Bulgaren vrezen voor zigeunerland

Om allerlei redenen verandert in Bulgarije de bevolkingsbalans tussen Roma en Bulgaren. Dat schept spanningen maar maakt tegelijk van de integratie van Roma een economische noodzaak.

Het Bulgaarse Centrum voor Demografiebeleid slingerde eind 2010 een onrustbarend bericht de wereld in. Momenteel telt Bulgarije 7,2 miljoen inwoners, waarvan meer dan 86 procent etnische Bulgaren, 9 procent Turken en 5 procent Roma. Maar dat zal drastisch veranderen, aldus de wetenschappers van het Centrum: tegen 2030 is Bulgarije “gedebulgariseerd” en wonen er nog slechts 800.000 Bulgaren, tegenover 1,2 miljoen Turken en 3,5 miljoen Roma. De voornaamste reden hiervoor zou zijn dat Bulgaren te weinig kinderen baren. En Turken en Roma te veel.

Het bericht zet de al niet florissante verhouding tussen de Bulgaarse meerderheid en de minderheden op scherp. Nogal wat Bulgaren zijn bang overheerst te worden door de “Turken”. Ze verwijzen daarbij naar de vijfhonderd jaar Ottomaanse overheersing –tot 1878. Maar vooral de Roma zijn gehaat. Op internetfora als patriotbg.com vragen Bulgaren zich af waarom ‘wij etnische Bulgaren ons moeten opofferen voor dat werkloos, stelend tuig.’ Op muren van huizen van Roma staan kreten als ‘Zigeuners dood’ geklad. ‘Straks leven we in zigeunerland’, blèren nationalistische partijen als Ataka (Aanval). Geregeld zijn er opstootjes. Dan gaan groepen Roma en etnische Bulgaren, meestal rechts-extremistische jongeren, elkaar te lijf. Daarbij vallen gewonden, soms zelfs doden.

Volkstelling

Na ieder etnodemografisch doemscenario –er zijn er al verschillende gepubliceerd– leggen Roma-kenners weer maar eens uit dat de prognoses niet kunnen kloppen. Ook nu weer reageerde Antonina Zjeljazkova, directeur van het IMIR, het Internationale centrum voor Minderhedenstudies en Interculturele Relaties in Sofia. Ze zei dat de uitspraken ‘absurd’ zijn. ‘Dit onderzoek is een politieke opdracht van nationalistische bewegingen die dreigen aanhang te verliezen’, vertelde ze de Bulgaarse pers. Ze wijst erop dat het Centrum gelieerd is aan de IMRO, een politieke beweging die ‘Bulgarije voor de Bulgaren’ claimt. In haar kantoor in hartje Sofia voegt ze daaraan toe: ‘Bij veel Roma daalt het aantal kinderen juist. En ook Roma emigreren steeds vaker naar het buitenland.’

Niemand weet hoeveel zigeuners er echt in Bulgarije leven. Bij de laatste volkstelling van 2001 beschreven 370.000 zigeuners zich als zodanig. Maar gezien de discriminatie gaven minstens zoveel zich uit voor Bulgaren of zelfs Turken. ‘Beter dat dan Roma’, schampert Zjeljazkova. De onderzoekster schat het echte aantal daarom op zo’n 750.000. ‘Maar dan nog is het idee van 3,5 miljoen Roma in 2050 te gek voor woorden.’

Toch is er wel wat aan de hand. Sinds de val van het communisme verlieten vooral hoger opgeleide Bulgaren massaal hun vaderland. 1,3 miljoen Bulgaren leven momenteel buiten de grenzen, vooral in Spanje, Griekenland, Italië en Duitsland. En dat aantal groeit nog steeds. De Bulgaarse moeders die bleven hielden het in het nieuwe Bulgarije, met zijn rauwe kapitalisme en afbrokkelende sociale zekerheden, bij één kind. De Bulgaarse populatie slinkt daarom razendsnel.

‘Een gevaarlijke trend’, meent Reiner Klingholz, directeur van het Berlijn-Instituut voor Bevolking en Ontwikkeling, dat in 2008 een uitgebreid rapport publiceerde over de Europese demografische toekomst. Bulgarije is het armste land van de Europese Unie. En alhoewel de economische groei van zes procent per jaar relatief hoog is, profiteert daar slechts een kleine groep van. Officieel lopen er niet meer werklozen rond dan in België maar de economische crisis grijpt fel om zich heen. Vooral het leger bejaarden leeft slecht. Wie geluk heeft, wordt door familie –in het buitenland– onderhouden. Pechvogels moeten het doen met 120 leva (60 euro) per maand. Dat is het minimumloon; het gemiddelde loon in Bulgarije bedraagt 320 euro.

Het is nu al een stedelijk straatbeeld: bejaarden die in vuilniscontainers zoeken naar wat eetbaars. Klingholz houdt zijn hart vast voor de toekomst. Want Bulgarije vergrijst in rap tempo. In 2025 zal naar schatting een op de vijf inwoners ouder zijn dan 65. ‘Hoe moet de slinkende groep werkenden het geld ophoesten voor al die ouderen?’

Kroostrijk

Ook heel wat Roma zijn afhankelijk van de overheid. Meer dan de helft trekt steun: kinderbijslag, werkloosheidsuitkering, invaliditeitspremie. Zeker zestig procent is werkloos. In sommige dorpen op het platteland loopt dat zelfs op tot negentig of honderd procent. Veel Roma zijn zeer laagopgeleid, analfabeet en wonen in getto’s aan de rand van de steden, zonder water of elektriciteit.

Geen enkele Bulgaarse regering heeft zich met de integratie van Roma beziggehouden. Niet populair genoeg.

Nadka Rajtsjeva bijvoorbeeld. De zeventienjarige tienermoeder –groene kattenogen, stralend witte tanden– woont in het zigeunergetto Filipovtsi even buiten Sofia. Kinderen met warrige haardossen spelen er in de modder. In een hutje van zes vierkante meter staan een kleerkast, twee bedden en een zwartgeblakerde houtkachel. Haar ouders zijn blijkbaar op pad: ze inspecteren containers op verhandelbaar ijzer of hout. Nadka showt haar pasgeboren dochtertje. Of ze nog naar school gaat? ‘Hoezo?’, vraagt ze verbaasd. Ze zat er tot haar veertiende. Lang genoeg. Haar “man”, ook zeventien, steekt zijn hoofd door de deur. Beiden zijn werkloos. Haar oom –vuilnisman– voedt de familie. En ze krijgen kinderbijslag, 35 leva (17 euro) per maand. Wil ze nog een kind? Voorlopig niet. Maar je weet nooit. Een grote kinderschaar garandeert immers een bestaansminimum.

En dat steekt de Bulgaren. Want al zijn de cijfers van het Centrum schromelijk overdreven, Roma baren gemiddeld flink meer kroost: 3,5 tegen 1,4 kinderen per etnisch Bulgaarse moeders. Dat hoge cijfer komt vooral door een bepaalde groep Roma die zeven tot soms wel elf kinderen op de wereld zet, zegt Zjeljazkova. Die groep is niet zo heel groot, nog geen derde van de Bulgaarse Roma. Bovendien is hun kindersterfte ook schrikbarend hoog: 25 op de 1000 kinderen halen de zes jaar niet –een bittere paradox. ‘Maar deze groep groeit steevast sneller dan de rest van de Bulgaarse bevolking. En daar moeten we wat mee.’

Integratie als economische noodzaak

Volgens Reiner Klingholz kan de demografische koers nu niet meer verlegd worden. Bulgaarse vrouwen zullen niet plots meer kinderen gaan baren, emigranten komen niet en masse terug naar hun vaderland. ‘Daarom zullen meer Roma aan het werk moeten. Hoe? De enige oplossing is ze te integreren.’

Maar daarin slaagt Bulgarije bar slecht. ‘Het is ongelooflijk moeilijk om die groep mee te laten doen’, weet Zjeljazkova na twintig jaar ervaring. Enerzijds vanwege de discriminatie. ‘Weinig werkgevers nemen Roma in dienst.’ Maar ook omdat Roma geen homogene groep vormen. ‘Er zijn veel verschillende subgroepen. Die vereisen een aparte benadering. Maar we weten vaak niet welke.’ Regelmatig zijn projecten niet effectief. Zjeljazkova vertelt over een arbeidsintegratieprogramma: Roma-mannen kregen sollicitatiebegeleiding en psychologische steun, bereidwillige Bulgaarse werkgevers namen hen in dienst. ‘Ze werkten weken keihard maar nadat ze hun loon kregen, kwamen ze niet meer opdagen. Dat deden ze pas als het geld op was aan feesten.’ Zjeljazkova wijst tevens beschuldigend naar de Bulgaarse overheid. ‘Geen enkele Bulgaarse regering heeft de politieke wil gehad om zich echt met de integratie van Roma bezig te houden’, zegt Zjeljazkova. ‘Te impopulair. Ondertussen zijn de problemen zo ongelooflijk ernstig dat niemand weet waar te beginnen.’

‘Klopt niet’, zegt Emilija Vojnova, hoofd van het directoraat Demografische ontwikkeling, etnische vragen en gelijke kansen van het ministerie van Arbeid en Sociale Zaken. Ze wijst naar de strategie 2010-2020, die gericht is op de integratie van Roma. En op een ander plan, het Decennium van de Roma-integratie 2005-2015, een initiatief van acht (Zuid)Oost-Europese landen. Hun regeringen verbonden zich ertoe de status en integratie van Roma te verbeteren. Het Decennium is geen nieuw fonds of instituut –regeringen moeten zelf geld toewijzen en donoren vinden.

Ieder land heeft zijn eigen nationale plan opgesteld. Vojnova: ‘Bulgarije ontwikkelde een horizontale strategie, dwars door alle ministeries heen.’ Wat er in praktijk gebeurt? ‘De kinderbijstand is sinds een paar jaar gekoppeld aan het schoolgaan van kinderen, er zijn allerlei projecten om Roma-vrouwen zelfstandig te maken. En er is een commissie tegen discriminatie van Roma. Dat is een goed ontwikkeld orgaan, waar regelmatig een beroep op wordt gedaan.’

Zjeljazkova is niet onder de indruk. De programma’s zijn te versplinterd, meent ze. De maatregelen voor integratie worden door drie ministeries –Onderwijs, Gezondheidszorg en Regionale Groei– genomen. De coördinatie ligt bij Vojnova’s afdeling. ‘Niemand is eindverantwoordelijk. Zo’n diepgeworteld probleem moet je bovendien op verschillende fronten tegelijk aanpakken.’ Wat er gebeurt als je dat niet doet, toont het drama van Blok 20 in de Bulgaarse stad Jambol. De gemeente had de Roma de appartementen van Blok 20 toebedeeld. Beter dan wonen in zelfgefabriceerde krotten, het was wellicht goedbedoeld. Maar een huis volstaat niet wanneer de eigenaar geen inkomen heeft. En dat hadden deze Roma niet. In een mum van tijd lag het ijzer van balkons en trapleuningen bij de schroothandelaar en was het hout van de raamvensters opgestookt tegen de kou. Afgelopen herfst besloot de gemeente het pand te slopen. De Bulgaarse politie zette 900 vrouwen, mannen en kinderen hun huis uit. Ze belandden in het grasveld ertegenover. De meesten “wonen” er nu nog.

Hellen Kooijman is een Nederlandse freelance journaliste en auteur van ‘In Bulgarije. Een vertwijfelde natie op weg naar Europa’.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2563   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift