Biobrandstoffen: ‘EU moet afstappen van goud der dwazen’

In Guatemala worden verschillende boerengemeenschappen opgeschrikt door agressieve landonteigeningen. De grond wordt door bedrijven op grote schaal opgekocht om voor Europa bestemde biobrandstoffen te produceren. De Europese zoektocht naar biobrandstoffen leidt in vele ontwikkelingslanden tot desastreuze gevolgen.

Met steun van veiligheidstroepen van de regering werden kleinschalige boeren van verschillende lokale gemeenschappen in maart 2011 verdreven van het land dat zij al generaties lang verbouwden. Op vijf dagen tijd werden inwoners uit 11 dorpen in de Polochic vallei in het zuiden van Guatemala hun huizen uitgezet.

Vandaag leven deze achthonderd gezinnen nog steeds op straat zonder onderdak noch voedsel, zegt mensenrechtenactiviste Maria Josefa Macz van de Guatemala Campesino Unity Committee (CUC) in The Guardian. De mannen trokken naar de bergen op zoek naar werk, de vrouwen bleven achter.

Opmars van de biobrandstoffen

De drijvende kracht hierachter zijn de biobrandstofbedrijven. Zij kopen grote lappen grond op in de weelderige vallei en bouwen die om tot enorme monoculturen die de biodiversiteit van de regio ten onder doen gaan. Honderden hectares van de Polochic vallei werden zo in enkele maanden tijd beplant met suikerriet die men verwerkt tot ethanol, bedoeld voor Europese wagens. Maar niet enkel het milieu lijdt dus onder de opmars van biobrandstoffen.

Samen met hun land, zien de landbouwers hun voedselzekerheid verdwijnen, zegt Stéphane Parmentier, onderzoeker bij Oxfam Solidariteit. De landbouwgrond die zij kwijt raken, voorzag namelijk in hun levensonderhoud. De in de plaats gekomen monoculturen, daarentegen, verstrekken weinig tot geen ruimte voor het verbouwen van voedselgewassen voor de arbeiders op het veld.

Guatemala kent een lange geschiedenis van grondconflicten maar nu het land één van ’s werelds grootste centra voor het kweken van biobrandstofgewassen is, ziet de bevolking dit aantal alleen maar stijgen. Bovendien staat Guatemala ook voor heel wat mijnbouwbedrijven bovenaan het verlanglijstje, zegt Catapa, een NGO die boerengemeenschappen ondersteunt in hun strijd tegen de mijnbouwmultinationals.

‘Een rapport dat de realiteit nauwgezet in kaart brengt, kan de deur eindelijk op een kier zetten naar het verlaten van deze politiek’

Deze problematiek speelt zich niet enkel in Guatemala af. Bovendien treft het voornamelijk de armste laag van de bevolking in de ontwikkelingslanden. De opkomst van de biobrandstoffen is onder andere het gevolg van een enorme vraag vanuit de Europese landen. Volgens de 20-20-20 doelstellingen, het klimaat- en energiepakket van de Europese Unie (EU), dienen zij tegen 2020 een tiende van hun transportenergie door hernieuwbare energie te vervangen.

Goud der dwazen

Geen goed idee, zo luidt het vanuit verscheidene hoeken. De hernieuwbare energie blijkt in de praktijk namelijk voor 90 procent uit biobrandstoffen afkomstig van voedselgewassen te bestaan. Dit betekent catastrofale gevolgen op het terrein, legt Stéphane Parmentier uit.

Ook Laura Sullivan, hoofd van de Europese Belangenbehartiging binnen ActionAid, gelooft niet in het succesverhaal van biobrandstoffen zoals voorgesteld door de EU. Ze zegt hieromtrent het volgende: ‘In plaats van geld te pompen in dit goud der dwazen, moet de EU haar doelstellingen en subsidies laten vallen. Ze moet daarentegen investeren in werkelijk duurzame alternatieven die de lokale boeren steunen in het produceren van voedsel, niet brandstof.’

Het Europese milieuagentschap (EEA), een instelling die het beleid van de EU toetst aan de duurzaamheid ervan, tikte de EU reeds meerdere malen op de vingers. Omwille van de negatieve impact van een te grote vraag naar biobrandstof, raden zij aan van de tien procent regel af te stappen.

Deur op een kier?

Ondanks de vele bewijzen, is de hoop op verbetering klein, zegt Parmentier. Er heerst een totaal gebrek aan transparantie in de biobrandstofsector wat tot veel tegenstrijdige onderzoeksresultaten leidt. De Europese Commissie hield bijgevolg nooit rekening met de aantijgingen.

Maar het is met spanning uitkijken naar eind 2012 wanneer het EU rapport wordt uitgegeven dat de impact van biobrandstoffen op de voedselprijzen en eigendomsrechten in de ontwikkelingslanden onderzocht. ‘Een rapport dat de realiteit nauwgezet in kaart brengt, kan de deur eindelijk op een kier zetten naar het verlaten van deze politiek’, concludeert Stéphane Parmentier voorzichtig.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift