De Bouriat, balancerend tussen Genghis Khan en Lenin

In het licht van de actuele gebeurtenissen in wat nu de G.O.S., de ex-Sovjetunie, wordt genoemd, bieden de wrijvingen tussen etnische groepen en Russen een uitstekend terrein om conflict-theorieën aan een empirische toetsing te onderwerpen.
Om de theorie rond identiteitsdynamieken te toetsen aan de werkelijkheid is grondig veldwerk vereist. We menen hieraan slechts partieel te kunnen voldoen (1). We beperken ons tot een conflictsituatie die actueel is, en die zich situeert in de Autonome Republiek van Bouriatië.

In de republiek (die zich in Siberië situeert) (2) wonen 70% Russen tegenover 30% Bouriat. Na het uiteenvallen van de Sovjetunie, begon ook voor deze etnische groep de zoektocht naar een identiteit. Het is het proces van deze zoektocht, en de gebruikte theorieën om zichzelf als een groep te definiëren, die zowel op individueel- en groepsniveau, als op communautair niveau voor problemen zorgt.

Ten eerste is er het probleem om de Bouriat als een etnische groep te definiëren. Er is hier sprake van twee gemeenschappen die doorheen de nationaliteitenaanpak van het communistische regime tot één groep werden samengevoegd. Beide gemeenschappen worden gekenmerkt door verschillende geloofssystemen en door een andere levenswijze.

Ten tweede lijkt het er op dat de Bouriat intelligentsia, in haar zoektocht naar identiteit, in botsing komt met de eerder gangbare Russische methodologiëen. Waar hier - in westerse, academische kringen - geopteerd wordt voor een dekolonisatie van de sociale wetenschappen, wordt onder de intellectuelen van Bouriatië geopteerd voor een de-russificatie van de sociale wetenschappen. Ze streven naar het vinden van een eigen methodologie, een onderzoekssysteem los van de socialistische ideologie. In dezelfde optiek hebben ze behoefte aan een ‘gezonde’ geschiedschrijving, ontdaan van de door het socialisme opgelegde historisch-evolutionistische aanpak.(3) Deze aanpak zorgde er lang voor dat de Bouriat elk verleden werd ontnomen. En het is juist dit verleden dat hun in de toekomst richting kan geven tijdens de opbouw van hun identiteit.

1. Eén volk?

- De Bouriat zijn een Turks-Mongoolse groep die rond het Baikalmeer in Siberië wonen. De vraag of men van de Bouriat als één groep kan spreken wordt door vele onderzoekers gesteld. De Bouriat lijken eerder een verzameling verschillende gemeenschappen die als gemeenschappelijk kenmerk hun Turks-Mongoolse afkomst hebben.

Afgaande op eigen veldwerk (zie nota’s) en literatuur kan echter worden gesteld, dat wanneer we de situatie in Bouriatië in haar geheel bekijken, er weinig aanleiding of stof tot conflict aanwezig is. Ook werd van Bouriat zijde nog maar weinig allusie gemaakt om een afscheidingsbeweging in gang te steken. Na het uiteenvallen van de Sovjetunie was er een kleine groep nationalisten die in die richting dacht, en tijdens lokale presidentsverkiezingen (4) werden pamfletten van een ultralinkse groep rondgestrooid die ronduit racistisch van aard waren (ultralinks komt overeen met ons ultrarechts).

Toch zijn er in de geschiedenis van Bouriatië verschillende momenten geweest dat er een drang naar meer autonomie opborrelde. Zo ontstond eind 19e eeuw een belangrijke intelligentsia onder de Bouriat. Waar deze eerst een wetenschappelijke interesse vertoonde in de mythologie, het sjamanisme en het lamaïsme van de Bouriat, werd ze aan het begin van deze eeuw steeds meer politiek actief. Hierbij richtten de intellectuelen zich voornamelijk tegen het russificatie- proces(5) opgedrongen door het tsaristische regime.

Deze intelligentsia was onderling in twee grote groepen op te delen - alhoewel ze uit nog meer kleine fracties bestond.

Er waren de Pan-Mongolisten die, geleid door Lamaïstische leiders, streefden naar een eenmaking met Mongolië (voor een fascinerende beschrijving van deze periode zie: Walter Heissig (5).

Daarnaast waren er de leerlingen van de orthodoxe scholen die paradoxaal genoeg juist door het aanleren van de Russische cultuur hernieuwde interesse kregen in de eigen tradities (Hamayon,p.51) Deze auteurs waren voornamelijk beïnvloed door de - Europese- methoden van onderzoek, observatie en registratiemethoden van culturele particularismen, en het vergelijkende kritische wetenschappelijk werk. Wat niet belette dat bepaalde vervormingen optraden, bijvoorbeeld in de pogingen tot typologische classificatie ‘qui mènent souvent à donner une existence propre à de simples nuances, est prendre des attributs pour des êtres, ou dans l’application de la pensée indigène de l’opposition chrétienne entre le Bien et le Mal, qui lui est étrangère.’ (Hamayon,p.51).

Het zijn deze intellectuelen die aan het begin van deze eeuw het zaad strooiden dat later zou ontkiemen tot nationaal bewustzijn. Het zijn echter ook zij die uiteindelijk werden opgepakt en gevangengezet als een gevaar voor de communistische ideologie. Vandaag de dag worden hun werken gebruikt als basis om een gevoel van nationaal sentiment te creëren. De belangrijkste onder hen zijn: Dorzi Banzarov,M.N. , Xangalov en vooral C.Z.Zamcarano.

- Vandaag wordt de republiek gekenmerkt door een hernieuwde interesse in de traditionele gebruiken. Zo worden er de jongste jaren in Bouriatië veel festivals georganiseerd met de klemtoon op de gezamenlijke afkomst. Verwijzingen naar epische helden waaronder voornamelijk Geser zijn talrijk. Ook worden er wedstrijden - een overblijfsel van de Russische leerprocessen - georganiseerd rond traditionele gebruiken.

Waar vroeger de wedstrijden onder de bevolking werden gestimuleerd voor bv. de beste melkkoe, het netste huis, de beste leerling, wordt nu de nadruk gelegd op de meest traditionele yourt (ronde tent waarin men vroeger leefde), de beste worstelaar, paardenrennen, epische verhalen vertellen (7).

Zo worden de mensen aangespoord de traditie opnieuw aan te leren, weer op te rakelen. Maar intussen zit men met een andere sociale realiteit: de economische wereld is een puinhoop.

Vele Bouriatonderzoekers stappen uit de academische wereld en om hun gezin boven water te houden verrichten ze handenarbeid of verkopen ze spullen op de markt. Hierdoor zit men met een dalend potentieel aan onderzoekers.

Een ander gevaar dreigt uit de hoek van de jongeren: die willen vlug winst maken in een verwarde markteconomie en worden roekeloos. Traditionele gezinsstructuren verbrokkelen en het aantal wees- en straatkinderen stijgt aanzienlijk, zoals het aantal drankgebruikers.

De vraag blijft hoe het individu deze herwonnen vrijheid van geloof en meningsuiting - ontstaan tijdens de hervormingen - beschouwt. Want het zijn de hervormingen, begonnen onder Gorbatsjov en voortvloeiend uit een lange socialistische opmars, die voor vele omwentelingen hebben gezorgd.

2. De socialistische opmars

- In 1917 werd in de ‘Verklaring van de rechten van de Mensen van Rusland.’ gelijkheid voor alle mensen van de Sovjetunie voorgeschreven plus ‘vrije ontwikkeling van nationale minderheden en etnische groepen levend in het territorium van Rusland.’ Zoals reeds aangehaald elimineerde de historisch bepaalde ongelijkheid de bestaande niet. Via intensieve

sociale ontwikkeling zou die moeten worden weggewerkt. Maar ook dit zou gedoemd zijn tot mislukken. Daar bovenop nam de opbouw van het socialisme onder de kleine groepen van het

noorden zo’n 5 à 8 jaar later een aanvang dan in Centraal-Rusland.

Een eerste grondwet in 1918 vertrok van het basisprincipe van nationaal-territoriale autonomie. De graad van autonomie zou worden bepaald door de graad van ontwikkeling van de

betrokken minoriteit en door de verschillen in etnische verwantschap, taal en economische situatie. Autonomie zou de weg openmaken naar zelfbestuur op alle vlakken van het lokale leven. De gemeenschap werd aangespoord om zelf de belangrijkste politieke, economische en culturele taken uit te voeren.

- In 1923 wordt de Autonome Republiek van Bouriatië gesticht.

Voor de eerste maal zullen de Exirit - Bulagat en de Xori samengevoegd worden. De eerste reacties zijn van sentimentele aard; een panmongools gevoel van eenheid, dat van 1917 af door de kozakkenchef Semenov werd aangewakkerd, wordt versterkt.

Doch het plaatselijke gouvernement zou steeds minder tolerant worden tegenover dergelijke gevoelens en vanaf 1929 neemt het een steeds radicalere positie in. Deze positie eindigt in een strijd tegen plaatselijke geloofsystemen en in een grotere inspanning om de collectivisatie en russificatie te bespoedigen. In 1937 worden plaatselijke Bouriat-elites, zowel intellectuele als politieke, verdacht van een panmongools complot en van spionage voor de Japanners.

3. Twee spelers: Bouriat en Russen

De Bouriat elite was gegroeid doorheen de eeuwen. De Bouriat cultuur wordt al driehonderd jaar gekenmerkt door een openbreken van haar wereldbeeld. Ze richten zich zowel op de Franse verlichtingsdenkers als op de lamaïstische filosofen. Verder bezitten ze een schat aan waardevolle literaire werken en andere artistieke kunstuitingen zoals de Boeddhistische tanka’s (8).

Maar tijdens hun zoektocht vandaag de dag naar wie ze zijn trachten ze, naast een hernieuwde aandacht aan hun eigen taal, hun roemrijke verleden nieuw leven in te blazen.

Dit is een reactie die de meeste minderheden de laatste decennia kenmerkt.

Zo viel ook de eer aan de Bouriat te beurt, want voordien waren zij een ‘…people without a system of writing…’ en werden zij onderdrukt door ’…rules that humiliated the dignity of daughters in law…’ Maar de mannelijke superioriteit verdween. Daarbovenop kwam de ‘…development of major industrial construction …made for a general rise in the Buryat people’s standards of material prosperity…’

(Gurvich,1970 in Slezkine, p.162).

4. Een onderzoek naar basisprincipes

Om beter te begrijpen wie de Bouriat zijn en welke achtergrond hun hedendaags denken teweegbracht, overlopen we de vier punten door Pinxten (1994) gesuggereerd in het ‘Intercultureel Meta-Referentiekader’ (IMR).

Het IMR kan worden gehanteerd om partijen die in een conflictsituatie verkeren een duidelijk beeld van elkaar te geven. Het geeft de opvattingen van de twee groepen over een aantal punten weer.

Deze punten zijn: territorium, godsdienst, taal en socialisering.

Een eerste probleem situeert zich op territoriaal vlak. Bouriatië vormt geografisch gezien geen eenheid. Het Baikalmeer scheidt de twee grootste clans, en de hoofdstad zelf, waar de meeste Bouriat zich vandaag de dag vestigen, ligt aan de meest oostelijke zijde van het meer. In de andere grote stad Irkutsk, aan de westelijke zijde, leven voornamelijk Russen.
Een tweede probleem draait rond het feit dat de Bouriat meer een verzameling losse groepen, clans, zijn die onder de grotere groep Mongolen vallen. Ze hebben nooit echt een gevoel van nationaal sentiment gekend. Toch bleven ze elk op hun manier verbonden met aan vele tradities, of nemen die nu terug in gebruik. Feit is dat het russificatieproces nooit volledig slaagde.
Zoals we zullen zien zijn de twee belangrijkste groepen steeds beïnvloed geweest door verschillende geloofssystemen, nl. het sjamanisme en het lamaïsme. Vandaag zorgt dit voor bijkomende polemieken over de vraag welk van deze twee systemen als basis voor een identiteit zou dienen.
Een vierde probleem situeert zich op het taalgebied. Het russificatieproces bracht een verwaarlozing van de Bouriat- taal met zich mee. Vandaag de dag wordt veel energie gestopt in de heropleving van de eigen taal.
Voor alle vier van deze gebieden schetsen we nu een kleine achtergrondgeschiedenis. Daarbij tonen we telkens de punten van conflict aan:

a. De clans vormen geen territoriale basiseenheid, zelfs niet op een superieur niveau. Hun karakter van politieke eenheid vloeit meer voort uit een ideologische wil dan dat het een vastgewortelde realiteit zou zijn.

- In de 17e eeuw werden de clans verzameld in ulus (oude Mongoolse term voor een sociologische en territoriale eenheid). Elke clan was afhankelijk van een bepaalde

khan of noyon: een rijke herder die regeerde als een feodale heer.

De feodale relaties waren nauw verweven met de gemeenschapsstructuren. De clan -groepering was belangrijk bij de verdeling van de graslanden, bij het innen van de tol, het gezamenlijk jagen en het uitvoeren van rituelen. Dit zou zo blijven tot aan de Oktoberrevolutie.

Een charta uit 1728 - opgelegd door Moskou - schreef heel Bouriatië voor tot een clan te behoren, waardoor de onderlinge uitwisseling verboden werd. (Hoewel dit in de praktijk bleef verder bestaan)

De overheid trachtte op die manier de mobiliteit die uit de clandynamiek volgde, tegen te werken.

Deze groepering van clans, onder een erkend hoofd (zasuul) is wellicht het belangrijkste gevolg dat de kolonisatie met zich meebracht.

De Bouriat worden door de meeste auteurs nog steeds geografisch onderverdeeld in twee grote groepen, nl. Cisbaikalië en Transbaikalië . De Exirit-Bulagat clan leefde en leeft nog steeds in de taiga (uitgestrekte wouden) van Cisbaikalië. De valleien ten westen van het Baikalmeer zijn

vruchtbare gronden die een grote aantrekkingskracht uitoefenden op de Russische boeren. De Exirit en Bulagat zullen zich eeuwenlang verzetten tegen deze vreemde overheersing. En zoals deze jagers steeds expansionistisch en heerszuchtig geweest zijn tegenover de andere kleinere groepen, verzetten ze zich ook heldhaftig tegen de Russische kolonisatoren. Hoewel ze vanaf 1662 officieel onder Moskou vallen, zullen ze dit pas in 1818 erkennen.

Aan de andere, oostelijke, zijde van het Baikalmeer vertoeven de Xori. Het zijn steppebewoners en veehoeders die steeds door de heerszuchtige Mongolen onder de knoet gehouden werden en schatplicht aan hen moesten betalen. Ten gevolge daarvan verwelkomden ze de Russen, omdat ze in hen een bescherming tegen de Mongoolse kwellingen vonden. De overheid van haar kant vraagt gedurende een lange periode geen overdreven hoge belastingen aan Transbaikalië. Ze ziet immers in de Xori een troef voor haar politiek ten opzichte van het Verre-Oosten. De kunst bestond er namelijk in de Mongolen die er leefden gunstig te stemmen tegenover Rusland en hen te scheiden van de Mongolen uit het naburige Mongolië. Deze laatsten zouden zich later losmaken van China om Buiten-Mongolië te vormen. Rusland stimuleerde dan ook de vorming van een autonome lamaïstische geestelijkheid en een lokale aristocratie waarop de Xori konden steunen.

Wie niet zo blij was met de vele gunsten ten aanzien van Transbaikalië, was het plaatselijk administratief personeel. De ambtenaren zagen een daling in eigen winstbejag. Ook de orthodoxe kerk was woedend over de tolerantie ten opzichte van de lamaïstische kerk.

De steppevolkeren zelf krijgen door dit alles een groeiend besef van eenheid. Later wordt dat een sterk nationaal sentiment dat zich in de 20e eeuw zal keren tegen het

russificatieproces.

- Het waren de Russische landbouwers - de immigranten van het eerste uur (onder het tsarisme) - die, wanneer ze in de barre gebieden van de Siberische taiga arriveerden, zich zowel aan de leefwereld als aan de lokale bevolking moesten aanpassen.

Velen werkten als seizoenarbeiders voor de rijke feodale Bouriat. Daardoor waren er meer sociale dan raciale verschillen. Handel met de lokale inwoners was een fundamenteel onderdeel van de regionale economie. Beide groepen beïnvloedden elkaar ook met hun landbouwtechnieken. De belangrijkste Russische invloed was het verbouwen van graan dat speciaal voor de verkoop was bestemd. Hierdoor werd een nieuw tijdperk ingeluid, nl. dat van het marktsysteem.

- De stijgende waarden van bebouwbaar land leidden tot parallelle veranderingen in de landbeheersystemen van beide groepen (9). Toch bleven de Bouriat relatief kleine landbouwers tot diep in de 19e eeuw. Ze bleven hun nomadisch bestaan trouw en namen slechts dat land in gebruik dat ze nodig achtten. De Russische boeren daarentegen begonnen vroeger met de omheining van hun gronden. Maar zowel de Bouriat als de Russische landbouwers werden door de feodale heren en door de handelaars onderdrukt. Anderzijds waren er de kloosters die veel land, wouden en visrijke gebieden in bezit hadden. Zij exploiteerden de Russen op wrede wijze en doopten de Bouriat.

De Bouriat stapten geleidelijk aan in groter getale over naar de landbouw. Maar tot aan de Oktoberrevolutie zou het landprobleem een van de meest controversiële punten blijven.

-Vanaf de 19e eeuw begon ook het bestuurssysteem te veranderen. De Bouriat kregen een schijn van zelfbestuur en een nieuw administratief systeem dat de onderdrukking slechts vergrootte. Met de opkomst van meer kapitalistische relaties en met de aanleg van een spoorweg komt er geleidelijk een uitweg voor de producten van de Bouriateconomie.

Alhoewel beide groepen onderling handelsbetrekkingen onderhielden en ze op gezamenlijke markten opereerden, bleef de culturele interactie tussen hen eerder klein. Vooral de Russen bleven hun eigen levenswijze behouden, en het waren de Bouriat die steeds meer van hun traditionele levenswijze moesten inboeten.

Door de introductie van de verschillende landbouwtechnieken en door de overgang naar de markteconomie kwamen ze in een andere economische realiteit terecht. Hun nomadisch bestaan leek tot een einde te komen. Ze vestigden zich in houten huizen en hier en daar kleedde een rijke heer zich volgens de Russische mode.

b. De Russische inwoners overtraden geregeld een aantal basisprincipes waarop de organisatiestructuur van deze gemeenschappen stoelde. Vele conflicten, die daarom niet altijd in een gewelddadig treffen eindigden, ontstonden uit een gebrek aan kennis over de levenswijzen van de noordelijken.

- Zo ook bij de Bouriat. Deze groep leidde tot aan het begin van deze eeuw een nomadenbestaan. Kleine groepjes trokken over de steppegronden om graslanden voor hun vee te vinden. Het sociale leven was voornamelijk gericht op het overleven van de groep zelf.

Van kleins af neemt elk lid van de groep deel aan de verschillende taken waaronder vooral het veehoeden een belangrijke plaats inneemt. Man en vrouw hebben hun specifieke plaats in de groep. Buitenstaanders nemen daarin soms een vorm van onderdrukking waar. De vrouw bekleedt echter een belangrijke plaats in het verwantschapssysteem, waarin het dualistisch principe overheerst. Het berust op de verzekering van de algemene verdeling van de groep in twee delen waarbinnen alle onderlinge uitwisselingen plaatsvinden. Ook de hiermee gepaard gaande bruidsschat - de Russische overheersers bestreden deze gedurende lange tijd en schaften hem uiteindelijk af - is hierbij van primordiaal belang om het evenwicht van elke gemeenschap te behouden.

We willen hier de complexe verwantschapssystemen niet uit de doeken doen en verwijzen

hiervoor naar vorige geschriften (Denaeghel I.,’93). Maar ook vandaag hechten bv. de Bouriat nog steeds belang aan de clanafkomst van de schoondochter. Men is verontwaardigd wanneer ze uit de ‘verkeerde’ clan blijkt te komen, of als ze zich niet gedraagt ‘zoals het hoort’ tegenover haar schoonfamilie. Verder neemt ze niet deel aan de rituelen die in haar nieuwe familie worden uitgevoerd, want ze is geen ‘deel van hen’ (10). Haar taken zijn het doen van het huishouden, het bewerken van dierenhuiden en het bereiden van voedsel.

Hoewel vele van de vroegere clanstructuren werden vernietigd door vreemde inmenging gelden onbewust nog vele principes waarop de gemeenschap stoelde. Dit zal van belang zijn voor de

uiteindelijke constructie van de identiteitsvormen. Andere principes die met voeten worden getreden en die van belang zijn voor de identiteit, zijn o.m. het anda- principe of het principe van het ‘geven en nemen’. Het komt neer op de rituele verbintenis van de ‘gever’ tegenover de ‘nemer’ en omgekeerd. Dit geldt op alle terreinen, nl. tussen mensen onderling, tussen levenden en overledenen en tussen de mens en de natuur. Het is op dit vlak dat conflicten eventueel zouden kunnen optreden. Tussen beide partijen wordt een onuitgesproken vriendschapscontract voltrokken dat hen onderling verbindt.

- Het was echter met de opkomst van het communisme dat zich een grote omwenteling voltrok. De Bouriat waren reeds vanaf de 17e eeuw geconfronteerd met het openbreken van hun eigen wereldbeeld, maar nu werden ze gedwongen zich op een korte tijd (de vijfjarenplannen) een nieuwe levenswijze eigen te maken.

De grootste verandering vond plaats op het gebied van de huisvesting. De verschillende clans werden om administratieve redenen gegroepeerd en gedwongen zich te vestigen in bepaalde dorpen. De clanstructuur werd opzettelijk genegeerd om de mobiliteit tegen te gaan. Deze structuur is echter van fundamenteel belang voor de verwantschapssystemen.

c. Een ander domein waarop, vooral tijdens de jaren dertig, regelrecht werd ingegrepen, was dit van het plaatselijke geloof.

Alhoewel het sjamanisme nauwelijks vergeleken kan worden met een religie, werd het toch ‘onder het mom van’ verboden. Deze wijze van leven in en met de natuur (11) waarbij de sjamaan als mediator fungeert, werd ook reeds gedurende de vorige eeuwen met veel scepsis bekeken.

- De eerste getuigenissen daterend uit de middeleeuwen hebben het over duivelaanhangers, gekke dokters of huichelachtige tovenaars.

Na de Oktoberrevolutie konden de sjamanen maar weinig vertrouwen inboezemen bij de leden van de rode (communistische) brigades die de lokale bewoners onderwijs en vooruitgang brachten. De sjamanen leken immers die ontwikkeling nu juist tegen te werken. Ze riepen de leden van hun gemeenschap op om zich te verzetten tegen de bouw van scholen, tegen het leren van de Russische taal, tegen de hygiënische vernieuwingen en de bouw van ziekenhuizen. De sjamanen ‘robbed the credulous populace of their meager possessions as well as their hope for a better life.’ (Leonov,1930 in Slezkine p.227)

Omdat zij een gevaar voor de communistische ideologie betekenden, en ook omdat ze de vooruitgang van hun eigen mensen tegenhielden, moesten ze verdwijnen. Velen werden opgesloten in de bekende goelag, of verdwenen spoorloos.

Het was niet altijd even eenvoudig vast te stellen wie wel en wie niet een sjamaan was, vooral

wanneer de sjamanen, om onopgemerkt verder te kunnen praktiseren, zich ontdeden van hun attributen. Zonder het kleed uit rendierhuid en de begeleidende drum die ze vroeger droegen tijdens het ritueel, waren ze onherkenbaar. Iedereen kan echter ‘sjamaniseren’, dat is in contact treden met de geesten van overledenen of met de geesten uit de omringende natuur om geluk en voorspoed af te dwingen. ‘For many, shamanism is an addiction in the meaning of tobacco.’ (TsGAOR, 1931 in Slezkine p.228) Als opium voor het volk moest dus ook het sjamanisme eraan geloven.

- De genoemde rode brigades moesten proberen in een mum van tijd de lokale bevolking te russificeren. In rode tenten verplaatsten ze zich van dorp tot dorp; als een soort culturele centra verkondigden ze de sovjetideologie, gaven hygiënische instructies aan jonge vrouwen en leerden mensen de Russische taal.

Althans, dat lag in de bedoeling. Hoe noordelijker gevestigd, hoe schaarser de rode tenten bevolkt waren, daar ze volledig afhankelijk waren van plaatselijke enthousiastelingen. En die waren er weinig of niet. Intussen bleven de sjamanen in het geheim - in de bosjes - hun rituelen uitvoeren. Ze genazen zieken, riepen de geesten op om voorspoed voor de gemeenschap af te dwingen, offerden schapen om ziekten uit de veestapel te verdrijven.

- Maar ze waren niet de enigen die op het terrein van de geesten actief waren. Ook de Russisch orthodoxe kerk stuurde geregeld haar afgezanten om de plaatselijke bevolking te bekeren. Dit bekeren verliep niet altijd even vlot.

Verschillende trucjes werden aangewend om de noordelijken te lokken. Zo werd kledij, voedsel of gereedschap in ruil voor het doopsel cadeau gedaan. Begin 20e eeuw waren ca.85.000

Bouriat gedoopt.

Tijdens het communistische regime moest ook de orthodoxe kerk haar deuren sluiten. Pas sinds 1990 is er een hernieuwde openheid op het gebied van geloofsuiting. Toch bleven zoals gezegd velen in het geheim praktiseren. En in de meest afgelegen gebieden was dit zelfs niet echt moeilijk, aangezien de controle steeds zwakker werd. Moskou was steeds veraf.

Op het terrein van het geloof waren er nooit echte conflicten. Dit is grotendeels te danken aan het feit dat vnl. de Bouriat verdraagzaam staan tegenover andere geloofsuitingen. Zoals ze ook het lamaïsme (de Tibetaanse variant van het Boeddhisme) integreerden in het sjamanisme, zo hadden ze niets tegen de heiligen van het orthodoxe geloof.

Naast hun eigen idolen kon men aldus iconen met afbeeldingen van St. Niklaas of St. Joris aantreffen. Voor de Bouriat waren dit de voorouders van de Russen. En zoals ze zich richtten tot hun eigen voorouders, gepersonifieerd d.m.v. de idolen, brachten ze ook offers aan de Russische ‘voorouders’.

d. Wat wanneer er zich dan wel conflicten voordeden? De Sovjetafgevaardigden moesten de taak op zich nemen om kleine geschillen op te lossen, om de ‘goeden’ tegen de ‘slechten’ te beschermen.

‘To achieve that, they were expected to learn the local languages - an ‘easy task’ given their ‘relative simplicity and their limited vocabulary.’ (cfr.Revkomy in Slezkine p.134)

De realiteit toonde aan dat een omgekeerde beweging zich voordeed. Het was immers eenvoudiger om de lokale inwoners de Russische taal aan te leren. Via het onderwijs trachtte men aldus het russificatieproces verder door te voeren. Toch tonen documenten daterend van de jaren dertig aan dat ook dit vooral voor de noordelijke gebieden een moeizaam proces was:

‘Of the officially existing 466 schools only 125 had buildings, the teachers and doctors did not speak the local languages, were badly paid, had no place to live, and were forever trying to flee.’ (Slezkine ,p283)

- Vandaag de dag spreken alleen de oude mensen Russisch en dan nog gebrekkig. Vooral in kleine verafgelegen dorpen is het Bouriat de gangbare taal. In de scholen wordt zowel in

het Bouriat als in het Russisch onderwezen. Ook Russische kinderen leren in sommige scholen de Bouriattaal en interesseren zich aan hun cultuur.

- Hierboven hebben we ruwweg de vier punten behandeld om na te gaan op welke terreinen er zich conflicten voordoen, en waar er ruimte voor negotiatie bestaat. We behandelden - niet altijd strikt gescheiden - de terreinen van visies op land en territorium, van de socialisering of hier in casu van het russificatieproces, van de geloofssystemen en van de houding tegenover de taal.

In de situatie van de minoriteiten blijft de wisseling van de politieke beslissingen over de eeuwen heen van groot belang. Bovendien werd Bouriatië, als grensgebied, steeds als bufferzone in de politiek met het Oosten (China en Japan) gebruikt. De Bouriat zelf balanceren op intellectueel niveau tussen het Aziatische en het Europese gedachtegoed.

Al deze ingrediënten zullen na het verval van de USSR de basis vormen voor de opbouw van een nieuwe identiteit.

Uit de analyse van de vier voorgaande punten kan worden afgeleid dat er zich vooral op intern vlak conflicten voordoen.

Ten eerste zijn de Bouriat zelf geen echt homogene groep. Ze hebben een gemeenschappelijke taal en een gemeenschappelijk verleden, dat echter ver teruggaat in de tijd.

Een tweede punt van controverse is de keuze tussen lamaïsme en sjamanisme. Sommige informanten (12) meenden ten stelligste dat het sjamanisme door de buitenwereld als een te bloedige bedoening beschouwd wordt, en dat lamaïsme veel zachtaardiger overkomt.

Daarnaast zijn er de politieke beslissingen genomen vóór, na en tijdens het communistische regime die steeds van grote invloed waren op het beeld dat de minderheden in Rusland van zichzelf hanteren. Het is na het uiteenvallen van de Sovjetunie dat voor vele kleine groepen de zoektocht naar een meer accuraat beeld van zichzelf een aanvang nam. Voor vele gemeenschappen houdt dit meteen de start van een afscheidingsbeweging in. Het lijkt er evenwel niet meteen op dat dit in Bouriatië het geval zou zijn.

Plaatselijke intellectuelen houden zich bezig met het onderzoek naar hun gezamenlijk

en ook Mongools verleden, en naar de rol van het sjamanisme daarin.

Het is tijdens deze onderzoeken dat vele plaatselijke intellectuelen (13) getracht hebben zich te ontdoen van de voordien door het communisme opgelegde onderzoeksmethodes. Het is ook hier weer dat er zich intern conflicten voordoen over de te volgen methoden. Daarbij verschillen de reacties op westerse theorieën soms weinig van de reacties op vroegere inmenging van buitenaf :

‘Why don’t you leave us alone?’ (14)

Anderzijds zijn er onderzoekers die wel open staan om op een interactieve wijze te werk te gaan. Een diep afdalen in het gedachtegoed van de Bouriat zal een eerste vereiste zijn om te komen tot een in kaart brengen van de geschetste identiteitsverschuivingen.

Noten:

1. Sinds 1992 verricht Inge Denaeghel regelmatig veldwerk in Bouriatië. De voorgestelde theorie rond identiteit en conflict werd echter nog niet getoetst in de Republiek zelf.

2. Bouriatië ligt in Siberië , tegen de grens met de Volksrepubliek van Mongolië. De Republiek is ongeveer 330.000 vierkante kilometer groot. Zij is geografisch in drie delen opgesplitst, het Baikalmeer vormt de grootste scheiding in de Republiek zelf. Het trekt een scheidingslijn van 700 km. lang.

3.’Het schema waar men zich moest aan houden was een uitwerking van de evolutionistische theorie van Morgan die door Engels gedogmatiseerd werd. Het verliep van de primitieve gemeenschap met traditioneel matriarchaat geassocieerd aan totemisme, over een geëvolueerd matriarchaat getekend door de natuurcultus, naar een patriarchaat waar zich een polytheïsme ontplooit en waar uiteindelijk klasseverschillen kiemen.’ (I.Denaeghel,’93,p.142 )

4. In de zomer van 1995 werden plaatselijke presidentsverkiezingen gehouden. Een man van Russische afkomst zou de nieuwe president worden. Hijzelf praat echter vloeiend de Bouriat taal, en besteedt veel aandacht aan de instandhouding van de plaatselijke cultuur.

5. Het russificatieproces nam een aanvang tijdens het tsaristische bewind. Reeds toen moesten alle inwoners ‘Russisch’ worden. Tijdens het communistische bewind stond dit vnl. voor ‘communistisch’ worden.

6.Walter Heissig onderzocht vnl. oude Mongoolse geschriften. Hij is één van de meest vermaarde onderzoekers van Mongoolse culturen.

7. Sinds het begin van deze eeuw wonen er geen Bouriat meer in traditionele tenten. Dit in tegenstelling tot de Bouriat die in de Volksrepubliek van Mongolië leven. Worstelen en

paardenrennen zijn typisch Mongoolse (dus ook Bouriat) sporten die ook nu nog steeds worden aangeleerd. Als man moet je kunnen worstelen om een ‘echte man’ te zijn.

De epische verhalen draaien meestal rond de held ‘Geser’, een held die door Tibetaanse monniken werd geïntroduceerd.

8.Een tanka is een op doek geschilderde voorstelling van het lamaïstische pantheon. Het vereist een verfijnde schildertechniek. De Bouriat zouden echte kunstenaars geweest zijn op dit terrein. Vandaag leren vele kunstenaars de techniek opnieuw aan.

9.Zie verder in C.Humphrey, p.28-31.

10. Iemand kan voor de ander ‘xaluun’, d.i. te warm zijn. Dit wil zeggen dat je met mensen uit vooraf bepaalde clans niet mag huwen. Ook vandaag wordt daaraan nog veel belang gehecht.

Het is voor de ouderen van de familie een tragedie wanneer iemand trouwt met ‘de verkeerde’. . Hieronder vallen ook niet- Bouriat. ‘Zich gedragen zoals het hoort’ houdt in dat de

traditionele huwelijksgebruiken in acht moeten worden genomen. Dit houdt een aantal gebruiken in, die veelal refereren aan de bruidsschat die vroeger werd meegegeven.

Dit gebeurt trouwens nog steeds onder de vorm van cash geld en familiejuwelen.

Als vrouw mag je niet deelnemen aan de sjamanistische rituelen die in het huis van de familie van de man worden gehouden. Zelfs niet als het de in gebruik name van een nieuwe fles zelf gebrouwen ‘alcohol’ betreft, waarbij eerst aan de huisgeesten (de Mogols) wordt geofferd.

11. Zie vorige geschriften, Denaeghel ‘95, waarin sjamanisme als een wijze van leven, omgaan met de dingen wordt voorgesteld.

12. Tijdens veldwerk verricht in ‘92 gaven verschillende informanten hun visie op wat als basis voor een Bouriatidentiteit zou moeten dienen. De dualiteit steekt in het feit dat het lamaïsme formeel naar voren wordt geschoven, maar dat alle families uiteindelijk sjamanistische dagelijkse handelingen verrichten. ( ongepubliceerde veldnotities)

13. Tijdens veldwerk in ‘95 nam Inge Denaeghel verscheidene interviews af van plaatselijke onderzoekers. Er was een grote verscheidenheid aan opvattingen, en veel interne conflicten. Zo meent de filosoof en mongolist S.Leipichov – van Russische afkomst - dat de Bouriat voordien nooit een echte groep waren. De historicus Bair Dugarov - van Bouriat afkomst – beweert integendeel dat ze wel één groep vormden.

14. Tijdens een seminarie - waarin Inge Denaeghel een aantal ideeën rond dekolonisatie van de sociale wetenschappen presenteerde - waren de meningen opnieuw verdeeld. Maar uiteindelijk was

iedereen het erover eens dat een de-russificatie van hun wetenschappen dringend was.

Bibliografie:

BANZAROV,D.

1955 (russisch) Tsernaja vera ili shamanstvo u mongolov, Sobranie sotsinenij (Moskva, izd.AN SSSR), 48-100 (1e ‚d. VSO-IRGO, 1891, XV-128 p.)

DENAEGHEL,I.

1993 Sjamanisme. Voorzichtige benadering van een levenswijze. (Unpubl. Licentiaatsverhandeling. Universiteit Gent)

DENAEGHEL,I.

1995 Benadering van een levenswijze; sjamanisme.pp.57-70. In: Cultuurstudie. Pinxten R. & de Ruijter A.(eds.) ISOR, Utrecht.

GURVICH, I.S., en B.O. DOLGIKHEDS.

1970 Obshchestvennyi stroi u nardodov severnoi Sibiri XVVII- nachala XX v.Moscow:Nauka.

HAMAYON,R.

1990 La chasse à l’âme. Esquisse d’une théorie du chamanisme sibérien. Socièté d’ethnologie, Nanterre.

HEISSIG,W.

1965 De Mongolen. Het ‘barbaarse’ ruitervolk uit de steppes. H.Meulenhof.

Amsterdam

HUMPHREY,C.

1983 Karl Marx Collective. Economy, Society and Religion in a Siberian Collective Farm. University Press, Cambridge.

LEONOV,N.I.

1930 Kul’tbaza v taiga. PN, no.9-10:pp. 86-91

OKLADNIKOV,A.P.

1964 Ancient Population of Siberia and its Culture, M.G.Levin and L.P.Potapov, eds. University Of Chicago, Scripta-Technica.

PINXTEN,R.

1994 Culturen sterven langzaam. Over interculturele communicatie. Antwerpen/Baarn, Hadewijch.

REVKOMY SEVERO-VOSTOKA SSSR

1922-1928 gg. Sbornik dokumentov i materialov. Magadan: Magadanskoe knizhnoe izdatel’stvo, 1973.

SENKEVICH,V.V.

1937 ‘Sovremennost’ v fol’klore narodov Severa.’ SAr, no.11 pp.103-8.

SLEZKINE,Y.

1994 Arctic Mirrors. Russia and the Small Peoples of the North. Cornell University Press, Ithaca and London.

TsGAOR,f.3977,op.1,d.397,l.50.

VANDEN BERGHE, Y.

1987 Het grote misverstand. Een geschiedenis van de Koude Oorlog (1917-1990) Acco, Leuven.

XANGALOV,M.N.

1958-1960 Sobranie sotsinenij (Ulan-Ude,BION), 3 vol. (I,1958; II,1959; III, 1960) (cf. Fonds Xangalov wordt bewaard in het Musée ethnographique in Budapest)

ZHN

1921 ‘O sibirskikh tuzemtsakh,’. no.14.

Rimma Urkhanowa is doctor in de wijsbegeerte (Moskou Universiteit), verbonden aan de Universiteit van Tasjkent. Ze is als jonge onderzoekster bezig met de studie van identiteitsdynamieken in Siberië.

Inge Denaeghel is licentiate in vergelijkende cultuurwetenschap. Zij bestudeerde gedurende verscheidene maanden in Siberië en in Mongolië de rol van het stadssjamanisme in de identiteitsdynamieken van de lokale bevolking tegenover de Russische ‘overheerser’. Zij werkte ook mede aan de tentoonstelling ‘Magiërs van Centraal Afrika’ in het Etnografisch Museum Antwerpen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift