Big business met Nazi-Duitsland

In het boek “Big Business met Nazi-Duitsland” licht Jacques Pauwels de sluier op die hangt over de bijzonder onsmakelijke houding van een aantal kapitalistische ondernemingen tijdens de Tweede Wereldoorlog.  De auteur, doctor in geschiedenis en politieke wetenschappen, publiceerde eerder al over deze periode.

Met “Big business met Nazi-Duitsland” plaatst Pauwels de focus op de duale houding van de grote ondernemingen uit die tijd. De meeste gewiekste aten van twee walletjes, en leverden zowel de Duitse als de geallieerde oorlogsmachine de nodige grondstoffen en materiaal. Anderen genoten met volle teugen van de gevolgen van het bewind van de Nazi’s: de NSDAP droeg “Arbeiter” wel in de naam, maar niet in het hart.

Maar laten we beginnen bij het begin: de opkomst van Hitler wordt door de auteur bekeken en geanalyseerd, zoekend naar een kapitalistische invloed. Hoe is Hitler, per slot van rekening een amateurschildertje uit Oostenrijk met gefnuikte architectenambities, ooit zover kunnen geraken? Voor Pauwels is de vraag stellen ze beantwoorden: met steun van het grootkapitaal, meer bepaald het Duitse traditionele grootkapitaal. Duitse invloedrijke landadel en industriële giganten als IG Farben, Thyssen en de financiële wereld waren maar al te blij met Hitlers daadkrachtige optreden tegen de vakbonden en linkse partijen. Dat Hitler ook in de eigen rangen af en toe snoeide, namen ze er bij. De industrie floreerde door de herbewapening, door grote door het Reich gesponsorde werken zoals de Autobahnen en door  het complete wegvallen van de vakbonden (na hun ontbinding vervangen door een Nazi-mantelorganisatie). Ook in het buitenland kon Hitler rekenen op rijke sympathisanten en steun. “Rosenfeld” (Roosevelt) was niet ieders President!

De kapitalistische steun verslapte niet toen Duitsland meer en meer de oorlogstrom begon te roeren. Sterker nog, in de periode dat Hitler zijn grootste successen boekte, bleef de steun vanuit de Duitse grootindustrie toestromen. Extra bedrijfssites werden opgestart en in bezette gebieden werden deze verplicht om mee te draaien in de oorlogseconomie.  Bij het keren van het oorlogstij, op het moment dat de Russen op zo’n 30 kilometer van Moskou de Wehrmacht terugdrijven, zien de grootindustriëlen geen graten in het leveren van materiaal aan de Geallieerden. Ze beweren dat de contacten met de bedrijfseenheden in Duitsland verbroken zijn… ‘Winst über alles’.

Na de oorlog wisten de betrokken grootindustriëlen uit de handen van het gerecht te blijven. Omwille van de noodzakelijke heropstart van de Duitse economie werd één en ander met de mantel der liefde bedekt. De ondernemers klaagden niet: de heropbouw was een nieuwe vetpot om in te graaien.

Pauwels bespreekt in dit boek een zeer specifiek aspect van de Nazi-periode: de relatie met het grootkapitaal. Dat Hitler werd gesponsord is geen geheim, maar dat zoveel (bekende) kapitalisten en bedrijven hem steunden, doet toch de wenkbrauwen fronsen. Harteloos werd er geprofiteerd van de gewone burgers, zowel door het belastinggeld te innen als betaling voor oorlogsmaterieel, als door diezelfde burgers af te jakkeren in de fabrieken.

Het boek is zeer vlot geschreven, en erg to the point. De auteur deinst er niet voor terug een kat een kat te noemen. Dat het geheel wordt ondersteund door een voetnotenapparaat met verwijzingen naar boeken van andere schrijvers, geeft een aardig duwtje in de rug.

Wat me enigszins sceptisch stemt, is het gescherm met absolute bedragen. Waren de winsten werkelijk zo groot, de steun werkelijk zo gigantisch als de auteur ons wil doen geloven? Muntontwaarding, qué? Verder is dit natuurlijk een zeer specifiek onderwerp binnen een zeer specifieke periode: één en ander lijkt soms wat uit de context gerukt. Zo kan Pauwels me er niet van overtuigen dat Hitler enkel en alleen door het kapitalisme aan de macht is geraakt. De NSDAP haalde wel veel stemmen, net zoals andere extreem-rechtse partijen in Europa. Ook het kritiekloos ophemelen van de communisten doet me soms naar adem happen: het grootste strafkamp tijdens de oorlog was de Russische Goelag, en Stalin kon het tij keren doordat hij meer Russen had dan de Duitsers kogels.

Wat allemaal niet wegneemt dat Pauwels spijkers met koppen slaat: het is godgeklaagd dat de Duitse (en internationale) industriëlen eigenlijk vrij handel konden drijven tijdens de oorlog zonder nadien de rekening gepresenteerd te krijgen. Bloedgeld! Shame on you!

Big businnes met Nazi-Duitsland van Jacques R. Pauwels is uitgegeven door Epo. Isbn: 978-90-6445-129-4, 237 pagina’s.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2940   proMO*’s steunen ons vandaag al. We hopen 2021 te kunnen starten met 3000 proMO*‘s, word jij er één van?

Word proMO* of Doe een gift