De rellenbarometer

Het zijn barre tijden voor minderheden en migranten. En het slechte nieuws komt niet alleen uit Brussel of Antwerpen.

Het debat over diversiteit is zelden een gesprek. Welk feit of welke mening je ook opgooit, het dreigt bij het neerkomen altijd te leiden tot simplistische stellingen. Aan de ene kant cirkelen de huifkarren zich rond de overtuiging dat er te veel vreemdelingen in “ons” land zijn, dat ze zich weigeren te integreren en dat de politiek faalt om onze waarden te verdedigen. Aan de extreme buitenkant van die mening is er altijd wel iemand die een of andere vorm van vigilante actie aanprijst, al beseft de conservatieve meerderheid dat zulke oproepen dreigen te eindigen op Utoya, en dus te mijden zijn als de zwarte ziekte. Aan de andere kant worden de defensieve stellingen ingenomen rond de progressieve mantra dat diversiteit de ware rijkdom is van elke samenleving. Wie die rijkdom niet spontaan aanvaardt, krijgt na enkele over-en-weers een zwart snorretje onder de neus geplakt en afgevoerd.

Het ware leven speelt zich natuurlijk af buiten de kunstmatig veilige omgeving van het eigen gelijk. En in dat leven blijkt de reëel bestaande diversiteit vaak voor problemen te zorgen. De reden? Als de onzekerheden, bedreigingen en brutaliteiten van het ware leven ondraaglijk worden en niet opgelost geraken, dan projecteren we de eigen angst op nieuwkomers, buitenstaanders of andere bronnen van diversiteit. In België kreeg die uitbesteedde wrevel de voorbije dagen eens niet de vorm van een hoofddoekenrel, maar van een media-opstand tegen vuilbekkende macho’s. De “rellen” in België hebben de maat van het land.

Look East, young man

Elders in de wereld gaat het er gewelddadiger aan toe. Het volstond de voorbije weken het nieuws uit Zuid- en Zuidoost-Azië te volgen om te beseffen hoe dodelijk het ongemak met de andere kan zijn. Bij geweld tussen Rakhine en Rohingya in Myanmar vielen tientallen slachtoffers. Nog meer dodelijk geweld in de Indiase deelstaat Assam, waar Bodo’s en Bengaals sprekende moslims –”illegale migranten uit Bangladesh”, zeggen de Bodo’s– elkaars huizen en dorpen aanvielen. En zelfs in het eeuwig nijvere Singapore kookten de spanningen tussen nieuwkomers en gevestigde Singaporezen over, al kwamen daar gelukkig geen overlijdensberichten aan te pas.

Het lijkt telkens om conflicten te gaan tussen autochtonen en allochtonen, als ik even het begrippenapparaat van de Lage Landen mag lenen om het geweld in de Verre Landen te beschrijven. Maar wie goed kijkt, ziet meer. En wie niet beter wil kijken, is van slechte wil. Daarover later meer.

In Assam zijn de inheemse Bodo’s door opeenvolgende kolonisatie- en immigratiegolven uit de westelijke Indiase deelstaten zodanig gemarginaliseerd, dat ze alleen nog een toekomst zien in een eigen natie of deelstaat. De Bodo-droom van een staatsorganisatie op basis van eigen taal en cultuur, maar ook van werk en grond voor iedereen wordt gedwarsboomd door alle bovenliggende autoriteiten, en dus explodeert de frustratie in het gezicht van de kwetsbaarste buren: de Bengalezen die met een stootkar bezittingen door het veiligheidshek van India glipten en een nieuw bestaan proberen opbouwen in Assam. De geweldexplosie komt de machthebbers in Assam en in Delhi goed uit, maar levert de Bodo’s niets op, integendeel.

Hetzelfde schema is van toepassing in Myanmar, waar de gemarginaliseerde Rakhine hun uitsluiting wreken op de volkomen vertrapte Rohingyas, waarna het leger de vervolging van de vervolgden overneemt en verder afmaakt. Dat het boeddhisme gebruikt wordt als mobiliserende factor om militaire machthebbers en machteloze Rakhine tot één front te smeden tegen de islamitische Rohingyas, die op basis van hun minderheidsreligie meteen ook het staatsburgerschap ontzegd worden, maakt het des te pijnlijker.

In Singapore zijn de meeste autochtone bewoners gevestigde migranten van Chinese afkomst. Zij botsen met recente Chinese migranten, die arriveren in het kader van een overheidsprogramma dat geschoolde en vermogende migranten verwelkomt in de hoop zo de snelle vergrijzing het hoofd te bieden. De nouveau riche-mentaliteit van de nieuwkomers irriteert er blijkbaar de vorige generaties Singaporezen met hun ingebakken arbeidsmoraal en volgzaamheid.

De choreografie van het geweld

Migratie en de daaruit voorvloeiende –per definitie niet verwerkte en niet tot rust gekomen– diversiteit zorgen uiteraard voor uitdagingen, zeg maar: spanningen, misverstanden, ruimtelijke en materiële concurrentie –of tenminste voor de perceptie daarvan. Leidt dat onvermijdelijk tot ondraaglijke spanningen en dus tot geweld, tot rellen of erger? Neen.

Rellen zoals in Myanmar, Assam en Singapore –en bij uitbreiding de opstootjes die soms in Molenbeek of Borgerhout plaatsvinden– zijn meestal niet wat media en politici ervan maken: oncontroleerbare uitbarstingen van smeulende conflicten tussen diverse bevolkingsgroepen, waartegen de overheid weinig vermag. Die voorstelling van zaken werd een tiental jaar geleden onderzocht en onderuitgehaald door de Amerikaanse academicus Paul R. Brass.

In The Production of Hindu-Muslim Violence in Contemporary India beweert én bewijst Brass dat communautaire rellen in India geen spontane gebeurtenissen zijn. Hij zet vergelijkbare steden en wijken naast elkaar en vraagt zich af waarom er op de ene plek wel en op de andere geen gewelddadige botsingen tussen hindoes en moslims voorkomen. ‘Er zijn weliswaar demografische, economische en kasteverschillen die dat verschil verklaren’, schrijft hij, ‘maar dé bepalende factor van verschil zit in de politieke activiteit, de organisaties en de leiders.’

Brass zegt: ‘Rellen ontstaan niet toevallig zoals een brand uit een smeulend vuurtje, maar ze zijn evenmin nauwgezet van alfa tot omega gepland. Rellen zijn eerder een vorm van straattheater dat bedoeld is om spontaan over te komen, maar waarin heel veel mensen vooraf verdeelde en ingestudeerde rollen spelen.’

Dat inzicht is cruciaal, ook voor het “debat” over diversiteit in Vlaanderen, in Brussel, in België. Oude Belgen, gevestigde allochtonen, nieuwkomers, mensen zonder papieren: iedereen heeft redenen om zich ongemakkelijk tot ontevreden te voelen bij de huidige stand van zaken. De sleutelvraag is hoe politieke partijen, organisaties en leiders daarmee omgaan.

De migratiebarometer van de N-VA, bijvoorbeeld, belooft het hogedrukgebied boven de diversiteit in Vlaanderen of Antwerpen te meten, maar voorspelt misschien eerder de onweerswolken die de partij zelf boven de regio creëert. Belangenconflicten hoeven geen gewelddadige botsingen of structurele uitsluiting te worden, maar om tot een andere uitkomst te komen, moeten er voldoende mensen uit hun zelfopgelegde omcirkeling breken.

Tegenover polarisering en wederzijds opbod staan reële verbeteringen en de bereidheid om elkaars ongemak te erkennen en er samen iets aan te doen. Of de barometer op storm of zonnig weer staat, hangt af van bewuste, politieke keuzes. Ik ga voorlopig de deur niet uit zonder paraplu.

Deze opinie verscheen ook op de Opinie & Blog pagina van deredactie.be.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2751   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur