Colombiaanse regering en ELN-rebellen zetten vredesgesprekken voort

De Colombiaanse regering en het Nationaal Bevrijdingsleger (ELN), de op één na grootste rebellenbeweging in het land, gaan verder praten over vrede. Tijdens verkennende fase van tien maanden zijn ze het wel nog niet eens geworden over een agenda voor de gesprekken. Nederland heeft zich samen met nog vier andere landen aangesloten bij de internationale bemiddelaars die het moeizame vredesproces al langer proberen te begeleiden.
Volgens insiders blijft de Colombiaanse regering bij haar standpunt dat de gesprekken in de eerste plaats tot doel hebben een einde te maken aan alle vijandelijkheden. Die slepen al langer dan veertig jaar aan: het ELN werd in 1964 opgericht. De guerrillabeweging vindt dat de dialoog de oorzaken van het conflict moet aanpakken: de grote inkomensongelijkheid, het gebrek aan echte democratie, de straffeloosheid en het geweld in de samenleving.

Uitmaken waarover de verdere dialoog precies zal handelen, wordt nog een moeilijke zaak die voor nieuwe spanningen kan zorgen, voorspelt Jaime Zuluaga, een lid van de commissie van het Colombiaanse middenveld die ook bij het proces betrokken is. “Maar het belangrijkste is dat de deelnemers overtuigd zijn van de goede wil bij de anderen om de problemen aan te pakken.”

De vierde onderhandelingsronde tussen de regering en het ELN sinds het begin van de formele onderhandelingen in december vorig jaar, werd donderdag (26 oktober) in Havana afgerond. Ondanks het uitblijven van een principeakkoord over de verdere gesprekken vinden de twee hoofdonderhandelaars, de Hoge Commissaris voor de Vrede van de Colombiaanse president, Luis Carlos Restrepo, en ELN-commandant Antonio García, dat de verkennende gesprekken toch “positief” waren voor de voortzetting van de gesprekken.

De twee onderhandelaars oordelen verder dat de inbreng van de internationale gemeenschap “significant” was voor de vorderingen die tot hiertoe geboekt zijn. Zwitserland, Spanje en Noorwegen begeleiden het vredesproces al een hele tijd, en Cuba en Venezuela leveren “logistieke steun” - ze zorgen voor ontmoetingsplaatsen waar beide partijen zich veilig voelen. Tijdens de afgelopen onderhandelingsronde voegden ook Canada, Italië, Nederland, Japan en Zweden zich bij de bemiddelaars.

Naar buiten toe blijft met name regeringsonderhandelaar Luis Carlos Restrepo zich hard opstellen. Hij heeft nog eens duidelijk gemaakt dat Bogotá verwacht dat de ELN-rebellen eerst alle oorlogshandelingen staken vooraleer er eventueel toegevingen komen van officiële zijde. “Dat wil zeggen dat er geen aanvallen op legereenheden meer komen, geen aanslagen op pijpleidingen of andere infrastructuur en geen acties tegen de burgerbevolking als ontvoeringen en afpersing. Zonder een stap in die richting zal het proces niet vorderen.”

García had al eerder toegegeven dat een akkoord over een definitief staakt-het-vuren deel uitmaakt van de mogelijke agendapunten voor de verdere gesprekken.

De volgende onderhandelingsronde begint waarschijnlijk eind november of begin december in Havana.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift