Democratie went niet aan extreem-rechts

‘Het Vlaams Belang wil de democratie uithollen of buiten werking stellen. Daarom moet die partij bestreden worden. Wij horen dit soort simpele stellingen vaak verkondigen, en dat stoort ons’, schrijven Carl Devos en Dries Verlet van de Vakgroep Politieke Wetenschappen, Universiteit Gent. Zij vinden dat ook in de discussie over extreem rechts intellectuele eerlijkheid en redelijkheid geboden blijven. ‘Tegenover de brutale rauwheid en het destructief simplisme van de antidemocratische retoriek moeten geen verwijten maar argumenten gesteld worden.’
De stemuitslag van zondag 13 juni 2004 was, dixit toenmalig VLD-voorzitter De Gucht, een “kloteresultaat”. Met een groei van 8,3 procent ten opzichte van de vorige verkiezingen van het Vlaams Parlement op 13 juni 1999, en een groei van 6,2 procent ten opzichte van de Kamerverkiezingen van 18 mei 2003, was het Vlaams Belang in alle vergelijkingstabellen dé absolute winnaar. Erger lijkt moeilijk denkbaar, maar niemand durft nog inzetten op een sociologisch plafond, dat in het verleden vaak onder het resultaat van 2004 (24 procent) werd gesitueerd. De verontwaardiging over dit VB-resultaat blijkt echter vatbaar voor slijtage. We zijn het stilaan gewoon, dat verkiezingen in Vlaanderen samengaan met een groei van het aantal VB-zetels. Al wie einde de jaren tachtig of daarna voor het eerst mocht stemmen, heeft nooit iets anders gekend dan VB-successen.
Zit er niets anders op dan te wachten op de onvermijdelijke dag dat het Belang zichzelf in de vernieling rijdt en de VB-kiezers zullen inzien dat het Belang hun problemen niet kan oplossen? Vandaag durft niemand te voorspellen wanneer die dag zal komen. Wel dat die niet op 8 oktober 2006 zal vallen. Politici houden de snelste weg naar de politieke schuilkelders in het oog. Een nieuwe zwarte zondag wordt simpelweg in de meeste uitgangsscenario’s opgenomen. Alsof het een evidentie is. Al blijft het VB in vele steden en gemeenten tijdens lokale verkiezingen zwakker dan in regionale en federale verkiezingen, waar ze met landelijke thema’s beter weg komt. Maar het VB is ook op dit vlak aan een inhaalbeweging bezig, met meer lijsten en meer landelijk personeel dat ook lokaal ingezet wordt. Bovendien investeert de partij tussen de verkiezingen in veel in lokale nabijheid.
Er is niet slechts één factor die het VB succes verklaart. Als ongeveer een kwart van kiesgerechtigd Vlaanderen voor het VB opteert, dan charmeert die partij verschillende categorieën kiezers. Die hebben eigen, soms zelfs tegenstrijdige redenen voor hun stemvoorkeur. De ene VB’er is dus de andere niet (meer). Uiteraard zijn er verschillende kenmerken waarop VB-kiezers zich van anderen onderscheiden. Daartoe behoren een aantal sociaaldemografische kenmerken, zoals sociaaleconomische status of opleidingsniveau.
En zelfs een aantal persoonlijkheidskenmerken of sociale attitudes, zoals een meer dan gemiddelde sympathie voor traditionele gezinswaarden, voor wet en orde, of voor hiërarchie en autoritarisme. VB-kiezers zijn echter niet onderhevig aan een of andere afwijking die hen van nature koeler en killer maakt dan normale, gezonde medeburgers. Dat is misschien schrikwekkend maar anderzijds ook hoopgevend nieuws. Als bijna een kwart van de Vlaamse kiezers voor deze partij opteert, gaat het niet meer om een tijdelijke, conjuncturele beschavingsziekte die zich via een vergissing uit, maar om een stilaan gemiddelde volksopvatting die nog steeds aan aanhang lijkt te winnen en structureel is ingebed.

Noorden


Het succes van extreemrechts is in eerste instantie het resultaat van de evolutie naar een postindustriële samenleving. De vertrouwde sociaalculturele en sociaaleconomische bakens van weleer lijken voor velen onder ons losgeslagen. De geruststellende en voor anderen verstikkende zekerheden lijken het te begeven. Alsof de gemeenschap wordt opengebroken. Individualisering, juridisering, flexibilisering, deregulering, secularisering, commercialisering, detraditionalisering, feminisering, desindustrialisering, responsabilisering en nog vele andere moeilijke woorden bezingen het bevrijde individu dat met meer vrijheid maar ook met meer zelfstandigheid en onafhankelijkheid de wereld kan, neen, moet bereizen.
Wat vele kiezers van het VB met elkaar delen, is angst en onzekerheid. Angst voor de onbekende, onzekere toekomst, voor verlies van welvaart of ijkpunten in de vorm van tradities en cultuur. Wij kunnen daar lekker postmodernistisch smalend over doen, en blijmoedig onze bevrijding bejubelen, voor anderen is deze verplichte vrijheid beklemmend. Heel veel binnen- en buitenlands onderzoek heeft het verband aangetoond tussen toegenomen onzekerheid en meer concurrentie op de arbeidsmarkt en het succes van extreem rechts. Niet enkel de drop-outs van de arbeidsmarkt worden naar extreem rechts gedreven, ook veel winnaars. De stress neemt toe, de sociale bescherming kalft af of wordt voorwaardelijker.
Door de sociaaleconomische veranderingen werd de klassieke sociaaleconomische breuklijn minder relevant. In elk geval ontstond een nieuwe, sociaalculturele breuklijn, die niet meer in eerste instantie handelde over sociaaleconomische herverdelingsvraagstukken, maar over samenlevingsproblemen die te maken hadden met de komst van migranten, en, vooral, met het verlies van traditionele zekerheden. Niet voor iedereen betekenden individualisering, flexibilisering en de postmaterialistische waarden en streefdoelen een welgekomen bevrijding. Vooral scholing en het opleidingsniveau blijkt in deze nieuwe tweedeling een belangrijke scheidslijn te vormen tussen degenen die al deze veranderingen en nieuwe uitdagingen verwelkomden en anderen die niet gediend waren met deze nieuwe toestand.
De erosie van sociaaleconomische voorzieningen en verhoudingen, het wegsmelten van werkzekerheid en jobinhoud, het verdwijnen van vertrouwde samenlevingsverbanden en van traditionele waarden en normen, het verslappen van de voorspelbare, geordende maatschappij deed sommigen hunkeren naar meer recht en orde, naar autoriteit, naar herkenbare identiteit, naar de vergane (en vooral ingebeelde) warmte van de homogene natie met duidelijke bakens, fatsoenregels en richtlijnen.
Die sociaaleconomische veranderingen en onzekerheden -lees: het globaliseringsproces- hebben zich geënt op sociaalculturele thema’s. Beide zijn enerzijds afzonderlijke groeifactoren voor het succes van extremistische partijen, maar ze zijn anderzijds ook met elkaar verbonden. Dat verklaart waarom ook laaggeschoolden met een linkse oriëntatie, geconfronteerd met ‘rationalisaties van het productieproces’ en fabriekssluitingen, voor het VB opteerden, ondanks de overduidelijke rechtse oriëntatie van die partij. Die sociaaleconomisch ontwrichte kiezers vielen voor de rechtse sociaalculturele posities van die partij.
Nadien is dat electoraat ook versterkt met hogergeschoolden en met kiezers die minder, geen of andere sociaaleconomische onzekerheden hadden. Dat zijn de kiezers uit de zogenaamde betere buurten wier VB-stem vooral verklaard kan worden vanuit hun sociaalculturele attitudes en opinies. Al zijn ook deze kiezers, net als alle anderen in een welvarende regio, vatbaar voor welvaartschauvinisme.

De krimpende staat


De overheid heeft haar eigen bijdrage geleverd tot de onzekerheid in het leven van haar burgers, bijvoorbeeld door haar kerntaken in te krimpen en dus meer verantwoordelijkheid te geven aan de individuele burger, door de efficiëntie-manie die onder andere via New Public Management en andere klantvriendelijke moderniseringstechnieken gepropageerd werd, door het bewieroken van individuele verantwoordelijkheid onder het mom van ‘gelijke kansen’, door het aanvaarden van groeiende ongelijkheden, door het in de wereld sturen van noodkreten over de fundamentele hervorming van een economie gebaseerd op industrie en diensten naar een die steunt op kennis, ICT en creativiteit met de daarbij horende eindeloze bijscholing of e-learning, door het verspreiden van de onheilsboodschap dat de welvaartsstaat kraakt en kreunt en dat er dus maar beter gespaard kan worden bij een van die vele private, aanvullende (spaar)verzekeringen voor de ziekenhuiskosten of de oude dag, enzovoort, enzoverder.
Dat maakt dat zelfs sommige goed opgeleide, squashende tweeverdieners met evenveel auto’s als kinderen, druk in de weer met de afbetaling van huis en vakanties en elkaar voorbij hollend in de dagplanning, vastgeklampt aan hun eigen uitdagende job, met onrust uitkijken naar de nieuwe, jongere aanwinst op het departement met kwakkelende kwartaalcijfers.
Het vertrouwen in de overheid en haar voorzieningen terugwinnen, is essentieel als we extreem rechts de wind uit de zeilen willen nemen. Vele kiezers respecteren ‘de politiek’ -voorgesteld als een monolithisch, wereldvreemd blok- niet, omdat ze zich door de politiek niet gerespecteerd voelen. Dat ze zich daarin vaak vergissen, is een andere zaak.
Daarenboven herkennen heel wat kiezers zich onvoldoende in de bestaande partijen en politici. Vandaag hebben alle partijen zich zeer intens met het staatsapparaat geïdentificeerd. Bovendien zijn partijen ook publieke ondernemingen geworden, die voor hun werking afhangen van overheidssteun. Daarmee smelt het onderscheid tussen de staat, de overheid en de politieke partijen weg. Als er dus iets schort met het staatsapparaat, met het overheidsoptreden tout court, dan delen de partijen in de klappen. Want zij zijn de overheid.

Ideale schoonzoon


Naast de toenemende onzekerheid, bestond in Vlaanderen een voor extreem rechts geschikt organisatorisch netwerk. Dat steunde op een deel van de Vlaamse beweging, dat zodoende de partij een wijdvertakt reservoir van militanten opleverde. Want kiezers alleen volstaan niet om een extreem rechtse partij sterk te maken, anders was die ook in Wallonië veel groter dan vandaag. Het VB kon na de beginjaren rekenen op enkele charismatische figuren met een hoog ideale schoonzoon-gehalte en uitstekende communicatieve en organisatorische vaardigheden.
Ze sloten met hun xenofoob discours aan bij een (extreem)rechtse onderstroom en bij de Vlaamsnationalistische retoriek en gevoeligheid. De verdediging tegen de vreemdelingen binnen de Belgische staatsgrenzen, de Franstaligen, ging naadloos over naar een aanval op vreemdelingen van buiten de Vlaamse cultuurgrenzen. De Belgische staat was een bezetter, de niet-Belgen een vooruitgeschoven post van de vijand die uit was op de overname van de Vlaamse welvaart en normen. Met een strakke partijorganisatie en een simpel, helder en uniek discours waren meteen ook de noodzakelijke voorwaarden aan de aanbodzijde vervuld.
Ten slotte vinden we in het ingewikkeld Belgisch politiek-institutioneel systeem enkele groeihormonen voor extreem rechts. De proportionaliteit van ons kiessysteem is er een van. De versplintering van ons partijlandschap, het feit dat andere politieke partijen steeds meer op elkaar gingen lijken, de ondoorzichtige besluitvorming in een strak particratisch en cliëntelistisch bestel, het gesloten eliteoverleg dat ook in de ontzuilde samenleving bleef bestaan, de onvermijdelijke coalities en complexe besluitvorming en compromissen, zijn er enkele andere.

Wie is hier de pyromaan?



Het VB is uiteraard veel meer dan alleen ‘een gevolg van’ fundamentele veranderingen of systeemkenmerken, het is ook oorzaak. Het VB organiseert het ongenoegen en de angst, het voedt en zoekt het antagonisme, vergroot tegenstellingen tussen het volk en de elite, tussen het eigen volk en vreemdelingen. Het VB is meer dan een symptoom alleen, het is een deel van het probleem. Denk aan het VB-verkiezingscongres van 11 april 2006 dat onveiligheid(sgevoelens) tot het VB-thema van de nakende gemeenteraadsverkiezingen bombardeerde.
Het VB voedt en exploiteert ongegeneerd angst en onzekerheid, hun politieke wingewest. Daarom ook de associaties tussen een gesluierde vrouw en islamterrorisme, tussen een moskee en de verdringing van de Westerse waarden en vrijheden. Het VB pleit voor zero tolerantie, het recht om met wapens eigendom te beschermen, gewapend bestuur, lik op stuk-beleid waardoor je als slachtoffer (of familielid van een slachtoffer) daders de tanden mag uitkloppen …
Kortom, met dat ‘recht in eigen handen’ of ‘baas in eigen land’ pleit het VB eigenlijk voor een soort Vlaamse shari’a. Het VB is dan ook vaak intellectueel onfatsoenlijk en oneerlijk, bijvoorbeeld in de onophoudelijke associatie tussen onveiligheid, criminaliteit en islam of allochtonen. Verontwaardiging daarover heeft in het verleden te vaak geleid tot gemakzucht of intellectuele luiheid. In gefundeerde discussies blijkt vaak dat VB’ers hun probleemstelling moeten verfijnen en afzwakken. Daarmee zullen ze hun oplossingen niet amenderen, maar wordt soms wel duidelijk hoe zinloos die zijn en hoe onnodig hard en ranzig hun maatschappijbeeld is.

Mee in bad?


Alle strategieën die de voorbije jaren ingezet werden tegen extreem rechts bleken vruchteloos. Negeren, zwart maken, vervolgen en veroordelen, beschimpen en verwijten, kopiëren, … niets werkt. En dus is de verleiding groot, zelfs bij oprechte tegenstanders, om het VB in het regeerbad te trekken. Sommigen zien daar zelfs een pedagogisch project in: aantonen dat het VB geen oplossingen heeft en dat er niet mee te besturen valt.
Er is echter geen reden om aan te nemen dat die verbrandingsstrategie zal werken. De buitenlandse ervaringen lopen uiteen. Enkele maanden geleden verloor Leefbaar Rotterdam inderdaad, maar al bij al viel dat verlies nogal mee (-5 procent). Elders haalt extreem rechts electoraal voordeel uit machtsdeelname. In drie van de vier Franse steden w
aar extreem rechts in 1995 in het bestuur stapte, boekte het vooruitgang. Ook in het Oostenrijk is het beeld van de FPÖ niet onverdeeld negatief als het op lokaal besturen aankomt. In Noorwegen leverde de Fremskrittspartiet al in 1990 de burgemeester van Oslo, sinds 2003 is de partij de grootste in 30 steden en levert ze 13 burgemeesters. De partij won zelfs meer stemmen in gemeenten waar ze mee bestuurde dan in gemeenten waar ze niet mee bestuurde. In dat verband hoort ook een administratieve mededeling: de gemeenteraad is een legislatuurassemblee. Zes jaar lang. Die kan niet eerder om politieke redenen ontbonden worden. Wie wil bij wijze van illustratie zijn stad of gemeente zes jaar in crisis brengen? Zes jaar slecht of niet besturen?
Deze opiniebijdrage is een bewerkte versie van een langere tekst die verschijnt in Remedies tegen gewenning… en voor democratie, uitgegeven door EPO ism Kunst en Democratie. www.kend.be

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift