Afrikamuseum zet boom op over bossen in Congo

“Hou’t vast”, zo heet de tentoonstelling over hout in Congo die op 5 oktober van start gaat in het Museum voor Midden-Afrika in Tervuren. De expo biedt het beste van twee wereldvermaarde collecties van het museum: de verzameling Congolees houtsnijwerk en het xylarium, een inventaris van houtsoorten die een belangrijke rol speelt bij het duurzaam bosbeheer in de kolonie.
De aanzet voor de tentoonstelling kwam aanvankelijk uit etnografische hoek, weet Hans Beeckman, hoofd van het Laboratorium voor Houtbiologie in Tervuren en commissaris van de tentoonstelling.
“Er waren mensen uit de etnografie en de kunstwereld, antiquairs op de Zavel en zo, die ons vroegen wanneer we nog eens iets gingen doen met die wereldberoemde etnografische collectie van voorwerpen die voornamelijk uit hout bestaan”, zegt Beekman, “Het museum ging op zoek naar een originele invalshoek en we hebben besloten de thematiek open te trekken naar duurzaam bosbeheer.”
Het museum mikt met de tentoonstelling dan ook ruimer dan het ‘vaste’ publiek dat vooral geïnteresseerd is in de etnografie en kunst van Centraal-Afrika. “We willen ook de mensen mobiliseren uit het technisch en het beroepsonderwijs, aannemers, schrijnwerkers en architecten. De boodschap is dat het materiaal waarmee ze werken heel waardevol is, maar dat het belangrijk is te weten dat het hout uit een duurzaam beheerd bos komt.”
Voor wie vooral in de technische kant van hout is geïnteresseerd, heeft het museum enkele stalen geselecteerd uit zijn houtcollectie of xylarium, de op een na grootste ter wereld. Ruim een derde van de 59.763 houtstalen uit de hele wereld komen uit Afrika en de collectie van Tervuren is dan ook een internationale referentie voor Afrikaanse houtsoorten.
Propagandamiddel
Het eerste staal uit de collectie, een stuk iroko-hardhout, werd binnengebracht in 1897. De toenmalige koning Leopold II organiseerde toen in Tervuren een grote tentoonstelling om de Belgische industriëlen ervan te overtuigen dat zijn kroondomein in het hartje van Afrika economisch interessante producten bevatte, met name rubber, delfstoffen en hout.
Alvast bij de architecten van de Belgische Art Nouveau is Leopold II in zijn opzet geslaagd. Zij maakten dankbaar gebruik van Congolese houtsoorten als bilinga, mahonie of paduk. “Het is eigenlijk verbazend vast te stellen dat iemand als Horta in die paar jaar meer over Afrikaans hout heeft geleerd dan veel architecten van nu”, zegt Beeckman, “In zekere zin maken we nu opnieuw promotie voor Afrikaanse hout, maar dan in een context van duurzaam bosbeheer.”
Toch zullen ook de mensen die voor de etnografische kunst komen niet op hun honger blijven zitten. De pronkstukken van de collectie zijn op het appel, van het zeldzame en waardevolle Luba-buffelmasker uit Katanga tot een niet minder interessante houten beker gehouwen in de vorm van een Europees bierglas, uit de schenking van koning Leopold III.
Giftig hout
Van slechts 4.000 van de 200.000 voorwerpen uit de etnografische collectie is de houtsoort gedetermineerd. De Congolese houtsnijders kozen de houtsoort vooral om praktische redenen. Ze gebruikten zwaar hout met een grote dichtheid voor de puntige speer van een nijlpaardenval, vergankelijk hout voor doodskisten en licht hout voor de vlotters van prauwen.
“Cultuur begint met het vellen van de eerste boom en eindigt met het vellen van de laatste boom”
“De beeldhouders hadden geen houtlijm, dus voor een masker moesten ze op zoek gaan naar een grote boom met licht hout”, legt Beeckman uit, “Af en toe werd een uitzondering gemaakt. Zo hebben we een masker uit Erythrofleum, een heel zware en duurzame houtsoort die moeilijk te bewerken is. Mogelijk heeft dat iets te maken met de religieuze waarde van dat hout: de schors bevat namelijk een stof die in Congo wordt gebruikt om mensen te vergiftigen.”
Opvallend is dat er weinig overlap is tussen de houtsoorten waaruit de etnografische voorwerpen zijn gemaakt en de variëteiten die nu commercieel worden geëxploiteerd. Dat komt omdat de moderne houthandelaars vooral geïnteresseerd zijn in grote bomen met duurzaam hardhout, die onmogelijk met traditioneel gereedschap konden worden geveld. Bovendien staan die bomen in moeilijk toegankelijke regenwouden, terwijl de meeste mensen in drogere savannelandschappen wonen en zich behelpen met de kleinere bomen die daar groeien.
Draagkracht
Door de bevolkingsaangroei en de industrialisering van de houtwinning hebben zowel de Afrikaanse boeren als de kapbedrijven er belang bij rekening te houden met de draagkracht van de bossen. “We moeten kijken waar de grens ligt tussen roofbouw en verantwoorde exploitatie. Vroeger hield niemand daar rekening mee en ten dele terecht, want er was toch genoeg”, zegt Beeckman.
Dat betekent niet dat de Congolese bossen integraal moeten worden omheind en tot natuurreservaat worden verklaard. “We mogen geen goedbedoelde vorm van natuurbehoud overplanten die in het Zuiden niet kan werken”, vindt Beeckman. “We mogen het concept dat we bijvoorbeeld gebruiken voor de bescherming van mensapen niet gebruiken om de bossen te beheren.”
Het komt er volgens Beeckman dus op aan een subtiel evenwicht te vinden tussen mens en natuur, tussen akkers en bossen. Concreet kan dat door de landbouw intensiever te maken en de bossen duurzaam te beheren. “Om het met een boutade te zeggen: ‘Cultuur begint met het kappen van de eerste boom en eindigt met het kappen van de laatste boom’.”
In die evenwichtsoefening speelt het Laboratorium voor Houtbiologie in Tervuren een belangrijke rol. De analyse van jaarringen en groeipatronen maakt het mogelijk te zeggen hoe snel een bepaalde houtsoort groeit en dat is cruciale informatie voor duurzaam bosbeheer. Daarnaast neemt het labo ook expertise-opdrachten aan, typisch van bouwheren die de aannemer ervan verdenken een goedkope houtsoort te hebben gebruikt of antiquairs die zich vragen stellen bij de authenticiteit van een kunstvoorwerp.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2859   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift