Buitenlandse ontwerpers komen, binnenlandse zwermen uit

Vietnam trekt meer en meer buitenlandse modeontwerpers aan, maar de Vietnamese sterren van de haute couture zoeken hun geluk in het buitenland. Volgens de Vietnamese designers staat de plaatselijke modemarkt nog in de kinderschoenen, maar dat is maar de helft van het verhaal.


De recente evolutie in de Vietnamese modebusiness is een illustratie van wat de economische liberalisering en meer openheid ten opzichte van de rest van de wereld in dit land hebben veroorzaakt. De Vietnamese mode-industrie is zowat tien jaar oud. Een aantal ontwerpers viel in dat korte tijdsbestek in de prijzen bij regionale en internationale modewedstrijden. Maar deze ontwerpers krijgen het moeilijk en het is knokken om een deel van de eigen markt. De Vietnamese verbruiker, meer bepaald de jeugd, voelt zich aangetrokken door Westerse merken, stijlen en logo’s.

Nguyen Trai is een van de bekendste en luxueuste winkelstraten in Ho Chi Minh-stad (het vroegere Saigon) De Vietnamese consument heeft nog maar weinig belangstelling voor de producten van onze eigen ontwerpers, zegt Le Nguyen Nhu Ngoc. De kleren made in Vietnam, die de winkeljuffrouw haar toont, kunnen haar maar weinig bekoren. Met driehonderd dollar kan ik veel mooiere dingen kopen van Gucci of Coco Banana.

De merken die Nhu Ngoc wil hebben, zijn in feite smokkelwaar. Ze worden aangevoerd vanuit Hongkong, Sjanghai en Bangkok. En dat is de voornaamste reden waarom jonge vrouwen als Nhu Ngoc zich zulke peperdure merken kunnen veroorloven. Van de echte haute couture made in Vietnam van de Japanner Takayuki, de Amerikaanse White of de Française McKenzie kan een jonge Vietnamese alleen maar dromen.

Takayuki Sawamura kwam acht jaar geleden naar Ho Chi Minh-stad. Hij had niet echt plannen om zich definitief in Vietnam te vestigen. Maar inmiddels kwam hij er achter dat dit land een ideale plek is om zijn ontwerpen tot leven te brengen. Heel wat van mijn creaties zijn gebaseerd op ingewikkeld borduurwerk, dat alleen maar met de hand kan worden vervaardigd. In Japan zou dit onbetaalbaar zijn. In zijn modeboetiek in Nam Ky Khoi Nghia, een chique wijk in Ho Chi Minh-stad, biedt Takayuki twee haute couture-merken aan: Opla en Thaca. Zijn ontwerpen vallen vooral in de smaak bij buitenlanders die in Vietnam werken en bij Vietnamese winkelgasten die er warmpjes inzitten. Takayuki’s modehuis levert immers luxeproducten af. Maar hij heeft ook plannen om de Vietnamese vrouwen van betaalbare kwaliteitskleding te voorzien.

De Amerikaanse Kimberley White zegt dat ze haar bedrijf, Jadora, niet alleen omwille van de lage lonen in Ho Chi Minh-stad heeft gevestigd. Volgens haar is het leven in Vietnam een rijke inspiratiebron. Ik word voortdurend verrast door de unieke creaties van de plaatselijke ambachtslui, zegt ze. Ik hou ervan om een hedendaagse draai te geven aan mijn werk.

Net zoals White brengt de Franse ontwerpster Valérie Gregori McKenzie in haar adembenemende creaties oud en nieuw bij elkaar, Oosters en Westers. Negen jaar geleden opende zij haar eerste modeboetiek in Hanoi. En onlangs kwamen er ook vestigingen in Ho Chi Minh-stad.

De plaatselijke topontwerpster, Minh Hanh, beschikt over solide financiële middelen en veel ervaring bij het zaken doen op de geglobaliseerde markt. Zij denkt dat de buitenlandse designers hun Vietnamese concurrenten wel eens de loef kunnen afsteken. Maar op zich hoeft dat geen negatieve ontwikkeling te zijn, vindt ze. Hoe meer internationale couturiers naar Vietnam komen, hoe meer nieuwe invloeden en inspiratie voor onze eigen ontwerpers. Zij zullen moeten leren concurreren.

Minh Hanh staat aan het hoofd van het ‘Fashion Design Institute’ (FADIN). De nieuwe wind die door de Vietnamese modewereld blaast, heeft één van haar studenten, Pham Huyen Trang, geen windeieren gelegd. In Trangs boetiek ‘Co Tam’ hangt een honderdtal artikelen met prijskaartjes van tien tot vijfhonderd euro. Er is een sterke concurrentie onder de jonge ontwerpers, zegt Trang. Wij willen de harten van de overzeese modeliefhebbers stelen. Maar inmiddels hebben we het gat in de eigen markt gevonden.

Minh Hanh en haar studenten hebben bijzonder hard gewerkt om de Vietnamese mode op de wereldkaart te plaatsen. Ze willen dat Vietnam een modenaam wordt, zoals Parijs, Tokio, New York of Wenen. Zij heeft haar collecties al kunnen tonen in Frankrijk, Japan en België. En ze heeft telkens zeer goed verkocht. Vorig jaar begon Minh Hanh haar creaties uit voeren onder het label MH. Ze werkte nauw samen met de Reper Troirs Showroom in Los Angeles, waar ze een niet onbelangrijke afzet vond voor haar collectie.

Ook Le Minh Khoa, een jonge ontwerper uit Ho Chi Minh-stad, vond de weg naar de export. Hij verkocht 80 stukken uit zijn collectie bruidsjaponnen aan een zakenman in de Verenigde Staten. Ik denk dat ik begrepen heb wat buitenlandse klanten zo aantrekkelijk vinden aan Aziatische ontwerpen, zegt hij. Hij is eigenaar van twee modeboetieks in het centrum van Ho Chi Minh-stad. Voor mij wordt het stilaan belangrijk een overzeese agent te vinden, die mijn zaak mee kan ontwikkelen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3068   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift