Van bipolair strijdtoneel naar mondiale prestigeslag

Gedurende jaren waren de Olympische Spelen het sportieve slagveld van de Koude Oorlog. Het Oostblok, met de Sovjetunie en de DDR op kop, streden om het prestige van het grootst aantal behaalde medailles met West-Europa en de Verenigde Staten. Na de val van de Berlijnse muur werden de Spelen wat ze eigenlijk willen zijn: een mondiaal strijdtoneel waar politiek veel minder een rol speelt.

  • familymwr Een scène uit de openingsceremonie van de Spelen in Beijing in 2008, die als titel 'One world, one dream' droeg. Sinds Atlanta 1996 zijn nagenoeg alle landen van de wereld vertegenwoordigd op de Spelen. familymwr
  • MO* De mondialisering van de Spelen is duidelijk te zien aan de verdeling van de medailles onder de landen. MO*

‘De strijd tussen Oost tegen West is pas na de Tweede Wereldoorlog gekomen,’ vertelt sporteconoom Trudo Dejonghe. ‘Lenin vond sport iets kapitalistisch. In 1948 zijn de Sovjets komen kijken in Londen en in 1952 deden ze mee en hebben ze de zachte medailles gezocht (medailles in sporten die weinig worden beoefend, nvdr), vooral in de vrouwensport. De DDR-vrouwen wonnen alles. Achteraf bekeken weten we hoe ze het gedaan hebben. Maar de Amerikanen waren even erg. Als Florence Griffith-Joyner doodvalt op haar negenderdigste is dat niet van gezond te leven.’

Machtsstrijd

In 1980, toen de Spelen plaatsvonden in Moskou, boycotten de VS en heel wat andere landen de Spelen omwille van de Sovjet-invasie in Afghanistan. De Sovjetunie en bijna alle andere Oostbloklanden boycotten op hun beurt de Spelen van 1984. Trudo Dejonghe gaat verder: ‘In 1980 waren de Spelen dood. In 1984 heeft Amerika ze gered. De Spelen in Los Angeles dat jaar werden de Coca Cola Games genoemd, omdat toen de sponsoring werd geïntroduceerd.’

Buiten de geboycotte Spelen van het begin van de jaren tachtig draaiden de Spelen tussen de Tweede Wereldoorlog en het uiteenvallen van de Sovjetunie uit op een machtsstrijd tussen Oost en West, waarbij de Sovjetunie telkens aan het langste eind trok.

Internationalisering

Uiteraard veranderde dit na de val van de Berlijnse muur. In 1992, in Barcelona, namen de ex-Sovjetstaten deel als het Gemenebest van Onafhankelijke Staten en eindigde de medaillestrijd op een ex aequo. Tijdens dezelfde Spelen werden twee trends, die zich in Seoel vier jaar eerder al manifesteerden, doorgezet: het aantal deelnemende landen nam sterk toe en ook het aantal landen dat er in slaagde een medaille te winnen groeide.


Het aantal deelnemende landen en landen die minstens een medaille wonnen, van Athene 1896 tot en met Beijing 2008. Beweeg over de grafiek voor de exacte cijfers.

In Athene in 1896 namen slechts dertien landen deel. Het aantal deelnemende landen lag iedere keer hoger dan bij de vorige Spelen, met uitzondering van de Spelen die omwille van verschillende redenen door verschillende landen werden geboycot (1956, 1976, 1980 en 1984).

Vanaf Atlanta ’96 werden de Spelen echt mondiaal: nagenoeg alle landen ter wereld zijn sindsdien vertegenwoordigd. Het aantal deelnemende ‘landen’ ligt meestal zelfs hoger dan het aantal staten in de wereld. Het Internationaal Olympisch Comité erkent namelijk ook Olympische Comités voor gebieden die niet internationaal erkend zijn (zoals Palestina) of die deel uitmaken van een ander land (bijvoorbeeld Aruba). In Londen zullen dit jaar 204 Nationale Olympische Comités deelnemen aan de Spelen.

Eremetaal

Het stijgend aantal deelnemende landen zorgt uiteraard voor een groter aantal landen dat met eremetaal naar huis kan keren. Tot en met 1980 waren het vooral de VS, de Sovjetunie en de Europese landen die met de medailles naar huis gingen. Vanaf de Spelen van 1984 leidt de groei en ontwikkeling van landen buiten de twee voormalige machtsblokken tot een meer gespreide medailleverdeling, richting Azië en Latijns-Amerika. 


De verdeling van de medailles van alle moderne Olympische Spelen, per contintent en per land. Beweeg over de grafiek voor om de namen van de landen weer te geven of bekijk hier een grotere versie van de grafiek. Gegevensbron: The Guardian, visualisatie: MO*.

Thuisvoordeel

Naast de boycots van de Spelen van 1980 en 1984 toont de grafiek ook duidelijk dat onder de landen die de meeste medailles winnen, er enkele zijn die pas sinds 1980 echt meespelen voor de ereplaatsen. China, Brazilië en Zuid-Korea slagen er pas vanaf de jaren tachtig in structureel heel wat medailles in de wacht te slepen. Ook de medailles voor Australië zijn een relatief recent fenomeen: de Australiërs piekten naar de Spelen van 2000, toen ze met Sydney gastland waren, en plukten hier tot in 2008 nog steeds de vruchten van.

Ook de andere organiserende landen slaagden er in om in eigen land meer medailles te halen dan tijdens Olympische Spelen in het buitenland. Trudo Dejonghe over het thuisvoordeel van de Olympische Spelen: ‘Landen willen in eigen land niet afgaan en pompen daarom massaal veel geld in het topsportbeleid in de jaren voor ze de Spelen organiseren. Zo wordt een ‘thuisvoordeel’ gecreëerd. Gastlanden winnen meer medailles dan andere jaren, maar dat is niet omdat de atleten gewoon zijn aan het weer in hun land.’

Zachte Chinese medailles

Sinds de val van de Berlijnse muur zijn de Spelen veel minder politiek geworden. Boycots komen de laatste edities niet meer voor. Nu gaat het dus voornamelijk om aanzien. Trudo Dejonghe: ‘Medailles halen is een vorm van prestige. Bepaalde landen vinden dit belangrijk en zo krijg je een opbod. Vroeger had je twee polen, nu heb je er drie. Het Aziatische blok is er bij gekomen.’

In 2008 wonnen de Chinezen weliswaar minder medailles dan de Verenigde Staten, maar door gericht te investeren slaagden ze er wel in meer gouden medailles te halen dan de VS. Dejonghe: ‘De Chinezen zijn op zoek gegaan naar wat ik de zachte medailles noem. Je hebt de harde medailles, zoals bijvoorbeeld de 100 meter sprint. Het is echt heel moeilijk daar een medaille in te halen. Maar pakweg de K2-roeien, daar is het relatief gemakkelijk om een medaille halen: er zijn maar 10 of 20 mensen in de wereld die de sport beoefenen. Dus als je daar in drilt, dan kan je een medaille halen. En dat is wat China heeft gedaan: in het pistoolschieten, in het schoonspringen, in het synchroonzwemmen, … Ook dit jaar gaan ze de medaillerace weer winnen, denk ik.’

Meer uit het dossier Olympische Spelen 2012

REUTERS/Eddie Keogh
De gouden medaille van de Keniaanse atleet David Lekuta Rudisha op de 800 meter in Londen  deed de etnische conflicten in Kenia even wegsmelten.
REUTERS/Ruben Sprich
In de aanloop naar de Olympische Spelen in Londen wordt er druk gespeculeerd over een mogelijke Chinese machtsovername in de medailleranking.
Ik heb de gewoonte een kat een poes te noemen, maar uit juridische voorzorg vraag ik uw permissie om nu wat vager uit de hoek te komen.
CC Roland Tanglao
Fastfoodketen McDonalds is als sponsor prominent aanwezig op de Olympische Spelen.

Laat een reactie achter

Javascript is vereist om dit formulier te gebruiken.