De zwarte kusten van Gonzaga

Terwijl Chinese mijnbedrijven Gonzaga van de kaart graven, probeert de burgemeester van dit Filipijnse kuststadje de lokale milieuactiviste het zwijgen op te leggen. ‘De kans dat ik voor de verkiezingen wordt ontvoerd of vermoord is reëel,’ zegt Esperlita Garcia.

Gonzaga, provincie Cagayan, het uiterste noorden van de Filipijnen. Aan het reclamebord “Discover Gonzaga’s Secret”, slaan we af naar de kust. Enkele honderden meter verder, op een sprintje van de oceaan, ligt Club Carmela er verzopen bij. Links en rechts van de club wordt er zwaar gegraven.


Black sand mining in Gonzaga.

Ik laat milieuactiviste Esperlita Garcia (62) achter in de auto, ze is bang. Geen vijf minuten later proberen drie veiligheidsmensen me van het verwoeste strand te intimideren. Foto’s nemen lag niet. De burgemeester en zijn zakenpartner, het Chinees mijnbedrijf Huaxia, hebben een hekel aan pottenkijkers.

Black sand mining

Geen zon, zee en margarita aan deze lange kustlijn. Gonzaga’s secret is smeriger. Ik zie enorme groeves, continu vrachtverkeer, ondergelopen zandkraters, graafmachines en zenuwachtige bewakers. Vlak naast de club ligt een enorme machine die de magnetiet van het zand scheidt. Black sand mining is the name of the game. Het afval belandt in een klein meertje, de rest gaat een Filipijnse of Chinese kiepwagen op.

De verwoesting is verbijsterend en onverwacht. Gonzaga is immers de geboorteplaats van Juan Ponce Enrile, de machtige Godfather van de Filipijnse politiek en huidig voorzitter van de Filipijnse Senaat. Als er een gemeente aan de strooplust van Chinese en Taiwanese mijnbedrijven kan ontsnappen, dan is het Gonzaga wel. ‘Maar Enrile heeft zijn grond aan de Chinezen verkocht,’ zegt Garcia.

Eco- en strandtoerisme, dat verwacht ik in dit kusstadje van 35.000 mensen, op 600 kilometer ten noorden van de Filipijnse hoofdstad Manila. De verbluffende stranden aan het Kanaal van Babuyan, de vulkaan Cagua, de uitlopers van het Sierra Madre gebergte en de ongeschonden wouden lijken geknipt voor een reportage op National Geographic.

Maar dagelijks rijden meer dan honderd zware kiepwagens die illusie aan flarden. Onafgebroken voeren ze hun lading magnetiet of black sand drie kilometer verder naar de haven, Port Irene. Daar wordt het zwart vulkaanzand naar China, Singapore of de VS getransporteerd voor de staalindustrie, voor landwinning en zandsuppletie. Terwijl rijke naties met dit zwarte zand hun kusten versterken tegen de stijgende zeespiegel, krijgt het water vrij spel in het noorden van de Filipijnen. De zee staat in huizen en wijken.

Hard tegen hard

Buitenlandse mijnbedrijven zijn al enkele jaren de kusten en rivieren van de provincies in het noorden van Luzon aan het exploiteren. The Center for Environmental Concerns — Philippines trok in 2011 aan de alarmbel. De intensieve mijnbouw zorgt voor zware erosie aan rivieren en kusten en maakt de gemeenschappen erg kwetsbaar voor natuurgeweld. Verschillende bewegingen – van vissers tot de katholieke kerk en milieuactivisten – protesteerden tegen deze roofbouw. Soms haalden ze hun slag thuis, maar meestal legden ze de duimen. Zoals in Buguey, op 15 kilometer van Gonzaga, waar al vijf milieuactivisten werden afgemaakt en burgemeester Ignacio Taruc aan de kant werd gezet voor iemand die veroordeeld was voor meervoudige moord.

Ook in Gonzaga is het hard tegen hard. Black sand mining of magnetietmijnbouw maakt de gemeente kapot, maar maakt bepaalde politici, zoals de burgemeester, schatrijk. Hele lappen strand en grond worden hier afgegraven. Elke vrachtwagen die ik zie passeren is goed voor 20.000 euro. In een provincie waar het gemiddelde inkomen per familie onder de 160 euro per maand ligt, kan dat tellen. En nog straffer: dit is illegaal. Magnetietmijnbouw zo dicht bij de kustlijn zijn verboden.

In het pension van milieuactiviste Esperlita Garcia houden de nachtelijke explosies van sandblasting, het dynamiteren van het zand, iedereen al maanden wakker. Garcia’s huisje ligt recht tegenover de weg die naar een van de twee mijnsites leidt, 400 honderd meter verder, aan de kust. Ze laat me in haar woning, bijgestaan door haar computerwijze dochter, haar strijd zien op een televisiescherm. De vrouw belandde in een mediastorm toen ze in oktober 2012 in ware CSI-stijl werd gearresteerd door drie politieagenten in burger. Op last van de burgemeester Carlito Pentecostes Jr. die haar beschuldigde van eerroof.

‘Perlita’ Garcia is de stichter of de Environmental Online Group en lid van heel wat milieuorganisaties. Zeventien maanden voor haar arrestatie had ze op haar Facebookpagina kort verslag uitgebracht van een uiteengeslagen betoging van enkele duizenden vissers, boeren en milieuactivisten tegen de nefaste impact van de mijnactiviteiten in Gonzaga. Tegen de delocatie van burgers, de vervuiling op land en zee, de verwoesting van het stadje en de natuur, de plunderlust van de burgemeester en de daarmee gepaard gaande inbreuken op de mensenrechten.

Lang duurde het vredige protest niet. Samen met 50 bewapende politiemensen brak de burgemeester Pentecostes de betoging op. Hij vernietigde een camera en deelde enkele klappen uit, liet Gonzaga als voorzitter van de Gonzaga Alliance for Environmental Protection and Preservation aan haar Facebook achterban weten. Pentecostes vertelde de media later dat hij de vrouw een lesje wilde leren voor haar arrogantie.

David en Goliath

Op basis van een wet die nog niet was geïmplementeerd, de felbetwiste Cybercrime Law, werd oma Garcia als een zware crimineel opgepakt door het National Bureau of Investigation en naar een cel in Tuguegarao City opgesloten, 2,5 uur verderop. ‘Intimidatie. De volgende dag werd ik na betaling van 10.000 pesos (200 euro) op borg vrijgelaten,’ zegt de vrouw. ‘Intussen loopt de zaak nog en heeft dit me al 400.000 pesos (8.000 euro) gekost aan advocaten en gerechtskosten. De burgemeester heeft zelfs een tweede aanklacht ingediend. Hij probeert me te ruïneren.’

Garcia toont me de rest van de kustlijn. We bezoeken de ene na de andere barangay tot aan Port Irene. De schade aan het milieu is onthutsend. Niets of niemand ontsnapt aan het mijngeweld. ‘Nu zijn ze ook in de zee voor onze kust bezig,’ zegt ze. ‘En de burgemeester heeft al aangekondigd na de verkiezingen toelating te geven om in de bergen te beginnen mijnen. Dat wil ik absoluut tegenhouden.’

In barangay Santa Cruz donderen de kiepwagens zelfs door het kerkhof. Tot aan de graven loopt het pokdalige terrein van de ertsverdeling plaatsvindt. ‘Volgens Pentecostes worden hier geen toxische substanties gebruikt, maar de vissterfte in naburige vijvers vertelt anders,’ zegt Garcia. Probleem is dat we geen inzage krijgen in de papieren. Ook niet van de gouverneur. We kunnen enkel hopen dat de Freedom of Information Act snel door het parlement wordt goedgekeurd. Maar het ziet er alvast niet naar uit.’

Op het vernielde strand van Santa Baau zijn mensen bezig om het laatste zwarte zand aan het strand te ontfutselen. ‘Ze verkopen dat aan de zoon van de burgemeester voor minder dan een halve euro per pak,’ zegt Garcia. ‘Die heeft hun zelfs gratis een apparaat ter beschikking gesteld om magnetisch zand te vinden.’

David en Goliath vechten ook aan de straat van Babuyan. ‘De problemen ontstonden nadat ik de autoriteiten in Manila op de hoogte had gebracht van de mijnactiviteiten,’ zegt Garcia. ‘In april 2011 vielen ze binnen op de sites van de Chinese bedrijven Lian Xing Stone Carving en Huaxia Mining and Trading in de barangays Calayan en Batangan.’ In dat jaar had burgemeester Pentecostes de dorpshoofden overtuigd om Huaxia, onderdeel van het Chinese staatsbedrijf Shandong Iron and Steel Group Co, in hun gebied te laten mijnen. Garcia: ‘In aanwezigheid van een peloton van het 17de Infantry Battalion van het Filipijnse leger. De mensen durfden niet te weigeren. En het ging om small scale mining, niet de roofbouw die nu bezig is.’

Alles moet eraan geloven voor de mineraallust van de Chinese bedrijven. Ze graven het zand af tot net aan een school, graven tussen de huizen, soms aan twee kanten van een woning. Flagrante overtredingen op de Mining Act van 1995, maar niemand die dit durft stoppen. ‘Logisch dat mensen hun grond verkopen, ze worden gedwongen. Dat ook Enrile zijn grond heeft verkocht, en de rest van zijn barangay wordt afgegraven, spreekt boekdelen. Het is trouwens bevestigd door de gouverneur: hij kan niets doen omdat er politici met meer macht in het spel zijn. Moet ik er een tekening bijmaken?’

Levensgevaarlijk

Burgemeester Carlito Pentecostes, een voormalig ingenieur voor de National Irrigation Administration, is heer en meester in Gonzaga. Zijn deal met de Chinese mijnbedrijven, heeft hem geen windeieren gelegd. Garcia: ‘Pentecostes heeft 163 miljoen gekregen van Huaxia. De mensen zien daar weinig van. Hij bezit een goed deel van de vrachtwagens, net als het benzinestation. Hij kan alle stemmen kopen die hij wil.’ Pentecostes is een Filipijns-Amerikaanse zakenman die zijn fortuin aan de overkant van de Stille Oceaan maakt in de thuiszorg. Samen met zijn vrouw Marylin en zoon Tome runt hij daarnaast het schimmige bedrijfje Cfpi Trucking in Houston, Texas. Twee van zijn zonen zijn ook al veroordeeld: een bromt levenslang voor drugsbezit, een ander wacht nog op zijn straf voor een moordpoging.

Pentecostes zelf is ook geen watje. In 2005 werd hij veroordeeld tot drie maanden gevangenis omdat hij in september 1998 een man had beschoten. De eerste aanklacht — poging tot moord — werd door het hooggerechtshof plots omgezet in “fysieke verwondingen”. Garcia: ‘Dankzij zijn bondgenootschap met de machtige Enrile dynastie.’ Twee van zijn zonen waren betrokken bij criminele feiten: een schietpartij en drugs- en wapenbezit.

Garcia vreest voor haar leven naarmate de verkiezingen in mei naderen. ‘Drie dagen nadat ik had geweigerd om met te laten omkopen, werd ik als een zware crimineel opgepakt. De burgemeester zet me voortdurend onder druk met een nieuwe klacht. Vorige week nog, totaal ongegrond, maar het werkt. Onze dokter durft na negen van die klachten niet meer opkomen als kandidaat-burgemeester. De dochter van de vorige kandidaat-burgemeester, Rosefina Abatto-Serrano, is vermoord tijdens de aanloop naar de vorige verkiezingen. Ook hij durft niet meer opkomen. Men heeft me laten weten dat de burgemeester drie opties ziet: me laten ombrengen, de moord op een van zijn bodyguards in mijn schoenen schuiven of me kidnappen.’

Garcia heeft dat aan de reporter van de Daily Inquirer laten weten. ‘Om me te beschermen. Ik heb ook CCTV laten installeren en kom nauwelijks nog het huis uit. Ik heb zopas iemand van de mensenrechtencommissie thuis ontvangen. Ik wacht nu op de oproep van de ombudsman in Tuguegarao City. Of Garcia als burgemeester de kans krijgt om de vernietiging van haar stad te stoppen, is twijfelachtig. “Veel mensen zijn tegen de mijnbouw, zelfs als ze er tijdelijk een job mee hebben. Maar Pentecostes zal vele stemmen kopen en heel wat mensen onder druk laten zetten. Geld is de belangrijkste kracht op de Filipijnen.’

Een paar dagen na onze eerste ontmoeting krijgt Garcia opnieuw aan klacht aan de broek wegens belastingontduiking. De burgemeester krijg ik niet te spreken. ‘Hij is twee weken naar Canada voor zaken,’ klinkt het op het stadhuis. ‘Komt u later maar eens terug.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3146   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift