Dossier: 
Valt de kloof tussen jongeren en politie nog te dichten?

Criminologe Els Enhus: ‘Politiewerk gaat niet over blitse brommers en stoere ketten’

© Magnum foto's / Alex Majoli

Filosoof-socioloof Geoffroy de Lagasnerie: ‘Iedereen is het erover eens: de situatie van de jongens in de volkswijken is het centrum waar alle moderne problematieken samenvallen.’

Politie en jongeren in de Brusselse volkswijken staan door corona opnieuw recht tegenover elkaar. En ook de dood van George Floyd door politiegeweld in de VS rakelt vragen op over de rol van de politie. Waarom worden conflictsituaties er zo snel vertaald in een ‘wij tegen zij’-retoriek? De kern van het probleem ligt in het systeem. ‘Na de politiehervorming moest de politie de burger meer gaan betrekken bij haar werk. Maar die richtlijn is dode letter gebleven’, zegt criminologe Els Enhus.

Sinds de dood van de 19-jarige Adil in Anderlecht op 10 april kwamen in Brussel verschillende getuigenissen en filmpjes naar boven over overmatig politiegeweld bij controles. Maar het zijn de schermutselingen begin mei in Sint-Gillis, waarbij twee agenten lichtgewond raakten, die veel media-aandacht kregen.

Politievakbonden VSOA en NSPV klaagden over provocaties van jongeren. Ze beschuldigden socialistische politici ervan ‘jongerenbendes die straten proberen over te nemen’ een hand boven het hoofd te houden. De jongeren in de volkswijken, van hun kant, die willen vooral gerechtigheid. Ze klagen racisme bij de politie aan en hebben het gevoel extra geviseerd te worden.

Tegenover de oproep om harder op te treden, waar ook enkele politici van N-VA en Vlaams Belang zich bij aansloten, pleiten criminologen voor een zachte aanpak en een herstel van vertrouwen. Dat kan deels via dialoog, door wijkagenten en straathoekwerkers in te zetten, maar ook door transparant te zijn over politiegeweld.

Waarom zijn er geregeld conflictsituaties in de volkswijken en waarom worden die vertaald in een ‘wij tegen zij’-retoriek, alsof er twee parallelle samenlevingen zijn? ‘Wij’, de politie, en ‘zij’, de jongeren. ‘Wij’, de keurige burgers en ‘zij’, het tuig. Om deze situatie te begrijpen, moeten we naar de politiehervorming kijken, vindt criminologe Els Enhus (VUB), specialiste in politie- en veiligheidsbeleid.

Politiehervorming

Volgens Enhus ligt de basis van de problematiek in de discrepantie tussen de taak van de politie zoals die wettelijk gedefinieerd is en de manier waarop de politie haar taak ziet en invult.

‘Toen de politiehervorming in 2001 ingevoerd werd en de rijkswacht en andere politiediensten fuseerden tot één korps, was het de bedoeling om community policing (gemeenschapsgerichte politiezorg, red.) tot stand te brengen. Een model waarin de politie niet alleen een repressieve rol heeft, maar een orgaan is dat de burger bij haar werk betrekt. In dat model houdt de politie rekening met de verwachtingen en prioriteiten van de burger.’

‘Maar de richtlijnen die vanuit de federale overheid kwamen, zijn dode letter gebleven, slechts windowdressing’, zegt Els Enhus. ‘Men heeft deze richtlijnen ingevuld met een zeer enge en versmalde visie op wat community policing is.’

Enhus verduidelijkt: ‘In plaats van participatie, inspraak, verantwoording afleggen en doorzichtigheid in hun werk, is de relatie met de burger verengd tot tips geven. Dat is niet alleen in België het geval, maar over heel de wereld. De politie baseert zich voor haar werk op de informatie die ze van burgers krijgt. Een goede relatie met de burger hebben, dat wordt in de praktijk verengd tot dicht bij de burger staan zodat hij informatie kan geven en boeven kan helpen opsporen en oppakken. Terwijl politiewerk in feite bijna nooit gaat over boeven pakken.’

Politiewerk gaat over ordehandhaving. ‘In tachtig procent van de gevallen wordt de politie ingezet om tussen te komen tijdens ordeverstoringen, bij spanningen tussen mensen en in conflicten… Politiewerk gaat overal over klagende buren, over iemand die gestalkt wordt door een ex-partner, enzovoort’, zegt Els Enhus. Politie komt in eerste instantie tussen om kleine problemen op te lossen. Dat is een bron van frustratie, want wat politiemensen eigenlijk willen, is boeven pakken.’

En dat heeft weer te maken met de manier waarop politieagenten aangeworven worden. ‘In de aanwervingscampagnes gaat het over blitse brommers en stoere ketten, maar dat komt helemaal niet overeen met de realiteit. Dat creëert verkeerde verwachtingen’, zegt de criminologe. ‘Wanneer aspirant-politieagenten aan hun opleiding beginnen, zijn ze heel erg gemotiveerd. Maar ze krijgen niet de nodige inhoudelijke steun om te leren omgaan met conflictsituaties. Ze krijgen geen alternatieven aangereikt ’, zegt Enhus.

Corona en overmatig politiegeweld in Brussel

‘Sinds de dood van de 19-jarige Adil in Anderlecht duiken in Brussel geregeld beelden op van politieagenten die hardhandig en in grote groep optreden in situaties die althans volgens omstaanders dergelijk geweld niet rechtvaardigen’, schreef de Brusselse nieuwssite Bruzz op 26 april.

Een van deze filmpjes toont een Soedanese man die op de grond zit te huilen, nadat politieagenten hem zouden hebben geslagen en zijn gsm kapot gemaakt zouden hebben. De man heeft geen vaste woonplaats. Het Brusselse parket begon een onderzoek tegen vier politieagenten. Een van hen werd door de politie zelf geschorst. Andere getuigenissen en filmpjes rapporteren hoe snel de politie versterking vraagt en overgaat naar een hardhandige aanpak.

De incidenten vinden plaats naar aanleiding van controles op de maatregelen tegen het coronavirus. PS-politica Catherine François bijvoorbeeld haalde op haar Facebook-pagina fel uit naar de politie nadat haar 20-jarige zoon werd gearresteerd. Ze beschuldigde enkele agenten daarbij zelfs van ‘nazi-impulsen’ en moest daardoor opstappen uit de politieraad.


‘Politiemensen komen vooral tussen bij ordeverstoring, en het is net op dat vlak dat ze geen richtlijnen krijgen. Ze hebben geen duidelijke kaders die bepalen hoe zij die ordeverstoring best aanpakken en waarop ze kunnen steunen. Er is geen wet die dat bepaalt. Ze weten niet wat het resultaat moet zijn van hun tussenkomst. Als politiemensen het gevoel krijgen dat mensen hen niet appreciëren, niet respecteren of hun macht niet erkennen, dan krijg je een wij-tegen-zij-logica en gaan ze slecht reageren’, zegt de criminologe.

‘Jij zal niet op die bank zitten’

Dat politieagenten geen alternatieven aangereikt krijgen, was te merken tijdens de coronacrisis. Bij klachten of kritiek sluit de politie de rangen. De organisatie springt in de bres voor haar leden en vraagt een hardere aanpak wanneer ze het gevoel heeft aangevallen te worden. We horen haar niet spreken over bemiddeling
of dialoog.

‘Politieagenten willen duidelijke regels, en met COVID-19 zijn er regels’, zegt de criminologe. ‘Je zag hen genieten, want ze wisten eindelijk wat ze moesten doen. Je mag niet op een bank gaan zitten, dus je zal niet op een bank zitten. Of je nu een verstuikte voet hebt en of je moeite hebt om te stappen, het maakt allemaal niet uit. Je zal niet op die bank zitten.’

‘Politieagenten blijken rechtser te worden na hun opleiding. Niet massaal en niet allemaal, maar er is een verschuiving naar een harde aanpak.’
Els Enhus, criminologe

Dat die werkwijze problemen met zich meebracht, is niet zo verrassend. ‘Wat conflicten met jongeren betreft, gaat het vaak om kleine dingen zoals naroepen. Iets wat jongeren ook bij andere mensen doen, en dat weet de politie ook. Maar ze reageren daar vaak slecht op’, zegt Enhus.

De spanningen in Sint-Gillis hebben uiteraard ook te maken met de dood van de 19-jarige Adil naar aanleiding van een politiecontrole. De politie wil harder optreden, maar ze treedt niet overal even hard op. In een filmpje dat op 12 april op Facebook werd gepubliceerd is te zien hoe bewoners van een wijk in Sint-Lambrechts-Woluwe op straat waren om steun te betuigen aan het medisch personeel. De politie trad niet op tegen mensen die zich niet aan de sociale afstand hielden, ze danste zelfs mee, schrijft Bruzz over het filmpje.

Het is een moeilijk en gevoelig verhaal. Een pleidooi voor dialoog en transparantie over politiegeweld wordt snel gezien als een frontale aanval op de hele politie en een miskenning van hun inzet en toewijding, en vooral als carte blanche voor criminelen.

Er zijn altijd politici die op de kar springen en er profijt willen uithalen. Zaken worden door elkaar gehaald, stereotypen krijgen een poetsbeurt. Termen als krapuul, tuig of jongerenbendes en criminelen worden in het rond geslingerd op sociale media en nieuwssites. CD&V-politicus Sammy Mahdi vroeg op 11 mei op Facebook om streng te blijven optreden tegen “jeugdbendes”, en de foto bij die post sprak boekdelen: een donker, dreigend beeld met twee mannen in capuchons, van op de rug gezien. De polarisatie werpt haar schaduw over de hele samenleving.

Racisme en criminaliteit

‘Racisme is aanwezig bij de politie, het neemt toe en dat is choquerend’, zegt Els Enhus. ‘We hebben dat in het verleden gezien bij onderzoek. We hebben vastgesteld dat politieagenten rechtser worden na hun opleiding. Niet massaal en niet allemaal, maar er is een verschuiving naar een harde aanpak, terwijl overleg en begrip wegebben.’ En de harde aanpak valt niet alleen mensen met een migratieachtergrond te beurt, maar ook de onderklasse. ‘Het is dus niet alleen een kwestie van afkomst, maar ook van status en sociale klasse.’

Els Enhus erkent dat er criminaliteit is in de volksbuurten, maar niet zoveel als men wil doen geloven. ‘Het gaat over wijken waar er precaire statuten zijn, waar een normale carrière moeilijk is. Je naam alleen al maakt dat je minder kansen hebt. Daarbovenop zijn er onstabiele gezinssituaties. Je krijgt niet de nodige steun om een geslaagde schoolcarrière op te bouwen. Het is waar dat de kans daar groter is om over te stappen op criminele activiteiten. Maar slechts een kleine minderheid blijft ook in de criminaliteit, hoogstens vijf à tien procent.’

De politie, de school en de leugenaars

De harde aanpak is niet alleen bij de politie een optie, maar ook voor een groot deel van de bevolking. Toen de dood van Adil bekend raakte, was de spontane reactie bij veel mensen: hij had maar moeten stoppen voor die controle. Het tragische voorval heeft zelfs geen discussie uitgelokt over de maatregelen tegen corona, en over hoe ver de ordediensten mogen gaan in het doen naleven van de maatregelen.

‘Iedereen is het erover eens: de situatie van de jongens in de volkswijken is het centrum waar alle moderne problematieken samenvallen’, zegt de Franse filosoof en socioloog Geoffroy de Lagasnerie, die werkte op het thema politie en volkswijken in de Verenigde Staten en Frankrijk. ‘Rond deze jongens draait de kwestie van het onderwijs, economische kwetsbaarheid, onzekerheid, de raciale kwestie en de kwestie van de politie.’

‘Paradoxaal genoeg, en in plaats van deze jongeren in het centrum van de aandacht te brengen, delegitimeert men hun verzuchtingen. Door te zeggen dat ze onvoorzichtig of delinquent zijn. Door te zeggen dat wat hen overkomt hun eigen schuld is en dat ze het eigenlijk verdienen. Terwijl het de taak van de politie is om met criminelen om te gaan. Daar is de politie voor gemaakt en het is de verantwoordelijkheid van de politie om de situatie met verstand te beheren.’

‘Ik denk dat de oplossing niet zozeer de vervolging van individuele agenten is, maar de aanpassing van de wet.’
Geoffroy de Lagasnerie,
filosoof en socioloog

Om de situatie te verbeteren, heeft het geen zin politieagenten die zich schuldig maken aan overmatig gebruik van geweld strafrechtelijk te vervolgen. Dat is een politieke fout, vindt de filosoof.

Het zou beter zijn om de kwestie tot een politieke zaak te maken, door het werk van de politie in vraag te stellen. ‘Dat stelt ons in staat om politie en justitie te hervormen’, zegt hij. Het feit dat rechters nooit of zelden politieagenten vervolgen of veroordelen, is net omdat ze vinden dat het legaal is wat ze gedaan hebben. Het probleem is niet alleen de politie, maar ook justitie.’

‘Geweld zit ingebakken in de manier waarop de politie denkt over zelfverdediging, in de manier waarop ze kijkt naar bedreiging, in de manier waarop ze kijkt naar gevaarlijke individuen. Ik denk dat de oplossing niet zozeer de vervolging van individuele agenten is, maar de aanpassing van de wet.’

Voor de filosoof zijn het de regels waarop het werk van de politie gebaseerd is, die moeten veranderen. En dus pleit hij ervoor om de achtervolging te verbieden, de identiteitscontroles te verbieden, om te verbieden om te schieten op iemand die aan het lopen is.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Voor Geoffroy de Lagasnerie ligt de kern van het probleem in een systeem dat ongelijkheid genereert. Een systeem waarin de school en de politie samenwerken om de jongens van de volkswijken uit te sluiten. De school zet hen te snel aan de deur door te zeggen dat ze niet in het systeem aarden. Op die manier belanden ze vroeg op straat, waar ze geconfronteerd worden met de politie.

‘Natuurlijk blijft de school de plaats om sociaal te promoveren’, zegt de Franse filosoof. ‘En dat is ook wat die jongens moeten doen: goed studeren. Alleen weten we dat dit niet een kwestie is van individuele wil alleen’, zegt hij.

‘En het is niet door te informeren dat er verandering komt. De problemen zijn gekend, door iedereen. Alleen wordt er gelogen. De dominanten, de mensen aan de macht, zijn meer leugenaars dan onwetenden. Een grote politieke vraag is: hoe bestrijd je een leugenaar? Want hij kent de waarheid al.’

Dit artikel werd geschreven voor het zomernummer van MO*magazine. Voor slechts 32 euro kan je hier een jaarabonnement nemen! Je kan ook proMO* worden voor slechts 4 euro per maand. Je krijgt dan ook ons magazine toegestuurd en je steunt daarmee ons journalistiek project. Opgelet: Knack-abonnees ontvangen MO* automatisch bij hun pakket.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2945   proMO*’s steunen ons vandaag al. We hopen 2021 te kunnen starten met 3000 proMO*‘s, word jij er één van?

Word proMO* of Doe een gift