De virtuele realiteit van Congo’s officiële documenten

‘Als ik wil, verander ik morgen van identiteit’

© Belgaimage / Benoît Doppagne

Zonder centrale databank en organisatie blijft het aanvragen van identiteitspapieren in Congo vaak een kwestie van geld op tafel leggen.

De Congolese overheidsadministratie moet sneller en correcter officiële documenten afleveren, vindt president Félix Tshisekedi. Maar er is nog een lange weg te gaan, zo bewijzen de ervaringen van gewone Congolezen telkens weer. Zonder centrale databank en organisatie blijft het aanvragen van identiteitspapieren er vaak een kwestie van geld op tafel leggen.

Een dynamisch openbaar bestuur, zo zei de Congolese president Félix Tshisekedi op de ministerraad van 7 oktober 2022, is noodzakelijk voor een sterker staatsgezag en voor de ontwikkeling van het land. En, zo vervolgde hij, de kwaliteit van zo’n openbaar bestuur moet ook blijken uit het feit dat officiële documenten correct en snel worden afgeleverd.

Maar in de Democratische Republiek Congo is dat niet zo. Paspoorten, schoolattesten, rijbewijzen, eigendomsbewijzen en andere documenten worden vaak pas na maanden of zelfs jaren verstrekt. Identiteitskaarten bestaan niet meer sinds de val van het Mobuturegime een kwarteeuw geleden. Tshisekedi heeft zijn regering opgedragen om vóór Nieuwjaar duidelijke opties op tafel te leggen om dat probleem op te lossen.

Deze analyse werd geschreven voor het winternummer van MO*magazine.

Vind je dit artikel waardevol? Word dat proMO* voor slechts 4 euro per maand en help ons dit journalistieke project mogelijk maken, zonder betaalmuur, voor iedereen. Als proMO* ontvang je het magazine in je brievenbus én geniet je van tal van andere voordelen.

‘Ik herinner me de identiteitskaarten uit de tijd van Mobutu zeer goed’, vertelt Pascal Rukengwa, professor politieke wetenschappen in Kinshasa, die in die tijd opgroeide.

Carte d’identité pour citoyen heette ze officieel. De kaart was van bedenkelijke kwaliteit. Je kon ze makkelijk vervalsen door de naam of het adres te vervangen. Ze werden lokaal vervaardigd, zonder de minste centrale organisatie.’

‘Daarna hadden we lange tijd niets,’ vervolgt Rukengwa, ‘tot de verkiezingen. Toen kregen we de cartes électorales (kieskaarten, red.), die een soort vervanging van identiteitskaarten werden. Al snel waren er plekken waar ze verplicht werden. Maar ook andere documenten werden soms als “identiteitskaart” gebruikt, een rijbewijs bijvoorbeeld.’

Rukengwa was jarenlang een van de nationale boegbeelden van het maatschappelijk middenveld. Dat vertegenwoordigde hij ook in de nationale kiescommissie tussen 2003 en 2010. Hij was ook lang zelf politiek actief, onder meer op het kabinet van oud-president Kabila tijdens de laatste jaren van diens bewind (2001-2019).

‘Als ik wil, verander ik morgen van identiteit. Ik hoef maar een paspoort aan te vragen op de naam die ik wil gebruiken.’
Pascal Rukwenga, professor politieke wetenschappen

De kieskaart moest je in die tijd bijvoorbeeld voorleggen als identiteitsbewijs bij politiecontrole. Allerlei instanties vroegen dat je ze aan de recepties inleverde voor je binnen mocht. Het werd al snel de algemene regel, onder meer in buitenlandse ambassades. Maar daar was zo’n kieskaart helemaal niet voor bedoeld.

Mensenrechtenpionier Floribert Chebeya bijvoorbeeld, die in 2010 vermoord werd, had helemaal geen kieskaart. Hij vond de verkiezingen een aanfluiting van de democratie en wilde met die hele maskerade niets te maken hebben. Dus liet hij zich niet registreren. Hij raakte daardoor niet meer binnen in ambassades.

‘We zijn het ondertussen gewoon om zonder papieren te leven’, zegt Rukengwa. ‘Ook onze internationale paspoorten verkrijgen we niet op de klassieke manier. Er is geen enkele instantie die kan checken of je inderdaad de persoon bent die je claimt te zijn. Als ik wil, verander ik morgen van identiteit. Ik hoef maar een paspoort aan te vragen op de naam die ik wil gebruiken. Wie wil, kan trouwens verschillende paspoorten vragen, telkens onder een andere naam.’

© Belgaimage / Benoît Doppagne

Een registratiekaart van de verkiezingen in 2011. ‘De “cartes électorales” die we kregen, zijn een soort vervanging van identiteitskaarten geworden.’

Een kaart voor wie betaalt

Ik maakte zelf een aantal keer van dichtbij mee hoe zo’n kieskaart oneigenlijk gebruikt kan worden. In de aanloop naar de verkiezingen van 2011 sprak ik met Furaha, een vijftienjarig meisje uit Bunyakiri. Ze had zich laten registreren als kiezer, ook al moest je achttien zijn om te stemmen. Haar moeder ambieerde een zetel in het parlement, en elke stem telde. Het lukte. Op de dag van de verkiezingen ging Furaha in de rij staan aan het kiesbureau. Niemand verhinderde dat ze kon stemmen. Ze kwam vervolgens buiten, vervoegde de rij aan een ander kiesbureau en kon daar opnieuw stemmen.

Een kieskaart blijkt vaak makkelijk op oneigenlijke wijze te verkrijgen, ook buiten verkiezingstijden. In 2013 had ik veel contact met Flora, medewerkster van de Rwandese opposante Victoire Ingabire. Ze had als studentenleidster in Rwanda mee een actie georganiseerd tegen het schrappen van een aantal studentenbeurzen, werd opgesloten en bedreigd in Rwanda, kon ontsnappen en hield zich daarop korte tijd schuil in Bukavu, Oost-Congo.

Maar ook daar was ze bijzonder kwetsbaar, als Rwandese vluchtelinge in een streek waar de Rwandese veiligheidsdiensten de vrije hand hadden. Bevriende mensenrechtenactivisten hadden een oplossing: voor twintig dollar kon Flora een Congolese carte électorale krijgen. We waren minstens drie jaar verwijderd van verkiezingen, maar ze konden toch snel en goedkoop een kieskaart laten maken.

De juiste papieren krijgen om als Congolees te trouwen in België? ‘Bij elke stap moet je smeergeld toeschuiven, of het proces sleept maanden aan.’

In Flora’s geval was het een fluitje van een cent. Ze kon haar echte naam en geboortedatum behouden. Alleen vermeldde de kaart niet de plek in Rwanda waar ze echt geboren werd, vlak bij de grens met Congo, maar een valse geboorteplaats anderhalve kilometer verderop, aan de Congolese kant van die grens. Zo raakte ze vlot over het Kivumeer, naar Goma.

Flora wilde asiel aanvragen in Oeganda. De volgende etappes op haar vluchtroute waren daarom het Nationaal Park Virunga en de Oost-Congolese stad Butembo, en dan nog de grens over. Een kennis uit Goma bracht soelaas: hij kende een instantie waar Congolese studenten voor een luttele vijftig dollar een laissez-passer kon kopen, geldig in de hele Oost-Afrikaanse Gemeenschap. Zo werd Flora een jonge Kinyarwanda sprekende Congolese die in de Oegandese hoofdstad Kampala zou gaan studeren.

Een paar dagen later kwam ze daar aan en nam ze haar echte identiteit weer aan. Dankzij de valse Congolese papieren en de regionale studentenkaart kon ze ontsnappen aan vervolging in Rwanda. Ze had geen enkel persoonlijk document moeten voorleggen, geld betalen volstond.

Het probleem voor Congo is dat er de laatste twee decennia erg veel mensen uit de buurlanden op die manier gecongoliseerd werden.

Beschuldigd van fraude

Tijdig de correcte documenten te pakken krijgen is ook voor Congolezen die in België wonen een huzarenstukje. Zo ook voor Justin K., een Congolese kunstenaar die vandaag in Tienen woont. De liefde bracht hem naar België. Hij woont al jaren samen met Margot, hun zoontje is ondertussen vijf. Justin en Margot zijn vorige maand getrouwd. Daar kwam nogal wat bij kijken.

Justin moest drie documenten voorleggen: zijn geboorteakte, een bewijs van zijn nationaliteit en een bewijs van ongehuwde staat. ‘Dat lijkt niet overdreven, maar het is slopend’, vertelt hij. ‘Eens je ze in handen hebt, moeten die documenten geldig verklaard worden op de Congolese ministeries van Justitie en Buitenlandse Zaken, en uiteindelijk door de Belgische ambassade. Maar bij elke stap moet je smeergeld toeschuiven, of het proces sleept maanden aan. Terwijl de documenten maar zes maanden geldig zijn.’

‘Wat betekent dat, “vervalst”, in de virtuele realiteit van Congo’s officiële documenten?’
Justin K., kunstenaar

Justin slaagde erin alles op een maand rond te krijgen. Het kostte hem 1800 euro om de administratieve molen vlot te doen draaien, boven op de reguliere kost van de documenten en van de beëdigde vertalingen van 60 euro per bladzijde.

Zijn Congolese documenten bezorgen Justin in België nog wel meer kopzorgen. Zo werd hij beschuldigd van valsheid in geschrifte toen hij zijn Congolese rijbewijs in Tienen wilde inwisselen voor een Belgisch. Jaren geleden volgde hij in thuisstad Kisangani een week rijschool en legde hij er met succes zijn rijexamen af.

Het rijbewijs dat hij vervolgens afhaalde, zag er goed uit. ‘Proper gedaan, mooi afgedrukt. Ik reed er ongehinderd mee rond in Kisangani.’ Justin legde zijn Congolese rijbewijs voor in de gemeente Tienen en betaalde voor het Belgische exemplaar. Maar een paar dagen later kreeg hij een brief van de politie: ‘Ik werd beschuldigd van fraude. Ze waren tot de conclusie gekomen dat het Congolese rijbewijs een vervalst document was.’

Maar wat betekent dat, “vervalst”, in de virtuele realiteit van Congo’s officiële documenten? Justin had rijlessen gevolgd, een examen afgelegd en een document gekregen. ‘De flikken waren gelukkig vriendelijk, ze geloofden dat ik te goeder trouw was. Ik had het Congolese rijbewijs ook nooit in België gebruikt. De klacht werd ingetrokken, maar ik kon mijn Congolese document niet zomaar inruilen voor een Belgisch. Ik moest opnieuw een rijexamen afleggen.’

© Belgaimage / Alexis Huhuet

In Oost-Congo (foto: Goma), waar geweld raast en de Rwandese veiligheidsdiensten vrij spel hadden, komen valse papieren van pas om onder de radar te blijven.

Studeren in een onbestaand land

Nog ongeregelder wordt het wanneer je je niet alleen moet onttrekken aan de virtuele realiteit van de Congolese officiële documenten, maar die ook nodig hebt om te reizen naar een staat die niet erkend wordt. Divine Fazila woont in Nicosia, de hoofdstad van Noord-Cyprus. Het noordelijke deel van Cyprus verklaarde zich in 1983 onafhankelijk, maar geen enkel land behalve Turkije erkent die onafhankelijkheid.

Noord-Cyprus probeert zichzelf internationaal op de kaart te zetten door een steeds grotere gemeenschap Afrikaanse studenten er hoger onderwijs te laten volgen. Divine zou in Nicosia geneeskunde gaan studeren. Daarvoor moest ze een bewijs voorleggen dat ze gevaccineerd was tegen gele koorts.

Ook haar wachtte de gebruikelijke papieren processie van Echternach: ‘Ik ging naar het Congolese ministerie van Gezondheid om mijn vaccinatiekaart. Ik kon ter plekke een spuitje krijgen en vertrekken met de vaccinatiekaart. Of ik kon, voor dezelfde prijs, een kaart afhalen zonder vaccinatie maar met de officiële stempels.’ Een vervalst medisch document wilde de toekomstige studente geneeskunde niet.

‘Het probleem is dat er nergens een centrale databank is.’
Divine Fazila, studente geneeskunde

Ook de manier waarop ze de andere documenten verkreeg, klinkt intussen bekend. ‘Ik werd grondig ondervraagd om mijn geboorteakte te kunnen krijgen. Wie ik was, waar ik vandaan kwam, details over mijn ouders en zelfs grootouders. Maar dat is allemaal een rookgordijn. Het was mijn ondervragers alleen te doen om geld.’ Het enige document dat ze moest voorleggen, was de kieskaart. En om die te verkrijgen had ze nooit enig ander document moeten tonen.

‘Het probleem is dat er nergens een centrale databank is. Allerlei documenten worden uitgereikt, op correcte of op slinkse wijze, maar er is geen plek waar die gegevens samenkomen.’ Ook Divines aankomst in Nicosia verliep zonder veel protocol. Noord-Cyprus heeft geen ambassades, dus reisde ze met de acceptatiebrief van haar universiteit. ‘Bij aankomst kreeg ik een voorlopig visum, dat dan later verlengd werd.’

Om aanvaard te worden aan de universiteit moest ze wel een document voorleggen waaruit bleek dat haar ouders hun deel van de studies kunnen financieren. ‘En natuurlijk ook mijn diploma’s. Ook daar wordt in Congo regelmatig mee gefraudeerd. Maar als je daar in Nicosia op betrapt wordt, zetten ze je op een vliegtuig naar huis.’

Bestaansonzekerheid

Vaagheid is er in Congo niet alleen over identiteitsdocumenten, maar ook over elk ander soort documenten. Met inbegrip van eigendomsbewijzen, en die onduidelijkheid creëert natuurlijk veel conflicten. De overgrote meerderheid van de zaken in de rechtbank gaat over eigendomsconflicten. Wie welk land of welke onderneming bezit is niet glashelder geregistreerd. Het draagt bij tot de instabiliteit en de bestaansonzekerheid, en tot een context waarin geruchten en samenzweringstheorieën welig tieren.

‘De documenten die administratief bestaan maar in de realiteit niet, dragen bij aan de bestaansonzekerheid’, stelt Gisèle Faida, die als consultant samenwerkt met verschillende instanties uit het middenveld. ‘En die bestaansonzekerheid is ook op vele andere vlakken in gevaar. We hebben dringend nood aan een mechanisme, een instrument om de authenticiteit van documenten te toetsen. En daarvoor moet het staatsgezag hersteld worden over het hele Congolese grondgebied. Daar zijn we nog lang niet.’

Over dit artikel

Journalist Kris Berwouts: ‘Ik betrap me er soms op dat ik ze amusant vind, de anekdotes uit Absurdistan, waar men confetti maakt van de papieren tijger. Waar je, als je een document nodig hebt, wat confetti in de lucht gooit die zich op de grond samenvoegt tot wat je nodig hebt. Misschien is de wereld mooier zonder al die papieren. Is het feit dat we ze zouden nodig hebben een geïmporteerd westers begrip?

In elk geval: de papieren tijger bestaat wel degelijk, en hij slikt geld. Te veel voor het allergrootste deel van de Congolese bevolking. Ik twijfelde initieel om dit artikel te schrijven, omdat het niet gaat over flagrante schendingen van de mensenrechten. Maar dit probleem is wel een hoeksteen van de rechtstaat in een staat van verval. Het niet functioneren van de administratie maakt de kloof tussen de haves en de havenots alleen maar groter. Het is een fundamentele onrechtvaardigheid.’

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3306   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift