Computers enkel nog verkrijgbaar op zwarte markt

Cubaanse winkels mogen geen computeronderdelen meer
verkopen. Ook de verkoop van allerlei huishoudtoestellen en bouwmaterialen
wordt streng aan banden gelegd. Anderzijds probeert de overheid wel het
gebruik van computers in scholen, wetenschappelijke- en culturele
instellingen te stimuleren. Maar veel Cubanen willen hun eigen computer
bezitten en kunnen nu enkel nog op de zwarte markt terecht.


De maatregel dateert al van december vorig jaar maar is nog niet bekend
gemaakt door de pers. De bevolking weet dus officieel van niets. Maar de
verkopers hebben hun instructies gekregen: computeronderdelen, printers,
fotokopieermachines, toetsenborden, muizen en harde schijven mogen niet meer
verkocht worden aan privé-personen, verenigingen of stichtingen, zegt een
werknemer in één van de DITA-staatswinkels.

Ook de verkoop van huishoudtoestellen en bouwmaterialen wordt aan banden
gelegd. Zo mogen geen videorecorders, airconditioners, microgolfovens,
broodroosters, of rijstkokers meer verkocht worden. En cement, rode
bakstenen, en een resem andere bouwmaterialen verdwijnen eveneens van de
officiële markt.

De beperking op de verspreiding van pc’s en huishoudtoestellen maakt deel
uit van een energiebesparingprogramma van de overheid. Dat moet de
economische crisis, die het land sinds 1990 teistert, onder controle helpen
houden.

Hoewel de verkoop van computers altijd verboden bleef, begonnen winkels in
1999 meer en meer onderdelen te verkopen. Veel mensen stelden zo zelf hun
computer samen met onderdelen uit staatswinkels en van de zwarte markt. Aan
een printer raken bleef het moeilijkst omdat de overheid vreest dat
dergelijke toestellen gebruikt zouden worden om verboden documenten te
vermenigvuldigen. Nu blijft er weer maar één mogelijkheid over, vertelt de
39-jarige Melba Díaz, die hoopt binnenkort haar eigen computer te bezitten.
Elke keer dat de staatswinkels stoppen met iets te verkopen, komt er een
nieuw terrein open voor diefstal en speculatie.

Op de zwarte markt kunnen de Cubanen nog wel ‘gewoon’ een Pentium IV
computer kopen voor 1950 euro. Minder geavanceerde toestellen kosten tussen
550 en 950 euro. Toetsenborden en muizen gaan voor 16 en 21 euro van de
hand. Hoewel het inkomen van de gemiddelde Cubaan niet voldoende is om in de
basisbehoeften te voorzien, proberen mensen toch geld opzij te zetten om
computers te kopen.

De detailhandel is in Cuba volledig in handen van de overheid. Enkel op een
aantal boeren- en ambachtmarkten kan sinds midden jaren 90 vrij verkocht
worden. Maar Cuba heeft een levendige zwarte markt, gedirigeerd door de wet
van vraag en aanbod. Wettelijk kan je geen rijstkoker kopen. Maar onder de
toonbank en voor drie keer de prijs lukt dat wel, zegt een onderzoeker die
de Cubaanse informele economie bestudeert. Wie zoekt kan in Cuba alles
vinden. Er zijn zelfs luxe-verkopers die via de telefoon werken en aan huis
leveren. Alle bouwmaterialen om een woning uit te breiden of te vernieuwen
zijn te koop bij werknemers uit de bouwindustrie. De zwarte markt vernieuwt
zichzelf voortdurend en is veel flexibeler dan de staat, zegt econoom
Rafael García.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2751   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift