Volgens Maduro is er van een crisis geen sprake

Zijn presidentsverkiezingen laatste reddingsboei voor geïmplodeerd Venezuela?

© Reuters

Huidig president Nicolas Maduro

Op 20 mei vinden in Venezuela presidentsverkiezingen plaats. Hoewel Nicolas Maduro het land naar de afgrond leidde, is de kans reëel dat hij herkozen wordt. De oppositie weigert immers deel te nemen aan de stembusgang. Of de verkiezingen de impasse zullen doorbreken, is erg twijfelachtig.

Sinds Nicolas Maduro in april 2013 de iconische comandante Chávez opvolgde, is de situatie van kwaad naar erger geëvolueerd. Vandaag is de chaos in het land allesomvattend. Alle bemiddelingspogingen met de oppositie hebben gefaald. Het land telt meer dan 200 politiek gevangenen (volgens sommigen 3000), drie tot vier miljoen Venezolanen hebben de afgelopen jaren het land verlaten en de inflatie is de hoogste ter wereld, meer dan 2600 procent in 2017. Als opdracht voor een nieuw mandaat kan dit tellen.

(G)Een humanitaire crisis

Het tekort aan voedsel en medicijnen is ronduit dramatisch. Tienerzwangerschappen stegen omwille van een gebrek aan voorbehoedsmiddelen. In 2017 lag de kindersterfte 30 procent hoger dan in 2015, de moedersterfte steeg liefst met 65,79 procent en malaria met 76,4 procent.

Wanneer mensen op straat komen om hun frustraties te uiten over de voedseltekorten, lopen ze het risico opgepakt te worden. Volgens de mensenrechtenorganisatie Provea zitten vandaag honderden mensen in de gevangenis niet omwille van politieke eisen maar omdat ze gefrustreerd uitleg vroegen over die voedseltekorten.

The Photographer (CC0)

 

Wie kon, heeft het land verlaten. De exodus is zo groot dat de buurlanden Colombia, Brazilië, Ecuador en Peru moeite hebben om de instroom op te vangen. Anderen trekken verder naar Chili en Argentinië. In Colombia zijn zo’n 600 000 tot 800 000 Venezolanen gearriveerd, meer dan 200 000 hebben in Peru een onderkomen gezocht en zo’n 40 000 migreerden naar Brazilië.

Volgens Nicolas Maduro is er geen sprake van een humanitaire crisis en zijn die kwade geruchten een lastercampagne van de VS die een voorwendsel zoeken voor een invasie. Alle relschoppers worden afgedaan als individuen die “een poging tot staatsgreep” willen wagen.

Met de escalerende exodus van Venezolanen naar Colombia, heeft Colombia 2200 militairen naar de grens met Venezuela gestuurd. President Maduro beschuldigt de VS ervan samen met Colombia een invasie en militaire bezetting in Venezuela voor te bereiden.

VOA (CC0)

 

Verkiezingen, de deus ex machina?

Volgens het normale schema, stonden de presidentsverkiezingen genoteerd voor eind dit jaar, voor de regeerperiode van 2019-2025. Maar gezien de totale impasse waarin het land zich bevindt, besliste de regering als laatste redplank de verkiezingen te vervroegen. Aanvankelijk werd 22 april aangekondigd, uiteindelijk is het 20 mei geworden om de stembusgang te laten samenvallen met de verkiezingen voor lokale besturen en deelstaatparlementen.

Nicolas Maduro wil koste wat het kost zichzelf opvolgen. Hij staat voor de regerende PSUV, (Partido Socialista Unido de Venezuela, de Verenigde Socialistische Partij van Venezuela) die zo’n zes miljoen partijleden telt. De kans is reëel dat hij de verkiezingen wint, niet zozeer uit populariteit maar omwille van de macht die hij inmiddels naar zich heeft toegetrokken (zie kader).

Heel wat kiezers zullen ook op hem stemmen hetzij om de voedselbedeling niet te verliezen hetzij uit schrik voor repressie van controleposten in de wijk of aan het stembureau. Ook de massale exodus van Venezolanen naar het buitenland, levert Maduro een voordeel op. Internationale bemiddelaars hebben Maduro onder druk gezet om de Venezolanen in het buitenland de kans te geven om deel te nemen aan de verkiezingen. Maar slechts 108.000 van de vier miljoen gemigreerde Venezolanen (goed voor 1 miljoen stemgerechtigden) hebben zich ingeschreven.

Dit heeft dan weer te maken met de chavistische bureaucratie in de consulaten, die helemaal niet geneigd is om Venezolanen die aanleunen bij de oppositie te bedienen.

Hoe de Bolivariaanse droom veranderde in een nachtmerrie
Toen Hugo Chávez in februari 1999 aan de macht kwam, brak er een nieuw hoofdstuk aan in de geschiedenis van Venezuela en een nieuwe fase in de politiek van de regio.

Geïnspireerd door de vrijheidsstrijder Simon Bolívar lanceerde de gewezen militair Hugo Chávez een Bolivariaanse revolutie: een project voor een grotere regionale politieke en economische samenwerking, gebaseerd op vertrouwen in eigen kunnen en een grotere soevereiniteit ten aanzien van de Verenigde Staten.

Als antwoord op het neoliberale beleid van de jaren 90 wierp Chávez zich op als een linkse caudillo, een rasechte Latijns-Amerikaanse voorman die zijn aanhang door zijn populistisch discours en charisma wist in te palmen. Sinds 2005 kreeg dat experiment het etiket “Socialisme van de 21ste eeuw”. Een socialisme dat in Venezuela meer dan waar ook ter wereld dreef op olie-inkomsten. Zo’n 95 procent van de exportinkomsten waren afkomstig van olie.

Dit beleid wierp zijn vruchten af: in de periode dat Chávez aan de macht was (1999 – 2013) daalde de armoede van 44 tot 32 procent en de extreme armoede van 18 tot 9,8 procent. De werkloosheid daalde van 10,6 naar 5,5 procent.

De dood van Chávez in maart 2013 en de instorting van de olieprijs in 2013-2014 van ongeveer 100 dollar per vat naar om en bij de 50 dollar, betekenden de doodsteek voor de Bolivariaanse droom.

Nicolas Maduro, Chávez’oogappel, volgde de grote leider op maar mist behalve diens charisma ook de strategische deskundigheid en het politiek inzicht om de crisis het hoofd te bieden. Hij werd intussen zelf een deel van de crisis. Terwijl de Venezolaanse economie verschrompelde, de winkels steeds leger werden en het volk in de miserie tuimelde, klampte president Maduro zich meer en meer vast aan de macht. Stap voor stap heeft hij zich ontpopt als een autoritaire, dictatoriale leider die de oorzaak van de problemen afschuift op het imperialisme van de VS.

De Mesa de Unidad Democratica (MUD), de koepel van de oppositiepartijen Primero Justicia, Voluntad Popular en Acción Democratica, heeft zich formeel gedistantieerd van de verkiezingen en roept de Venezolanen op om niet te gaan stemmen. Ze voelt zich immers al van te voren benadeeld met zoveel geëmigreerde Venezolanen en gaat ervan uit dat de stembusgang sowieso een frauduleuze bedoening wordt. Een bijkomend probleem is dat de MUD onderling erg verdeeld is en helemaal geen politiek project heeft voor het land.

Wie niet waagt, niet wint

Twee oppositiekandidaten die los staan van de MUD willen wel hun kans wagen: Henri Falcón Fuentes en Javier Bertucci.

Falcón Fuentes is ex-gouverneur van de deelstaat Lara en heeft een militaire achtergrond. Hij was vroeger een aanhanger van Chávez en is kandidaat voor de Avanzada Progresista, een centrumlinkse partij die in 2012 het licht zag. De partij noemt zich progressief, solidair, inclusief en democratisch. Falcón komt met een duidelijke agenda om politieke stabiliteit te brengen en de zieke economie te herstellen. Hij is beslist de grootste rivaal van Maduro maar zijn grootste vijand is het absenteïsme. Men vreest dat misschien slechts een goeie 40 procent van de 20,7 miljoen stemgerechtigden zal stemmen. Het allereerste punt in zijn campagne is dan ook de oproep aan de Venezolanen óm te gaan stemmen.

Javier Bertucci komt uit de bedrijfswereld en is ex-pastor. Hij komt op als onafhankelijke kandidaat, met een duidelijke pro-Amerikaanse agenda. Hij voert campagne met beloftes van financiële steun voor humanitaire hulp vanwege de VS en leningen van het IMF om de economie weer gezond te maken.

Twee andere onafhankelijke kandidaten zijn Reinaldo Quijada en Luís Alejandro Rotti maar zij geven zichzelf niet veel kans.

De hete adem van Mike Pence

Het scepticisme van de Venezolanen zelf ten aanzien van deze verkiezingen is één ding. Ook de buurlanden, aangemoedigd door de VS, hebben hun twijfels. Op de Top van de Amerika’s in Lima half april, noemde VS-vicepresident Mike Pence – die president Trump moest vervangen- de verkiezingen een farce. De democratie in Venezuela is ingestort en het land is afgegleden naar een echte dictatuur, aldus Pence. Hij riep de buurlanden op om de verkiezingen niet te erkennen en kreeg hierin meteen de steun van Argentinië, Brazilië, Peru, Colombia, Panama en Chili. Alleen Bolivia en Cuba vroegen de VS met welke morele autoriteit ze die oproep kunnen doen op het moment dat ze bombardementen lanceren boven Syrië.

Op de Top van de Amerika’s was Venezuela zelf niet uitgenodigd. Bedoeling is het regime verder te isoleren en zo de druk op Maduro op te drijven. Met die bedoeling werd ook de Lima-groep opgericht, een multilaterale instantie die in augustus vorig jaar in het leven werd geroepen om een oplossing te zoeken voor de crisis in Venezuela. De groep startte met 13 Latijns-Amerikaanse landen plus Canada maar is intussen al uitgebreid. Volgens de Lima-Groep kan er geen sprake zijn van vrije verkiezingen zolang er politiek gevangenen zijn en zolang de oppositie noch de Venezolanen in het buitenland niet deelnemen.

Maduro’s “socialisme”

Het mag dan in de eerste plaats de geïmplodeerde olieprijs zijn die de Bolivariaanse revolutie van Chávez ruïneerde (van 100 naar 50 dollar per vat) , toch heeft de huidige crisis ook alles te maken met de stijl van Maduro’s leiderschap. Om zijn zwakte te maskeren en toch stevig in het zadel te blijven, heeft Maduro het leger steeds nauwer bij de politiek betrokken. Zozeer, dat sommigen vandaag spreken van een “militair socialisme” of een “militaristisch nationaal-populisme”.

Onder Chávez waren er al nauwe banden met het leger, maar die zijn onder het huidige bewind nog versterkt. Vandaag zijn tien van de dertig ministeries in handen van legerofficieren en minister van Defensie Vladimir Padrino López controleert de voedseldistributies. Mision Negro Primero is een programma dat de verantwoordelijkheid voor voedselbedelingen helemaal in handen geeft van het leger. Ook de ministeries van Buitenlandse Zaken, van Landbouwproductie en van Elektriciteit zijn in handen van legerofficieren. In 2017 kreeg het leger een budget dat vier keer zo hoog lag als dat van justitie.

© Carlos Garcia Rawlins/Reuters

Huidig president Nicolas Maduro, Henri Falcon van “Avanzada Progresista” en Javier Bertucci van “Esperanza por el Cambio”

 

Het leger is niet alleen verweven met de politiek. Ook de economie is steeds meer in handen van militairen. In 2015 al riep Maduro CAMIMPEG in het leven. De afkorting staat voor Compañia Anónima Militar de Industrias Mineras, Petrolíferas y de Gas, dat afhangt van het Ministerie van Defensie. Het is een bedrijf dat zich ongelimiteerd kan wijden aan om het even welke activiteit die direct of indirect te maken heeft met mijnbouw, olie of gas. En waarbij betrokken militairen dus ook – ongelimiteerd en ongecontroleerd- de winsten kunnen laten afvloeien. In 2016 schrapte immers het Hooggerechtshof, dat helemaal door Maduro wordt gecontroleerd, de controle-instantie die moet toezien op fondsen en bedrijven in handen van militairen. Het leger mag ook privaat-publieke ondernemingen oprichten, met staatssteun dus maar zonder over die staatssteun rekenschap te moeten afleggen. De strijdkrachten krijgen ook een preferentiële wisselkoers voor de bolivar-munt.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Al die gunsten hebben te maken met de angst van Maduro dat het leger zich tegen hem zou kunnen keren. Zeven generaals, goed voor een commando over 60 procent van de troepen, werden in maart gearresteerd op verdenking van samenzwering.

Om die vrees te counteren, gaat de president steeds verder in het kopen van de manschappen. Zo werd begin mei weer een nieuw initiatief gelanceerd, waarbij de strijdkrachten makkelijker toegang krijgen tot leningen en andere faciliteiten. Ze krijgen ook bedrijven of vooraanstaande jobs toegewezen. Vandaag hebben militairen bedrijven in de domeinen van olie-ontginning, bouw, landbouw, verzekeringen en bankwezen, autoconstructie, kleding en textiel. Voortaan hebben ze ook de toelating om industrieparken op te richten in strategische regio’s.

Het gevolg van dit alles, zo schrijft Francine Jácome in Nueva Sociedad, is een afbouw van de institutionalisering, van de professionalisering en van het vertrouwen van de bevolking in het leger.

Het einde van de petro-staat

Volgens de Venezolaanse socioloog Edgardo Lander beleeft Venezuela vandaag het einde van het renteniersmodel als oliestaat en dit gaat gepaard met diepgaande politieke, sociale en culturele transformaties.

Maar dat betekent voorlopig nog niet het einde van de zogenaamde extractivistische economie, een economie gebaseerd op de exploitatie van de natuurlijke rijkdommen. Venezuela, dat nog gigantische olievoorraden herbergt, bezit ten zuiden van de Orinoco-rivier ook nog een gebied dat bijzonder rijk is aan mineralen. Over een oppervlakte van 111 000 vierkante kilometer liggen daar in de schoot van het Guyanaschild immense reserves aan goud, diamant en coltan.

Venezuela heeft niet alleen een nieuwe president nodig. Het is toe aan een nieuw economisch model en een nieuw maatschappijproject.

Om de verliezen van de ingestorte olieprijs op te vangen, startte Venezuela een paar jaar geleden met het project Arco Minero del Orinoco, een project dat de steun geniet van de politieke en economische elites -en dus ook van het leger. In februari 2016 verklaarde Maduro dit gebied tot een economisch ontwikkelingsproject, Zona de Desarrollo Estratégico Nacional Arco Minero del Orinoco – een idee dat Chávez al had gelanceerd in 2011.

Binnen- en buitenlandse investeerders worden aangetrokken om de exploitatie tot ontwikkeling te brengen maar helemaal vlot loopt het niet. Formeel zijn er een viertal instanties waar contracten mee gesloten werden, maar in de praktijk is er slechts 1 bedrijf actief.

Intussen valt de regio wel ten prooi aan complete wetteloosheid en allerhande illegale activiteiten. Criminele bendes, Colombiaanse guerrilla en Venezolaanse militairen raken hier met elkaar vermengd of met elkaar in conflict. Behalve de nefaste milieu-impact (de artisanale mijnbouw maakt gebruik van kwik dat in de omgeving terecht komt) zijn vooral de bijna 200 inheemse gemeenschappen die hier gevestigd zijn, de dupe. Het gebied is gelegen in het Amazonebekken en het project voltrekt zich zonder enige milieu- of socio-culturele impactstudie.

Venezuela heeft niet alleen een nieuwe president nodig. Het is toe aan een nieuw economisch model en een nieuw maatschappijproject, maar ook de oppositie heeft daar geen voorstellen voor. ‘Het land moet van onderuit helemaal heropgebouwd worden,’ aldus Edgardo Lander.

Eneas De Troya (CC BY 2.0)

 

Chronologie van Maduro’s dictatuur:

  • In maart 2013 komt Maduro aan de macht met een uiterst nipte verkiezingsoverwinning van 50,66 procent, tegenover 49,07 procent voor zijn tegenstrever Henrique Capriles. De oppositie weigert de uitslag te erkennen en vraagt een hertelling van de stemmen maar die komt er niet.
  • In december 2015 vinden er parlementsverkiezingen plaats, waarin de oppositie, verenigd in de MUD (Mesa de Unidad Democratica), twee-derde meerderheid haalt.
  • In 2016 vraagt de oppositie een herroepingsreferendum aan, een mechanisme dat door de grondwet van Chávez’ bolivariaanse revolutie zelf in het leven is geroepen. Volgens dat mechanisme kan er een herroepingsreferendum georganiseerd worden wanneer de helft van de ambtstermijn voorbij is, om aan de bevolking het fiat te vragen om verder aan te blijven. Met massale protesten werd de regering onder druk gezet om dit referendum te aanvaarden en een datum in het vooruitzicht te stellen, met name het eerste trimester van 2017. Het referendum is er uiteindelijk nooit gekomen.
  • In maart 2017 ontneemt het Hooggerechtshof- gedomineerd door de regering- aan het parlement, dat gedomineerd wordt door de oppositie, alle bevoegdheden.
  • Terwijl de economie implodeert en de noodzakelijke levensmiddelen en medicijnen ontbreken, escaleert ook de politieke crisis. Bij straatprotesten en gewelddadige rellen tussen april en juli 2017 vallen er 130 doden en ontelbare gewonden.
  • Alle internationale bemiddeling, van onder meer het Vaticaan en van de gewezen Spaanse socialistische premier Zapatero, om een uitweg te zoeken uit de politieke crisis, loopt spaak.
  • Uiteindelijk beslist de regering om een Grondwetgevende Vergadering in het leven te roepen om de grondwet van 1999, van de Bolivariaanse revolutie, te herzien. Enkel regeringsaanhangers worden toegelaten als kandidaten. Bij de verkiezingen van 30 juli voor die grondwetgevende vergadering komt slechts 41,53 procent van de kiesgerechtigden opdagen.
  • Vervolgens beslist die grondwetgevende vergadering, bestaande uit 545 regeringsgezinde leden, om deelstaatverkiezingen voor gouverneurs uit te schrijven voor oktober 2017. 18 van de 23 gekozen gouverneurs zijn chavistas en aan de vijf anderen werd gevraagd een eed van trouw aan het chavisme te zweren.
  • Op 23 januari beslist de Grondwetgevende vergadering om de presidentsverkiezingen, voorzien voor eind 2018, te vervroegen naar 22 april. Uiteindelijk werd die datum weer verschoven naar 20 mei onder druk van de Lima-groep, een formatie binnen de Organisatie van Amerikaanse Staten (OAS), bestaande uit 13 Latijns-Amerikaanse landen + Canada.
Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Latijns-Amerika & ecologie
    Alma De Walsche schrijft over ecologische thema’s, van klimaat- en energiebeleid, over landbouw- en voedsel tot transitie-initiatieven en baanbrekers. Ze volgt al enkele decennia Latijns-Amerika, met een speciale focus op de Andeslanden.