“De situatie hier is heel ernstig - dit heb ik nog nooit meegemaakt”

De Britse Helen Ottens-Patterson is verpleegster en medisch coördinator voor Artsen Zonder Grenzen in Maban, een provincie in de Zuid-Soedanese staat Upper Nile.

Artsen Zonder Grenzen

17 september 2012

Artsen Zonder Grenzen verzorgde er al meer dan 110.000 vluchtelingen uit An-Nil-al-Azraq, een conflictgebied in Soedan, en is zo de grootste verschaffer van medische noodhulp in de streek. Volgens een onderzoek dat door Artsen Zonder Grenzen werd gevoerd in Batil, één van de vier vluchtelingenkampen in het land, ligt het sterftecijfer bij kinderen onder de vijf jaar ver boven de alarmdrempel. Helen stelt hier haar ervaring ter beschikking om deze uiterst kwetsbare vluchtelingen te helpen

“Ik wandelde door de verschillende delen van het kamp om me een beeld te kunnen vormen van de uitdagingen waar de mensen hier mee worden geconfronteerd. Gisteren bezochten we een erg verafgelegen zone, ik keek even rond, praatte met enkele vluchtelingen, ging enkele tenten binnen en zag maar heel weinig voedsel. In de verte zag ik een jongetje lopen. Hij was zo mager dat het leek of hij uit een inktgravure was gestapt. Zijn huid hing helemaal verrimpeld over zijn beenderen, rond zijn armpjes en beentjes viel geen vlees te bespeuren en hij had een gezwollen buikje, een teken van wormen. Hij was er heel erg aan toe.”

“Mohammed was de jongste in een gezin met tien kinderen. Tijdens haar laatste zwangerschap overleed zijn moeder toen het gezin uit An-Nil-al-Azraq naar Batil vluchtte. Zijn vader stond er dus alleen voor, met nog negen andere kinderen. Mohammed was een ambulante patiënt van het voedingsprogramma van Artsen Zonder Grenzen om ernstig ondervoede kinderen te verzorgen. Maar hij at niet van het therapeutisch voedsel dat de artsen hem gaven. Zijn vader kreeg het duidelijk niet voor elkaar: hij moest alles in zijn eentje doen. Daarom besloten we het jongetje in het ziekenhuis op te nemen en hem een intensieve behandeling te geven.”

“Als ik het kind gisteren niet toevallig was tegengekomen, zou hij enkele dagen later waarschijnlijk zijn gestorven. Het is erg belangrijk dat we het kamp ingaan en tot bij de vluchtelingen komen. Als we dat niet doen, krijgen de andere gezinnen en kinderen niet de hulp die ze zo hard nodig hebben om te overleven.”

“Veel vaders, moeders en kinderen hebben de strijd al verloren en als we niet ingrijpen, zullen er nog veel meer slachtoffers vallen. Elke houvast van de bevolking om deze crisis op eigen houtje te boven te komen, werd verwoest. Zij die zich in andere omstandigheden wel kunnen behelpen, kunnen dat nu niet meer. Ze hebben na de lange, slopende tocht naar het vluchtelingenkamp geen reserves meer over. De vermoeidheid, de totale uitputting valt met moeite nog van hun gezichten af te lezen. Een blik die maar moeilijk te beschrijven valt. We moeten actief op zoek gaan naar die uiterst kwetsbare gezinnen en hen bij elke stap steunen en helpen.”

“De ernst van deze situatie is enorm, het gaat hier niet om slechts enkele gezinnen, maar om een vluchtelingenkamp met zo’n 35.000 mensen, onder wie zo'n 9.000 kinderen die nog geen vijf jaar oud zijn. Meer dan 1.500 van die kinderen lijden aan de ergste vorm van ondervoeding en worden behandeld in het kader van een voedingsprogramma.  Volgens de meest recente cijfers sterven elke dag zo’n drie tot vier kinderen in het kamp aan ziektes die eigenlijk voorkomen kunnen worden.”

“Ondanks de bijna uitzichtloze situatie komen de vluchtelingen nog steeds naar ons toe. Ze hebben dus nog een sprankeltje hoop. Ze zouden niet tot bij ons komen als ze niet in AZG zouden geloven. En de mensen hier blijven lachen als je hen bezoekt, verwelkomen je in hun tenten en zijn bereid het weinige dat ze nog bezitten met je te delen. Hoe ze dat blijven volhouden, is voor mij een raadsel. Daar zou ieder van ons een voorbeeld aan moeten nemen. Het is een drijfveer voor me en spoort me aan mijn werk verder te zetten.”

“De ernst van deze situatie is hier van een heel ander kaliber. Ik werk al jaren voor Artsen Zonder Grenzen – in 1999 ging ik voor het eerst op missie – maar dit heb ik nog nooit meegemaakt. Als verpleegster moet ik kunnen omgaan met het leed van de mensen, met ziektes en met de dood, maar die worden ergens anders meestal met goede zaken afgewisseld. Nu heb ik het erg moeilijk, niet alleen als mens, maar ook als verpleegster. De situatie hier heeft me diep geraakt. Ik voel me machteloos, ondanks de ervaring die ik dankzij Artsen Zonder Grenzen achter de rug heb en de middelen waarover ik beschik.

Dit is waar we het voor doen: de meest broodnodige en directe medische hulp bieden aan zij die het echt nodig hebben. We hebben al ontzettend veel bereikt, maar dat is nog steeds niet voldoende. We kunnen altijd verder gaan, we moeten tot het uiterste gaan om de mensen te geven wat ze zo hard nodig hebben. We moeten hen helpen overleven, maar niet zonder enige waardigheid, zonder een goede levenskwaliteit of zonder een sprankeltje hoop.”

Net als de drie andere vluchtelingenkampen in de regio, ligt Batil in een overstromingsgebied en waren er aanvankelijk geen voorzieningen voor de 35.000 vluchtelingen die arriveerden. Alles moest van nul af aan worden opgebouwd: gezondheidszorg, toegang tot drinkbaar water, hygiënische en sanitaire installaties. Het was moeilijk voor te stellen waar de vluchtelingen zouden leven en hoe ze hier überhaupt konden overleven. Dit is een uiterst afgelegen gebied in Zuid-Soedan en er zijn zo goed als geen toegangswegen. Alles moet via luchtverkeer worden geleverd.

LEES OOK

© Stefaan Anrys
Denis Karera, de voorzitter van de Jongerenliga van CNDD-FDD, betreurt in een reactie aan MO* dat het jongste Burundi-rapport van Amnesty International enkel focust op de jongeren van deze meerderh
© Eric Miller/World Economic Forum
In Burundi nemen het toenemende politieke geweld en de repressie door de regering onrustwekkende vormen aan.
CC BY-NC-ND 2.0 Scott Butner
De landbouw zal tegen 2023 meer opbrengen. Ook de grondstoffenprijzen zullen stabiliseren. Maar of ook het armste deel van de wereldbevolking daar mee de vruchten van plukt, is nog onzeker.
© IPS/Catherine Wilson
Nieuwe wetgeving tegen polygamie op Papoea-Nieuw-Guinea is een eerste stap in de strijd tegen huiselijk geweld, genderongelijkheid en de verspreiding van aids, zeggen experts.

Meest recent van Artsen Zonder Grenzen

Gaza. Dinsdag. Acht uur ’s ochtends. Het Artsen Zonder Grenzen-team keert terug naar het kantoor na een roerige nacht in het Al-Shifa-ziekenhuis.
Verpleegkundige Sarah Woznick aan het werk in de intensive care van het Nasser Ziekenhuis in Gaza. © MSF
Zes maanden geleden startte verpleegkundige Sarah Woznick haar missie in Gaza. Op wat haar één-na-laatste dag zou zijn, laaide het conflict in de Gazastrook op. Ze bleef om haar team te helpen.
Communautaire zorgverlening bij aidspatiënten in Malawi © Giulio Donini
Deze week vindt de Internationale Aidsconferentie plaats in Melbourne, Australië. Experts zoeken er samen naar manieren om het veelkoppige hiv-monster definitief klein te krijgen.
© Chris Huby
Een hele bevolking zit vast in een openluchtgevangenis. De mensen kunnen er niet weg en alleen de meest essentiële levensmiddelen mogen het gebied in.

Laat een reactie achter

Javascript is vereist om dit formulier te gebruiken.