In Beeld: Halsoverkop

Vluchten is geen alibi, maar een beenharde realiteit voor miljoenen mensen. De Bosnische fotograaf Ziyah Gafić legt de betekenis van halsoverkop vluchten vast in de serie Short Notice. Pakistaanse mannen, vrouwen en gezinnen tonen wat ze meenamen toen ze van het ene moment op het andere hun huis moesten verlaten.

  • Ziyah Gafić ‘Ik heb mijn kinderen op de motorfiets gezet, samen met een kookplaat en deze theepot. Zo hebben we midden in de nacht ons huis in de Swatvallei verlaten. Al het andere hebben we achtergelaten, we hebben zelfs de deuren van ons huis niet dichtgedaan. Ik ben Ali ur-Rahman.’ Ziyah Gafić
  • Ziyah Gafić ‘Mijn kinderen zijn te klein om in het gevaar te leven, daarom ben ik mijn dorp in de Dir-regio ontvlucht. Mijn naam is Khan Bhadar en ik ben thuis vertrokken in mei 2009. De situatie is intussen verbeterd en daarom maak ik me klaar om terug te keren. Toen ik vertrok, nam ik deze koffer en deze gasfles mee, zodat we voor de kinderen kunnen koken.’ Ziyah Gafić
  • Ziyah Gafić ‘Mijn naam is Main Ameer Ullah en ik woonde in het district Mohmand. Ik ben in september gevlucht omdat we daartoe bevel kregen van het Pakistaanse leger. Een van mijn zoons werkt in Saoedi-Arabië, hij huurde een huisje in Iftaq Colony, bij Islamabad. Hier woon ik met achttien familieleden. Van al mijn bezittingen in het dorp kon ik alleen mijn kleren en deze oude radio meenemen.’ Ziyah Gafić
  • Ziyah Gafić ‘Mijn naam is Abdullah Khan, ik ben tachtig jaar oud en spreek niet meer zo makkelijk. Ik kom uit Mohmand en moest daar vertrekken in mei 2009. Mijn zoon Abdur Razaq, een sociaal werker in Islamabad, stuurde een auto om mij op te pikken. Ze hebben mijn bed boven op de wagen gezet en mij erin, onder de dekens. Het bed, de dekens en deze wandelstok is alles wat ik heb meegenomen.’ Ziyah Gafić
  • Ziyah Gafić ‘Mijn naam is Razur Rahman (links). Ik ben uit mijn dorp in de Swatvallei gevlucht toen het militair offensief begon, het werd te gevaarlijk. De taliban onthoofdden mensen van mijn dorp en het leger bombardeerde het dorp. Ik was te zwak om iets te dragen, maar mijn zoons Rashid (23), Khalid (21), Abdur Rauf (19), Rashidullah (12) en Yasir (6) namen wat speelgoed, een pot om thee te maken, een ventilator en deze naaimachine mee. We wonen nu in Swabi.’ Ziyah Gafić
  • Ziyah Gafić ‘Mijn naam is Rozena en ik denk dat ik zeven jaar oud ben. Mijn vader heet Mohibur Rehaman. We verlieten ons dorp in Mohmand (Noordwest-Pakistan) in februari 2009. Nu wonen we in het vluchtelingenkamp Jalozai. Thuis had ik veel speelgoed, maar deze Barbiepop is het enige dat ik mee kon nemen toen we zijn gevlucht.’ Ziyah Gafić
  • Ziyah Gafić ‘Ik ben Nadia, de dochter van Faizur Rahaman en zes jaar oud. We zijn in maart 2009 uit Mohmand vertrokken en wonen nu in Jalozai, een vluchtelingenkamp bij Nowshera. Ik kon geen speelgoed meenemen, maar ik heb in het kamp deze spullen zelf in elkaar geknutseld.’ Ziyah Gafić

Sinds enkele jaren is het Pakistaanse leger verwikkeld in een interne oorlog met de Pakistaanse taliban, de restanten van Al Qaeda en allerlei militante groeperingen die door de Pakistaanse staat gesteund werden toen ze in Indiaas Kasjmir of in Afghanistan tegen de Sovjetunie vochten. Die oorlog heeft al van miljoenen mensen voor korte of langere tijd interne vluchtelingen gemaakt, maar dat blijft onzichtbaar in de internationale media. Ziyah Gafić portretteert in deze serie de menselijke realiteit van de vlucht voor leger en militanten. De beelden dateren van oktober 2009 en tonen allemaal mensen uit de stammengebieden die langs de Afghaanse grens liggen. Maar het verhaal is van alle tijden en van veel te veel plaatsen.

De beelden van Ziyah Gafić maken deel uit van zijn bijdrage aan Newtopia, dat dit najaar in Mechelen tal van evenementen en tentoonstellingen organiseert over kunst en mensenrechten.

Newtopia. De staat van de mensenrechten is uitgegeven door Ludion. De catalogus bevat naast werken van alle deelnemende kunstenaars ook essays, een uitgebreid interview met Stéphane Hessel en teksten van Aung San Suu Kyi, Lu Xiabo en Anna Politkovskaja. 255 blzn. ISBN 978 94 6130 074 4

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift