Cocateelt niet uit te roeien

Bolivia slaagt er maar niet in de illegale cocateelt helemaal aan banden te leggen. Volgens Evo Morales, de voorman van de Boliviaanse cocatelers en een politiek zwaargewicht in de oppositie, komen er tegenwoordig weer sneller nieuwe cocaplantages bij dan de drugsbestrijders bekende percelen kunnen vernietigen. Die inschatting wordt gedeeld door kranten in de VS die de zaak volgen. De VS steunen de Boliviaanse strijd tegen de drugsteelt al vijf jaar voluit, maar de kwakkelende regering in La Paz kan niet zomaar ingaan tegen de cocaboeren, die tijdens de voorbije verkiezingen zijn uitgegroeid tot een aanzienlijke politieke factor.


De Boliviaanse regering spreekt van een ‘patstelling’. Er komen nieuwe plantages bij, maar er worden er evenveel vernietigd, zegt Mauricio Antezana, de woordvoerder van president Gonzalo Sánchez de Lozada. Volgens Morales, de leider van de Movimiento al Socialismo (MAS) en sinds de verkiezingen van juni vorig jaar de belangrijkste oppositieleider, gaat de cocateelt er in Bolivia duidelijk weer op vooruit. In Chaparé, de belangrijkste cocaregio in Bolivia, zijn volgens Morales alweer meer dan 10.000 hectaren illegaal met coca beplant, terwijl die oppervlakte vorig jaar op basis van satellietwaarnemingen nog op 5.400 hectaren werd geschat.

Morales moest het bij de stembusgang van vorige zomer maar nipt afleggen tegen Sánchez de Lozada. Dat resultaat heeft het verzet van de Boliviaanse cocatelers tegen een beleid dat er vooral op gericht is illegale plantages te vernietigen, vleugels gegeven. Meer nog dan de voorbije regering moet ook de ploeg van Sánchez de Lozada daardoor tegelijk warm en koud blazen. Onder druk van de VS begon de Boliviaanse overheid de cocateelt vijf jaar geleden keihard aan te pakken. Het aantal cocaplantages werd daardoor gereduceerd, maar het verzet van de betrokken boeren was uitermate hevig. Daarom werd overgeschakeld naar een beleid dat overleg centraal stelt en boeren met de nodige steun probeert te overhalen hun cocaplanten vrijwillig te vervangen door andere teelten. Aan dat plan kwam twee jaar geleden een einde, waarna er weer meer illegale plantages gewoon werden opgeruimd. Bij zijn ambtsaanvaarding op 6 augustus vorig jaar kondigde Sánchez een nieuwe pauze aan in de campagne tegen de illegale producenten. Maar intussen is zijn regering fel verzwakt door hevige sociale protesten; van de VS kreeg de nieuwe president te horen dat er geen sprake kan zijn van een versoepeling van de wetgeving die de cocateelt aan banden moet leggen.

Het kwam het voorbije jaar niet meer tot de gewelddadige confrontaties van eerdere jaren, maar volgens experts kan het conflict snel weer oplaaien. Als er geen overleg over sociale thema’s komt tussen de regering en de oppositie warbij ook het thema van de cocateelt wordt besproken, is de kans klein dat de overheid kan doorgaan met het vernietigen van cocaplantages zonder dat het tot confrontaties komt in Chaparé, denkt Fernando Mayorga van de Universiteit van San Simón in Cochabamba. Mayorga gelooft dat de regering er zonder medewerking van de oppositiebeweging MAS nooit in zal slagen de doelstellingen te halen die door Washington worden opgelegd en bovendien een zware politieke prijs zal betalen. Bolivia is al jarenlang roerig en zou nog moeilijker bestuurbaar kunnen worden.

In de VS, het land waar een groot deel van de cocaïne wordt verbruikt die uit cocabladeren wordt gewonnen, achten invloedrijke kranten als de Wall Street Journal, de Washington Post en de Miami Herald de kans klein dat Bolivia de strijd tegen de drugsproducenten zal winnen. In die kranten wordt Morales bestempeld als een gevaar voor de stabiliteit van de Boliviaanse regering en zelfs voor de hele regio. In Peru, een andere niet onbelangrijke cocaproducent, beginnen cocatelers zich naar het voorbeeld van hun Boliviaanse collega’s te organiseren.

De Amerikaanse regering heeft de zaak nog niet opgegeven. Dit jaar heeft Washington 100 miljoen dollar uitgetrokken voor de vernietiging van cocavelden in Bolivia, de strijd tegen de drugshandel en programma’s om cocaboeren te doen overschakelen op andere teelten. Die laatste strategie wordt al sinds de jaren 80 in de praktijk gebracht. De resultaten zijn niet echt bemoedigend. Veel boeren strijken de subsidies op en kweken andere gewassen, maar blijven intussen wel in het geheim nog altijd coca planten. Chaparé heeft dankzij de voorbije programma’s voor alternatieve ontwikkeling meer scholen en verharde wegen en een modernere productie-infrastructuur dan de andere streken van het land, maar de cocateelt is er niet door verdwenen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3153   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift