Dood van 94 Iraakse burgers blijft onbestraft - HRW

Het Amerikaanse leger zou de dood van tientallen Iraakse burgers moeten onderzoeken. Maar het houdt zelfs geen lijst bij van de burgers die het doodt, zegt Human Rights Watch in een rapport dat dinsdag werd vrijgegeven.




Op basis van 60 ooggetuigen- en journalistieke verslagen verzamelde de mensenrechtengroep informatie over 94 Iraakse burgers die tussen 1 mei en 1 oktober onder twijfelachtige omstandigheden gedood werden door de Amerikaanse bezettingsmacht. Het cijfer heeft enkel betrekking op Bagdad. Het rapport ‘Hearts and Minds’ klaagt twee zaken aan: dat het Amerikaanse leger weinig onderneemt om het hoge aantal burgerslachtoffers te verminderen en dat het Amerikaanse leger geen lijst opstelt van burgerslachtoffers. Zo’n houding suggereert dat burgerslachtoffers geen belangrijke bekommernis zijn.

Het is een drama dat de Amerikaanse soldaten zoveel slachtoffers hebben gemaakt in Bagdad, zegt Joe Stork, een onderdirecteur van HRW. Maar het is echt ongelofelijk dat het leger de doden zelfs niet telt. Elke keer er een slachtoffer valt in twijfelachtige omstandigheden zou het tot een onderzoek moeten komen.

Tot dusver onderzochten de VS vijf incidenten. In vier gevallen luidde de conclusie dat de soldaten handelden conform de zogenaamde rules of engagement en hun boekje niet te buiten gingen. Een zesde onderzoek - over de dood van een acht Iraakse agenten en een Jordaanse veiligheidsagent in al Falluja vorige maand - wordt nog gevoerd.

Het Amerikaanse leger neemt burgers niet bewust onder vuur, zegt HRW, maar het doet niet voldoende om de schade te minimaliseren, hoewel dat een verplichting is onder de internationale verdragen. HRW erkent dat Irak een vijandige omgeving is voor de Amerikaanse troepen. Ze worden dagelijks aangevallen door Irakezen. Maar het rapport benadrukt dat zo’n omgeving het leger niet vrijstelt van zijn verplichtingen om enkel geweld te gebruiken indien nodig.

De dodelijke incidenten doen zich voor in drie situaties: tijdens huiszoekingen, aan wegblokkades en door culturele misverstanden. Human Rights Watch ontwaart een patroon om overdreven agressieve tactieken te gebruiken, zonder onderscheid te schieten in woonwijken en erg snel toevlucht te zoeken tot dodelijke vuurkracht.

Bij huiszoekingen wordt de weerstand van de bewoners - die vaak denken dat ze met overvallers te maken hebben - meteen beantwoord met grof geschut in de richting van huisgenoten, familieleden of toevallige voorbijgangers. Voorbijgangers worden ook getroffen aan wegblokkades, waar grote zenuwachtigheid over aanslagen heerst. Bij explosies beginnen Amerikaanse soldaten steevast wild in het rond te vuren. Wanneer chauffeurs te laat remmen, wordt er meteen met scherp geschoten. HRW merkt op dat de controleposten te vaak van plaats veranderen en soms niet duidelijk worden gemarkeerd. Tot slot zijn er de banale communicatieproblemen, waarbij lichaamstaal bij gebrek aan kennis van de Arabische taal geïnterpreteerd worden als een vijandige beweging.

De Amerikaanse soldaten gedragen zich vaak arrogant en tonen weinig respect voor de Iraakse normen en waarden. Het aanraken en fouilleren van vrouwen en het onder de voet houden van arrestanten zijn de meest voorkomende voorbeelden van grensoverschrijdend gedrag.

De onderzoekers maken een onderscheid tussen de militaire politie (MP’s) en gevechtseenheden zoals de 82ste luchtdivisie en de eerste infanteriedivisie. De MP’s hebben training en opleiding gekregen om met burgers om te gaan, maar de echte soldaten opereren vaak enkel op basis van hun killerinstinct.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3153   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift