer op nul zou zetten. Dat ging niet door, want die meerderheid werd niet gevonden.

In januari 2015 wilde men een kieswet door het parlement jagen die bepaalde dat er een volkstelling moest worden gehouden voor er verkiezingen konden komen

Enkele maanden later, in januari 2015, wilde men een kieswet door het parlement jagen die bepaalde dat er een volkstelling moest worden gehouden voor er verkiezingen konden komen. Omdat dat in een land met de reusachtige uitgestrektheid en de gebrekkige infrastructuur van Congo jaren zou duren, was Kabila meteen verzekerd van een paar extra jaren.

Maar dat feestje ging ook niet door, dit keer niet doordat het parlement dwarslag, maar omdat op verschillende plaatsen de bevolking op straat kwam om zich ertegen te verzetten. Volgens Human Rights Watch vielen er bij die rellen minstens 34 doden. Het aantal gewonden en gearresteerden lag veel hoger. De enige manier om het risico op een grootschalige volksopstand te bezweren was de volkstelling uit de nieuwe kieswet te halen.

Uiteindelijk bleek dat Kabila het erg moeilijk zou krijgen om een eventueel derde mandaat wettelijk te regelen. De enige overgebleven strategie om na het einde van zijn tweede mandaat aan zet te blijven was niet onmiddellijk indrukwekkend, maar ze werkte wel: de macht behouden door eenvoudigweg géén verkiezingen te houden. Le glissement, de verschuiving, noemt men dat in Congo.

Het uitstel van de verkiezingen werd op verschillende manieren bewerkstelligd. Door de electorale commissie te boycotten, bijvoorbeeld. Die kreeg jarenlang slechts een fractie van wat ze nodig had om de verschillende etappes van het electorale proces te organiseren, en recent onderzoek van Le Soir bracht met veel details in kaart hoe het regime, de familie Kabila in de eerste plaats, de kas van de commissie leeg graaide. De staat werd zo goed als ontmanteld toen de decentralisatie van Congo en de opsplitsing in 26 in plaats van 11 provincies in 2015 versneld en zonder degelijke voorbereiding werd uitgevoerd.

De découpage van de provincies was bepaald in de grondwet van 2006, maar werd nooit uitgevoerd omdat niemand het erg belangrijk vond. Tot men midden 2015 constateerde dat men tijd moest winnen om Kabila aan de macht te houden. De nieuwe provincies werden halsoverkop geïnstalleerd, zonder administratieve, logistieke of financiële middelen. Het hielp: 2016 werd een verkiezingsjaar zonder verkiezingen.

Volkswoede

Je kunt tijd winnen en institutionele acrobatieën uithalen om aan de macht te blijven, maar daarmee krijg je natuurlijk de doos van Pandora niet weer dicht. Met de rellen van januari was definitief de bevolking opgestaan als onvoorspelbare maar autonome politieke actor. Toen bleek, en dat werd nadien bevestigd, dat de bevolking niet zomaar op straat komt omdat iemand (de oppositie, de civiele samenleving) vraagt om dat te doen, dat ze niet per definitie spandoeken en ordewoorden achterna loopt, maar zich buiten de klassieke actoren om organiseert. L’auto-prise en charge de la population, de bevolking die zelf het heft in handen neemt, is de nieuwe kreet in de volkswijken van Kinshasa.

Je kunt tijd winnen en institutionele acrobatieën uithalen om aan de macht te blijven, maar daarmee krijg je natuurlijk de doos van Pandora niet weer dicht

De frustratie van de bevolking draait in de eerste plaats om de sociaaleconomische omstandigheden: de werkloosheid is hoog, het grootste deel van de mensen die toch werken doet dat in de informele sector, het is erg moeilijk om een gezin te voeden of degelijk onderdak te geven, elementaire voorzieningen als water en elektriciteit ontbreken geheel of vallen heel vaak uit, onderwijs en gezondheidszorg kosten veel geld en zijn vaak ondermaats…

Mensen vinden dat er sinds het einde van het Mobutu-tijdperk niets fundamenteel veranderd is in de manier waarop ze moeten leven, en houden de president daarvoor verantwoordelijk. Het is in de eerste plaats een probleem van bestuur: als je vijftien jaar aan de macht bent en je slaagt er niet in de manier waarop het land geregeerd wordt te veranderen, dan kun je het niet, of dan wil je het niet. En niemand zal je geloven als je zegt dat het vanaf het zestiende jaar wél zal lukken.

De mensen zijn boos, en die woede kreeg het laatste jaar een gewelddadige ondertoon. Iedereen beseft dat massaal protest snel uit de hand zou kunnen lopen en er misschien toe kan leiden dat Kinshasa, andere steden of grotere delen van het land onbestuurbaar worden. De meerderheid weet dat ze niet langer de morele autoriteit heeft om zo’n protest de baas te kunnen, behalve dan met grootschalig geweld. We zien dan ook dat de repressie in 2016 harder is geworden, en dat leger en politie zich materieel voorbereiden op straatgeweld.

Il ne suffit pas de changer le chauffeur,’ hoor je weleens, ‘il faut changer le véhicule.

Het failliet van het regime bij een groot deel van de bevolking klinkt als goed nieuws voor de oppositie, maar dat is het niet. Uit onderzoek blijkt dat ook de oppositie weinig vertrouwen krijgt. De mensen voelen zich vervreemd van de politiek en maken daarbij weinig onderscheid tussen meerderheid en oppositie: die leven met zijn allen op een andere planeet, ze hebben meer met elkaar gemeen dan met de man of vrouw in de straat. ‘Il ne suffit pas de changer le chauffeur,’ hoor je weleens, ‘il faut changer le véhicule.’ Het gaat er niet meer om wie er nu precies aan het stuur zit – er moet een andere auto komen.

De militante volkswijken willen een alternatief, en verwachten dat niet van Etienne Tshisekedi, die een halve eeuw geleden een van de architecten was van het Mobutisme. Ook de politici die recent of iets minder recent het Kabila-kamp hebben verlaten zullen het moeilijk hebben om een solide politieke basis uit te bouwen in Kinshasa. Er zit onmiskenbaar politiek talent in het peloton rond Katumbi, Kamerhe en de G7, maar op veel vertrouwen hoeven ze niet te rekenen. Kabila’s uitdager van 2006, Jean-Pierre Bemba, lijkt nog de beste troeven te hebben om zich als het boegbeeld van de volkswoede in de hoofdstad op te werpen, maar hij zit in de cel van het Internationaal Gerechtshof in Den Haag, veroordeeld voor oorlogsmisdaden in de Centraal-Afrikaanse Republiek.

Joseph Kabila, institutioneel acrobaat

Het tijdsgewricht is opmerkelijk sterk gaan lijken op het einde van het Mobutu-tijdperk. Net als toen is het democratiseringsproces eerst verwaterd en toen verdampt. Niemand weet nog wat er staat te gebeuren, wat de volgende stap moet zijn. Het regime ontmantelt de staat om de macht niet te verliezen, terwijl de verschillende lokale conflicten in het oosten opnieuw oplaaien, ook omdat de staat er steeds minder in slaagt er adequaat op te reageren. De gevolgen van het ontspoorde verkiezingsproces in Burundi brengen de mogelijkheid van een regionaal conflict met grensoverschrijdend geweld dichterbij. De parallellen met de jaren negentig zijn verontrustend.

Het regime ontmantelt de staat om de macht niet te verliezen, terwijl de verschillende lokale conflicten in het oosten opnieuw oplaaien

In het allerbeste geval komt Congo terecht in een scenario dat lijkt op het einde van de transitie. Toen legde de verkozen president pas anderhalf jaar later de eed af, en dat bleek niet onoverkomelijk. De publieke opinie accepteerde deze vertraging om twee redenen: er was een brede politieke consensus om de transitie te verlengen, en er was een geloofwaardig proces. Maar zover zijn we nog lang niet. Daarvoor lijkt het huidige akkoord helemaal niet inclusief genoeg.

In het slechtste geval bezwijkt de staat onder druk van de straat. Zo’n destructieve confrontatie tussen revolte en repressie zou wel eens alle verworvenheden en vooruitgang sinds het begin van het vredesproces teniet kunnen doen, met alle funeste gevolgen in menselijke, materiële en institutionele termen. Een belangrijke indicatie daarvoor wordt 19 december, de laatste dag van Kabila’s mandaat.

Dit artikel werd geschreven voor het winternummer van MO*magazine. Voor slechts €20 kan u hier een jaarabonnement nemen!

Laat een reactie achter

Javascript is vereist om dit formulier te gebruiken.

LEES OOK

© Ivan Godfroid
Ik heb het al te vaak gehad, dat déjà-lu gevoel, elk jaar op 31 maart, wanneer het mandaat van MONUSCO weer eens wordt verlengd, resolutie op resolutie, sinds 1999.
MONUSCO/Abel Kavanagh (CC BY-SA 2.0)
Op 28 maart werden twee westerse VN-onderzoekers en een Congolese begeleider dood teruggevonden in Kasaï.
Rick Scavetta (CC by-nc-sa 2.0)
42 Congolese politiemannen zijn onthoofd door een Congolese militie. Dit is het dodelijkste incident sinds het conflict in de provincie Kasai in de Democratische Republiek Congo begon.

Meest recent van Kris Berwouts

VoteTshisekedi (CC BY 2.0)
Etienne Tshisekedi: Sterft met de man ook de hoop?
Gisteren overleed de legendarische Congolese oppositieleider Etienne Tshisekedi in een Brussels ziekenhuis.
Orquesta Chekara
Ouderwets kerstsprookje of harde realpolitik: Akkoord van de laatste kans in Congo
De hele politieke impasse van de Congolese politiek kristalliseerde zich in 19 en 20 december, niet alleen het hopeloos versplinterde landschap, maar ook het feit dat de bevolking helemaal had afge
CC Gie Goris (CC BY-NC 2.0)
Congo’s politieke crisis houdt niet op met 19 december
De dag dat president Kabila’s mandaat formeel afliep, werd maandenlang beschouwd als hét moment waarop grootschalig geweld kon uitbreken.
© Kenny Katombe/Reuters
Congo en de aangekondigde chaos van 19 september: voorlopig bilan
Het was weer zo’n dag waarop het moeilijk was feiten en geruchten te onderscheiden.
Nooit meer tonen X

Ontdek

MO*nieuwsbrieven

Schrijf je in op onze gratis nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het belangrijkste mondiaal nieuws.

Facebook/Twitter

Blijf op de hoogte van het belangrijkste mondiaal nieuws.

MO*magazine

Abonneer je op ons unieke kwartaalmagazine voor slechts € 28.

Een abonnement nemen

MO*papers

Abonneer je op de gratis digitale achtergronddossiers (pdf) over actuele mondiale thema’s.