De zoete smaak van het leven

Twintig jaar geleden werd een sluier geworpen over Iran. Aan de ene kant was er de islamitische revolutie van ayatollah Khomeiny, die het land wou afschermen van de duivelse invloeden van het Westen. Aan de andere kant waren de westerse media al even gedreven om de diepe overtuigingen van de mensen in Iran te onttrekken aan het oog van het eigen publiek. God zij dank bestaat er nog zoiets als onafhankelijke cinema, waardoor knipseltjes van het gewone leven en denken de grenzen kunnen overschrijden.
De Iraanse filmmakers hebben de afgelopen jaren al heel wat pareltjes in onze zalen gedropt, al was het altijd voor kleine groepjes kijkers. ‘De Witte Ballon’ van Jafar Panahi deed het een paar jaar geleden wel eventjes goed en op filmfestivals als ‘Focus op het Zuiden’ in Turnhout en ‘Cinema Novo’ in Brugge zijn de Iraanse films een vaste waarde. Vorig jaar stonden er in Turnhout acht Iraanse prenten op het programma. Cinema Novo programmeert er dit jaar zeker zes.

Eén van de meest opvallende filmmakers uit Teheran is Abbas Kiarostami. Van hem loopt momenteel ‘Le Goût de la Cerise’ -en wij weten ook niet waarom die Franstalige titel niet gewoon in het Nederlands vertaald kan worden. ‘Le Goût de la Cerise’ gaat over de zoete smaak van het leven. Over de heerlijke maan en het mysterie van de sterren. Over het proeven van moerbeien en kersen. Over het lied van de nachtegaal en het gefluister van de zachte regen. Toch is ‘Le Goût de la Cerise’ geen romantische film. Integendeel. Om iets te tonen van het mooie in de wereld, kiest Kiarostami ervoor om zelfmoord tot het centrale thema van zijn film te maken. Hij heeft zich, naar eigen zeggen, geïnspireerd op de kwatrijnen van de klassieke Perzische dichter Omar Khayyam. ‘De wereld was niet onvolkomen voordat wij leefden en zodra wij verdwenen zijn, zal blijken dat niets veranderd is’, citeert hij de elfde-eeuwse Perzische dichter. Kiarostami: ‘Om over het leven te spreken, toont Khayyam ons de dood. Alsof hij wil zeggen dat je het leven niet kunt bewonderen zonder de dood in de ogen te kijken.’ Toch is ‘Le Goût de la Cerise’ geen deprimerende film. Integendeel.

Mijnheer Badii heeft besloten zelfmoord te plegen en is gewoon een hele film lang op zoek naar iemand die twintig scheppen grond over zijn lijk wil gooien. Hij wil er ook voor betalen. Op geen enkel moment verschijnt hij samen in beeld met een van zijn gesprekspartners: zijn isolement is bijna totaal. De Iraans-Koerdische soldaat en de Afghaanse geestelijke wijzen het voorstel af, uit angst of uit overtuiging. De Turkse ambtenaar van het Museum, die juist wel heel goed onder woorden weet te brengen wat de zin van het leven is, aanvaardt. Hij weet dat het leven alleen de moeite is, als een mens ervoor kiest. Maar hij weet ook dat, om tot die positieve keuze te komen, de mens moet veranderen. De wereld en het leven blijven immers altijd hetzelfde. Het hele verhaal wordt gebracht alsof het over de prijs van brood gaat. Dat absolute gebrek aan gevoelens is lichtjes verwarrend. We zijn gewoon aan uitvergrote emoties en zeker in verband met het zelfmoordthema is afstandelijkheid niet wat we verwachten. Wie de film toch onaangedaan uitzit, krijgt in de laatste minuten nog een slot opgediend dat de schijnbare vanzelfsprekendheid van het voorafgaande verhaal in vraag stelt. ‘Ik wil de kijker niet gijzelen door het monopolie over de betekenis van de film op te eisen’, zegt Kiarostami. ‘Ik hou meer van een film die zich in mij vastzet als ik de zaal verlaat.’ Voor hem gaat die slotscène over een soort verrijzenis: de boom bloeit weer, het gras is weer groen en of de hoofdpersoon al dan niet gestorven is, doet er niet zoveel toe. De mens kan verdwijnen, het leven gaat onverstoorbaar verder.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur