Het einde van de aidsepidemie in zicht? Hoegenaamd niet.

Er hangt een sfeer van optimisme rond de bestrijding van aids. Men spreekt zelfs over een aidsvrije generatie in de nabije toekomst. In een rapport van UNAIDS staat dat nu wereldwijd acht miljoen aidspatiënten een behandeling krijgen. In 2011 kwamen daar maar liefst 1,4 miljoen patiënten bij. Hoewel dit op zich goed nieuws is voor die mensen zelf, is dit ritme ruim onvoldoende om de doelstelling te halen om tegen 2015 15 miljoen aidspatiënten te behandelen.

Artsen Zonder Grenzen

1 augustus 2012

Er zijn nog redenen te bedenken om het optimisme wat te temperen. Vorig jaar stierven er 1,8 miljoen mensen aan de gevolgen van de ziekte. In datzelfde jaar kwamen ook 2,5 miljoen nieuwe besmettingen bij. In totaal wachten er wereldwijd nog altijd zeven miljoen mensen op behandeling, of bijna de helft van alle patiënten die men tegen 2015 wil behandelen. In Congo, waar slechts één op zes patiënten toegang heeft tot behandeling, sterven sommige mensen letterlijk voor de deur van ons ziekenhuis. In Guinee, dat een van de laagste inkomens heeft in de wereld, dreigt de behandeling van 11.000 patiënten niet te worden voortgezet omdat er door geldgebrek vertragingen zijn in de bevoorrading van aidsremmers.

Ondertussen sporen internationale geldschieters Afrikaanse landen, waar de epidemie nog altijd het hardst toeslaat, steeds meer aan om zelf bij te dragen aan de bestrijding van aids en verhogen ze hun financiële bijdragen niet. Belangrijke instellingen zoals het Wereldfonds voor de bestrijding van aids, tuberculose en malaria komen door deze tanende donorinteresse middelen tekort. De bijdrage van de Europese Unie aan het Wereldfonds was tijdens de laatste financieringsronde kleiner dan tijdens de voorgaande. Haar publieke stelling om aids voor goed te bestrijden blijkt zich dus niet vertaald te hebben in een grotere financiële bijdrage. Ook België voorziet al jaren hetzelfde bedrag aan het Wereldfonds en we krijgen geen signalen dat onze regering aids als een prioriteit beschouwt. Voor Artsen Zonder Grenzen is het onaanvaardbaar om te veronderstellen dat Afrikaanse landen zelf deze noodsituatie aankunnen, gezien hun beperkte middelen.

Bovendien blijkt uit recente wetenschappelijke bevindingen dat we in staat zijn om het virus in te dammen. We weten nu dat de behandeling van een patiënt de kans op overdracht van het virus met 96 procent vermindert. Dit is virtueel honderd procent. De behandeling van aidspatiënten zal nu effectief nieuwe besmettingen volledig kunnen voorkomen. Dit is nu al bewezen op kleine schaal. Artsen Zonder Grenzen zal dit jaar drie nieuwe projecten starten om dit idee uit te testen in een groot Afrikaans district.

Landen zoals Zimbabwe en Malawi, met hoogste besmettingsgraad in de wereld, hebben onlangs de nieuwste richtlijnen van de Wereldgezondheidsorganisatie omgezet in de praktijk. Nu hebben ze zelfs de ambitie om nog verder te gaan en de nieuwste wetenschappelijke bevindingen, zoals hierboven beschreven, te implementeren. Maar door het dreigende geldtekort riskeren zij hun nationale aidsprogramma’s te moeten terugschroeven.

Sinds tien jaar is er al veel vooruitgang geboekt in de strijd tegen aids, maar de aidsepidemie blijft nog altijd een noodsituatie. Artsen Zonder Grenzen ziet zich genoodzaakt haar aidsprojecten steeds verder uitbreiden om aan die noodsituatie tegemoet te komen. Momenteel biedt de organisatie een aidsremmende behandeling aan meer dan 229.000 patiënten in meer dan twintig landen. De nieuwe inzichten in strategieën om de epidemie werkelijk in te dammen, met behandeling in plaats van de traditionele preventiestrategieën kunnen wel eens een echte ommekeer betekenen in de strijd tegen aids. Dit vraagt om dringend meer bewijs op grotere schaal en een vastberaden politieke wil. Hillary Clinton liet vorige week tijdens de Internationale Aidsconferentie in Washington al optekenen dat de Verenigde Staten 150 miljoen extra zullen investeren in de strijd tegen aids om tot een aidsvrije generatie te komen. Hopelijk volgen nu ook de anderen.

Bart Janssens, Directeur Operaties Artsen Zonder Grenzen

LEES OOK

Wikimedia / Fanny Schertzer (CC BY-SA 3.0)
In juli 1994, toen het RPF op het punt stond om de oorlog tegen het regime van president Habyarimana te winnen en zo een einde maakte aan de Rwandese genocide, kwam een gigantische vluchtelingenstr
Nieuwkomers die in Vlaanderen arriveren moeten van de overheid een cursus volgen wanneer vaststaat dat ze hier voor een behoorlijke tijd zullen blijven.
(c) Len Buggenhout
De zomerperiode trekt vel toeristen naar Brussel. Een klein deel daarvan doet aan couchsurfen: overnachten op de zetel van een onbekende.
Insecten zijn eind vorig jaar goedgekeurd als voedingsmiddel, maar de Vlamingen zijn nog niet gewend aan dat idee. Dat blijkt uit onderzoek van de Universiteit Gent.

Meest recent van Artsen Zonder Grenzen

© Gabriella Bianchi/AZG
De recente gevechten tussen de Islamitische Staat en de Koerdische strijders in het noorden van Irak hebben ertoe geleid dat er sinds 3 augustus meer dan 250.000 mensen op de vlucht zijn.
De zoekactie van het Israëlische leger op de Westelijke Jordaanoever na de ontvoering van drie Israëlische jongeren deed het geweld in de regio terug oplaaien.
Gaza. Dinsdag. Acht uur ’s ochtends. Het Artsen Zonder Grenzen-team keert terug naar het kantoor na een roerige nacht in het Al-Shifa-ziekenhuis.
Verpleegkundige Sarah Woznick aan het werk in de intensive care van het Nasser Ziekenhuis in Gaza. © MSF
Zes maanden geleden startte verpleegkundige Sarah Woznick haar missie in Gaza. Op wat haar één-na-laatste dag zou zijn, laaide het conflict in de Gazastrook op. Ze bleef om haar team te helpen.

Laat een reactie achter

Javascript is vereist om dit formulier te gebruiken.