Dossier: 

Doe! Dat! Niet!

Wat je grootste protest ontlokt, raakt aan wat het belangrijkst voor je is. De ontstaansgeschiedenis van je persoonlijke Nee legt dan ook onvermijdelijk bloot wat gevoelig ligt. ‘It’s too close to home and too near the bone’, zoals Morrissey het zingend verwoordde. Maar goed, voor een keer graaf ik voor u mijn oudste verontwaardiging op.

  • Brecht Goris Annelies Verbeke Brecht Goris

Vaak speelde ik samen met mijn neef en mijn neef speelde vaak vals. Ik vond dat onbegrijpelijk en onverdraaglijk. Een spel win je of verlies je. Een overwinning verguldt je, met een waardig gedragen verlies bouw je karakter op. Maar je speelt niet vals. Mijn neef beschadigde er iets mee, zo voelde het: zichzelf in de eerste plaats, maar eveneens het spel en dus ook zijn tegenspeler, ook mij. Zijn vals spelen was een Nee van de oneerlijke soort, een waarvan ik stampvoetend woedend werd.

Wat het vuur van mijn toorn nog aanblies, was dat mijn speelkameraad geen beterschap vertoonde. Hij zag er wel beduusd uit telkens als hij werd betrapt, maar bij het volgende spelletje Stratego keek hij waar mijn vlag stond als ik naar het toilet was, en bij minigolf legde hij de bal met zijn voet een stukje dichter bij het gat.

Het was tijdens mijn razernij na dat minigolfincident dat zich een andere beschamende dimensie openbaarde, een met betrekking op mezelf. Op het ritme van mijn getier klopte ik met de golfstick op kindermaat putten in de aarde: ‘Doe! Dat! Niet!’ Neef keek beduusd. En toen zag ik de geamuseerde uitdrukking op het gezicht van voorbij wandelende volwassenen, mensen die ik niet kende, maar die even bleven staan om naar het boze kind te kijken. Ik zag mijzelf voor het eerst zoals zij mij zagen en viel – min of meer voorgoed – stil.

Al bij al vind ik onversneden woede sinds het minigolfincident een gênante vorm van communicatie. Fatsoen, er valt iets voor te zeggen.

En er is ook wel degelijk een ongemakkelijk randje aan de verontwaardiging, een keerzijde die ik onlangs nog mooi verwoord las in Ik heb geen vijanden, ik ken geen haat van de gevangen Chinese schrijver, mensenrechtenactivist en Nobelprijswinnaar Liu Xiaobo. Ergens schrijft hij in een moment van eerlijke wanhoop: ‘Zodra het over mezelf gaat, is het moeilijk om niet – bewust of onbewust – deze rol aan te nemen die ik zelf walgelijk vind, zelfvoldaan over het grote mededogen, het grote verdriet en de oprechtheid van de verlosser.’

Wat Xiaobo hier verwoordt, is het drama van de weldoener, het inzicht in het eigen grote gelijk, dat net zo arrogant kan worden als elke andere ideologie. Het drama van de weldoener bleef me jarenlang in die mate boeien dat ik het als uitgangspunt gebruikte voor mijn laatste roman.

Anderzijds hoed ik mij voor de totale afwijzing van de weldoener, die is er vandaag genoeg; in een poging nietzscheaans over te komen, kakelt men vooral nietszeggend over het egoïsme achter elke solidariteit, met het onsolidaire egoïsme als enige alternatief.

Wanneer de verontwaardigde door zelfinzicht geschrokken zijn woede afzweert, schept hij ruimte voor een plaatsvervangende instelling. Die kan hypocrisie zijn, of melancholie, of humor…

Ik probeer geen hypocriet te zijn, verval nogal eens in melancholie, maar tracht het leven voornamelijk op te vatten als een raadselachtige grap. Daarin vervul ik een rol die meer affiniteit heeft met de weldoener dan met de valsspeler, maar misschien toch nog het meest met de buitenstaander, die zijn rol in feite deterministisch draagt, en zich geraakt kan voelen door een personage als de wapenhandelaar in Yuri Orlovs film Lord of War. Die stort inwoners van zwakke landen zowel als zijn onmiddellijke omgeving in het verderf, maar kan niet anders dan verslagen besluiten dat hij handelt naar zijn rol, dat hij doet wat hij goed kan.

Het woedende kind van weleer voelt zich als afstandelijker volwassene rustiger omtrent haar rol in de grap, waarmee ze wenst te lachen, al zal ze de pointe waarschijnlijk nooit begrijpen. En al zingt ze soms, plots onversneden verontwaardigd: ‘That joke isn’t funny anymore, it’s too close to home, and too near the bone, more than you’ll ever know.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift