“De hongersnood is misschien voorbij, maar de honger niet"

Officieel is er geen hongersnood meer in Somalië, maar de situatie is nog steeds heel fragiel. Volgens de Verenigde Naties (VN) zijn er een miljoen mensen ontheemd.

Op de dag dat de VN de hongersnood afkondigden in Somalië werd Miriam geboren, in het vluchtelingenkamp Badbaado, 10 kilometer buiten Mogadishu. Ze werd vrijdag één jaar oud. Ze is zwak en ondervoed, want er is veel te weinig eten. Samen met haar ouders en vier broers en zussen deelt ze een tent van 2 vierkante meter.

In februari verklaarden de VN de hongersnood officieel voor beëindigd. “De hongersnood is misschien voorbij, maar de honger niet”, zegt Hawa Jama, de moeder van Miriam. Ze krijgt voor haar familie 25 kilo graan, 25 kilo bloem en 10 liter kookolie voor een maand, en dat is amper genoeg.

Een miljoen

Volgens de VN verbetert de situatie in de regio, maar is de toestand zeer fragiel. In totaal heeft de hongersnood in de Hoorn van Afrika, de ergste in zestig jaar, tienduizenden slachtoffers gevergd. De VN-Vluchtelingenorganisatie UNHCR meldde deze week dat er meer dan een miljoen Somaliërs op de vlucht zijn. Alleen al het vluchtelingencomplex Dadaab in Kenia herbergt 570.000 mensen. In de buitenwijken van Mogadishu zijn dichte tentenkampen te zien, zo ver het oog reikt. 3,8 miljoen mensen in Somalië hebben hulp nodig.

Het leven in de kampen is zwaar. Volgens de bewoners stelen de bestuurders, die ze zelf hebben aangewezen, eten en doen ze aan vriendjespolitiek. “Ik hou er niet van om te klagen, maar dit is voor ons een zaak van leven en dood”, zegt  Mumino Ali, moeder van zeven in het Sayidkakamp in Mogadishu. “Ze geven ons niet alle hulp. We vertellen het aan iedereen die het kamp bezoekt, maar er wordt niets aan gedaan.”

Er zijn niet genoeg toiletten, en het drinkwater dat wordt binnengebracht is evenmin voldoende, zegt Mohamed Ali, een lokale mensenrechtenactivist. “Wat we sinds de hongersnood hebben bereikt, is dat mensen niet meer doodgaan van de honger. Maar er zijn nog geen systematische programma’s om vluchtelingen te helpen op hun eigen benen te staan, inkomsten te genereren en terug te keren naar hun eigen gemeenschappen.”

Corruptie

En de honger blijft. Nu de officiële hongersnood voorbij is, hebben hulporganisaties de noodhulp teruggeschroefd. De regering heeft ook een Rampenmanagementdienst, maar die wordt ineffectief en corrupt genoemd. Er zijn hele “lagen van corruptie”, zegt een lokale hulpverlener die anoniem wil blijven: niet alleen kampbestuurders, maar ook internationale hulporganisaties, hun lokale partners en regeringsfunctionarissen .

Om te overleven, zoeken de vluchtelingen allerlei baantjes. Maar de economie van Mogadishu ligt aan scherven. Zelfs kinderen zijn op de markt om hun diensten aan te bieden als schoenenpoetser, schoonmaakhulp of autowasser. Ook de man van Jama gaat overdag naar de hoofdstad in om klusjes te zoeken.

“Ik wil niet afhankelijk zijn van organisaties die hulppakketten uitdelen, waar er toch nooit genoeg van zijn”, zegt Jama, terwijl ze Miriam op haar heup draagt. “Ik zou blij zijn als ik hulp kreeg bij het zoeken naar werk om mijn familie te ondersteunen en terug te gaan naar mijn dorp.” Haar baby heeft in haar eenjarige leven alleen nog maar het kamp gezien. En dat is iets wat Jama heel graag zou willen veranderen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift