België steeds moeilijker binnen te geraken

België schroeft de maatregelen om visumfraude en illegale migratie aan te pakken steeds vaster aan. Dat heeft ook gevolgen voor niet-Europeanen die voor korte tijd naar ons land willen komen, in het kader van een toeristische, culturele of beroepsmatige uitwisseling. Zowel de uitnodigende Belgische organisator als de bezoekers zelf moeten tegenwoordig over een hoge bureaucratische muur voor België zijn fiat geeft.
Pax Christi botste op ellenlange wachttijden toen het in het kader van de Vlaamse Vredesweek een Burundese gast liet overkomen. Reden, volgens Bart Horemans die tot voor kort bij Pax Christie werkte: de genodigde kreeg geen visum omdat volgens de ambassade “het dossier onvolledig was”. Er was een tussenkomst van Buitenlandse Zaken nodig opdat de Burundees toch tijdig zijn visum kreeg. KBA-Foncaba, een Belgische ngo die vorming van Congolese kaderleden organiseert, probeert al maanden zes Congolezen –schooldirecteurs en onderwijsinspecteurs– te laten overkomen in het kader van een werkstage.
‘Normaal moesten die mensen hier al geweest zijn, van oktober tot december’, vertelt directeur Bernadette Zubatse. ‘Bij de eerste visumaanvraag kregen vijf mensen te horen dat hun dossier niet compleet was, bij de tweede aanvraag werd de toekenning geweigerd “omdat het hier een niet gesubsidieerde organisatie betreft”. Voor alle duidelijkheid: wij bestaan dankzij de Belgische overheid. Er zit gewoon geen lijn in. Die mensen hebben tweemaal 60 euro moeten betalen voor hun visumaanvraag. Ik hoop dat er geen derde keer komt.’ Het gaat niet om een systematisch probleem, zegt Zubatse, maar ze schrikt van de niet consistente aanpak.
Ook Pierre Brunain, verantwoordelijke interne zaken voor de Afrikacel bij 11.11.11 hekelt de willekeur waarmee visumaanvragen uit Centraal-Afrika worden behandeld. ‘Als je geluk hebt, heb je een goede kanselier en gaat het snel. Of als je naam groot genoeg is in de lokale société civil, gaat het ook vlotter. Van dit soort ad hoc aanpak mag een visumprocedure niet afhangen.’

Filters tegen clandestienen


Bij ngo’s die geregeld mensen uit Centraal-Afrika uitnodigen, is het visumprobleem bekend. “Om de relaties met de Belgische ambassades niet in het gedrang te brengen” klagen sommige organisaties echter liever niet luidop. ‘Ik zie niet in waarom je dit zou moeten doodzwijgen, zegt Johan Cottenie, diensthoofd van de zuiddienst van 11.11.11. ‘De voorbije edities van de Belgische Diplodagen pleitte de minister van Binnenlandse Zaken er telkens voor visumaanvragers uit het Zuiden niet te snel op hun wenken te bedienen. Ik begrijp dat visumfraude moet worden aangepakt en het klopt dat sommige mensen uit het zuiden bijzonder creatief zijn en zich via bepaalde poortjes permanent hier vestigen. Maar het gevolg van die oproep is wel dat wij en onze gasten geconfronteerd worden met enorm bureaucratische visumprocedures.’
 In 2004 bezorgden zestien Congolese officieren minister Flahaut nog rode kaken. De zestien, die op uitnodiging van België een legeropleiding volgden, maakten dankbaar gebruik van de trip om definitief in de Belgische bossen te verdwijnen. Een half jaar geleden nog verdwenen twee Gambianen spoorloos toen ze door de stad Oostende waren uitgenodigd in het kader van stedenbanden. Om dit soort illegale migratie-acties te vermijden, bouwde de overheid een aantal filters in. Met de verbintenis tot tenlasteneming, moet de uitnodigende partij zich garant stellen voor het verblijf, de terugkeer en de eventuele medische kosten van de genodigde. Daarvoor moet de tenlastenemer identiteitsgegevens, loonfiches, gezinssamenstelling, bekrachtigd door de gemeente, voorleggen. De genodigden zelf moeten bij een visumaanvraag –die hen 60 euro kost, plus minimum 30 euro voor de verplichte reisverzekering– een officiële uitnodiging met motivatie, identiteitsbewijzen, een reservatiebewijs van het retourticket neerleggen.
De aanvraagprocedure van een visum kan soms lang duren. Voor een visum van kort verblijf moet je rekenen op drie tot vier weken voor vertrek, zegt Buitenlandse Zaken. ‘Bij conferenties merken we vaak dat de aanvragen gewoon te laat zijn, of dat er geen bewijs van financiële draagkracht wordt voorgelegd’, zegt Rudy Huygelen, woordvoerder bij Buitenlandse Zaken. ‘Het kan ook zijn dat het dossier onvolledig is of niet aan alle voorwaarden beantwoordt.’
Wanneer ambassades twijfelen aan de betrouwbaarheid van het dossier of de aanvrager, of wanneer de aanvraag komt uit landen die op de “Schengenrisicolijst” staan, stuurt de ambassade de visumaanvraag door naar de Belgische Dienst Vreemdelingenzaken. In dat geval neemt DVZ de eindbeslissing. Mensen uit de zogenaamde risicolanden, de landen die aan de top staan van illegale migratie, komen door die extra tussenkomst steeds moeilijker aan een visum voor een kort verblijf, bevestigt een interne bron bij Buitenlandse Zaken. Zeker Burundi, Rwanda en Congo krijgen extra controles.
‘Binnen de Schengenruimte zijn er nu eenmaal spelregels’, zegt Geert De Boeck van Binnenlandse Zaken. ‘Reizigers krijgen in de meeste gevallen een Schengenvisum, waarmee ze zich drie maanden vrij kunnen bewegen in de vijftien landen. Wanneer andere Schengenlanden mensen uit Centraal-Afrika uitnodigen, gaat dat eerst via België, omdat wij in dat geval de topbestemming voor illegale migranten zijn.’ De visumcontrole in deze landen houdt België nauwgezet in het oog. In Congo moeten visumaanvragers voor België sinds vorig jaar hun vingerafdruk zetten. Dit pilootproject –dat ook in Mali en de VS loopt- zal dit jaar ook navolging krijgen in Burundi en Rwanda.

Wantrouwen is te groot


‘Zelfs vogels worden in Europa als een potentiële dreiging gezien’, merkte de Algerijnse ambassadeur Halim Benattallah cynisch op tijdens een recent colloquium van het Europees onderzoekscentrum Medea. Op dit colloquium kwamen buitenlandse diplomaten van de Maghreblanden en Belgische en Europese spelers samen om te debatteren over visaprocedures. Ook mensen uit de Maghreblanden geraken steeds moeilijker aan een visum voor korte duur. ‘De dialoog over personenverkeer tussen Europa en onze landen is erg gesloten en politiek geladen. Onze landgenoten die willen reizen, worden gelijkgeschakeld met migranten en clandestienen.’
De Marokkaanse diplomaat Omar Amghar lijstte de problemen op: lange wachttijden, vertragingen, gebrek aan coherentie tussen de verschillende landen, ontoereikende argumentaties om visa te weigeren… Hij voegde eraan toe dat sommige van zijn landgenoten voor hun visumaanvraag ver moeten reizen naar de hoofdstad, om dan te horen dat het visum niet wordt toegekend. ‘De realiteit is dat we dagelijks geconfronteerd worden met clandestiene migratie. Dat, samen met de strijd tegen terrorisme, maakt dat we de controles nu eenmaal moeten verstrengen’, luidde het antwoord van Fernand Simon, raadgever-generaal bij de Dienst Vreemdelingenzaken. Dit mag niet het enige antwoord zijn, brieste professor aan de ULB, Philippe De Bruycker. ‘Het gaat hier in de eerste plaats om een bureaucratisch probleem. Als we merken dat onze visaprocedures niet werken, moeten we oplossingen bedenken om ze te versoepelen. We moeten de discussie objectiveren en politiek ontladen. Een visum is geen migratie-instrument, maar een middel om te reizen.’
Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur