Costaricaanse bedrijven dreigen met vertrek

De tonijnproducent Sardimar, de huishoudtoestellenfabrikant Atlas Eléctrica en het landbouwbedrijf Melones de Costa Rica dreigen naar het buitenland te verhuizen als het parlement van Costa Rica niet snel het licht op groen zet voor het CAFTA-vrijhandelsakkoord met de VS. Het dreigement maakt indruk, want de bedrijven stellen respectievelijk 1000, 1200 en 5000 mensen tewerk in Costa Rica.
Zes landen (Costa Rica, El Salvador, Guatemala, Honduras, Nicaragua en later ook de Dominicaanse Republiek) hebben twee jaar geleden een vrijhandelsakkoord ondertekend met de VS. Maar in tegenstelling tot de andere deelnemende landen heeft het parlement van Costa Rica het akkoord nog niet geratificeerd.

De vorige president Abel Pacheco (2002 - mei 2006) wilde de tekst niet indienen om zich de woede van de vakbonden niet op de hals te halen. De nieuwe president Óscar Arias wil het parlement overtuigen, maar dat wordt een aartsmoeilijke taak. De oppositie en de vakbonden vinden grote delen van het akkoord onverteerbaar. Vooral de privatisering van de staatsverzekerings- en telecombedrijven is voor de vakbonden onbespreekbaar.

Thomas Gilmore, de manager van Sardimar, uitte een erg concreet dreigement: “We gaan onze activiteiten tegen maart 2008 verleggen naar een ander land als Costa Rica CAFTA niet goedkeurt in zijn geheel. We denken aan El Salvador.”

San José heeft nog tot 1 maart 2008 om het verdrag goed te keuren. Omstreeks die tijd loopt het Caribbean Basin Initiative (CBI) af dat sinds 1984 een nultarief garandeert voor de export van Costaricaanse landbouwproducten naar de VS. Concreet kunnen de VS vanaf die dag een invoertarief van 35 procent opleggen.

Zonder CAFTA hebben Costaricaanse bedrijven een groot concurrentienadeel, legt Shirley Saborío, de directeur van de werkgeversfederatie UCCAEP uit. “De welvaart van ons land staat op het spel, want er is geen alternatief voor CAFTA in de nabije toekomst. Het consolideert de handelsvoordelen van Costa Rica. We zitten nu in een worst-case scenario: alle landen hebben het akkoord geratificeerd, behalve wij.”

De vakbond ANEP is niet onder de indruk van de dreigementen. “Wij geloven dat het mogelijk is dat het Caribbean Basin Initiative (CBI) gewoon kan doorlopen”, zegt Albino Vargas, ANEP-secretaris. “Dat akkoord heeft geen einddatum en wij geloven niet dat de VS Costa Rica zullen straffen voor het niet ratificeren van CAFTA.”

“De bedrijven maken van de gelegenheid gebruik om te besparen op de lonen”, zegt Vargas. De lonen in Costa Rica liggen immers veel hoger dan in de omliggende landen. Volgens de vakbond zal de goedkeuring van CAFTA in de huidige vorm veel meer banen kosten dan het eventuele vertrek van een aantal grote bedrijven. “Dit vrijhandelsakkoord levert Costa Rica geen extra banen op. Integendeel: uit verschillende studies blijkt dat het 200.000 jobs bedreigt in de landbouw, de industrie en de dienstensector.”

Als alternatief voor CAFTA stelt ANEP voor dat Costa Rica een minder stringent bilateraal handelsakkoord afsluit met de VS. De vakbond staat niet alleen met dat standpunt. Uit een peiling van het bureau CID-Gallup in opdracht van de krant La República, blijkt dat de steun voor CAFTA bij de bevolking is gedaald van 61 percent in oktober 2005 tot 41 procent. (MM/JS)

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2925   proMO*’s steunen ons vandaag al. We hopen 2021 te kunnen starten met 3000 proMO*‘s, word jij er één van?

Word proMO* of Doe een gift