De wortels van de tolerantie

Er was eens een draak die leefde aan de voet van het Himalaya-gebergte. Het was een kwaadaardige draak die vuur spuwde. Wie te dichtbij kwam, was er geweest. Op een dag kwam er een bodhisatva langs. Dit is een boeddhistische geestelijke die alle wezens van lijden probeert te verlossen. ‘Mijn zoon, stop met doden’, zei de bodhisatva tegen de draak.
‘Wie zich aan de vijf boeddhistische voorschriften houdt zal gelukkig worden.’ Toen de draak deze woorden hoorde, onthield hij zich van alle geweld. Tot dan hadden de kinderen de draak altijd gevreesd, maar toen ze zagen dat hij vriendelijk geworden was, verloren ze hun angst. Het duurde niet lang of ze sprongen op hem, trokken aan zijn staart en staken stenen in zijn mond. Na een tijdje werd de draak ziek en toen de bodhisatva nog eens langs kwam, riep de draak: ‘Ik heb me aan de vijf voorschriften gehouden, maar ik ben allesbehalve gelukkig.’ De bodhisatva antwoordde: ‘Geweldloosheid en mededogen zijn niet voldoende. Je moet deze eigenschappen combineren met wijsheid. Dit is de manier om jezelf te beschermen. Als de kinderen je nog een keer doen lijden, toon je gewoon je vuur. Daarna zullen ze je niet meer lastig vallen.’ Boeddha noemde dit evenwicht tussen mededogen en wijsheid ‘de middenweg’.

Boeddha is geen god

Nergens heeft men ooit een oorlog gevoerd met de Leer van de Boeddha als voorwendsel en nooit is er iemand verplicht geweest zich tot het boeddhisme te bekeren. Vanwaar komt die tolerantie ? Frans Goetghebeur, nationaal voorzitter van de Boeddhistische Unie van België, ziet verschillende factoren: ‘In het boeddhisme zijn er geen dogma’s gangbaar. Het is dus niet nodig wat dan ook op te leggen aan wie dan ook. De gelijkmoedige manier waarop de Boeddha spreekt sluit hierbij aan. Hij gebruikt geen geboden of verbodsbepalingen. De Boeddha zal niet zeggen: ‘Gij zult niet stelen.’ De Boeddha zal eerder zeggen: ‘Het is beter niet te nemen wat je niet gegeven is.’ Eigenlijk bedoelt hij hetzelfde, maar de niet gebiedende manier waarop hij mensen aanspreekt, schept ruimte voor kritisch denken.’ In het boeddhisme bestaat er geen godsbegrip zoals de christenen dat kennen. Boeddha was een gewoon man. ‘Ook dit is een grond voor de tolerantie in deze religie’, zegt Frans Goetghebeur. ‘Theïstische godsdiensten zijn afhankelijk van een vast referentiepunt, God. De soepelheid om mee te evolueren met maatschappelijke problemen is volgens mij groter in een religie zonder vast referentiepunt. Er is een oosterse uitspraak die zegt: ‘Je moet redeneren volgens de nerven van de jadesteen.’ De middelen die de wetenschap en de filosofie gebruiken, moeten zo soepel zijn dat ze kunnen samenvallen met de onvoorspelbaarheid van de werkelijkheid. Het heeft geen zin te zoeken naar vaste grond. Alles wat bestaat is samengesteld uit bouwstenen van de werkelijkheid en die bouwstenen blijven altijd verder opdeelbaar. In de kwantumfysica komt men nu tot dezelfde vaststelling als de Boeddha 2500 jaar geleden: de uiteindelijke waarheid is energie, relatie en onderlinge afhankelijkheid.’

Door de woede bevangen

Los van het niet-theïstische karakter van het boeddhisme, zitten er in de Leer van de Boeddha nog veel factoren vervat die bepalend zijn voor de tolerantie in deze religie. Het principe van geweldloosheid is er één van. De Boeddha zei: ‘Haat wijkt niet voor haat maar geneest enkel door liefde. Dit is een oude en eeuwige wet.’ Volgens Shitoku Adriaan Peel, godsdiensthistoricus aan de Antwerpse Faculteit voor Vergelijkende Godsdienstwetenschappen, is ‘geweldloosheid’ -ahimsâ in de Leer van Boeddha- geen écht boeddhistisch begrip. ‘Het principe van geweldloosheid komt voort uit het jainisme, de strekking binnen het hindoeïsme waarvan ook Ghandi deel uitmaakte. Boeddhisten voelen ahimsâ aan als te negatief. Ze vinden dat het principe leidt tot extreme en absurde houdingen in het leven.’ Het principe van geweldloosheid vinden we ook terug in de christelijke leer. Jezus Christus zei dat we onze medemens, zelfs onze grootste vijand, lief moesten hebben. Toch wordt dit niet zo vaak in de praktijk gebracht. Een gemis aan innerlijke kracht ? Waar halen de boeddhisten die kracht vandaan ? ‘Meditatie’, zegt Frans Goetghebeur. ‘Meditatie is een manier om vast te stellen hoe emoties opkomen en verdwijnen.’ Of zoals de Tibetaanse geestelijke leider Lama Karta zegt in zijn boek ‘Inleiding tot het boeddhisme’: ‘De essentiële functie van meditatie bestaat erin onze oude gewoonten, die oorzaak zijn van ons lijden, te vervangen door nieuwe gewoonten. Storende mentale factoren zoals woede, gehechtheid, jaloersheid, hoogmoed en ontmoediging zijn emoties die onze geest in de war brengen. We willen ons eigenlijk niet kwaad maken, maar we worden door de woede bevangen. Om het hoofd te kunnen bieden aan dergelijke storende emoties, moeten we ze eerst en vooral herkennen.’ Meditatie leidt tot innerlijke vrede en voor Maha Ghosananda is dit de voorwaarde om ook op nationaal niveau vrede te bekomen. ‘Een boeddhist is echter niet noodzakelijk iemand die zweert bij pacifisme in de zin van laksheid, zegt Frans Goetghebeur. ‘Als je mediteert krijg je een heldere kijk op de situatie en weet je precies hoe je efficiënt kunt handelen. En boeddhisten handelen. Kijk maar naar de aanpak van Aung San Suu Kyi in Birma. Het is niet zo eenvoudig om tegenstand te bieden in zo’n maatschappij waar alles dichtgemetseld is door de militaire junta. Je kunt daar geen kik geven of je vliegt achter de tralies. Daar, ondanks haar gevangenschap, pleegt zij geweldloos verzet. Op korte termijn zijn de resultaten van die geweldloosheid niet altijd te merken, zoals in Tibet bijvoorbeeld. Mensen hebben wel eens de neiging om dit te wijten aan de naleving van het principe van de geweldloosheid. Men stelt het voor alsof geweldloosheid een teken van zwakheid is, terwijl je juist heel veel moed moet hebben om te weigeren de wapens op te nemen. En wat zie je in Mongolië ? Na 70 jaar van onderdrukking van het boeddhisme door de communisten komt de boeddhistische beleving terug naar boven.’ Tolerantie onder de vorm van geweldloosheid lijkt eerder de kracht van het boeddhisme dan de zwakheid. Sulak Sivaraksa -een belangrijk Thais denker- schreef: ‘In conflictsituaties, is de geweldloosheid zowel het einddoel als de manier om dit doel te bereiken. Wanneer geweldloosheid deel uitmaakt van ons dagelijks leven, geven we op die manier water aan de zaadjes van een geweldloze samenleving.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift