Jatropha kan Aziatische energiehonger helpen stillen
MANILA, 23 juni 2008 (IPS) - De voedselcrisis heeft Azië voorzichtiger gemaakt, maar het onderzoek naar biobrandstoffen gaat voort. De jatropha, een taaie struik die weinig zorg nodig heeft, lijkt een veelbelovende leverancier van biodiesel voor tropische landen. India experimenteert er al mee en ook in de regio van de Mekong is er interesse.
Jatropha, een oneetbare plant, groeit op arme en droge gronden. Dat maakt de kans kleiner dat de plant voedingsgewassen verdringt. Er is de laatste maanden veel kritiek op de grootschalige productie van biobrandstoffen omdat die de prijzen van sommige voedingsmiddelen opdrijft. Dat is het geval bij maïs, waaruit vooral in Amerika ethanol wordt gemaakt, en soja, een grondstof van biodiesel. Daarom wordt er druk geëxperimenteerd met een zogenaamde tweede generatie van biobrandstoffen. Ook van oogstafval, grassen of struiken die niet voor menselijke consumptie geschikt zijn, kunnen immers biobrandstoffen worden gemaakt. Voor jatropha lijkt alvast een gouden toekomst weggelegd.
“Jatropha verbouwen is commercieel leefbaar”, zegt Mercedita A. Sombilla, een onderzoekster die in opdracht van de Aziatische Ontwikkelingsbank een studie uitvoert over de ontwikkeling van de biobrandstoffensector in de regio van de Mekong - Thailand, Vietnam, Cambodja, Laos, Birma en Zuid-China. “Het grote voordeel van de struik is dat hij ook op braakliggende gronden kan worden aangeplant.” De uit Midden-Amerika afkomstige struik kan tegen droogte en heeft weinig last van ziekten. Boeren hebben er nauwelijks werk mee. De zaden zijn giftig, maar bevatten tot 40 procent olie. Na verwerking kan die in gewone dieselmotoren gebruikt worden. Het afval dat overblijft na de persing, kan als brandstof voor elektriciteitscentrales dienen.
Experimenten in Afrika en Azië
In India, Indonesië, Thailand, Tanzania, Ethiopië en Midden-Amerika worden boeren al aangemoedigd om jatropha aan te planten. India stelt boeren gratis plantmateriaal ter beschikking en heeft zijn openbare oliemaatschappijen verplicht biodiesel uit jatropha-olie aan te kopen. Het land verricht ook onderzoek om de productie te optimaliseren.
Volgens Sombilla hebben naast jatropha ook cassave en zoete sorghum een groot potentieel als grondstoffen voor biobrandstoffen in de regio van de Mekong. Maar dat zijn wel voedingsgewassen.
De landen aan de Mekong maken zich net als de meeste andere Aziatische landen zorgen over hun toekomstige energiebevoorrading. Volgens het Internationaal Energieagentschap zal Azië tegen 2030 ruim dubbel zoveel energie verbruiken als vandaag. Aardgas en olie dreigen onbetaalbaar te worden en produceren net als steenkool te veel CO2.
Biobrandstoffen kunnen een uitweg bieden. Thailand, Vietnam en Birma maken al biodiesel uit palmolie. Thailand wil ook veel meer cassave en suikerriet gaan produceren als grondstoffen voor ethanol. Critici vinden dat een gevaarlijke evolutie. Thailand is immers ook de grootste exporteur van rijst.
De teelt van jatropha dreigt minder gauw ten koste te gaan van de voedselproductie. Maar toch waarschuwt Sombilla, de onderzoekster van de Aziatische Ontwikkelingsbank, dat er nog intensief onderzoek nodig is vooraleer landen de teelt ervan op grote schaal gaan aanmoedigen. Het is nog niet duidelijk hoeveel olie jatrophaplantages eigenlijk opleveren. Vooral in Laos en Cambodja, waar de meeste braakliggende percelen klein en versnipperd zijn, dreigt de productie onrendabel uit te vallen. Er moet ook worden vermeden dat de jatrophaplantages in de plaats komen van bossen of andere ecologisch waardevolle gebieden. Sombilla pleit ook voor overheidsinterventie om ervoor te zorgen dat boeren gemotiveerd worden om in de eerste plaats voldoende levensmiddelen te produceren.
Categorieën: Milieu - Economie - Landbouw - Azië en Stille Zuidzee
Auteur: Prime Sarmiento.
Reactie(s)
Reactie van Jonas Van Den Berg op 24/06/2008
Laten we niet naief zijn. Jatropha is zeker een interessant gewas, maar het is een simpel gewas voor eerste generatie biobrandstoffen. Een gewas dat slechts een paar duizend liter olie per hectare levert.
Zoals we ondertussen wel weten ligt de toekomst van biobrandstof niet in dat soort gewassen, maar in volgende generaties die véél meer opleveren en dus veel minder land vereisen:
-die van de tweede generatie (in de bodem koolstof opslaande polyculturen van grassen geteeld voor hun lignocellulose)
-de derde: gewassen die ecosysteemdiensten verrichten (zoals verwoestijning tegengaan) en ontworpen worden met een bepaald bioconversie-proces op het oog (zoals populieren met weinig lignine en veel CO2 opslag voor gebruik in koolstof-negatieve systemen)
-vierde-generatie (koolstof-negatieve biowaterstof en biochar, en brandstof uit postfotosynthetische microorganismen die CO2 omzetten in methaan, zonder beroep te doen op licht, ontworpen op basis van de synthetische biologie).
Maar goed, Jatropha is interessant voor zeer laag ontwikkelde maatschappijen.
Probleem met dat gewas is dat het niet mechanisch kan geoogst worden.
Jatropha vereist ongeveer 18.8 full-time arbeiders om 1000 barrels of oil equivalente (BOE) olie te oogsten.
Da's heel goed voor de tewerkstelling, maar dat impliceert ook dat je heel goedkope arbeidskrachten moet hebben, die je goedkoop moet kunnen houden. Anders is jatropha niet rendabel.
Suikerriet kan mechanisch geoogst worden en vereist slechts 2.4 arbeiders per 1000 BOE.
Fast-rotation bomen in de EU vereisen slechts 0.15 arbeiders per 1000 BOE.
Het hele punt van energie is toch dat men ze gebruikt om zelf geen handenarbeid te moeten verrichten? Er moet dus altijd een balans gevonden worden tussen menselijke inputs en de energie-output.
Jatropha kan goed zijn om de allerarmsten aan werk te helpen. Maar het moet toch ons streven zijn om die armen na verloop van tijd meer loon te kunnen aanbieden en uit de armoede te helpen. Bij Jatropha - een slavenarbeid-gewas - ligt dat zeer moeilijk.
Tenslotte is Jatropha nog steeds een typisch 'under-researched' gewas. Er kan nog veel veredeld worden en opbrengsten kunnen dan wel wat stijgen. Maar dat kan nog een tijdje duren.
Afsluitend: er is wel een bedrijfje dat aan oogstmachines voor Jatropha werkt (een beetje zoiets als een olijfbomenshaker), maar jatropha heeft het nadeel dat het voortdurend rijpe vruchten voortbrengt, waardoor zo'n machine dus continu zou moeten uitrijden. Ook niet erg efficient.
Afwachten, maar ik zou er mijn hoop niet teveel op pinnen. De nabije toekomst ligt in biomassa van grassen en bomen die worden omgezet in synthetische biobrandstof via gasificatie en Fischer-Tropsch (biomass-to-liquids, BTL); of in cellulose ethanol.
Reactie van Stefan De Keijser op 27/06/2008 
Jonas Van den Bergh heeft gelijk; laten we niet naïef zijn. Spijtig genoeg bewijst de hele heisa rond Jatropha curcas dat er veel te veel naïevelingen rondlopen. En al lijkt de blindheid van de Jatropha aanhangers grappig, de gevolgen zijn potentieel dramatisch.
Graven we even terug naar de origine van de hyphe. In India rijpte enkele jaren geleden het idee om Jatropha struiken te laten groeien op de treinterrils. De allerarmsten van de bevolking konden dan de olie oogsten en verwerken. Men kan er zeep van maken, kaarsen of lampenbrandstof. Op zich een mooi idee.
Dan barstte de 'Grote Oliecrisis' uit. De prijs van het zwarte goud brak in 2004 door de magische grens van 40 dollar per vat. Van dan af werden biobrandstoffen competitief, ten minste in de tropen. Ethanol uit suikerriet en biodiesel uit palmolie zijn vandaag - in afwachting van nieuwe technologieën -veruit de beste optie. De promotie van deze twee gewassen alleen zou binnen de kortste keren voor miljoenen jobs kunnen zorgen in 's wereld armste regio's.
Omwille van redenen die ze waarschijnlijk zelf niet kennen promoten onderzoekers en NGO's echter het onbekende doch leuk ogende Jatropha. Het groeit immers op marginale grond, het komt niet in concurrentie met de voedselproductie, en nog van dat moois.
Te mooi om waar te zijn? Inderdaad! Wie de proef op de som neemt zingt snel een toontje lager. Op marginale grond overleeft de plant wel, maar produceert hij niets. Op goede grond produceert hij wel, maar veel minder dan de conventionele oliehoudende (voedings)gewassen. Daarenboven zal Jatropha nooit rendabel worden want de oogst is veel te arbeidsintensief. Tot slot, buiten de productie van een beetje toxische olie is de plant absoluut onbruikbaar.
Duizenden arme boeren in het zuiden werden reeds misleid en offerden hun grond en arbeid op aan de 'wonderboom'. Miljoenen dreigen in dezelfde val te worden gelokt. Jatropha kan ze enkel nog armer en nog hongeriger maken.
Laten we zo snel mogelijk toegeven dat Jatropha een vergissing was.
Stefan De Keijser
Reactie van Jan Vangrinsven op 30/11/2008
In Leuven loopt een bouwproject http://www.tweewaters.be/ waarin men deze noten wil gebruiken als brandstof. Men plant er de bouw van een hele centrale. Misschien interessant om eens een MO redacteur langs te sturen.








