Terug naar de website
Bron-URL: http://www.mo.be/opinie/oh-my-god
Mening op Maandag

Oh my God

( ) —

Ik moest even slikken toen ik het te horen kreeg op de dienst Stedenbouw: voor de benedenverdieping van het gebouw waar ik net een appartement had gekocht, werd een vergunning verleend voor een ‘lieu de culte’, een gebedsplaats. Op dit moment zou er een protestantse kerk in huizen, maar met die vergunning, kan het morgen evengoed een moskee zijn. Mijn fiets in de gang waar de plaatselijke moslims naar hun vrijdaggebed komen? Tijdens de Ramadan is dat een hele maand lang! Ik moest dus even slikken.

Mediaviewer
Bie Vancraeynest.
Het ziet er niet naar uit dat mensen hun geloof de komende jaren massaal zullen afzweren, integendeel.

Het kerkbezoek van de autochtone Belg mag dan naar een historische diepte zijn weggezakt, de Belgische steden met zijn vele inwoners van vreemde origine worden steeds religieuzer. De crisistijd leent zich uitstekend voor het doen ontspruiten van menig nieuwe kerk en gebedsplaats.

Wie op zondag door de hoofdstad kuiert, hoort hier en daar enthousiast gezang dat weerklinkt vanuit omgebouwde telefoonwinkels waar Afrikaanse, Latino en Braziliaanse voorgangers het ritme aangeven. Er wordt in deze stad keihard in God geloofd. Op de metro krijg ik folders toegestopt waar alle mensen op de foto’s Afrikanen zijn die kampen met drug-of relatieproblemen en die daarvan verlost kunnen worden op een wekelijkse gebedsavond.

Allemaal zelf

De Italianen en Polen houden nog echt ‘zondag’. De leeggelopen katholieke kerken lopen stilaan weer vol op de dag des heren tijdens kerkdiensten in andere talen. Het zijn mensen van alle leeftijden; ik zie soms jonge Poolse vrouwen met een sjaal op het hoofd.

Ik vertrouw gegeneerd mijn angst toe aan een moslimvriend. Die lacht mijn zorgen weg. ‘Denk je echt dat moskeeën nog in achterafzaaltjes worden ondergebracht?’ Hij vertelt over een enorm complex dat gepland is met niet alleen gebedsruimtes, maar klassen voor huiswerk, een fitness, en zelfs een zwembad waar moslimvrouwen in alle rust zullen kunnen zwemmen. En dat allemaal gefinancierd door de gelovigen! Hij wijst me op het succes van de Islamitische scoutsgroep. ‘We doen het tegenwoordig allemaal zelf’, zegt hij. Het lijkt wel of er een nieuwe zuil wordt opgetrokken.

Hoofdstukje islam

De Belg komt enkel nog een kerk binnen om te trouwen of om een dode te berouwen en te begraven. Om andere sleutelmomenten in ons leven te markeren hebben we alternatieven gevonden: babyborrels, lentefeesten, housewarmings.

Ann De Craemer pleitte onlangs voor het seculariseren van de feestdagen, hen los te koppelen van de religieuze dagen waarvan we de betekenis toch al lang vergeten zijn. Ze stelde als alternatief onder andere de geboortedag van, godbetert Etienne Vermeersch, voor. Niet aan een belangrijke dag van de ‘nieuwe’ religies die in opmars zijn. Diezelfde Vermeersch vergaloppeerde zich in zijn islamscepticisme toen hij boerka deed rijmen met swastika. Nadat hij een koud washandje op zijn verhitte voorhoofd had gelegd, nuanceerde hij zijn uitspraken.

Het zijn niet alleen rabiate atheïsten die de islam in het vizier hebben, de gemiddelde Vlaming lijkt een koele minnaar van de Islam. Het lijkt bon ton te worden om in de wat langere zomerinterviews een hoofdstukje islam aan te snijden, het voorbije weekend nog het interview met Rika Ponnet en Herman Brusselmans in het weekblad van De Standaard.

Musulman et fier de l’être

Het staat in schril contrast met de vele facebookgroepen met titels als ‘Je suis musulman et fier de l’être’. In een land waar je, ook al zijn je ouders er geboren, toch nog als allochtoon wordt benoemd, lijkt het evidenter om je religieuze identiteit te omarmen.

Soms heeft het een rebels kantje. Jongeren delen cartoons over de moslims met elkaar, niet het soort waar de profeet belachelijk wordt gemaakt, maar die de vooroordelen van de Belgo-belge op de korrel nemen. De buurman die bang is van zijn islamitische buren en de deur niet openmaakt als er wordt aangeklopt. Als ze weg zijn, vindt hij op zijn deurmat een schotel koekjes voor de Ramadan. Jonge moslims zetten zich nauwelijks af tegen hun godsdienst. Zij die wel lak hebben aan de levensvoorschriften van de islam, geloven wel in God, maar hopen op zijn barmhartigheid.

In het straatbeeld zien we steeds meer meisjes en vrouwen met een hoofddoek. Het houdt de meesten niet tegen om het leven te leiden dat ze willen, ze zijn bijzonder handig in het verzoenen van meerdere werelden. Er jogde deze voormiddag een meisje met hoofddoek voor mijn deur. Er zijn stand up comedians met een hoofddoek, gesluierde vriendinnengroepen die zes citytrips per jaar maken. Ik zie meisjes die hem een tijdje dragen, en dan niet meer. En even later weer wel. Ik ken nauwelijks meisjes die de hoofddoek moeten dragen van hun ouders, of oudere broers. Ze kiezen er zelf voor, en zelden lichtzinnig.

Tollende aardbol

Iedereen tracht grip te krijgen op deze tollende aardbol. De spirituele levensvragen waar ieder mens, ongeacht zijn leeftijd of afkomst mee worstelt: wie ben ik, waar kom ik vandaan, wat gebeurt als ik er niet meer ben? Die zullen er altijd zijn. Die kan je niet sussen met campagneslogans ‘'There's probably no God... now stop worrying and enjoy your life'. 

Ik begrijp dat er mensen zijn die betreuren dat onze steden religieuzer worden omdat ze hun eigen godsdienst en de instituties eromheen als een juk hebben ervaren. Het ziet er echter niet naar uit dat mensen hun geloof de komende jaren massaal zullen afzweren, integendeel. We zullen moeten zoeken naar manieren om met al die verschillende overtuigingen samen te leven.

Het valt enorm te betreuren als mensen door de interpretatie van hun religieuze voorschriften, zich genoodzaakt zien om zich buiten onze samenleving te schrijven. We moeten blijven inspanningen doen om iedereen uit te nodigen om onze samenleving mee vorm te geven. Blijven zoeken naar wat ons verbindt, niet naar wat ons verdeelt. 

Ergens deze week begint de Ramadan, de vastenmaand van de moslims. Een maand in het teken van bezinning, solidariteit en het aanhalen van familiebanden. En ook wel een beetje in het teken van lekker eten. Wie de moslims in zijn omgeving ‘Ramadan Karim’ wenst, zou daar wel eens mee van kunnen profiteren…

10 reacties

Jan-Pieter Everaerts (not verified)
schreef op
18/07/2012
De Grote Knoeier

Hoe kunnen met rede begaafde wezens - mensen noemen we ons - geloven in een spook dat zich nooit toont en nooit ter hulp schiet terwijl zijn (of is het haar ?) schepping één en al knoeiboel is ? Aids, malaria, lepra, kindjes met kanker, de strijd tussen zijn Israëlische en zijn Palestijnse kinderen ... Enzovoort. Intelligent design ? Komaan: je kan het zo duivels niet bedenken. Wat een monster-god moet dat toch zijn ! Als ik dood ben en ik kan hem ergens te pakken krijgen, ik wring hem de nek om.

Enig idee waar ik moet gaan zoeken ?
Albrecht Laureyns (not verified)
schreef op
17/07/2012
Nog een geluk dat die moslims een grotere 'lieu de culte' nodig hebben. Nu hoeft de auteur van dit artikel niet langer te slikken.
Albrecht Laureyns (not verified)
schreef op
17/07/2012
Nog een geluk dat die moslims een grotere 'lieu de culte' nodig hebben. Nu hoeft de auteur van dit artikel niet langer te slikken.
Jef Vermaere 01 (not verified)
schreef op
16/07/2012
Pleidooien voor verdraagzaamheid genieten mijn onvoorwaardelijke steun en sympathie. Het is comfortabeler leven in een verdraagzame samenleving waar alle stromingen en opinies elkaar met wederzijds respect bejegenen. De verdraagzame samenleving creëert openheid van geest en de ruimst mogelijke ontplooiingskansen voor het individu. Dat betekent meteen ook ruimte voor evolutie, voor de confrontatie met andere opinies en nieuwe ideeën. Zij is het tegendeel van een gesloten, op zichzelf terugplooiende samenleving. Zij is een ideaal dat we niet enkel moeten koesteren en propageren, maar ook actief metterdaad nastreven. Godsdiensten zijn daarbij niet altijd bondgenoten, helaas. Hoezeer onze grote traditionele godsdiensten ook nobele waarden verkondigen - naastenliefde, solidariteit, broederschap, vredelievendheid,…- toch baden zij vaak in een sfeer van geestelijke onvrijheid, door het opdringen van dogma’s, normen, riten, fnuikende gedragsregels; dat alles “bekroond” door zogezegd op goddelijke gezag gesteunde en dus onaanvechtbare machtsverhoudingen. Als babyboomer uit een oerkatholiek Vlaams gezin prijs ik me gelukkig dat ik de evolutie heb mogen beleven die West-Europese christelijke samenleving in de voorbije vijftig jaar onderging. Ik weet hoe mijn ouders, en ook nog vele van mijn generatiegenoten, geleden hebben onder het pensionatensysteem van een almachtig dogmatisch katholicisme. Hoe wij bang gemaakt werden voor de hel, de duivel en de goddelozen. Hoe bestraffend en culpabiliserend er omgegaan werd met onze ontluikende seksualiteit. En ga zomaar door… Maar gelukkig wij ook het voorrecht om in de (nu soms verguisde) jaren ’60 al die grendels te zien openbreken. Zelfs, zij het kortstondig, vanuit “Rome” zelf, met het Tweede Vaticaans Concilie – ook al kende “de Kerk” nogal vlug een reactionaire terugval. Maar intussen was er toch maar iets als “bevrijdingstheologie” uit gegroeid, en konden volgzame gelovigen tot kritische leken evolueren. Het was het begin van een uittocht die nu vijftig jaar later nagenoeg voltooid is.
Waarom haal ik dit alles aan? Wel, mijn verdraagzaamheid reikt verder dan het aanvaarden van het feit dat er “allochtone landgenoten” zijn, die zich laten leiden door andere religies, gebruiken, normen, waarden, gewoonten,… dan deze waarin wijzelf zijn opgegroeid. Die verdraagzaamheid is een evidente noodzaak, waar we niet buiten kunnen als we het leven leefbaar willen houden. Om echt verdraagzaam samen te leven, hebben we solidariteit, respect en begrip nodig. Dan moeten we andersdenkenden ook de kansen gunnen die we zelf genieten en genoten hebben: onderwijs, opleiding, welvaart, jobs, gelijkberechtiging… maar tegelijk zeker ook: vrijheid van mening, levensbeschouwing, geestelijke en culturele ontwikkeling. En dus ook de kans en de vrijheid om tegenover de overgeleverde religie een onafhankelijke kritische houding aan te nemen, die zowel kan uitmonden in een eigen vrij gekozen geloofsbeleving als in een afscheid van het geloof.
Ik blijf de postconciliaire katholieke Kerk dankbaar voor de grote humanistische waarden die ze me heeft aangereikt. En nog meest voor de ruimte die ze me heeft geboden om mijn eigen weg te gaan, uiteindelijk als vrijzinnige. Uitgerekend de “katholieke universiteit” heeft mij de inzichten en het karakter verschaft om, ondersteund door een tijdsgeest van individuele bevrijding en invraagstelling van het gezag, een eigen wereldbeeld en levenshouding te ontwikkelen. Mijn invulling van verdraagzaamheid is, dat ieder mens die kans zou moeten krijgen. Ik vraag me met name af of de Islam daartoe in staat is. Kan een jonge moslim vandaag zeggen: die ramadan is niks voor mij, ik zie daar de zin niet van in, laat dit aan mij voorbijgaan? Kan iemand die openlijk zijn atheïsme etaleert vandaag Mekka bezoeken als uiting van een vreemde cultuur, zoals hij dat kan met bijvoorbeeld het Vaticaan? Ik ga me nu niet beginnen uitputten in allerlei voorbeelden, maar in de krant, die nog niet zolang geleden onder de vlag van AVV-VVK schuil ging, lees ik nu dagelijks dingen die enkele decennia geleden nog grote verontwaardiging bij trouwe katholieken zouden hebben opgeroepen. Vandaag zelf twee voorbeelden: Paul De Grauwe schrijft een mooie fictieve brief aan de jongen die hij op 16-jarige leeftijd zelf was; over het dominante katholicisme van toen kan hij zich een heel streng oordeel veroorloven: “geloof de verhalen niet de ze je vertellen, het is allemaal fictie” ; en wat verderop in de krant plaatst tele-onthaal een paginagrote advertentie, met een subtiel humoristische allusie op die oude devote prent met de strenge leuze “God ziet u,…” . Goed dat het kan, en dat we het met zijn allen heel normaal en acceptabel vinden. Ik hoop dat ik lang genoeg mag leven om de voltooiing van een gelijkaardige evolutie bij mijn moslimbroeders (mag ik hen zo noemen, als vrijzinnige?) te beleven. Intussen ben ik verdraagzaam, en zelfs bezorgd, bijvoorbeeld (om nog even anekdotisch te zijn) om de gezondheid en de veiligheid voor al die “allochtone” bouwvakkers, wegenarbeiders, dakwerkers die hun lastig beroep uitoefenen met naleving van de voor mij onwezenlijke voedselvoorschriften van de ramadan. Oh, my God!
a (not verified)
schreef op
16/07/2012
Niet-moslims mogen Mekka NIET binnen, zelfs alevieten (gematigde sprituele islamitische strekking) en ahmaydiya-moslims mogen Mekka niet in. Van verdraagzaamheid en wederkerigheid gesproken! Moslims mogen zich NIET bekeren tot een andere godsdienst en mogen ook niet openlijk afvallig vrijzinnig of atheïst worden: de islam kent immers geen godsdienstvrijheid en geen wederkerigheid.
Maar de wereld zou in rep en roer staan indien niet-christenen (naar analogie met Mekka) Rome niet binnen zouden mogen!!
Marc Depuydt (not verified)
schreef op
16/07/2012
Paul De Grauwe schrijft een ... Hij als wetenschapper, zou toch moeten weten dat die verhalen niet geschreven geweest zijn om als wetenschappelijk bewijs te dienen. Het zijn en blijven verhalen. Arme Paul, die ooit prof was aan de KULeuven, had beter een paar cursussen gevolgd aan de faculteit Godsdienstwetenschappen. Dan zou hij die onzin van ";;; geloof de verhalen die ze je vertellen, ...niet geschreven hebben.
Marc Depuydt (not verified)
schreef op
16/07/2012
Ik blijf de postconciliaire katholieke Kerk dankbaar voor de grote humanistische waarden die ze me heeft aangereikt. En nog meest voor de ruimte die ze mij geboden heeft om mijn eigen weg te gaan, uiteindelijk als vrijzinnige. Het is niet de katholieke Kerk die u geholpen heeft als vrijzinnige te eindigen maar uzelf. Had u de postconciliaire Kerk liefgehad dan was u in de Kerk gebleven. Ik veroordeel u niet maar ik wil maar wijzen op een misleidend argument van "dank zij de katholieke kerk ben ik vrijzinnige geworden".
Jef Vermaere 01 (not verified)
schreef op
17/07/2012
ik weet best wel wat mijn eigen keuzes zijn hoor, ik betreur ze ook niet en ik hoef er geen begrip of vergiffenis voor. Ik stelde wel dat deze kerk mij de ruimte liet om mijn eigen weg te gaan. In preconciliaire tijden liet ze die ruimte niet of veel minder: "afvalligen" werden nog niet zo lang geleden vervolgd, bestraft of uitgesloten als ketters, geuzen, goddelozen... Ik drukte dus een zekere waardering uit voor het feit dat de hedendaagse kerk toleranter geworden is, en het op dat vlak beter doet dan sommige andere religies. - Al blijft een werknemer in de vele organisaties van de katholieke zuil toch nog best opletten met te openlijk "anders denken". Maar dat is weer een ander verhaal...
frans (not verified)
schreef op
16/07/2012
Dat godsdiensten opnieuw aan belang winnen, kunnen we moeilijk vooruitgang noemen. Dit wijst vooral op toenemende armoede en het gebrek aan uitzicht op een beter leven.
Jean (not verified)
schreef op
16/07/2012
Misschien een kleine nuance in verband met "godsdiensten", het gaat stilaan meer en meer om "levensbeschouwingen" en zolang het materialisme niet primeert in deze wereld, is dat een goede zaak. Broederlijkheid (naastenliefde) en respect blijven nu eenmaal zaken die geconnoteerd worden met godsdienst (althans dat zou toch de regel moeten zijn), laten we vooral proberen mens te zijn. Spijtig genoeg is de algemene tendens meer en meer evenredig aan de nieuwe generatie televisietoestellen, enorm breed maar weinig diep...

Nieuwe reactie inzenden

De inhoud van dit veld blijft privaat en wordt niet publiekelijk getoond.
Door dit formulier door te sturen gaat u akkoord met de Mollom privacy policy.

Volg MO.be op Facebook!