Dit artikel is de door Chinasquare vertaalde versie van "The Zambezi Valley: China's First Agricultural Colony?" Fiction or Fact?, een blogartikel op de blog China in Africa: The Real Story van professor Brautigam.
Meer dan vier jaar geleden publiceerde Loro Horta, toen doctorandus aan de S. Rajaratnam School of International Studies (RSIS) in Singapore, een reeks verhalen waaronder De Zambezi vallei: China’s eerste landbouwkolonie? op de website van het Center for Strategic International Studies (CSIS), nadien herhaald in Voedselzekerheid in Afrika: China’s nieuwe rijstkom op Jamestown Foundation China Brief. In deze publicaties deed hij sterke uitspraken over de Chinese belangen in de landbouw van Mozambique: “China” wilde in Mozambique door Chinese boeren rijst laten kweken om die naar China te zenden, en was bereid daarvoor 800 miljoen dollar te investeren.
Landroof
Ik heb die tekst gelezen, zoals zovele anderen. Hij wordt regelmatig geciteerd als een typisch voorbeeld van de Chinese "landroof". Hij verscheen in een dikwijls geciteerd tijdschrift over landroof gepubliceerd door het International Food Policy Research Institute en werd geciteerd in een gezaghebbende studie over landroof in Afrika door een gezamenlijk FAO-IFAD-IIED team en in een nieuwe studie door twee onderzoekers van Standard Bank. Het is een belangrijke bijdrage tot de overtuiging dat "China" in Afrika voedsel wil kweken om het naar China te exporteren.
Maar er is een probleempje: heel weinig van wat in deze sensationele commentaar geschreven staat blijkt echt.
Daar het verhaal mij intrigeerde, heb ik Mozambique opgenomen in het veldwerk voor mijn boek The Dragon’s Gift. Ik reisde naar Mozambique in de zomer van 2009. Zo te zien deed Horta geen veldwerk voor zijn onderzoek (hij vermeldt er ook geen in zijn referenties). Geen enkele van de Mozambikaanse experts waarmee ik sprak was door hem gecontacteerd. Horta gaf geen referenties van interviews in Mozambique of enige ander nieuwsbericht dat zijn beweringen kan onderbouwen. Ik heb hem later geschreven en gevraagd of hij mij feitelijke bewijzen voor zijn beweringen kon bezorgen. Hij antwoorde dat hij zijn bronmateriaal en nota’s niet kon vinden.
Mythes
Na mijn terugkeer uit Mozambique schreef ik al over het gebrek aan staving voor de beweringen van Horta in een artikel van 2009 voor China Quarterly en in The Dragon’s Gift. Sigrid Ekman, een Noorse onderzoekster, ging nadien naar Mozambique om er onderzoek te doen voor haar masterthesis. Ze kwam tot hetzelfde besluit: een groot deel van het verhaal was uitgevonden, of beleefder gezegd, samengepuzzeld uit geruchten, vergissingen, en een klein beetje belangen.
Maar mythes op het internet leiden een eigen leven. Vandaag, 12 januari 2012, kreeg ik peer review commentaren op een kort artikel over het landbouwengagement van China in Afrika dat ik schreef voor IFPRI. Een van de lectoren drong aan dat ik rekening zou houden met “de research van Horta”. Jammer genoeg krijg ik van IFRI daarvoor niet genoeg plaats.
Het is vervelend een paper van een student in het publiek af te breken. Gewoonlijk krijgen we de kans een peer review te maken in een meer professionele en discrete manier vooraleer een tekst gepubliceerd wordt. Maar CSIS liet destijds geen peer review uitvoeren van het artikel van Horta. Niettemin had ik deze blog eigenlijk allang moeten posten.
Ontkracht
Ten eerste bespreekt Horta China’s “groeiende vraag naar voedsel uit Afrika”, waarbij hij als bewijs de algemene toename van het verbruik van “zeevruchten, rijst, sojabonen, suiker, granen en andere gewassen” in China aangeeft. Maar, tussen 2000 en 2009, heeft geen enkel Afrikaans land rijst, sojabonen, suiker of granen naar China uitgevoerd (sommigen hebben zeevruchten en sesamzaad uitgevoerd). Dit is niet echt een stevig bewijs van China’s vraag naar voedsel uit Afrika.
“China’s zoektocht naar nieuwe landbouwgronden heeft Beijing in de voorbije twee jaar gebracht tot het agressief nastreven van grote leasingcontracten voor land in Mozambique, in het bijzonder in de meest vruchtbare zones, zoals de Zambezivallei in het noorden en de Limpopovallei in het zuiden.”
Gebeurde dit echt? De studie van Sigrid Ekman, die in een recent politiek bulletin in Mozambique samengevat werd door Joseph Hanlon, “noteert dat het intussen afgeschafte Bureau voor de Zambezivallei (Gabinete de Promoção do Vale de Zambêze, GPZ) erg probeerde Chinese investeringen aan te trekken, maar daarin mislukte” . Het waren dus niet de Chinezen die “aggressief” grote leasingcontracten nastreefden, maar het promotiekantoor van de Zambezivallei dat agressief Chinese investeringen zocht.
“De Chinese interesse in de Zambezivallei startte in midden 2006, wanneer de Chinese staatsbank Exibank [sic] een zachte lening voor 2 miljard dollar aan de Mozambikaanse regering gaf om de Mpanda Nkua mega-dam te bouwen op een sectie van de Zambezi in de provincie Tete.”
In feite heeft geen enkele Chinese bank ooit een lening geveven voor Mpanda Nkua. Er waren wel gesprekken over een Chinese financiering (door China Eximbank) voor de Mpanda Nkua dam, maar dit project ging niet door.
Leasing
“Sinds dan is China begonnen met grote stukken land in leasing te vragen om er Chinese megaboerderijen en veeboerderijen op te richten. Er werd gemeld dat in juni 2007 een intentieverklaring ondertekend werd waaronder aanvankelijk 3000 Chinese kolonisten naar Zambezia en de provincie Tete zouden verhuizen om er boerderijen op te zetten in de vallei. Volgens een Mozambikaans ambtenaar zou het aantal Chinezen uiteindelijk kunnen oplopen tot 10.000. Maar het bekend maken van de deal lokte zoveel verontwaardiging uit dat de regering van Mozambique verplicht werd het hele verhaal als een verzinsel af te doen.”
Misschien was het wel echt een verzinsel. In een verhaal uit 2007 stelt Horta dat het om 20.000 Chinezen gaat. Ik heb geprobeerd om daar meer over te weten te komen in Mozambique. Maar niemand die ik ter plaatse ondervroeg herinnerde zich iets over een dergelijke grote verontwaardiging. In de pers kon ik evenmin iets vinden over de veronderstelde intentieverklaring of over de verontwaardiging (ik huurde een universiteitsstudent om de kranten van vier jaar te doorzoeken op sporen van Chinese engagementen in de landbouw). Niemand van de dozijnen mensen waarmee ik sprak, burgers, leden van denktanks, donoren, academici, kon zich iets herinneren. Ik begon het hele verhaal erg dubieus te vinden.
Indien Chinese investeerders echt leasingovereenkomsten voor grote lappen grond wilden, dan hadden ze er ongetwijfeld enkele kunnen ondertekenen. Inderdaad, volgens een studie van Oakland Institute in 2012, “gaf Mozambique concessies aan investeerders voor meer dan 2,5 miljoen hectare grond tussen 2004 en einde 2009″ , en dit gebeurde bijna volledig aan Europese en Zuid-Afrikaanse investeerders, op hun lijstje kwamen geen Chinese investeerders voor.
“Eén ding lijkt vast te staan: China is vast van plan om Mozambique om te vormen tot één van zijn belangrijkste voedselleveranciers, in het bijzonder van rijst, het hoofvoedsel in China. De analyse van de Chinese activiteiten in de vallei de jongste twee jaar levert sterke aanwijzingen over China’s intenties.”
Volgend op deze stelling heeft Horta een aantal echte feiten verzameld, zoals het Chinese hulpprogramma, de interesse in de bouw van stuwdammen, wegen en in de modernisering van havens, en vermoedt daaruit dat deze belangstelling “duidelijk bedoeld is om de productie van voedsel te maximaliseren en de uitvoer ervan naar China te vergemakkelijken.” Dat is wel erg kort door de bocht. De Chinezen zijn geïnteresseerd in de bouw van infrastructuur in heel Afrika, maar ik denk niet dat men daaruit kan besluiten dat dit het bestaan bewijst van een masterplan om de Chinezen te voeden.
Investeringen en productie
Daarna doet Horta wat mij betreft zijn meest kolossale bewering:
“Begin 2008 heeft de Chinese regering beloofd 800 miljoen dollar te investeren in de Mozambikaanse landbouw…”
Ik heb daarvan geen enkele aanwijzing gevonden op geen enkele plaats in Mozambique of erbuiten. De mensen stonden verstomd wanneer ik er naar vroeg. Niemand wist er iets van, zelfs niet als een gerucht. Het gebeurt dikwijls dat ik de bron van een grote fout kan ontdekken, maar hier ben ik er niet in geslaagd. Het spoor begint gewoon bij Horta.
“…met de bedoeling de rijstproductie op te drijven van 100.000 ton tot 500.000 ton per jaar binnen vijf jaar.”
Het objectief om de rijstproductie op te drijven is van Mozambique, niet van China. De hoeveelheid die hier vermeld wordt komt overeen met het tekort tussen lokale productie en lokale behoeften, dat toen door invoer gedekt werd. Dat maakt de volgende bewering van Horta des te verbazingwekkender:
“De verhoogde rijstproductie van Mozambique is duidelijk bedoeld voor export naar de Chinese markt, aangezien rijst slechts voor een klein deel van het Mozambikaans dieet instaat.”
Het is evident dat Horta de Mozambikaanse consumptie- en invoerstatistieken voor rijst niet bekeken heeft.
“Met dit objectief als leiddraad financiert China de oprichting van het Advanced Crop Research Institute en verschillende andere kleine landbouwscholen verspreid over het land.”
Horta “bewijst” hier de Chinese plannen om Mozambique als zijn rijstbasis uit te bouwen met een echt bestaand project – het Umbeluzi/Boane agro-technologisch onderzoeks- en demonstratiecentrum, één van 20 dergelijke centra die China over heel Afrika bouwt als onderdeel van zijn hulpprogramma.
“Meer dan 100 Chinese landbouwspecialisten bevinden zich momenteel in Mozambique, waaronder teams van het Hunan Hybrid Rice Institute, China’s topinstituut op dit gebied.”
Ik vond geen aanwijzingen dat China ooit 100 landbouwspecialisten naar Mozambique stuurde. Vermoedelijk verwart Horta hier met het Chinese engagement om 100 landbouwspecialisten naar Afrika te sturen. Het klopt wel dat het Hunan Hybrid Rice Institute een team naar Mozambique zond. Later besliste dit instituut mee te doen aan de aanbesteding om het door China betaalde agro-technologisch demonstratiecentrum in Liberia te leiden, niet dat in Mozambique. Vermoedelijk was hun bezoek in verband met de beslissing voor welk project ze zouden gaan.
“Andere belangrijke projecten omvatten de bouw van talrijke irrigatiewerken en –kanalen in de vallei.”
Ik ben niet zeker waarove Horta het hier heeft, maar misschien gaat het over het bescheiden project in de provincie Gaza dat door de provincie Hubei gerund wordt. Uit Hubei komt ook de firma die verantoordelijk is voor het met Chinese hulp gebouwde agrotechnologisch demonstratiecentrum (zie verder). De provincie Hubei is verzusterd met de provincie Gaza en heeft zich in dat kader geëngageerd om op 300 hectare de mogelijkheden van geïrrigeerde rijstbouw in Mozambique te demonstreren. In de jaren 2009/2010 hadden ze al 35-40 hectares bebouwd en in 2010 hebben ze land bijgevraagd.
“Het opheffen van invoerrechten door de Chinese regering voor 400 Mozambikaanse producten, waaronder rijst, zal de uitvoer van voedsel naar China verder vergemakkelijken.”
China heeft de invoerrechten op 400 producten niet voor Mozambique alleen opgeheven, maar voor alle Afrikaanse landen met een laag inkomen. Rijst staat niet op die lijst.
“Het idee om duizenden Chinese kolonisten in de vallei te vestigen heeft ter plaatse grote verontwaardiging veroorzaakt, en velen vrezen voor een herhaling van dias negros (de zwarte dagen van onderdrukking).”
Hier opnieuw konden mijn onderzoeksassistent noch ikzelf éen enkel Mozambikaans nieuwsbericht vinden dat deze “grote verontwaardiging” meldde. Evenmin konden mensen die ik tijdens mijn bezoek interviewde zich hiervan iets herinneren.
“De uitvoering van belangrijke projecten zoals de bouw van een stuwdam ,en de financiering voor de Catembebrug – een belangrijk project dat de hoofdstad Maputo via de baai zal verbinden met het Catembedistrict aan de overkant, worden nu door de Chinezen verbonden aan toegevingen betreffende de leasing van landbouwgrond… In plaats van duizenden Chinese kolonisten lijkt het nu meer waarschijnlijk dat er slechts enkele honderden of misschien duizend zullen verhuizen naar de vallei in de komende jaren. De Chinezen zullen de grote boerderijen leiden, de gesofistikeerde landbouwwerktuigen besturen en onderhouden,en de kanalen onderhouden, terwijl Mozambikaanse werklui de meeste handenarbeid zullen verrichten.”
Dit lijkt een zuivere gissing te zijn. Er wordt geen staving geleverd of referenties naar interviews of nieuwsberichten die deze bewering zouden ondersteunen.
Geen rijstkom voor China
Mijn bedoeling met dit artikel is niet te beweren dat de Chinezen geen belangstelling hadden voor investeringen in de landbouw van Mozambique. Die is er geweest. In maart 2006 maakte een Chinese delegatie een rondreis in de landbouwzones van Mozambique, alhoewel niet duidelijk is of het ging om investeringsplaatsen te vinden ofwel om de beste locatie te vinden voor het beloofde agrotechnologisch demonstratiecentrum. Misschien wel om beide.
De auteurs van het FAO/IIED/IFAD rapport van 2009 hebben COFCO, het Chinese staatsbedrijf voor de handel in granen en oiliehoudende zaden geïnterviewd. Die vertelden dat “ze betrokken waren in discussies over een grote landconcessie om rijst en sojabonen te kweken in Mozambique, maar dat deze deal vandaag nergens stond.” Hun belangstelling was echt, maar veel kleiner en gewoner dan het lijkt in de geschriften van Horta.
Sergio Chichava, een andere Mozambikaanse onderzoeker, toonde aan dat tussen 2000 en 2009 vijf Chinese investeringen in de landbouw het akkoord kregen van de Mozambikaanse regering. Het afgebroken COFCO-project was daarbij, het werd in 2005 goedgekeurd voor 6 miljoen dollar. De vier andere projecten waren gemiddeld goed voor slechts 615.000 dollar, en een daarvan was het project van Hubei Liangfeng voor iets meer dan één miljoen dollar.
Niets van dit alles ondersteunt het idee dat “China” de bedoeling had in Mozambique een landbouwkolonie te vestigen, of van de Zambezivallei China’s rijstkom te maken. Mijn veronderstelling is dat Horta, die toen een student was, zijn paper ineengeknutseld heeft met stukjes echte gebeurtenissen gehaald van het internet, gekruid met geruchten. Maar indien iemand anders er een andere mening over heeft, of bewijzen (in de ene of de andere richting), dat hij ze dan maar post. Ik ben benieuwd.







2 reacties
Prof Brautigams blog is één van m’n favorite blogs maar tegelijkertijd kijk ik er met een ambigue gevoel tegenaan.
Indien zij enkel gelezen zou worden door specialisten in dit domein zou er geen vuiltje aan de lucht zijn.
Zij brengt namelijk met veel dossierkennis correcties aan op het beeld van China als nieuwe “kolonialisator” in Afrika.
Zelden zal je er haar op betrappen dat wat zij brengt niet correct is en ze helpt je dieper in te gaan op vele aspecten van de Chinese aanwezigheid in Afrika…
Maar anderzijds, en dit in tegenstelling tot de titel van haar blog, gaat het daarbij in de meerderheid van de gevallen niet om “the whole story” maar eerder om details.
De plaats ontbreekt hier, maar overloop zelf de punten eens op haar blog.
Eén van de recentste ging over het redden van een paar honderd jobs in de herenschoenindustrie in Ethiopië, dank zij enorme staatsinspanningen. Correcte info natuurlijk, maar geen woord over het feit dat China, dat defecte electrische kersverlichtingen wereldwijd recupereert omwille van het koper ook het plastiek recupereert en daar dan o.a. teenslippers van maakt die aan dumpingprijzen wereldwijd aan de man gebracht worden, daarbij in Afrika zowel de echte schoenindustrie als vrijwel alle artisanale vaklui die lederen sandalen maken van de huid van de geit van hun gebuur van de kaart geveegd heeft. Bij prof Braudigam kan je helaas nooit terecht voor een oplossing voor zo’n grootschalig probleem.
Laat ik het echter bij deze post houden.
100 % akkoord met wat de professor over Horta schrijft. Zoals ze zelf aangeeft is dit niet nieuw en
Sigrid-Marianella Stensrud Ekman weerlegde dit al vrij vlug.
Zeer vervelend omdat dit blijft zodat je telkens als je iets over Mozambique leest moet gaan natrekken of dit niet de onjuiste beweringen van de toenmalige Horta zijn.
Inderdaad toenmalig, want de Horta van nu heeft zich ter dege rekenschap gegeven van de flexibiliteit van China terzake en is uiterst mild geworden.
http://www.eurasiareview.com/20012012-china%E2%80%99s-economic-engagement-in-africa-changing-approach-in-mozambique-analysis/
Tot zover Horta, een speldeprik in het geheel van de Chinese “landgrabs”.
Eerst toch nog eventjes stilstaan bij Mozambique: waarom brengt Brautigam niks over China en het legaal/illegaal houthakken, het legaal/illegaal vissen?…
Waarom vermeld zij niet dat sinds augustus 2008 vanuit de Nampula provincie soja, pinda’s en verwerkte cashews naar China gestuurd worden?
Fernanda Ilhéu vermeld in The role of China in the Portugese speaking African Countries; The case of Mozambique in Fig 9 dat over het jaar 2008 12 % van de Mozambicaanse export naar China landbouwproducten waren.
Eén van haar vorige posts was een analoge verdediging van China in de Ethiopische landbouw.
Opnieuw correct dat een wereldvreemde Duitser er flink naast zat maar tegelijkertijd moet zij zelf wel toegeven dat China er toch zeer beperkt aanwezig is. Daarbij verwijst ze naar de studies van het Oaklandinstitute, dat in haar recentste studies wel gedelijk melding maakt van de chinese landgrabs maar dat vooral een instituut is dat zich wel degelijk tegen zo’n landgrabs uitspreekt.
Dit in tegenstelling met professer Brautigam. Zij gaat er steeds van uit dat de Afrikaanse landen zich moeten openstellen voor de noden van de Chinese economie zodat deze haar rol van assemblage en productiehuis van de globalisering kan vervullen. Daarbuiten valt er voor Afrika niet het minste heil te verwachten.
The Real Story is natuurlijk dat vrijwel elke studie rond het fenomeen die een landenranking opmaakt China op de eerste plaats klasseert. Uitzodnerlijk wordt het eens vooraf gegaan door Zuid-Korea.
En zo moeten we naar de bakermat van de landgrab (zowel binnen als buitenlands). Om een lang verhaal kort te maken: de Chinese regering coacht een beperkt aantal Chinese agrobusinessbedrijven om de Bunge, Cargill, Louis Dreyfus of ADM’s van de 21ste eeuw te worden.
Het zijn niet direct bekend in de oren klinkende namen maar nu toch reeds wereldspelers: Beidahuang, New Hope, Cofco, Bright Foods, Hainan Co, Henan Huaying, Chongqing Grain Group, Sinograin…
Van oorsprong allemaal staatsondernemingen die gecorporitiseerd werden, een beleid opgelegd kregen om maximaal de concurrenten over te nemen, daarbij van vrijwel kosteloos kredit konden genieten, onafhankelijke boeren via contractarbeid tot werknemers konden omvormen en, samen met de projectonwikkelaars maximaal van ondergecompenseerde grondonteigeningen konden genieten.
Voor deze bedrijven geld internationaal dat ze in het kader van de “go global” politiek voorlopig vrijwel carte blanche gekregen hebben om naar eigen inzicht te groeien.
Er gaat dan ook geen week voorbij of één van die bedrijven komt in de pers met een nieuw contract.
Ja, ook in Mozambique. Zo publiceerde Simon Freemantle en Jeremy Stevens van de Standard Bank, (een door een Chinese bank gecontroleerde Zuidafrikaanse bank met mogelijks de beste reputatie van het land) een studie over voedseltekort en de toenemende landgrabs. In Mozambique haalden zij 11 Chinese onderzoekscentra en een 60-tal Chinese agrobusinessinvesteringsprojecten aan.
En nog een detail, niet uit deze studie; ik weet niet wie wat eet in Afrika, maar ik stel gewoon vast dat over gans Afrika er bijna steeds projecten bij zijn die op rijst slaan, en indien dit het geval is, altijd op hybride genetisch gemodifieerde rijst. Daarbij zijn er maar 2 mogelijkheden lijk mij: zoals China bij zo’n initiatieven steeds in de drivers seat zit is dit ofwel voor de export naar China, ofwel verpatst China de knowhow waarin ze het sterkst staan, nml rijstontwikkeling.
Mogelijks nog een studie aanprijzen omdat het om een Belgisch product gaat: Het VUB BICCS report van Duncan Freeman, Jonathan Holslag en Steffi Weil “ China’s foreign farming policy”.
Wat ik prof Brautigam in deze context verwijt is dat zij nergens, maar dan ook nergens, zal aanhalen dat in vrijwel de ganse wereld de regeringen maatregelen nemen om te verhinderen dat buitenlanders de hand kunnen leggen op grote delen van het landbouwareaal, van Argentinië tot Australië, met beperkingen van grootschalige maar ook aankopen door individuele boeren, en niet alleen aankopen maar ook tegen het huren, leasen, nationale schermvennootschappen inzetten, enz…
Helaas bevind de weke buik van de wereld zich ook op dit vlak in Afrika waar de meerderheid van de regeringen (en daar zijn verklaringen voor) staat te springen om zo’n landgrabs aan te trekken, ja ook zelfs bij de landen waar de hongersnood schering en inslag is…
Julius Nyerere zei ooit (vrij vertaald) dat een Afrikaanse staat er wel zal komen als het over 4 kenmerken beschikt: een land, een volk, een goede regering en een goede politiek.
In Afrika mangelt het heden ten dage soms wel aan beide laatste essentiële voorwaarden.
Ik heb niet gesproken over de schreinende drama’s die achter vele van die landgrabs schuilen maar tot slot zou ik toch één cijfer willen aanhalen: in Liberia is reeds 67 % van het landbouwareal in buitenlandse handen…
Of hoe we verder dan ooit verwijderd geraken van de idealen van de Afrikaanse nationalisten….
Nieuwe reactie inzenden