Arme landen uitgesloten van strijd tegen bioterrorisme

De ontwikkelingslanden voelen zich buitengesloten uit
een initiatief van de zeven grootste industrielanden en Mexico tegen de
dreiging van het bioterrorisme. De kritiek kwam naar boven tijdens de eerste
vergaderingen van de Wereldgezondheidsassemblee die deze week in Genève
bijeen is.


De Wereldgezondheidsassemblee is de hoogste vergadering van de
Wereldgezondheidsorganisatie (WGO). Die WGO is zelf niet blind voor het
gevaar dat uitgaat van biologische wapens - ze probeert haar lidstaten te
helpen voorzorgsmaatregelen te treffen tegen eventuele aanvallen met
dergelijke wapens, en onderhoudt daartoe onder meer contacten met de experts
van de Conventie over het Verbod op Biologische Wapens en de Actiegroep rond
Mondiale Gezondheidsveiligheid. Die actiegroep werd in november vorig jaar
opgericht door de VS, Canada, Duitsland, Frankrijk, Groot-Brittannië,
Italië, Japan en Mexico, als een spontane reactie op de met miltvuur
besmette brieven die in de VS begonnen te circuleren na de aanslagen van 11
september. De ontwikkelingslanden in de WGO zouden ook rechtstreeks willen
participeren in die groep.

Volgens G.L. Upunda, de vertegenwoordiger van Tanzania bij de WGO, houdt de
dreiging van het bioterrorisme niet op aan de grenzen van de rijke landen.
Hij vindt het dom om niet meteen met alle landen rond de tafel te gaan
zitten - door pakweg Afrika helemaal buiten het initiatief te houden, wordt
het gevaar groot dat bioterroristen ergens op dat continent hun wapens voor
de komende tijd gaan aanmaken.

In naam van de Groep van 77, een samenwerkingsverband van alle
ontwikkelingslanden binnen de Verenigde Naties, vroeg de Ghanese minister
van Gezondheid K. Afriye de geïndustrialiseerde landen in dit verband in elk
geval gerichte steun te verlenen aan de ontwikkelingswereld. De landen van
de Groep van 77 hebben oriëntatie en technische hulp nodig om zich te kunnen
wapenen tegen de nieuwe bedreigingen, aldus Afriye. Maar die eis viel in het
verleden steeds in dovemansoren bij de rijke landen. In juli vorig jaar
deden de Verenigde Staten nog een protocol sneuvelen dat de internationale
gemeenschap de bevoegdheid zou hebben gegeven overal ter wereld de naleving
van de Conventie over Biologische wapens te controleren.

De Gezondheidsminister van Mexico, Julio Frenck, heeft deze week wel al
beloofd dat de Actiegroep rond Mondiale Gezondheidsveiligheid haar expertise
zal delen met de overige leden van de WGO. Mexico is ook een
ontwikkelingsland, onderstreepte Frenck. Ook de Canadese minister van
Volksgezondheid Anne McLellan benadrukte dat de landen van de G7 en Mexico
internationale samenwerking in dit domein als erg belangrijk beschouwen.
Maar één van de eerste initiatieven van de actiegroep, de oprichting van een
elektronisch netwerk waarlangs informatie kan worden uitgewisseld over de
beste maatregelen tegen concrete terroristische bedreigingen met
biologische, chemische en nucleaire wapens, zal in eerste instantie enkel
toegankelijk zijn voor de leden van de groep.

De Wereldgezondheidsorganisatie wil zelf niet te veel investeren in
preventieve maatregelen tegen mogelijke aanslagen met biologische wapens. De
organisatie heeft de handen vol met de strijd tegen besmettelijke ziekten
die elk jaar miljoenen slachtoffers vergen. 45 procent van de sterfgevallen
in de ontwikkelingslanden is toe te schrijven aan zes wijdverbreide ziekten:
longontsteking, aids, diarree, tuberculose, malaria en mazelen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift