België betaalt huurlingen in Irak

Door een recente NAVO-beslissing financiert ons land sinds kort mee de inzet van militairen in Irak. Dirk Van der Maelen, sp.a fractieleider in de Kamer, maakt zich zorgen over deze en andere beslissingen. Hij vreest dat België en de Europese Unie opnieuw meegezogen worden in het Amerikaanse buitenlandbeleid. ‘Europa kan en moet een ander geluid laten horen.’
Onlangs besliste de NAVO dat ze minstens tijdelijk privé-milities -huurlingen zeg maar- zal betalen in Irak. De huurlingen beschermen het militair opleidingscentrum dat momenteel in Ar-Rustamyah wordt gebouwd, tegen de aanvallen van de opstandelingen. ‘België was het enige land dat daartegen verzet aantekende, maar moest uiteindelijk inbinden. Wel heeft ons land bekomen dat de inzet van privé-soldaten beperkt blijft in de tijd, namelijk tot het opleidingscentrum afgewerkt is. De Verenigde Staten wilden immers dat de NAVO die bescherming ook zou betalen als het opleidingscentrum operationeel was’, weet Dirk Van der Maelen, fractieleider van de sp.a in de Kamer.
Blijft dus het feit dat België, via de gemeenschappelijke pot van de NAVO, voor het eerst mee betaalt aan het inzetten van militairen in Irak. Tot nu toe participeerde België wel aan de opbouw van een Iraaks leger, maar dan via opdrachten die niet op Iraaks grondgebied plaatsvonden. Door de nieuwe beslissing wordt de grens van onze betrokkenheid in Irak opnieuw een beetje opgeschoven.
De VS wilden op de NAVO-top van Istanbul, juni 2004, dat er voortaan voor wat betreft Irak ook gewerkt zou kunnen worden met zogenaamde common funding, het financieren van opdrachten in Irak uit een gemeenschappelijke NAVO-pot. Van der Maelen: ‘België en Duitsland hebben zich daartegen verzet. Wij willen dat het bij trust funding blijft, zodat alleen diegenen die echt mee doen aan een bepaalde opdracht daar ook voor betalen.’ Voor Van der Maelen past dit alles in de VS-strategie om Europa mee te laten betalen in Irak om zo zichzelf wat te ontlasten, en meer algemeen, om de Europese Unie mee te trekken op de Amerikaanse beleidslijn.
Dirk Van der Maelen: Dit past dus in een veel groter verhaal, waarin de Europese Unie een positie moet innemen. Hoe willen wij ons als Europese Unie opstellen in de wereld? Voegen we ons naar de Amerikaanse benadering, waarbij het rijke Westen onder leiding van de VS eenzijdig het leiderschap opeist, met eenzijdig interventierecht, als een soort politieagent van de wereld? Of gaan we voor echt globaal bestuur, met sterke internationale instellingen en respect voor het internationaal recht? Deze vragen stellen, heeft niets te maken met primitief anti-Amerikanisme. We staan voor de fundamentele keuze tussen twee beleidslijnen. Keren we terug naar ons klassieke huwelijk met de VS, met Europa als de vrouw die braaf haar Amerikaanse echtgenoot volgt? Of wordt het een LAT-relatie waarbij we dingen samen doen als we het met elkaar eens zijn, en anders niet? In zo’n klassiek huwelijk word je als vrouw mee verantwoordelijk geacht voor de daden van je partner. Dat moeten we vermijden. Europa moet tonen dat het voor een andere wereldorde staat dan de VS. Dit is een cruciale periode. In Europa en ook in België leeft immers bij velen het gevoel: we hebben eens goed ruzie gemaakt met de VS en nu moeten we weer goede vrienden zijn.
Het charme-offensief van Bush in Europa heeft er u duidelijk niet van overtuigd dat de VS nu een ander beleid zullen voeren?
Dirk Van der Maelen: De feiten vertellen een ander verhaal. Dat Bush iemand als John Bolton voorstelt als permanent vertegenwoordiger bij de Verenigde Naties, is hetzelfde als een zwerm sprinkhanen loslaten op een oogstrijp land. Bolton spreekt al jaren met grote minachting over de VN. De aanduiding van Paul Wolfowitz aan het hoofd van de Wereldbank bewijst evenzeer dat er niets is gewijzigd. Deze architect van de oorlog in Irak krijgt nu de sleutels in handen van de grootste publieke financiële instelling. De vrees is groot dat vooral landen die de VS niet voor het hoofd stoten op dat manna zullen kunnen rekenen. De benoeming van de oeroude havik Elliot Abrams, in de jaren tachtig nog een spilfiguur in het Iran-Contraschandaal, als coördinator van het nieuwe internationale democratiseringsprogramma van de VS is ook al een slecht voorteken. Zowel onder Reagan als onder Bush junior fungeerde hij als verantwoordelijke voor de Midden Oostenpolitiek van de VS. Steeds opnieuw weigerde hij het gedrag van de Israëli in de bezette gebieden af te keuren.
Europa maakte alvast weinig bezwaar tegen die benoemingen?
Dirk Van der Maelen: Hier spelen allerlei andere motieven een rol. De Fransen deden niet te moeilijk over Wolfowitz omdat ze Pascal Lamy als baas van de Wereldhandelsorganisatie wilden. Duitsland was ook flexibel omdat het aast op een permanente zetel in de Veiligheidsraad. De Amerikaanse tactiek is om in te spelen op de stille ambities van de verschillende staten en zo iedereen mee te krijgen in de slipstream van de VS.

Misschien veranderen die mensen wel nu ze een andere opdracht hebben.
Dirk Van der Maelen: O, maar het gaat niet enkel om personen. De beleidsdocumenten spreken voor zich. De update van de Nationale Defensiestrategie, verschenen in maart 2005, maakt zelfs geen gewag van de Veiligheidsraad als bemiddelaar in conflicten. Integendeel, de nota noemt het een van de zwakke plekken van de VS dat ‘onze sterkte als natiestaat uitgedaagd zal blijven worden door diegenen die de strategie van de zwakken hanteren door het gebruiken van internationale fora, juridische processen en terrorisme.’ Voorts wordt droogweg en letterlijk gesteld dat de toekomststrategie ook preventieve acties bevat. Neen, er is niks veranderd. Dit Amerika staat voor andere dingen dan Europa.
Hoe moet Europa dat duidelijk maken aan de wereld?
Dirk Van der Maelen: We moeten mensen overtuigen met onze zachte macht, met de aantrekkingskracht van ons model. We combineren sociale bescherming met veel vrijheid, en dat is uniek. We moeten duidelijk maken dat we als rijke landen niet enkel ons eigenbelang beschermen maar denken aan de belangen van anderen. We besteden driemaal zoveel aan ontwikkelingshulp als de Amerikanen. We dragen veel bij tot missies van vredeshandhaving en heropbouw. In Macedonië hebben we met succes een burgeroorlog voorkomen. Als het gaat om democratisering, geloven we in de weg van de geleidelijkheid. In Irak blijkt toch duidelijk het failliet van de Amerikaanse aanpak: die heeft 400 miljard dollar gekost, tienduizenden mensenlevens en wat is er gerealiseerd?
Biedt België weerstand tegen de Amerikaanse druk?
Van der Maelen: Ik ben bang dat de Belgische diplomatie terug in de oude plooi valt. Ik stel vast dat minister van buitenlandse zaken Karel De Gucht meer naar de VS gaat dan zijn voorganger Louis Michel. In Congo zit het heel slecht en in die omstandigheden is een beetje steun uit de VS meegenomen. Maar als je iets vraagt, moet je gewoonlijk iets teruggeven. Je hoort in België ook zeggen: we moeten nu zeker geen ruzie maken met de VS op het moment dat we voorzitter worden van de Organisatie voor Vrede en Samenwerking in Europa, en nu we in 2007 lid willen worden van de Veiligheidsraad. Bon, dat is allemaal wel begrijpelijk, maar voor dergelijke korte-termijnoverwegingen mag je de fundamentele keuze op de lange termijn niet hypothekeren. Gaan we naar een VS-EU-span dat de wereld wil domineren, of naar een wereldorde gebaseerd op recht en sterke instellingen? Dat is de cruciale keuze waar we voor staan.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur