"Cuba kan de gevolgen van de crisis onmogelijk voorkomen"

Na drie jaar van hoge economische groei is er nu opnieuw veel onzekerheid over de Cubaanse economie. De experts kunnen nog niet helemaal voorspellen wat de gevolgen zijn van de financiële crisis, maar Cuba is met zijn afhankelijkheid van enkele sectoren wel zeer kwetsbaar.
De wereldwijde kredietcrisis viel in Cuba samen met de ergste natuurramp in vijftig jaar: de orkanen Gustav en Ike. De schade bedraagt vijf miljard dollar (3,9 miljard euro).
“Het is praktisch onmogelijk om de gevolgen van de crisis te voorkomen, al is Cuba relatief beschermd en is de positie van Latijns-Amerika beter dan vijf jaar geleden”, zegt Esteban Morales, onderzoeker aan de Universiteit van Havana. “Een flinke vertraging van de economische groei is waarschijnlijk”, voorspelt econoom Pavel Vidal. “De gevolgen hangen af van de mate waarin de reële economie wordt geraakt”, schreef de voorzitter van de parlementaire Commissie voor Economische Zaken Osvaldo Martínez in de staatskrant Granma.
Toerisme
Al in 2007 begon de economische groei af te nemen. Het aantal toeristen daalde voor het tweede achtereenvolgende jaar. In infrastructuur en recreatie legt Cuba het steeds meer af tegen concurrenten als de Dominicaanse Republiek.
De stijgende voedsel- en energieprijzen stuwden de staatsschuld op tot 14,3 procent in 2007. Door de verslechterde financiële situatie kon Havana niet meer aan alle verplichtingen voldoen, waardoor het land voor kredietverstrekkers minder betrouwbaar werd.
Nikkel
Op dit moment dalen de prijzen voor grondstoffen weer en dat is gunstig voor de energierekening, maar de nikkelexport van Cuba wordt hard geraakt. Vorig jaar haalde nikkel het toerisme in als belangrijkste bron van buitenlandse deviezen: het leverde 2,7 miljard dollar (2,1 miljard euro) op. Cuba produceert 75.000 ton nikkel per jaar en heeft een derde van de wereldwijde nikkel- en kobaltreserves. De prijs is echter gekelderd tot minder dan een derde van de prijs vorig jaar.
Een andere sector wordt eveneens geraakt door de dalende grondstoffenprijzen: de export van professionele dienstverlening, met andere woorden 30.000 Cubaanse artsen die in Venezuela werken. Hun inkomen is zo groot als 70 procent van het bruto nationaal product van Cuba. Deze sector is zeer afhankelijk van de economie van Venezuela – en dus van de olieprijs.
Het aandeel van productieve sectoren als mijnbouw, landbouw en industrie in het bruto nationaal product wordt steeds kleiner. Econoom Juan Triana waarschuwt voor een herhaling van “structurele fouten die eens karakteristiek waren voor de economie” en voor een “eenzijdige afhankelijkheid van één sector”.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift