Andamanen willen niet langer vakantiekolonie voor ambtenaren zijn

Het leek nochtans een goed idee. Om de bevolking van de Andamanen en Nicobaren, een archipel in de Golf van Bengalen, na de tsunami van 2004 aan een inkomen te helpen, begon India massaal ambtenaren op vakantie te sturen naar het tropische eilandenparadijs. De bewoners en ook lokale touroperators zien de Indiërs intussen liever gaan dan komen.
De Andamanen en Nicobaren zijn bedekt met ongerepte wouden en hebben enkele van de mooiste stranden en koraalriffen op aarde. De eilandbewoners houden zich traditioneel bezig met houtvesterij en landbouw. Hoewel de archipel dichter bij Thailand en Birma ligt, gaat het om Indiaas grondgebied en de Indiase overheid is er ook een belangrijke werkgever.
De tsunami van 2004 bracht de eilandeconomie een zware klap toe. Om de lokale bevolking te helpen begon de overheid met het programma “Vitamin Sea” om meer toeristen te lokken. De cijfers wijzen op een succes. In 2006 bezochten 100.000 toeristen de eilanden en hun aantal wordt dit jaar op 150.000 geschat.
Toch zijn het uitgerekend de mensen die hier hun voordeel bij moeten doen, de eilandbewoners en de lokale touroperators, die op 27 september, Werelddag van het toerisme, in de straten van de hoofdstad Port Blair lucht gaven aan hun ongenoegen. De meeste toeristen zijn Indiase ambtenaren die worden overgevlogen met tien door de overheid gesubsidieerde vluchten per dag. “LTC-toeristen” worden ze smalend genoemd, naar de “leave travel concession”, de vakantie de ze krijgen van vadertje staat.
Volgens de lokale Kamer van Koophandel spenderen de LTC-toeristen weinig geld, maar vormen ze wel een zware last op de watervoorziening en de infrastructuur en nemen ze de plaats in van de commercieel interessantere, buitenlandse toeristen. In de zomer van dit jaar kwam in sommige wijken van Port Blair maar één dag op vijf water uit de kraan. In het nabijgelegen Hotel Megapode werden de gasten vriendelijk verzocht ook hun duit in het zakje te doen Voor hen was er water van zes tot tien, ’s ochtends en ’s avonds.
“De informele toeristische sector kan iets bijverdienen dankzij de LTC-toeristen, maar de professionele privé-ondernemers in het toerisme zien hun inkomsten dalen”, zegt journalist Zubair Ahmed. Sanjay Ray, eigenaar van een hotel op Havelock Island, bevestigt: “De Indiase toeristen leveren ons niets op. 80 procent van onze inkomsten komen van buitenlandse toeristen.”
Niet iedereen vindt dat de overheid fout bezig is. “Ik ben verbaasd door die protesten op de Andamaneilanden”, zegt Nina Rao, een in New Delhi gevestigde experte. “Ik dacht dat iedereen het recht had om toerist te zijn, dat het een democratische verworvenheid was.”
De overheid schijnt begrepen te hebben dat het LTC-toerisme ongewenste neveneffecten heeft. Onlangs weigerde ze de 1,6 miljoen werknemers van de Indiase spoorwegen te laten deelnemen aan het LTC-programma. Tegelijk blijft er een sterke druk bestaan om de toeristische sector uit te bouwen. Als grote voorbeeld geldt het Thaise Phuket, dat slechts 500 kilometer verderop ligt en dat elk jaar een miljoen toeristen trekt.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift