Bangladesh: Een dag vrij is een dag geen loon

Met 160 miljoen inwoners is Bangladesh een van de dichtst bevolkte landen ter wereld. Het is ook een van de goedkoopste landen op het vlak van lonen. Het goede nieuws is: de macht van de consument werkt. Kinderarbeid is zo goed als verdwenen in de kledingindustrie in Aziatische landen.

Goed 3,6 miljoen Bengalezen proberen de eindjes aan elkaar te knopen door te werken in een van de vijfduizend kledingfabrieken die Bangladesh telt. De lonen zijn echter zo laag dat mensen verplicht zijn overuren te maken en toch te werken op de weinige vrije dagen die voorzien zijn. Het officiële minimumloon – afgedwongen door acties van de National Garment Workers Federation – bedraagt 43 euro per maand.

40 euro per maand

Omdat al die kledingbedrijven voor de export produceren, trok radiomaker Sven Pichal naar Bangladesh. Hij sprak er op een avond met enkele textielarbeidsters, die eerder op de dag nog moesten verklaren hoe prettig werken het is in hun fabriek. Pichal: ‘Ze maken luxesjaals voor de Japanse markt, die door hun bedrijf verkocht worden voor 20 euro per stuk. Ze verdienen iets meer dan 40 euro per maand. Soms maakt dat hen boos, vooral omdat hun ervaring er niet toe doet. Ze verdienen geen taka meer door anciënniteit, geen taka meer als ze naar een meer gespecialiseerde afdeling van de fabriek worden overgeplaatst.’

Ook in de steenbakkerijen is er nog een lange weg af te leggen eer er sprake zou zijn van waardig werk. Katrien Vandeveegate, communicatieverantwoordelijke van OKRA, bezocht een steenbakkerij in de buurt van de hoofdstad Dhaka. De daglonen variëren er tussen 1 en 2 euro: ‘De hele dag draagt Laila stenen van de kar en zet ze op de grond om ze te laten drogen. Haar armen, schouders en rug doen pijn. Maar daar is niks aan te doen. Niet werken betekent geen inkomen. Ze mag een dag per week vrij nemen, “maar dat doe ik niet. Een dag vrij is een dag geen loon. Dat kunnen we ons niet veroorloven. We hebben maar de helft van het jaar werk, dus moeten we op onze tanden bijten en doorgaan.”’

Kinderarbeid bijna verdwenen

Voor de gemondialiseerde textielindustrie is internationale druk belangrijk, zegt Pichal: ‘De macht van de consument werkt. Kinderarbeid is zo goed als verdwenen in de kledingindustrie in Aziatische landen. Dat komt door de druk die consumenten hebben gelegd op de bedrijven.’ Maar ook in de steenbakkerijen lijkt kinderarbeid grotendeels verdwenen.

Omdat overheid en werkgevers onder andere de rechten op een fatsoenlijk inkomen en op gezondheidszorg onvoldoende respecteren, wordt in Bangladesh veel van dat werk opgenomen door niet-gouvernementele organisaties. Gonoshasthaya Kendra is zo’n organisatie, die met arbeiders werkt maar ook met dorpsbewoners. Met 2200 gezondheidswerksters komen ze tot in de kleinste dorpen van Bangladesh. Voor geneeskundige zorgen van GK betalen mensen een bijdrage afhankelijk van hun inkomen. Naast de opvolging van jonge moeders en baby’s doet GK ook aan ouderenzorg en runt ze een eigen fabriek waar generische geneesmiddelen worden gemaakt, die veel goedkoper zijn. Volgens de ngo Wereldsolidariteit sterven er 60 procent minder baby’s in de regio’s waar GK actief is.

Meer informatie over het recht op gezondheid en over waardig werk op www.wereldsolidariteit.be en op www.fos-socsol.be.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur