De 21ste eeuw “ademt” de strijd om een leefbare stad, elke dag

Een dag als gisteren brengt het allemaal weer in herinnering: de waanzin van de files, het fijn stof, ons onsamenhangende beleid, en het verlangen naar een leefbare stad…

  • Safia Osman (CC BY-NC-ND 2.0) Beijing en de smog Safia Osman (CC BY-NC-ND 2.0)
  • © TomTom via Bruzz.be © TomTom via Bruzz.be
  • Hannes De Geest (CC BY-NC-ND 2.0) Brussel en de smog Hannes De Geest (CC BY-NC-ND 2.0)
  • Josh (CC BY-NC-ND 2.0) Beijing en de smog Josh (CC BY-NC-ND 2.0)

John Vandaele

MO*redactie
Globalisering & wereldpolitiek, Oost-Azië, Centraal-Afrika
10 januari 2017

6u57. Hajo Beekman van de VRT-verkeersredactie verblijdt de wereld met de boodschap dat de Rogiertunnel in beide richtingen dicht is. Reden: kleine brand in een technisch lokaal.

Twee uur later: files op alle grote assen naar Brussel, en files tot in de diepste haarvaten van Brussel omdat zovele wagens probeerden om op een alternatieve manier op hun Brusselse bestemming te geraken (zie kaartje).

© TomTom via Bruzz.be

En mijn collega zucht: ‘Onze Molenbeekse straten stonden vol.’ En dan knoopt hij er een bedenking aan vast:  ‘Wij komen in de stad wonen, onder andere om ecologische redenen, maar dan willen we wel graag iet of wat gezonde lucht kunnen inademen, een leven met kwaliteit hebben.’

Dat zegt hij in een week nadat bekend raakte dat fijn stof, volgens onderzoek, kan bijdragen tot Alzheimer en het concentratievermogen van kinderen aantast. We wisten natuurlijk al veel langer dat het leidt tot meer hersenbloedingen.

Grote werf

Eigenlijk wordt de strijd om de leefbaarheid van de steden een van de grote werven van de 21ste eeuw. Vraag dat maar in China waar nu een groot deel van de dichtbevolkte Chinese vlakte onder de smog zit. De Chinese Communistische Partij beseft dat die smog niet alleen levensbedreigend is voor de Chinese burgers maar ook voor haar eigen legitimiteit.

De Chinese Communistische Partij beseft dat die smog niet alleen levensbedreigend is voor de burgers maar ook voor haar eigen legitimiteit.

Deze centraal bestuurde staat is er daarom veel aan gelegen om van de opkuis van de steden een topprioriteit en een opportuniteit te maken. Een opportuniteit om de weg te tonen aan de rest van de wereld, en instrumenten aan te reiken voor hoe je dat kan doen.

Europa en België zijn bijzonder goed geplaatst om op dit vlak de weg te tonen aan de rest van de wereld omdat ze hier al ervaring in hebben. En dat doen ze in zekere zin ook, hier en daar. Steden als Gent en Brugge zijn al aangenamer om leven, hebben de auto wat teruggedrongen, al blijft het een strijd.

Want die steden moeten ook commercieel leefbaar blijven – winkeliers moeten er hun brood kunnen verdienen. Als ze moeten concurreren met steden waar je tot in het hart van de stad met auto’s kan rijden, hebben ze het moeilijker. Of erger nog: als ze moeten concurreren met winkelcentra buiten de stad, type Uplace, komt dat soort vooruitziend beleid onder druk.

Josh (CC BY-NC-ND 2.0)

Beijing en de smog

Vlaanderen kiest niet echt voor gezonde lucht

Het Vlaamse en Belgische beleid wordt, wat dat betreft, gekenmerkt door een grote halfslachtigheid. Hoewel de lucht in onze regio tot de meest vervuilde van Europa behoort, gaan we er niet echt voor. Projecten zoals Uplace -  zes miljoen verplaatsingen per jaar erbij op het drukste verkeerspunt van het land – worden hier nog altijd goedgekeurd.

Sommigen verwachten alle heil van de elektrische wagen. Het probleem van het fijn stof is dan van de baan, heet het.

We besteden ook nog steeds vier miljard euro aan fiscale steun of subsidies voor bedrijfswagens, waarvan een groot deel dieselwagens (die veel meer fijn stof produceren), en dat is twee keer zoveel als de steun voor het openbaar vervoer. Fijn stof wordt bij ons dus massief gesubsidieerd, leg dat maar eens uit aan je tante die verlamd door een hersenbloeding aan haar rolstoel gekluisterd zit.

Sommigen verwachten alle heil van de elektrische wagen. Het probleem van het fijn stof is dan van de baan, heet het. Maar recent onderzoek leert dat de elektrische wagen door zijn grote gewicht meer slijtage op remmen, wegen en banden veroorzaakt, en haast evenveel fijn stof produceert als een dieselwagen. Wel positief is dat de elektrische wagen geen CO2 produceert, tenminste als zijn batterijen met hernieuwbare energie worden geladen. 

Hannes De Geest (CC BY-NC-ND 2.0)

Brussel en de smog

Bovendien verandert de elektrische wagen niets aan de fileproblematiek. Verder weten we dat de auto door zijn enorme beslag op de publieke ruimte het samenleven fnuikt. Onderzoek toont aan dat de contacten tussen de mensen in autoloze of autoluwe straten veel sterker zijn. ‘De samenleving staat de wagen in de weg’, schreef columnist George Monbiot daarover onlangs.

Wat zou er moeten gebeuren

Als we daarin echt verandering willen, zullen we veel meer moeten inzetten op structurele ingrepen: een verstandiger ruimtelijke ordening die het leven in de stad aanmoedigt, en een subliem openbaar vervoer. Stap voor stap de vier miljard subsidies voor bedrijfswagens omzetten in de uitbouw van een schitterend  publiek transportnet. Wist u dat de Antwerpenaar gemiddeld tweemaal zoveel wagens heeft als de inwoner van Zurich, toch ook geen arme stad? Dat heeft alles te maken met de uitbouw van een prima openbaar vervoer.

Ikzelf heb al vele jaren geen wagen meer: deelauto’s volstaan me ruimschoots. Een enorme besparing en het plezier van veel meer te bewegen als fietser.

Ikzelf heb al vele jaren geen wagen meer: deelauto’s – onder andere die van mijn lieve buurman – volstaan me ruimschoots. Een enorme besparing en het plezier en de gezondheid van veel meer te bewegen als fietser (behalve dan het fijn stof dat je erbij moet nemen). Fietsstad Gent maakt me het leven ook niet moeilijker: de auto en de autobestuurder zijn al in belangrijke mate ‘gedomesticeerd’, ze gedragen zich hoffelijk en voorzichtiger tegenover fietsers en voetgangers. Een groot contrast met de grote steden in ontwikkelingslanden waar de auto echt wel de “king of the road” is. 

Dat brengt ons bij de tweede stap, en die is van geestelijke aard. Er is een grote mentaliteitswijziging nodig. Stap voor stap moeten we beseffen dat de wagen niet meer het grote symbool van vooruitgang is, niet langer de standaard is van nastrevenswaardig gedrag. De fietser en de tram hebben de toekomst als het gaat om de leefbare stad. Maar ook hier is de weg nog lang. Het enorme succes van het autosalon illustreert dat de wagen nog steeds bijzonder veel mensen intrigeert, enthousiasmeert, doet dromen… van erkenning, snel rijden, vrijheid… Het zal nog heel wat files vergen vooraleer mensen de keerzijde echt onder ogen zien. Dat de auto een machine is die vele doden veroorzaakt, verkeersdoden, fijnstof-doden, kankerdoden, een machine die op de duur efficiënte verplaatsingen in de weg staat en een machine die het samenleven in de stad niet bevordert, wel integendeel.

De spiegel van Mädel

Ooit had ik een Zwitserse vriendin. Laat we haar Mädel noemen. Telkens ze uit haar vaderland terugkwam, hield ze ons een spiegel voor. Het contrast tussen de zuivere lucht in haar vaderland en Vlaanderen was zo groot dat ze bij aankomst in Gent meer dan eens verzuchtte: ‘Het stinkt hier. Ruiken jullie dat niet?’  Natuurlijk is mobiliteit belangrijk maar is het ons zoveel waard? Latere generaties zullen niet kunnen begrijpen dat we zo lang wensten te blijven leven in onze vuile Vlaamse lucht, als kikkers in een glas dat langzaam tot koken wordt gebracht. 

Laat een reactie achter

Javascript is vereist om dit formulier te gebruiken.

marcel roomans

Denk er eens zo over:

 

…als buurten nou eens transferia kregen zoals stadscentra dat ook kregen,..en de fiets dichterbij zou staan dan de auto…maar wellicht moeten we wachten op de zelfrijdende auto voordat er iets gaat veranderen.

Achtergrondvisie:

…auto voor de deur…het slechtste idee van de vorige eeuw…

… dodelijk voor totaalontwikkeling van kinderen…

…dodelijk voor sociale cohesie…

Voorwoord

Een goed begin is het halve werk. Wie het kleine eert…eert dus bovenal kinderen! Hun talent is bewegen; het kind is bewegen! Het is dus zaak dat de samenleving aansluit bij die kwaliteit. De link met de feitelijke woon- en leefomgeving ligt voor de hand. Dáár groeit het kind op en dáár moet het spelenderwijs de wereld kunnen verkennen en eigen maken. Hoe beter die start des te beter; anders is minder! Investeren in de basiskwaliteiten van kinderen is daarmee het allerbeste voor de samenleving en is economisch uitermate interessant. Hun fysieke, mentale en sociale ontwikkeling is sterk medebepalend voor hun latere maatschappelijke waarde op welk terrein dan ook! Toch hebben wij het met z’n allen gepresteerd het kind zijn natuurlijke bewegingsdrang op een gruwelijke manier in te perken. De auto moést voor de deur. De auto was van meet af aan een ‘mannending’.   

De media staan bol van ongewenste ontwikkelingen van jongeren. Dit zowel op fysiek, mentaal en sociaal gebied. De zorg voor de povere ontwikkeling van kinderen kent dus een als structurele aan te merken fout, maar ook een lappendeken aan zorg beleid. Hieronder een kijkje in het waarom het bergafwaarts gaat met het fysiek van jongeren, als wel met hun mentale en sociale instelling! Centraal staat het gemis van ónze zorg voor hún woonomgeving!

 

Leefstraat als woonomgeving

In wat voor woonomgeving groeien kinderen op? Ruim 20 jaar geleden, de tijd dat de doorgeslagen individualisering nog écht nieuws was, wandelde ik met de ogen van de professionele bewegingsobservator door een aantal woonwijken. De samenleving leed toen al  onder die individualiseringstendens. Doel was  observeren van de woonomgeving met de kennis van de bewegingswetenschap in de achterzak. De basisstelling van de bewegingswetenschap luidt: niets is zo ontmoetingsafdwingend als bewegen. Bewegen zou dus van invloed zijn op die negatieve ontwikkeling. Wat zag ik?

Straten waren grijs, vol blik, leeg en saai; straten leefden niet. Verderop, buiten de directe woonomgeving, zag ik wel vaker kinderen vanaf een jaar of 6 a 7 tot en met opgeschoten pubers. Jongere kinderen heb ik niet gezien; ouders evenmin. Kennelijk een normaal beeld. Ik plaatste dat in context van het eeuwenoude straatbeeld. Vele eeuwenlang groeiden kinderen veilig op in de eigen woonstraat of wat daarvoor doorging. Ouders hielden en oogje in het zeil. Die sociale cohesie is verdwenen. Over sociale cohesie gesproken, ik lees anno 2016 in het kader van problemen met buitenlanders in de krant dat de gemeentes Gouda, Ede en Zaltbommel blij zijn met enkele wijkbewoners die met het gemeentebestuur samen willen werken ‘om er iets van te maken’. Hoe diep kan de basale vorm van samen-leven kapot raken.

 

We richtten in 2000 de Stichting Speelstraten/Leefstraten op met als doel aan te tonen dat ouders behoefte hadden aan een veilige en leuke woonstraat. We stapten naar de gemeente, naar de Rabobank, de Hartstichting en naar de provincie voor geld en andere steun en we kregen dat direct volop. Iedereen voelde direct het belang ervan! In 2000 startte de eerste fase van het project speelstraten/leefstraten in Den Bosch. Alhoewel het doel ‘leefstraat’ was opereerden we destijds bewust onder de aansprekende naam ‘speelstraten’. Het werd een groot succes. De voorbije 14 jaren maakten in Den Bosch 100 straten samen 3.500 (drie duizend vijfhonderd!) x een zondag lang een kindvriendelijke straat; auto’s op of om de hoek. Het waren met name de moeders die het belang ervan intuïtief aanvoelden. 85% van alle steun en inzet kwam van hen! Twee gemeente-enquêtes (2004 en 2008) concludeerden overduidelijk dat het project ‘goed was voor kinderen, maar ook goed voor de contacten in de straat’. Ons vermoeden dat mensen een veilige gezellige woonstraat wilden werd bewaarheid. Het nieuws verspreidde zich en uit 50 Nederlandse en Vlaamse steden kwamen verzoeken om info. Inmiddels zijn er in Nederland en België meerdere organisaties actief in de geest van de herontdekking van de woonstraat c.q. leefstraat. Goed werk duurt lang.

 

Verandering

De wereld om ons heen verhardt en verloedert en niet zelden krijgt de jeugd de zwarte piet toegespeeld. Aan alle veranderingen in de samenleving zullen zeker meerdere oorzaken ten grondslag liggen. In dit verhaal wordt nader ingegaan op wat deze verandering voor de ontwikkeling van kinderen betekende. Zoals gezegd was de directe woonomgeving eeuwenlang het sociale gebied bij uitstek. Kinderen leerden daar zichzelf en het leven spelenderwijs kennen. Met de opkomst van de auto werd het kind naar binnen verdreven. Vanaf het moment dat de auto haar intrede deed veranderde de wereld. Waren speelstraten  een ‘vrouwending’, de auto was van meet af aan een ‘mannending’. De eerste auto’s werden zelfs begeleid door mannelijke vlaggendragers de straten ingereden. De woonomgeving wordt inmiddels volledig gedomineerd door auto en verkeer en dús (onbewust) door de man! Tussen 4 muren leren kinderen de wereld echter niet kennen en juist dat gemis heeft grote gevolgen. Op straat leerden kinderen vriendjes en buren en alles daaromheen kennen. Die basis is verdwenen. Naast de gevolgen daarvan voor sociaal contact (kinderen zijn de katalysatoren voor buurtcontact) heeft dat niet te onderschatten gevolgen voor de ontwikkeling van kinderen zelf. Ruim de helft van alle stadskinderen speelt nu de eerste 6 jaren nooit alleen buiten. Steden creëren speelterreintjes op 50 meter van huis. Nog afgezien van het feit dat een speelplek geen afspiegeling is van de sociale complexiteit mogen kleintjes daar niet eens alleen naar toe! Vanaf 6 of 7 jaar worden kinderen voor de leeuwen gegooid en kunnen ze ‘van overheidswege’ en onder controle van de politieagent (!) terecht op speelveldjes op 100 meter van huis. Maar daar ontbreken dan wel de invloed van de volwassene; opgeschoten pubers zijn daar de rolmodellen.

 

Bewegingsdrift

Hét meest opvallende kenmerk van kinderen is hun bewegingsdrift, hun onstuitbare drang tot spelen, rennen, ravotten en bewegen. De VN Commissie Rechten van het Kind geeft prioriteit aan het recht op tegemoetkoming aan het wezenskenmerk van het kind. Bij de verstedelijking valt te bespeuren dat dat recht met voeten wordt getreden. Mét het wegvallen van de veilige woonomgeving werd dit wezenskenmerk van kinderen geweld aangedaan. Ze konden met hun drift geen kant meer op. Drift láát zich echter niet ongestraft wegzetten. Kinderen ‘zijn hun lijf’’, ‘denken in bewegen’. Bewegen moét! Repressie van het wezenskenmerk van het kind, de bewegingsdrift, kan nare gevolgen hebben zowel voor het kind als voor de samenleving. Wat gebeurt er als er geen buiten is, als het dagelijkse oefenveld ontbreekt?  Hoe gaat het dan met de lichamelijke ontwikkeling? Waar en hoe ontwikkelen zij hun mentale weerbaarheid? En waar leren ze sociale omgangsvormen? 

Er wordt tegenwoordig veel gesproken over te drukke kinderen. Drift laat zich echter niet onderdrukken. Jaarlijks schrijven Nederlandse artsen rondom de miljoen recepten Ritalin voor jeugdigen uit en elk jaar wordt dat meer. 

 

Fysieke, mentale en sociale gevolgen van repressie van driften

Het gemis aan veilige ruimte in de eigen directe woonomgeving leidt tot afname van de  sociale betrokkenheid. Onbekend maakt onbemind. Deze situatie is een voedingsbodem voor angst en afkeer voor het onbekende, hetwelk niet zelden uitgroeit tot fight- en flightgedrag (vecht- en vluchtgedrag). Bekend zijn de vele varianten van explosief en  grensoverschrijdend gedrag, maar er is ook massaal vluchtgedrag in drank, drugs, seks, gokken en ICT. Wordt de opgekropte drift niet geuit dan ligt de depressie op de loer. Depressie is opgekropte agressie.. .  

 

Blinde vlek

Alvorens volwassenen naar kinderen wijzen moeten we de hand in eigen boezem durven steken. Het waren immers de volwassenen zelf die deze samenleving voor onze kinderen creëerden. Wij ontnamen hen toch het oefenveld voor hun lichamelijke, mentale en sociale

ontwikkeling goeddeels! Wíj onderdrukten toch hun bewegingsdrift! Wij wilden toch zo graag de auto voor de deur en ontnamen onze kinderen zo hun veilige woonomgeving en

sociaal oefenveld! Vraag kinderen wat ze willen en 10 tegen 0 wordt er gezegd dat ze meer speelruimte willen. Wij moeten gaan begrijpen wat spelen, wat het leven, inhoudt. Het gaat om veel meer dan wat speelruimte creëren ; het gaat om het leven zelf spelenderwijs te leren! Het gaat dus niet alleen om rennen en ravotten, maar ook om mentale weerbaarheid en sociale vorming.   

De zo zwaar bekritiseerde sociale houding van jongeren werd niet eerder op deze wijze beschouwd in context van de kwaliteit van hun woon- en leefomgeving. Juist in tijden van CV, TV, PC, kleine gezinnen en werkende ouders ligt het monster van isolering, individualisering en egocentrisme op de loer. Juist nu ligt er een grote verantwoordelijkheid bij ouders en politiek kinderen goede omstandigheden aan te reiken.voor hun ontwikkeling. Het is de hoogste tijd voor herkenning, erkenning en voor het creëren van nieuw beleid. Het gaat om veiliger, groener, spannender en gezelliger ‘ruimte direct voor de voordeur’. 

De ‘kleinste openbare maatschappelijke cel’, de woonstraat, is op sterven na dood! Beleid inzake leefbare woonomgeving kent de term woonstraat zelfs niet meer; alom spreekt men in termen van buurten en wijken. Maar daar groeien de kleintjes niet op! Er mag terecht gesproken worden van een blinde vlek ten aanzien van de doodgewone woonstraat!  Nederland telt er zo’n half miljoen! Laten we voortaan spreken van straten, buurten en wijken!

 

Terug naar de wortels

Een goede boom herken je aan zijn vruchten. Vertaald naar waar we het hier over hebben gaat het dan om de kinderen. Zij zijn de toekomst.

Toch hebben wij het als samenleving gepresteerd om het belangrijkste kenmerk van het kind, diens bewegingsdrift, gruwelijk in te dammen. Een samenleving (lees boom) die haar kinderen (lees vruchten) niet voldoende basis (lees wortels) geeft creëert een probleem en krijgt later een stevige rekening gepresenteerd.

Er gaat heel veel mis met (steeds jongere) kinderen. 1 op de 3 kinderen is te dik. De kans op obesitas en later diabetis dreigt. Grensoverschrijdend gedrag is aan de orde van de dag. Het antwoord in de vorm van repressie blijkt dweilen met de kraan open. Het onderwijs raakt overbelast mede doordat hen steeds meer maatschappelijke thema’s worden opgedragen. Opvoedingsondersteuning blijkt meer nodig dan er gegeven kan worden. De buurt- en wijkaanpak, hoe goed op zichzelf ook, blijkt niet te leiden tot verbetering. Integendeel. Het wordt erger. Het hart van de openbare ruimte is de woonstraat. Met straatcoaches, wijkagenten, buurtvaders, buurt- en wijkprojecten, sportondersteuning, CJG’s etc wordt getracht verbetering van veiligheid en leefbaarheid te bewerkstelligen. Vroeger waren er gewoon een veilige woonomgeving en buren. Als de woonstraat, de kleinste openbare maatschappelijke cel, dermate uit haar doen is dan moge duidelijk zijn waar de verandering moet beginnen. In kind-/mens-vriendelijker woonstraten. Dat heeft gevolgen voor de positie van onze auto, maar als kinderen voorrang krijgen wordt het hele leven wel leuker en de samenleving als geheel beter. De oplossing ligt in andere straatvormen. 

 

 

Oplossingen

Tienduizenden steden overal ter wereld maakten hun centra autovrij. Als het daar  kan dan kan het in woongebieden ook. Dat vraagt een ommezwaai in denken. Straten doorknippen en in het midden pleintjes creëren? Auto’s alleen op de hoek. Buurtparkings? Parkeercontainers? Voer voor creatieve denkers! Het gaat veelal om niet meer dan 50 meter naar de auto lopen !!!

Als maar genoeg ouders het belang van verandering inzien is het dilemma waar politici zich de komende tijd voor gesteld zien niet: geven we het kind voorrang boven de auto maar hóe gaan we dat doen. De resultaten zullen indrukwekkend zijn. Een kindvriendelijke woonstraat

biedt kinderen betere ontwikkelingskansen en het leidt bovendien tot een indrukwekkende verbetering van de sociale cohesie! Verdere winst ligt o.a. op de gebieden veiligheid,

integratie, zorg, ouderen, eenzaamheid, cohesie en het raakt zelfs de file.…de fiets staat dan immers dichterbij dan de auto…. Misschien dat de zelfrijdende auto tot een oplossing gaat bijdragen.

 

Politiek

De politiek moet zich in elk geval bewust worden van het drama van de Nederlandse woonstraat. Wil men afname van agressie en verharding en verbetering van het sociale klimaat dan is ander beleid nodig.

 

Hieronder enkele voorzetten:

-De VN Rechten met betrekking tot de Rechten van het Kind beter vertalen.

Als je het wezenskenmerk van kinderen negeert negeer je de VN afspraken ten aanzien van de Rechten van het Kind tezelfdertijd.

-Naamwijziging ministerie VWB in plaats van VWS

Bewegingsdrift is de invalshoek voor herstel en niet gymnastiek of sport. Bewegen is de moedervorm, al het andere is cultureel afgeleid. Als bewegen de moedervorm is dan is de naamgeving van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport onjuist ! Correct is de naam: Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Bewegen (desnoods met toevoeging Sport). 

       -    Kinderparagraaf

Regeren is vooruitzien. Het zou, na zoveel pijnlijke misvatting over de ontwikkelingskansen van kinderen, goed zijn als er een Kinderparagraaf in de partijprogramma’s zou worden opgenomen. Daarin alles op een rijtje hoe de VN Rechten met betrekking tot het Kind naar concreet beleid worden vertaald. Daarin dan zaken met betrekking tot de woonomgeving en de bewegingsdrift. Met die wetenschap kunnen ouders een  betere politieke keuze maken, want…. kom niet aan mijn kind(eren)……!

 

Marcel Roomans, psychomotorisch therapeut

Onderzoeker agressiekanalisatie en cohesie

 

LEES OOK

© Jonas Vincken
Op 7 mei organiseert burgerbeweging Hart Boven Hard de derde editie van de Grote Parade.
© evenogrud
Wereldwijd komt malaria minder voor, maar het stijgt wel onder Belgische reizigers. Dat heeft het Instituut voor Tropische Geneeskunde bekend gemaakt.
Stefan Leijon (CC BY-ND 2.0)
De hoeveelheid plastic zwerfvuil die in rivieren, zeeën en oceanen terechtkomt, neemt gestaag toe, met verregaande gevolgen voor mens en dier.

Meest recent van John Vandaele

CC Misha Dontsov (CC BY 2.0)
Politici, kom van die berg van polarisering, ook al brengt hij stemmen op !
De vulgariteiten van enkele Antwerpse politieagenten zijn maar het topje van een ijsberg van polarisering, wederzijdse haat en vooroordelen.
ScottMLiebenson (CC BY-SA 3.0)
Het democratische antwoord op Uber, Airbnb en andere reuzen van Silicon Valley
Facebook, Google, Uber, Airbnb,… het kapitalisme van de grote digitale platformen verandert de wereld. Maar er rijzen ook veel vragen. Is Facebook vergelijkbaar met de Stasi?
Faizal Riza MOHD RAF (CC BY-NC 2.0)
De kleren maken de vrouw. Maar maakt de vrouw ook de regels?
Waarom is het zo belangrijk hoe vrouwen zich publiek presenteren? ‘Kledingregels hebben een signaalfunctie: tot welke groep behoor ik wel en niet? Welke status heb ik?
Bart Lasuy
180.000 gezinnen wachten op sociale woning. Biedt privékapitaal de oplossing?
Tienduizenden Belgen wachten al jaren op een sociale woning. Inclusio bouwde en kocht met privégeld al 108 sociale woningen.
Nooit meer tonen X

Ontdek

MO*nieuwsbrieven

Schrijf je in op onze gratis nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het belangrijkste mondiaal nieuws.

Facebook/Twitter

Blijf op de hoogte van het belangrijkste mondiaal nieuws.

MO*magazine

Abonneer je op ons unieke kwartaalmagazine voor slechts € 28.

Een abonnement nemen

MO*papers

Abonneer je op de gratis digitale achtergronddossiers (pdf) over actuele mondiale thema’s.