De grote belofte van de transgene industrie was het oplossen van het hongerprobleem. Voorwaar een nobele gedachte. Nu GGO’s ruim 20 jaar op behoorlijk grote schaal worden toegepast zou je mogen verwachten dat de honger dus van de baan is. Helaas is niks minder waar. Wereldwijd zijn er nog steeds 1 miljard mensen ondervoed. De oorzaken zijn van velerlei aard. De financiële speculatie met voedsel, de toename van vleesconsumptie, de massale verspilling, mislukte oogsten door extreme weersomstandigheden, de opmars van energiegewassen ten koste van basisvoedsel, de concentratie van productie in handen van multinationals en de overconsumptie in rijke landen zijn enkele van de oorzaken. Dat er honger is terwijl er meer dan voldoende voedsel wordt geproduceerd is uiteindelijke een politieke kwestie. Het gebruiken van GGO’s brengt hierbij geen aarde aan de dijk, net zoals de elektrische auto het fileprobleem niet oplost.
Omdat het huidige hongerprobleem geen meter is opgeschoten met de transgene landbouw verleggen de voorstanders nu het geweer van schouder. GGO’s zijn onontbeerlijk om de toekomstige honger op te lossen als we met 9 miljard zijn. Trouwens, deze technieken kunnen ons helpen om de gevolgen van klimaatverandering aan te pakken, om voldoende biodiesel te produceren en zelfs om CO2 uit de lucht te halen. Zoals vaker wordt ons de hemel beloofd en wordt zo weinig mogelijk gerept over mogelijke risico’s en neveneffecten. De oorzaken van het probleem aanpakken (zoals klimaatverandering en ongelijkheid) is blijkbaar geen optie. Nieuwe technologie is de ultieme oplossing is van alle problemen en meteen ook van de komende problemen die de nieuwe technologie zal met zich meebrengen. Of hoe een blind geloof in God vervangen is door een al even gevaarlijk blind geloof in technologie.
Het hele discours doet me sterk denken aan het debat rond kernenergie. We kunnen exact dezelfde vragen stellen bij de transgene gewassen. Hebben we kernenergie nodig om de energiebehoefte in te vullen? Neen, de nucleaire sector kan nauwelijks 4% van de mondiale energiebehoefte leveren. Hebben we gentechnologie nodig om voldoende en volwaardig voedsel te produceren? Volgens meer en meer bronnen niet, het recente rapport dat Olivier De Schutter schreef voor de Verenigde Naties is daar heel duidelijk in. Kleinschalige en biologische landbouw is de beste manier om 9 miljard mensen te voeden. Zowel voor ons voedsel als voor onze energie zijn er dus voldoende en veilige alternatieven.
Een tweede vraag die je bij beide technologieën kan stellen is: wie wordt er beter van? Wat kernenergie betreft is het duidelijk dat niet de consument de vruchten plukt. Het zijn grote internationale bedrijven die met de nucleaire centrales macht en geld verwerven. En als er iets mis gaat dan zijn tienduizenden mensen de pineut (dat weten ze maar al te goed in Fukushima en Tsjernobyl) en mag de overheid opdraaien voor de kosten. De grote winnaars in het GGO-verhaal zijn opnieuw multinationals zoals Monsanto, Dupont en Bayer. En als het misloopt, zoals bij het GGO-katoen in India zijn de boeren het slachtoffer. Daar hebben duizenden boeren zelfmoord gepleegd omdat ze hun schulden niet konden terugbetalen na mislukte GGO-oogsten.
Nog een parallel in beide debatten is de zogenaamde ‘expert-arrogantie’. Gewone mensen begrijpen te weinig van kernenergie om een redelijk standpunt te kunnen vormen. Ze worden trouwens bang gemaakt door allerlei ngo’s die er niks van kennen. Van Montagu, een van de grondleggers van de gentechniek gebruikt hetzelfde argument. De man in de straat beseft niet wat de voordelen zijn van GGO’s. Dus laat het maar over aan de specialisten. Hij vergelijkt zichzelf in alle bescheidenheid trouwens met Gallilei. Toen die met zijn nieuwe inzichten over de zon naar buiten kwam is hij ook tientallen jaren door de onwetende massa belaagd. De Waarheid zal overwinnen.
We kunnen niet verhinderen dat wetenschappers in laboratoria allerlei experimenten uitvoeren met genetische materiaal. En zolang het fundamenteel onderzoek niet in functie staat van politieke of commerciële belangen valt er veel te zeggen voor vrijheid van onderzoek. We kunnen wel onze stem laten horen in het debat en eisen dat de echte oorzaken van problemen worden aangepakt in plaats van oplossingen te zoeken waarvan de risico’s moeilijk in te schatten zijn en de methodes bestaande ongelijkheden nog versterken.
Het experiment in Wetteren mag dan wel stopgezet zijn, de overwinning van de actievoerders is relatief. De volgende dagen zullen grote woorden vallen als democratie, en vrijheid van onderzoek en bescherming van eigendom. Voor het debat ten gronde zal weinig ruimte zijn. Niet alleen het industrieel landbouwmodel, maar ook onze debatcultuur zit in de puree.















7 reacties
Zelfs als de productie omhoog zou moeten: ggo's zijn NIET de ideale oplossing om de productie te verhogen.
Vermits deze mail aan iedereen mocht doorgestuurd worden stuur ik het ook aan MO* als reactie op dit artikel
Dag iedereen,
Ik ben boer, bioboer en ik teel oa aardappelen.
Naar aanleiding van de recente heisa rond ggo-aardappelen had ik jullie graag een en ander vertelt over mijn ervaringen op het veld. Ik wil mijn verhaal uit de praktijk brengen over hoe ik met de bodem, de aardappel en de aardappelplaag (Phytophthora) omga.
Eerst kort wat meer info over de aardappelteelt en zijn plaag.
In België wordt ongeveer 65.000 hectare landbouwgrond met aardappelen beteelt. Meer dan de helft van dit areaal wordt beteelt met de variëteit Bintje. Bintje wordt op natuurlijke wijze veredelt waarbij vooral geselecteerd wordt op opbrengst en eigenschappen voor industriële verwerking. Eén groot nadeel: de Bintjes scoren zeer slecht op vlak van plaaggevoeligheid, ze worden met andere woorden zeer snel ziek.
(Phytophtora is een schimmel die zich eerst op het blad ontwikkeld en in een later stadium doorgroeit naar de knol met rotte aardappelen tot gevolg.)
Nog anders bekeken zou je kunnen stellen dat de belgische boeren op grote schaal de aardappelplaag kweken. Om toch de nodige opbrengst te halen moet een gangbare boer vanaf juni gemiddeld wekelijks sproeien om de ziekteverschijnselen en verdere ontwikkeling van de ziekte onder controle te houden.
Hoe doe ík dat dan, als biologisch boer?
Ik teel Toluca aardappelen (0,5 hectare) die via biologische veredeling resistentie verkregen hebben tegen de aardappelplaag.
Mijn Toluca aardappelen worden half april geplant. In het beginstadium bewerk ik de aardappelen twee maal met een wiedeg. Wanneer het loof stevig begint te groeien aard ik de aardappelen in drie fasen aan totdat ze op een aanzienlijke aardappelrug groeien. Deze vijf bewerkingen gebeuren met een machine achter ons tractortje en zorgen er voor dat het aardappelveld onkruidvrij blijft. Dan is het wachten op de oogst. Einde verhaal.
Geen onkruidbestrijdingsmiddelen, geen fungiciden (schimmeldodende sproeistoffen) komen er aan te pas.
Begin september 2010 hebben we de aardappelen uitgereden. Een mooie oogst die zelfs onze gangbare buur-collega de wenkbrouwen deed fronsen. Hij had ongeveer vier hectare Bintje staan. Bintje moet nog langer op het veld blijven staan om zijn hoge opbrengst te halen. Het natte najaar heeft er voor gezorgd dat twee hectare niet kon gerooid worden. Meer dan 100.000kg aardappelen heeft hij nooit geoogst en zorgen nu voor problemen in zijn maïsperceel.
Dit jaar heb ik opnieuw Toluca geplant. De bodem heb ik zoals elk jaar minimaal bewerkt en niét geploegd. In combinatie met runderstalmest en compost stimuleer ik zo het bodemleven, zorg ik voor humusopbouw en verhoog ik de draagkracht en het waterabsorberend vermogen van de grond. In dit droge voorjaar heb ik nog maar weinig aardappelpercelen gezien die dezelfde vitaliteit en groeikracht uitstralen als mijn Toluca-aardappelen.
Ik verzorg de bodem met mest en compost, bewerk haar verstandig en zorg dat er een vitale en weerbare aardappel op groeit.
Mochten de financiële middelen die momenteel naar ggo-onderzoek gaan, geïnvesteerd worden in diepgaand biologisch onderzoek omtrent veredeling, bodemvruchtbaarheid, duurzame bodembewerkingen… dan zouden ggo’s het nieuws niet halen.
Het ontwikkelen van een ggo aardappel is mijns inziens enkel symptoombestrijding om een anonieme, grootschalige landbouw in stand te houden. Een landbouw van monoculturen, te lage prijzen en bodemverwaarlozing die geen respect heeft voor de boeren en hun vakmanschap die al generaties wordt doorgegeven en bijgestuurd.
We moeten volgens mij streven naar een landbouw die dicht bij de mensen staat en waar alle mensen bij betrokken zijn. Een landbouw met diversiteit aan gewassen, een gezonde, vruchtbare bodem en duurzame ondernemers.
Laten we er samen voor gaan!
Gegroet,
Jelle Jacobs
heeft trouwens ook een patent op GGO-aardappel http://www.faqs.org/patents/app/20100011468
Hier het artikel van de aanklacht Breeders Trust, waar Agrico aandeelhouder van is, tegen de landbouwers die de rechten op kweken hun aardappelvarieteiten (ook Sarpo Mira van Danespo http://www.breederstrust.eu/?page=Home&lang=NL
en Bionica van Meijer http://www.meijer-potato.com/htm/nl/rassen/bionica.htm
aangehaald als alternatief voor de aardappelen in Wetteren) niet wilden betalen http://www.landbouwleven.be/nl/article/breeders-trust-legt-beslag-op-administratie-favv-update/11860.aspx
Er zijn al gevallen bekend waar de resistentie tegen Phytophthora is doorbroken, indien deze op grote schaal wordt gekweekt zal deze schimmel dus ook een algemeen probleem worden in de biologische landbouw.
Mag ik hierbij mijn frustratie uiten, voor de herhaaldelijke resem KLONEN van artikelen van dit formaat die in deze ongenuanceerde media tervoorschijn worden gebracht die wij telkens moeten weerleggen. Indien ik er nog tegenkom, dan neem ik de vrijheid deze replieken ook te KLONEN!
Met vriendelijke groeten,
Elisabeth De Wilde
Want uiteindelijk doen veel van de actievoerders tegen GGO's dit enkel uit eigen belang, stel u voor dat de zogezegde Frankenstein aardappel terecht komt op het bord van mijn kindje en dat het daardoor 12 poten krijgt i.p.v. 2 armen en twee benen maar wakker liggen van de honger in de derde wereld, daar twijfel ik aan.
Nieuwe reactie inzenden