Allochtone senioren vinden weg niet naar rusthuizen

Allochtonen vinden de weg niet naar de Belgische rusthuizen en mantelzorg. Maar binnen enkele jaren heeft de generatie ‘gastarbeiders’ die België in de jaren vijftig en zestig naar hier haalde massaal behoefte aan zorg. Het centrum voor gelijkheid van kansen en racismebestrijding zocht vandaag (19 september) op een Brussels colloquium naar manieren om informatie en de kwaliteit van zorg voor allochtone maar evengoed autochtone bejaarden te verbeteren.
Opvang van allochtone bejaarden? Het is een onbekend onderwerp, en het deed dan ook lange tijd niet ter zake. Migranten werden destijds naar hier gehaald om te werken, en waren veelal mannelijk, en jong.

Maar intussen is ook de allochtonenbevolking aan het verouderen, net als de Belgische. Daarom organiseerde het centrum voor gelijkheid van kansen en racismebestrijding op vraag van Evelyne Huytebroeck en Pascal Smet, Brusselse Ministers bevoegd voor Bijstand aan Personen het colloquium “Waardig ouder te worden in Brussel. Er was een ruime opkomst van academici, rusthuisdirecteurs, allochtonen, maatschappelijk werkers, leden van verenigingen en senioren zelf.

Thuis niet vanzelfsprekend

Over heel België genomen het aantal zestigplussers van allochtone afkomst tegen 2010 verdubbeld zijn, zegt prof. Guido Cuyvers Katholieke Hogeschool Kempen. Momenteel is de behoefte aan opvang nog relatief beperkt, maar nu al is een kwart van de zestigplussers in Brussel oorspronkelijk van buitenlandse afkomst”, knikt Michel Loriaux, demograaf aan de universiteit van Louvain-La-Neuve. Sommigen hebben intussen de Belgische nationaliteit. 62 procent zijn mensen uit andere Europese landen, vooral Italië en Frankrijk, de rest komt uit andere continenten.

De kinderen van deze ouder wordende allochtonen “ondervinden dezelfde druk als iedereen hier in België en het is minder vanzelfsprekend dat ze hun ouders in huis nemen - zelfs als de cultuur dat verwacht”, zegt Cuyvers. Hij deed een onderzoek over het onderwerp, en voerde daarvoor een reeks gesprekken met allochtonen.

Probleem is dat allochtonen weinig weten over rusthuizen en andere opvangmogelijkheid, en het rusthuispersoneel weinig over hen, vervolgt Cuyvers. Er zijn ook financiële drempels - veel oudere allochtonen hebben een beperkt budget. Ze vrezen op de koop toe voor discriminatie in de rusthuizen. Dan volgens een reeks praktische problemen: het voedsel is niet bereid volgens de voorschriften van de islam, er is wel een kapel maar geen gebedsruimte.

Volgens Davy Verhard van Centrum voor gelijkheid van kansen en voor racismebestrijding hoeven oplossingen hiervoor helemaal niet duurder uit te vallen. In Genk is de bereiding van etenswaren al verscheidene jaren gecentraliseerd en stellen dit soort vragen geen probleem meer. Personeel krijgt er ook opleiding over andere culturen.

Een extra probleem is dat sommige bejaarden zich niet verstaanbaar kunnen maken. Destijds stimuleerde de overheid niet dat migranten de taal leerden, benadrukt Cuyvers. Fernando Marzo, de Genkse voorzitter van een vormingsorganisatie voor arbeiders van Italiaanse afkomst die al jaren rond het thema werkt, signaleert dat de rusthuizen in Limburg grote problemen ondervonden met bejaarden van bijvoorbeeld Poolse, Hongaarse, Slovaakse of Waalse afkomst die geen Nederlands kennen.

Marzo beveelt daarom aan dat de samenstelling van het personeel van een rusthuis een weerspiegeling is van de gemeenschap waar de bejaarden vandaan komen. Aparte rusthuizen per allochtonengroep ziet hij niet zitten.

Net als iedereen

Maar sommige verzuchtingen van allochtone bejaarden op het colloquium “Immigratie en ouder worden” klinken opvallend bekend in de oren. De senioren blijven het liefst thuis of dicht bij huis - het is belangrijk hen niet het gevoel te geven dat ze worden weggestopt omdat ze niet langer nuttig zijn, zeggen mensen vertrouwd met de problematiek met Italiaanse, Marokkaanse en Rwandese achtergrond.

“Rusthuizen schrikken ons af”, zegt Gaudance Nyrasafari, een sociologe van Rwandese afkomst die in 2000 asiel aanvroeg in België en nog steeds wacht op antwoord. Ze stelt dan ook voor meer aandacht te besteden aan thuiszorg. Maar ook minder gekende alternatieven worden geopperd, zoals een dagcentrum waar eenzame bejaarden die nog in staat zijn thuis te wonen overdag anderen kunnen ontmoeten, en intergenerationele centra waar ouderen samenwonen met jongeren.

Ook demograaf Michel Loriaux is gewonnen voor dat idee. Hij verwijst naar de kangoeroewoningen van Dar Al Amal in het Brusselse Molenbeek. Oudere mensen wonen er op een andere verdieping in hetzelfde huis als een familie allochtonen. “De eersten kunnen zo het vertrek naar een rusthuis uitstellen, voor de laatsten helpt het bij de integratie.”

Ook het centrum voor gelijkheid van kansen en voor racismebestrijding hoopt dat meer aandacht voor onthaal van buitenlandse bejaarden en bejaarden van vreemde oorsprong de zorg voor alle senioren zal verrijken.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2859   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift