Contractfouten hinderen nationalisatie gassector in Bolivia

Onder Bolivianen groeit onrust over de nationalisatie van de gassector. Er dreigen gastekorten en er zijn fouten gemaakt in contracten met oliebedrijven. Activisten eisen opnieuw de confiscatie van eigendommen van de twaalf buitenlandse oliebedrijven die actief zijn in Bolivia.
De bedrijven tekenden in oktober vorig jaar 44 contracten met de Boliviaanse regering van Evo Morales. Daarin dragen ze verantwoordelijkheid over hun operaties over en gaan ze akkoord met hogere royalty’s en belastingen.
De verwachte opbrengsten uit royalty’s, belastingen en het nationalisatieproces zelf, zijn volgens deskundigen veel lager dan voorspeld werd. “Beweren dat de inkomsten uit de olie-industrie in dertig jaar tijd zullen stijgen van 39 tot 81 miljard dollar, is onrealistisch”, zegt Carlos Arce, onderzoeker aan het Centrum voor Studies inzake Arbeid en Agrarische Ontwikkeling.
Die 81 miljard dollar is volgens hem alleen haalbaar als bedrijven zo’n 100 procent belasting betalen. “In andere woorden: dan zouden ze met verlies moeten werken.”
Op 1 mei 2006 kondigde Morales de nationalisatie van de energiereserves in Bolivia aan en een verhoging van de belastingen en royalty’s van 50 tot 82 procent voor de belangrijkste gasvelden die Brazilië dagelijks van 27 miljoen kubieke meter gas voorzien.
Er werd echter niet overgegaan tot confiscatie van de industriële installaties van de bedrijven, zoals raffinaderijen en pijpleidingen. Wel werd heronderhandeld over lopende contracten, om zo de buitenlandse bedrijven om te vormen tot ‘service providers’ voor het staatsbedrijf Yacimientos Petrolíferos Fiscales Bolivianos (YPFB).
Het herstel van het staatseigendom van de in de jaren negentig geprivatiseerde gasvelden, zou het straatarme Bolivia jaarlijks miljoenen dollars extra moeten opleveren. Het was een van de speerpunten in de verkiezingscampagne van Morales.
De haastige ondertekening van de contracten in oktober vorig jaar, herstelde de rust onder buitenlandse investeerders. Hen werden voordelen beloofd als terugbetaling van exploitatiekosten. In hoeverre die kosten de verwachte extra inkomsten verlagen, is nog niet berekend, zegt Arce.
In het beste geval betalen de bedrijven iets meer dan 60 procent belasting, in plaats van de door de regering aangekondigde 82 procent, zegt de analist. De details van de contracten met buitenlandse oliebedrijven, waaronder het Braziliaanse Petrobras, het Spaans-Argentijnse Repsol-YPF en het Franse Total, komen pas nu aan het licht, nu een tekort aan LPG dreigt in Bolivia.
Petrobras, dat een vergunning heeft voor de belangrijkste Boliviaanse gasvelden, weigert nieuwe investeringen te doen om ervoor te zorgen dat de binnenlandse vraag gedekt wordt. Het Braziliaanse oliebedrijf kan zich veroorloven om minder aandacht te besteden aan de Boliviaanse consument, omdat in de nieuwe contracten geen clausule is opgenomen over de noodzaak eerst de binnenlandse markt te bedienen, zegt Arce. Het ontbreken van zo’n clausule stimuleert volgens hem de export naar Brazilië en Argentinië.
Intussen staan er lange rijen bij de stations waar Bolivianen hun LPG-tanks voor huishoudelijk gebruik kunnen vullen met gas om op te koken. Die situatie zorgt voor ergernis onder de bevolking van Bolivia, het land met de op een na grootste gasvoorraad ter wereld. Alleen Venezuela bezit meer gas.
Ondertussen is er nog steeds geen juridische oplossing om de fouten in de contracten te corrigeren, om zo toekomstige rechtszaken tegen YPFB te voorkomen. De 15.000 pagina’s contracten werden in november goedgekeurd met dank aan de regerende Beweging naar Socialisme (MAS). De parlementsleden kregen echter kritiek omdat ze de contracten niet goed geanalyseerd zouden hebben.
De fouten werden ontdekt bij het notariaat, waarna contracten opnieuw langs het Congres moesten. Een aanleiding voor de oppositie om de details van de contracten nog eens goed te bekijken, waarna opnieuw tekortkomingen en tot dan toe geheim gehouden details boven water kwamen.
Op 23 maart leidde dat tot het vertrek van YPFB-baas Manuel Morales (geen familie van de president), een invloedrijke politicus die in januari benoemd was op de post. De nieuwe baas van YPFB, Guillermo Arequipa, is de vierde bestuurder van het bedrijf sinds Morales aan de macht kwam.
De fouten in de contracten zaaien twijfel over het nationalisatieproces zelf, omdat YPFB er niet in slaagde de directe controle over de productie te krijgen. De buitenlandse bedrijven lijken hun positie juist te hebben versterkt.
Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift