Problemen op Grieks eiland weer even in de spotlights, maar wat hebben vluchtelingen eraan?

Vluchtelingen van Moria filmen zelf: zo gaat het er écht aan toe op Lesbos

Milad Ebrahimi

Een kind dat gewond raakte tijdens een betoging op Lesbos, zo suggereert het filmpje van vluchteling/verslaggever Milad Ebrahimi.

Na de brand in vluchtelingenkamp Moria zat het Griekse eiland Lesbos even vol journalisten. Die waren even snel weer weg als ze gekomen waren. Maar de vluchtelingen blijven, en sommigen vertellen hun eigen verhaal, zoals geen enkele andere journalist dat kan. MO* ging luisteren.

Zij is de enige die huilt en schreeuwt, maar de fotografen die passeren keuren haar geen blik waardig. Deze vrouw met drie kinderen is een van de eerste asielzoekers die zich had gemeld bij het nieuwe vluchtelingenkamp op Lesbos, nadat voorganger Moria op 8 en 9 september zo goed als volledig was afgebrand.

Plots keren de fotografen zich toch naar de vrouw toe. Ze zit op de grond, met een hek op de achtergrond en het kind op haar schoot: een sprekend, piëta-achtig beeld dat medelijden opwekt.

‘Een echte journalist laat de onmenselijkheid van het systeem en de waarheid zien.’

Ik probeer met haar te praten wanneer iedereen weer weg is, maar ze spreekt alleen Farsi. Dus vraag ik via een bevriende telefoontolk wat er met de vrouw aan de hand is: ‘Ik ben gevlucht uit Afghanistan. Het is ondertussen acht jaar geleden. Dit (zulke levensomstandigheden, red.) had ik niet verwacht. Mijn kinderen zijn allemaal ziek. Ze geven al vier dagen over. En nu sluiten ze ons op.’

Ze kan niet veel meer vertellen, want ik word weggejaagd door de woordvoerder van het Griekse ministerie van Migratie en Asiel, die een persconferentie houdt in het nieuwe vluchtelingenkamp. Het is zaterdag, drie dagen na de branden.

Later zie ik de foto van die vrouw op Facebook circuleren. Zonder de toestemming van de fotograaf, en zonder enige informatie over wie de vrouw is en wat haar is overkomen. Ze wordt het zoveelste anonieme gezicht van de zogenaamde “vluchtelingencrisis”.

‘Geen echte journalist’

Het beeld zou ‘indrukwekkender en krachtiger zijn als de journalisten echt wisten wie ze fotografeerden’, vertelde Yaser Akbari aan Al Jazeera. Akbari is een van de vluchtelingen die zelf het leven op Lesbos documenteert.

Zijn collega-verslaggever en vluchteling Milad Ebrahimi zegt: ‘Een journalist die naar hier komt, wat foto’s en video’s maakt en dan weer teruggaat, dat is geen journalist. Een echte journalist laat de onmenselijkheid van het systeem en de waarheid zien.’

Ebrahimi brengt sinds zijn aankomst in Moria negen maanden geleden zelf verslag uit van het leven in het kamp. Hij ziet het als zijn verantwoordelijkheid en tegelijkertijd als een kans. ‘Het is het eerste wat ik dacht toen ik in Moria belandde: Europa ziet de realiteit niet. Dus moet ik die laten zien. Ik zit midden in de chaos, ik weet precies wat hier gaande is.’

‘We tonen de verborgen realiteit. Dingen die geen enkele journalist zelf kan zien omdat media geen toegang meer krijgen tot het kamp.’

Hetzelfde geldt voor het nieuwe vluchtelingenkamp dat inderhaast werd opgericht na de brand, en waar de pers enkel binnen mocht die ene zaterdag van de persconferentie. ‘Een journalist van buitenaf kon hoogstens wat foto’s maken van op de heuvel, terwijl ik binnen ben. Ik zie alles gebeuren.’

Ebrahimi en Akbari krijgen training van een ngo, ReFOCUS Media Lab, opgericht door Douglas Herman en Sonia Nandzik. Dit Amerikaans-Poolse koppel organiseert workshops fotografie en cinematografie om de kansen van vluchtelingen met mediatalent op de arbeidsmarkt te vergroten.

‘Zo kunnen jongeren een portfolio samenstellen terwijl ze vastzitten in het kamp. Dat is echt nodig. Want na een paar maanden, soms twee jaar in Moria, hinken ze zo ver achterop dat ze niet meer kunnen concurreren met de Grieken op de arbeidsmarkt’, legt Nandzik uit.

De focus van hun vorming ligt op het leren van mediavaardigheden, niet op intensieve verslaggeving. Maar sinds de coronapandemie uitbrak, met de bijhorende problemen, gebruikten de studenten hun vaardigheden om hun dagelijkse ellende te documenteren.

© Milad Ebrahimi

In het nieuwe vluchtelingenkamp, dat inderhaast werd opgebouwd na de brand in Moria. ‘Geen enkel toilet werkt er naar behoren.’

‘Dat was nooit echt de bedoeling’, zei Douglas Herman aan nieuwszender Al Jazeera. ‘Maar het fascisme, de pandemie en nu de onverschilligheid na de branden lieten ons allemaal geen andere keuze dan zelf verslag uit te brengen.’

Verborgen realiteit

Dat vindt filmmaker Ebrahimi ook. ‘We tonen de verborgen realiteit: vuile toiletten, het tekort aan water, wat we eten. Het zijn dingen die geen enkele journalist zelf kan zien omdat media geen toegang meer krijgen tot het kamp.’

Ebrahimi maakte na de brand in het kamp een filmpje met beelden van zijn rampzalige overtocht op een bootje, van de Griekse kustwacht die de motor saboteerde, van de drukte en het vuil in Moria, van de brand en van hoe de politie traangas naar de wegvluchtende mensen gooide. (opgepast: het filmpje bevat schokkende beelden, red.)

Rodellin Nganga, die ook in het nieuwe kamp op Lesbos verblijft, neemt het journalisten kwalijk dat ze soms verkeerde informatie verspreiden. ‘Over de toestand van de toiletten, bijvoorbeeld: geen enkele werkt nog naar behoren. Of over het aantal personen in de tenten, bijvoorbeeld. Sommige media herhalen zomaar wat de autoriteiten verkondigen, dat we met zes in één tent slapen, maar dat is niet zo. We zitten met acht of tien mensen per tent.’

Toch was Nganga blij met de aanwezigheid van media: ‘Alles wat vroeger onzichtbaar was, werd nu internationaal gezien en erkend’. Samira Niazi was ook blij: ‘Het is goed dat de hele wereld weet wat er met ons gebeurt. We worden gehoord. Wanneer mensen uit andere landen zien hoe we leven dan moeten ze aan ons denken’. Volgens haar zijn journalisten in staat om het lot van mensen te veranderen. Net als Ebrahimi die hoopt dat ‘de media-aandacht er uiteindelijk voor zorgt dat we allemaal naar het vasteland worden overgebracht’.

De Griekse regering is van plan om tegen het einde van deze week 2500 erkende vluchtelingen het eiland te laten verlaten. Vorige week maandag konden de eerste 700 mensen vertrekken vanuit Mytilene, Lesbos, zo liet het ministerie van Asiel en Migratie weten. Maar het ging om mensen die de vluchtelingstatus al toegekend kregen. Duizenden asielzoekers wachten nog op een beslissing.

Milad Ebrahimi

Milad Ebrahimi zit al negen maanden vast op Lesbos. ‘Het is een van de grootste fouten in mijn leven dat ik naar dit eiland ben gekomen.’

Terwijl ‘iedereen doodmoe is, ik ook’, vertelt Ebrahimi. Na negen maanden begint hij de zin in het leven te verliezen. ‘Het is een van de grootste fouten in mijn leven dat ik naar dit eiland ben gekomen’, vertelt hij in zijn filmpje, terwijl hij recht in de lens kijkt. Hij heeft suïcidale gedachten.

‘Dat ik bezig kan zijn als journalist geeft me kracht in deze onmenselijke omstandigheden. Omdat ik voel dat ik impact kan hebben door de realiteit te laten zien hoe ze is; door verhalen te vertellen van diegenen die ongehoord blijven. Ik voel me erkend als een persoon wanneer ik aan het filmen ben.’

Twee weken na de brand

Ebrahimi maakt altijd de afweging of zijn beeld een positief of een negatief resultaat kan hebben. ‘Menselijkheid en mensenrechten staan op de eerste plaats.’ Het is wat hij steeds benadrukt: ‘Ik doe het niet voor geld, maar in de naam van menselijkheid.’ Hij ziet het als zijn plicht. Zeker nu de meeste journalisten alweer weg zijn.

‘Hoe lang kan je het over die vluchtelingen hebben?’, zeggen redacties vaak.

‘Ze blijven voor één of twee dagen en komen met de gedachte om een groot verslag te maken, maar het resultaat is soms dat ze op de oppervlakte blijven. Dat is net het probleem’, stelt Nandzik. Ze krijgt regelmatig verzoeken van allerlei media om te helpen bij het verzamelen van het materiaal of bij het vinden van mensen voor een interview. ‘Het is teleurstellend, zowel voor ons als voor onze studenten, dat journalisten het thema snel loslaten. Er is geen continuïteit in de verslaggeving. Dit zorgt ervoor dat lezers geen uitgediept beeld krijgen van de situatie.’

Tijdens de eerste drie dagen na de branden werd Nandzik overweldigd door het aantal verzoeken van verschillende media. Daarna kreeg ze één telefoon per dag. Twee weken na de tragedie was het stil. ‘Terwijl dit niet het einde is. Sommige journalisten denken dat het probleem opgelost werd met de opening van het nieuwe kamp. Maar dat is alleen een bewijs van het feit dat ze onvoldoende inzicht hebben in de situatie. Weinigen blijven schrijven over Lesbos. De meesten verlaten het eiland en sluiten dit hoofdstuk af.’

Dat laatste is het pijnlijkst voor de vluchtelingen die achterblijven, vermoedt Nandzik. Ze beseft dat een gebrek aan continuïteit deels bij de redacties ligt. ‘Hoe lang kan je het over die vluchtelingen hebben?’, hoort ze vaak.

Nandzik gelooft dat media in staat zouden zijn om meer druk te zetten op politici en zo een impact te hebben op het dehumaniserende beleid. ‘Maar alleen als we ons verenigen binnen een soort netwerk dat het lot van de asielzoekers aan de grenzen van Europa echt blootstelt.’

Milad Ebrahimi

‘De eerste keer dat we naar Lesbos probeerden komen, zonken we en kwamen de Turkse kustwacht en het leger ons redden’, vertelt Milad Ebrahimi in het filmpje dat hij maakte.

Verhalen van mensen of verhalen over problemen

In de tussentijd blijven de vluchtelingen/verslaggevers van ReFOCUS Media Labs en enkelingen, zoals de Duitse journaliste Franziska Grillmeier, ononderbroken de waarheid vertellen over de Griekse vluchtelingenkampen en Lesbos. ‘Het kerkhof van mensenrechten’, zoals graffiti ergens op het eiland het treffend stelt.

Sommige gemeenschappen, de Afghaanse bijvoorbeeld, zijn grotendeels afwezig in de nieuwsverhalen.

Grillmeier heeft het altijd over mensen. Dat is niet evident. In veel Europese landen wordt de stem van de vluchtelingen nauwelijks gehoord, van Griekenland, Italië, Spanje, Servië, het Verenigd Koninkrijk, Zweden en Noorwegen tot België. Dat blijkt onder andere uit onderzoek van Refugees Reporting, van de Wereldvereniging voor christelijke communicatie en Kerkencommissie voor migranten in Europa, en een Belgisch onderzoek van Leen d’Haenens van het Instituut voor Mediastudies van de KU Leuven.

Refugees Reporting analyseerde alle nieuwsartikels op drie bepaalde dagen die een link hadden met asiel en migratie, in kranten, op nieuwswebsites en in Twitter-feeds. Meer dan driekwart van die verhalen ging over de problemen verbonden aan asiel en migratie, zonder vermelding van een individuele vluchteling of migrant. Het wijst op een patroon van onzichtbaarheid, stellen de auteurs van het rapport, en die creëert een duidelijke kloof tussen het politieke niveau (met zijn beleidsmaatregelen) en de effecten van dat beleid op mensen.

Vrouwen verdwijnen bijna helemaal uit het zicht in de verhalen over vluchtelingen. In 21 procent van de onderzochte artikelen werd wél een vluchteling of migrant vernoemd, maar in slechts 27 procent dáárvan kwam een vrouw aan bod. Van alle mensen die in de nieuwsartikelen werden genoemd, was slechts zes procent een vrouwelijke vluchteling.

Milad Ebrahimi

Een beeld uit het filmpje van vluchteling/verslaggever Milad Ebrahimi, genomen vanuit een bootje. Op de achtergrond: de Griekse kustwacht, die de motor van het bootje zou komen kapotmaken.

Sommige gemeenschappen zijn ook grotendeels afwezig in de nieuwsverhalen. Afghanen vertegenwoordigen bijvoorbeeld de op een na grootste groep asielzoekers in de Europese Unie, maar waren slechts de vierde meest vertegenwoordigde groep in de nieuwssteekproef.

Bij een vermelding van een vluchteling of migrant in de media gaat het trouwens in maar 40 procent van de artikelen om een rechtstreeks citaat, en dat kan volgens de auteurs van het rapport tot misverstanden leiden. En vervolgens tot minder tolerantie tegenover vluchtelingen.

Weer radiostilte

Op 13 september, vijf dagen na de branden, vroeg journaliste Franziska Grillmeier zich op Twitter af: ‘Wat gebeurt er wanneer de stilte komt, wanneer de berichtgeving in de pers stopt, wanneer duizenden mensen worden opgesloten in het nieuwe kamp? Zal alles echt opnieuw beginnen?’

Ebrahimi vreest van wel, maar hij zal niet opgeven. ‘Het nieuwe kamp is nog erger dan Moria. Het is des te belangrijker om door te bijten. We kunnen niet stoppen met verslag uitbrengen.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2838   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Journalist

    Ula Idzikowska is freelance journalist en verslaggever. Ze studeerde literatuur in België, onderzoeksjournalistiek in Nederland en Nederlandse taal en cultuur in Polen.