Andesgemeenschap vergadert tot de finish overgemeenschappelijk buitentarief

De ministers van Buitenlandse Handel van Bolivia,
Colombia, Ecuador, Peru en Venezuela blijven formeel permanent in
vergadering tot ze een volledig akkoord hebben over een gemeenschappelijk
buitentarief. De presidenten van de vijf lidstaten van de Andesgemeenschap
hadden die maatregel al op 30 januari plechtig aangekondigd. Het nieuwe
stelsel, met heffingen van vijf, tien, vijftien en twintig procent, zou
vanaf 31 december 2003 in werking moeten treden.


Een gemeenschappelijk buitentarief is een belangrijke bouwsteen van een
douane-unie. Alle leden van een dergelijke statenbond leggen dezelfde
heffingen op aan exporteurs van buiten de unie. Vier van de vijf Andeslanden
passen al jarenlang een gemeenschappelijke stelsel toe met vier
buitentarieven: vijf, tien, vijftien en twintig procent. Maar Peru lag sinds
1992 dwars. De sterk op vrijhandel gerichte regering van Alberto Fujimori
(1990-2000) vond het systeem te protectionistisch. De huidige minister van
Economie in Peru, Pedro Pablo Kuczynski, leek na de machtswissel in Lima
evenmin gewonnen voor de aanpak van de overige Andeslanden - volgens hem
doet Peru er beter aan nauwere economische betrekkingen na te streven met
landen die verder ontwikkeld zijn dan met buurlanden die ongeveer hetzelfde
produceren als wij. Maar de nieuwe Peruaanse presidente Alejandro Toledo
kondigde op de top van de Andesgemeenschap van 30 januari dit jaar dan toch
aan dat Peru zich bij het gemeenschappelijk buitentarief aansluit.

De ministers van Buitenlandse Handel van de vijf landen zijn vrijdag in Lima
overeengekomen op 17 juni weer bijeen te komen in de Peruaanse hoofdstad,
maar intussen werken de onderhandelingsteams van de vijf landen wel
onafgebroken door. Het is ja of ja. Op 17 juni worden geen uitvluchten meer
aanvaard. De onderhandelaars moeten concrete resultaten kunnen voorleggen,
al moeten ze daar 25 uur per dag en ook het hele weekend voor vergaderen,
aldus een ambtenaar van de Andesgemeenschap.

Over de belangrijkste punten is al overeenstemming bereikt. De laagste twee
tarieven zullen toegepast worden op de import van industriële inputs en
investeringsgoederen, de hoogste twee op consumptiegoederen. Bolivia moet de
hoogste heffing niet toepassen, en Ecuador mag geleidelijk aan de tarieven
verlagen voor grondstoffen en andere inputs die niet in de gemeenschap
worden geproduceerd. Geen van de vijf landen mag voordeligere
handelsvoorwaarden toestaan aan derde landen dan aan de andere lidstaten van
de Andesgemeenschap.

Maar de onderhandelingsteams moeten het nog wel eens worden over
gedifferentieerde overgangsmaatregelen voor de zwakste economieën - Bolivia,
Ecuador en Peru - en over een lijst van sectoren die als ‘gevoelig’ gelden
in de verschillende lidstaten en waarvoor dus uitzonderingen kunnen gelden.

Als de ministers van Handel op 17 juni akkoord gaan met alle voorstellen die
hun onderhandelaars over de resterende moeilijke punten hebben uitgewerkt,
kunnen ze de overeenkomst de dag daarop al plechtig bezegelen - dan komen
ook de ministers van Buitenlandse Zaken van de vijf naar Lima. De
Andesgemeenschap heeft besloten vaart te zetten achter de zaak om een
sterkere onderhandelingspositie te verwerven tegenover het Zuid-Amerikaanse
handelsblok Mercosur - waarmee al lang over een vrijhandelsakkoord wordt
onderhandeld - en de overige landen van het continent die tegen eind 2005
allemaal samen deel zouden moeten uitmaken van de Vrijhandelszone van de
Amerika’s (FTAA).

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2643   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift