De schone schijn van Baku

Azerbeidzjan is één van de drie zuidelijke Kaukasusstaten, die onafhankelijk werden na het uiteenvallen van de Sovjet-Unie. De regio wordt wel eens ‘de berg der talen’ genoemd – in de Kaukasus leven zo’n vijftig verschillende volkeren. Ilham Aliyev, de Azerbeidzjaanse president, heeft met die etnische diversiteit echter niet veel op. Deze week wordt hij hoogstwaarschijnlijk voor de derde keer tot president verkozen om verder te bouwen aan zijn nieuwe land op de dubbele fundering van olie en nationalisme.

  • CC Wilth De hypermoderne Flame Towers vormen de exponent van het nieuwe Baku. De hoofdstad van Azerbeidzjan is in volle transformatie, hele wijken werden gesloopt en voor de komende jaren staan nog meer prestigieuze nieuwbouwprojecten in de steigers. CC Wilth
  • CC Chiara Neve Een portret van huidig president Ilham Aliyev (links) en zijn vader en voormalig president Heydar Aliyev op een muur in Baku. CC Chiara Neve

Wanneer we eind augustus de Russische grens oversteken en vanuit het noorden van Azerbeidzjan naar hoofdstad Baku reizen, is een ding opvallend afwezig: vijf weken voor de presidentsverkiezingen is er nergens een echte campagneposter te bekennen. Wel hangt er om de haverklap een promoplakaat van president Ilham Aliyev en zijn vader en voorganger Heydar, ‘beschermer van het vaderland’.

Dat vaderland lijkt inderdaad herrezen te zijn uit de bloedige chaos waarin het twintig jaar geleden belandde, na het einde van de Sovjet-Unie. Vooral dankzij de natuurlijke rijkdommen groeit het Azerbeidzjaanse bruto nationaal product elk jaar, ambitieuze bouwprojecten schieten als paddenstoelen uit de grond, zelfs de inkomensongelijkheid is een beetje afgenomen. Veel politieke gevangenen zijn vrijgelaten, hoewel er ook nieuwe mensen zonder geldige reden gearresteerd werden. Internationaal wordt het land geprezen als seculiere moslimstaat.

Lezgin

Ook de wegen die ons naar onze eerste stop brengen, het stadje Qusar, zijn er opvallend beter aan toe dan in de buurlanden. In Qusar ontmoeten we Elhad*, lid van het verenigde oppositiefront Mili Şura (‘Nationale Raad’). Iets meer dan een maand voor de verkiezingen heeft de verenigde oppositie nog geen officiële tegenkandidaat kunnen aanduiden. Haar genomineerde, scenarist Rustam Ibrahimbayov (schrijver van de oscarwinnende film Burnt by the Sun) werd uitgesloten door de centrale kiescommissie omdat hij de dubbele Russisch-Azerbeidzjaanse nationaliteit heeft **.

Ook Elhad kan niet deelnemen aan het politieke proces, maar om een andere reden. Hij behoort tot de Lezgin, een volk dat voornamelijk in Azerbeidzjan en de Russische deelrepubliek Dagestan leeft, en sinds het einde van de Sovjet-Unie in tweeën gedeeld wordt door de nieuwe nationale grenzen. Met hun 200.000 zijn de Lezgin de grootste etnische minderheid in Azerbeidzjan, gevolgd door de Russen, de Talysh en de Avaren. Maar in het nieuwe Azerbeidzjan is geen plaats meer voor vriendschap der volkeren – daarvoor is het Azeri nationalisme te sterk en het trauma van Nagorno-Karabach dat die andere minderheid, de Armenen, achterliet te groot.

Toeristen en Sadvalisten

We praten in een minibusje gehuurd door Elhad en Ruslan*, een Lezginactivist van de jongere generatie. Terwijl we rondrijden, vertellen ze over de assimilatiepolitiek vanuit Baku en wijzen ze resultaten ervan aan: een Lezgin school die gesloten werd, zelfs een katholieke kerk die nog gebouwd werd door Poolse officieren uit het tsaristische leger en nu omgewerkt is tot een kitschy kunstgalerij. Na een halfuurtje laten ze het busje plots halt houden bij een paar souvenirwinkeltjes, duwen ons Azerbeidzjaanse manaten in de handen en knikken in de richting van twee mannen die achter ons stopten. ‘De geheime dienst, ga even doen alsof jullie toeristen zijn.’

Bij de volgende stop, een supermarkt die van naam moest veranderen en nu een Engelse titel draagt (‘Je mag naamborden ophangen in elke taal die je maar wilt, in het Russisch, het Engels, in Marsmannetjestaal – zolang het maar geen Lezgin is’) gaat onze chauffeur ervandoor. Hoewel hij ook Lezgin is en onze gesprekken op zich onschuldig zijn, is hij bang voor de mogelijke gevolgen. ‘Ze noemen je een Sadvalist, een terrorist, planten drugs in je huis of in je jaszak en arresteren je’, legt Elhad uit. Sadval was de naam van de nationale Lezginbeweging, die beschuldigd werd van de bomaanslagen in de metro van Baku in 1994.

Corruptie

Is het dan onmogelijk om als etnische Lezgin een baan bij de overheid, bijvoorbeeld de politie, te krijgen? Nee, zegt Ruslan, er is een factor die nog veel bepalender is: geld. ‘Betaal, en je krijgt een plek op de politieacademie. Betaal, en je slaagt voor je examens. Betaal, en je krijgt een mooi postje als officier en kan zelf extraatjes beginnen vragen. Je moet er natuurlijk niet expliciet voor uitkomen dat je Lezgin bent, je moet het discours van de regering volgen.’

Ook aan de top lijkt corruptie welig te tieren, op een exponentieel grotere schaal: in 2010 raakte bekend dat de toen twaalfjarige zoon van de president de officiële eigenaar was van zo’n dertig miljoen aan vastgoed in Dubai, zijn dochters zijn mede-eigenaar van een grote holding die bij het ineenstuiken van het communistische systeem op een schimmige manier geprivatiseerd werd. Zelf mag Aliyev als president geen bedrijven bezitten.

Die eigendomsstructuren werden deels blootgelegd door Khadiya Ismayilova, een onderzoeksjournaliste die we in hoofdstad Baku ontmoeten. Zij is niet op haar mondje gevallen en heeft geen goed woord voor het regime over. ‘De repressie is zwaar in de aanloop naar de verkiezingen. Verschillende journalisten zijn gearresteerd. Ze dwingen nu ook politieke gevangenen om brieven te schrijven ter ondersteuning van de kandidatuur van Aliyev. Wetten over de vrijheid van informatie werden aangepast. Demonstraties in het centrum van de stad zijn verboden. Verschillende van de zogezegde presidentskandidaten zijn een georganiseerd alternatief van de overheid: alle kandidaten moeten volgens de wet evenveel televisietijd krijgen, het regime wil er zoveel mogelijk zodat ze allemaal erg weinig aan bod komen.’

Kaviaardiplomatie

Baku is een bijzondere stad. De elegant-oosterse architectuur van het historische centrum steekt scherp af tegen hypermoderne wolkenkrabbers zoals de Flame Towers, die ’s avonds een LCD-lichtspel laten zien. In de centrale shoppinglanen hangen kroonluchters, alles is er zo nieuw en kraaknet dat we ons haast in Disneyland wanen. Verschillende voetgangerstunnels lijken wel van marmer gemaakt en zijn uitgerust met licht zoemende roltrappen. De stad is in volle transformatie, hele wijken werden gesloopt en voor de komende jaren staan nog meer prestigieuze nieuwbouwprojecten in de steigers.

Dit is de achtergrond waartegen volgens de tegenstanders van het regime de zogenaamde kaviaardiplomatie zich afspeelt. De overheid legt volgens hen buitenlandse diplomaten in de watten, die dan al eens een oogje zouden durven dichtknijpen.

Paul Wille, tot enkele jaren geleden senator voor Open VLD en ondervoorzitter van de Raad van Europa, is niet te spreken over de term. Hij volgt de situatie in Azerbeidzjan al meer dan tien jaar op, onder andere als verkiezingsobservator. ‘De oppositie zelf komt enkel aan met eigen frustraties en kritiek op Aliyev, concrete alternatieven hebben ze niet. Het is een sterk gepolariseerde situatie: ofwel is men voor de Azerbeidzjaanse overheid en wordt men bestempeld als kaviaardiplomaat, ofwel tegen, en dan ben je de grote eerlijke mens. Weinig mensen willen de dynamiek, de positieve evolutie zien.’

Volgens hem wordt Azerbeidzjan op het internationale plan beoordeeld volgens een dubbele standaard. ‘Ook in Armenië heb je politieke gevangenen, ook in Duitsland of het Verenigd Koninkrijk bezitten familieleden van politici grote bedrijven. Je mag ook niet vergeten dat het geen standaardsituatie is, een derde van het land wordt bezet door een vreemde mogendheid. Als op het einde van de dag 85 procent van de bevolking is komen stemmen en 80 procent daarvan voor de president kiest, om welke reden dan ook, kan je niet zeggen dat de verkiezingen oneerlijk verliepen. Dat betekent niet dat ze free and fair zijn, het is een regime en geen volksdemocratie, maar de progressie moet ook erkend worden.’ 

* Om onze gesprekspartners te beschermen zijn de namen fictief.

** NB: Intussen is geschiedenisprofessor en oud-parlementslid Jamil Hasanli naar voren geschoven en formeel aanvaard als uitdager van Aliyev

Deze reportage kwam tot stand in het kader van een fact-findingmissie georganiseerd door Unrepresented Nations and Peoples Organization (UNPO). De resultaten hiervan kan je hier nalezen.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur