De ondraaglijk trage vrede

Bijna een jaar geleden ondertekenden regering en guerrilla in Guatemala vredesakkoorden. De problemen die na zesendertig jaar burgeroorlog de kop opsteken, lijken echter onoverzichtelijk en opgekropte frustraties scheppen opnieuw een uiterst explosief klimaat.
Vergeten mag niet

Er heerste geen laaiend enthoesiasme toen in december vorig jaar de vrede getekend werd. Eén van de redenen hiervoor was de verkapte amnestiewet die de militairen wisten af te dwingen. Schuldigen van de gruweldaden zouden niet individueel met naam genoemd of berecht worden. ‘Op dit historische moment moeten we kunnen vergeven, zonder daarom te vergeten wat er in het verleden gebeurd is’, vond president Alvaro Alzú. Niet vergeten, om te vermijden dat de gruwel zich herhaalt. Men maakt er volop werk van in het land. In 1995 startte de katholieke kerk het REMHI-project, wat staat voor ‘Rescatar la Memoria Historica’, de historische herinnering voor vergetelheid behoeden. Meer dan tienduizend aanklachten over schendingen van mensenrechten verzamelde ze. Samen met nog vijfentwintigduizend andere, opgetekend door de Convergencia por la Verdad, een koepel van humanitaire organisaties, werden die onlangs overgemaakt aan de ‘Commissie voor Historische Opheldering’ die op dertig juli haar onderzoek startte. Tien maanden krijgt deze commissie de tijd om de omvang van het leed in een eindrapport te gieten. Bitter weinig is dat, zo oordelen velen, om opheldering te brengen over de ware toedracht van een oorlog die naar schatting 150.000 doden, 45.000 vermisten, anderhalf miljoen interne vluchtelingen, 200.000 wezen en 80.000 weduwen achterliet een 440 dorpen van de kaart wiste. Enkele tientallen massagraven werden al blootgelegd, maar nog meer dan vijfhonderd liggen te wachten om hun geheimen prijs te geven.

Geweld zaait geweld

De oorlog is beëindigd maar het geweld houdt niet op. Ondanks de ontwapening van de drieduizend URNG-guerrilleros en van een deel van de militairen. Velen van de zo gevreesde PAC’s , de Zelfverdedigingspatrouilles, weigeren de wapens in te leveren. Moorden, ontvoeringen en onderlinge afrekeningen zijn legio. In de steden groeit het gevoel van onveiligheid. In augustus hadden diverse mensenrechtenorganisaties het over ware sociale schoonmaakacties. In het begin van die maand vonden in de hoofdstad op vierentwintig uur tijd dertien mensen met de kogel de dood. De slachtoffers, meestal tussen de zestien en de tweeëntwintig, dragen sporen van folteringen en worden achtergelaten op openbare plaatsen, om het gevoel van onveiligheid nog te verhogen. Volgens GAM, de Organisatie voor Wederzijdse Steun, gaat het om welgeplande acties van illegale groepen zoals doodseskaders en jeugdbendes. Verontrust door de stijgende criminaliteit, overweegt president Arzú de afkondiging van de noodtoestand maar ziet hier voorlopig nog van af onder internationale druk en gezien het globale pacificatieproces.

Ook buiten de stad heerst geweld. Het grondbezit is één van de meest explosieve problemen waarmee het land te kampen heeft. Vluchtelingen verlaten hun schuilplaatsen in het oerwoud of keren terug uit Mexico en willen weer beslag leggen op hun vroegere eigendom, maar vinden die in handen van militairen, van grootgrondbezitters of van andere vluchtelingen. De akkoorden stelden de opmaak van een nieuw kadaster in het vooruitzicht, om een nauwkeurig overzicht te krijgen van het grondbezit. Totnogtoe is dat dode letter gebleven. Een situatie die aanleiding gegeven heeft tot tal van grondbezettingen door landloze boeren. Vooral in het noordelijke departement el Quiché werden die hardhandig ontruimd door brutale veiligheidsdiensten van de Staat. In dat gebied zou er bovendien een nieuwe guerrilla-groepering actief zijn. De vroegere guerrilla, URNG, heeft al met klem verzekerd helemaal niets te maken te hebben met die gewapende groepering. Sommigen menen dat het wel eens zou kunnen gaan om militairen zelf die een klimaat van terreur willen zaaien, om hun eigen voortbestaan te legitimeren. In een diepgewortelde cultuur van straffeloosheid is alles mogelijk.

Intussen keurde het parlement, gecontroleerd door een meerderheid van de regerende PAN-partij en onder druk van de Kamer van Landbouw, een strafwetgeving goed waarin de sancties tegen grondbezettingen worden opgedreven. De onrechtvaardige verdeling van de grond is echter één van de oorzaken die destijds leidde tot de oorlog. Twee procent van de bevolking beschikt over drieënzestig procent van de grond. Eénenveertig procent van de boeren hebben geen stukje land om hun voedsel te verbouwen. In een optocht van arme en landloze boeren in Guatemala-stad, eind september, drongen de betogers bij de president en bij de betreffende autoriteiten aan op een dialoog met de grootgrondbezitters. Tevergeefs. De enige instantie die met aandrang deze problematiek van de arme boeren blijft aankaarten, is de katholieke kerk. Ze werd hiervoor dan ook al meermaals onder vuur genomen door verbolgen landeigenaars.

Het dilemma van de modernisering

De belangrijkste drijfveer voor president Arzú om de wapenstilstand te bedingen, was zijn diepe verlangen het land te moderniseren. Het werd tijd voor Guatemala om zich op te maken voor deelname aan de Vrije Markt en toetreding tot Nafta. Op korte termijn betekent dat echter Structurele Aanpassingsprogramma’s, afslanken van de rol van de Staat, besparen op onderwijs en gezondheidszorg. Het afgelopen jaar werd het leven een heel stuk duurder. In een land met een gekwetste, uitgeputte en ontheemde bevolking, waarvan acht van de ruim tien miljoen in armoede leeft en 70% analfabeet is, dreigt deze economische politiek fataal te worden. ‘Als de sociaal-economische oorzaken van het conflict niet worden aangepakt, herhaalt deze oorlog zich volgende eeuw’, opperden analisten al toen de vrede nog maar enkele dagen oud was. Om Guatemala te behoeden voor nog verdere sociale desintegratie, is er maar één tegenkracht en dat zijn de mensen zelf. Het enige lichtpunt in het complexe en sombere panorama van het land is de fraaie waaier van Maya-organisaties die groeien in aantal en in zelfbewustzijn. Zestig procent van de bevolking is immers indiaans. Sommigen zien in dit fenomeen zelfs de geleidelijke opbouw van een politiek-sociaal georiënteerde Mayabeweging. Als we de voorspellingen van de Chilam Balam, een heilig boek met Mayaprofetieën, moeten geloven, zou deze beweging tegen het jaar 2012 het politieke platform kunnen worden voor een alternatieve regering.
Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Latijns-Amerika & ecologie
    Alma De Walsche schrijft over ecologische thema’s, van klimaat- en energiebeleid, over landbouw- en voedsel tot transitie-initiatieven en baanbrekers. Ze volgt al enkele decennia Latijns-Amerika, met een speciale focus op de Andeslanden.