Dossier-Belliraj: Een dag op de rechtbank in Salé

Een aftandse metaaldetector en een handvol agenten –afgaand op de eerstelijns veiligheidsmaatregelen in de rechtbank van Salé zou je niet zeggen dat hier in een monsterproces 35 personen terechtstaan voor terrorisme tegen de Marokkaanse staat.

  • Kristof Clerix De rechtbank van eerste aanleg in Salé. Kristof Clerix

Het is 15 juni 2009 en in de zaak-Belliraj komt vandaag onder meer de advocaat van de Belgisch-Marokkaanse hoofdbeschuldigde aan het woord. Broeierig heet is het op de houten publiekstribune, maar dat weerhoudt een dertigtal vrouwen met hoofddoek er niet van om het proces tegen hun echtgenotes bij te wonen.

Klokslag 15u stappen de 35 beklaagden de zaal binnen; ze worden van het publiek gescheiden door een grote glazen wand. Belliraj –in een lang wit hemd en baseball-petje– ziet er weldoorvoed uit en stapt glimlachend de zaal binnen. Voor de rechter ligt een dossier van zowat dertig centimeter. De drie bewakingscamera’s achter hem hebben in de eerste weken van het proces voor heel wat ophef gezorgd. ‘Uit veiligheidsoverwegingen geplaatst’, kregen de advocaten van de verdachten te horen. Wat er met de beelden gebeurt, blijft geheim.

Een paar Marokkaanse journalisten maken op de perstribune aantekeningen maar buitenlandse pers is er nauwelijks. Televisie-camera’s mogen er sowieso niet in ook en fotograferen is uit den boze.

‘Gekidnapt door dertig agenten’

‘De beschuldigingen tegen mijn cliënt Jamal Abdessamad zijn sensatie’, neemt meester Bayena het woord, een van de dertien aanwezige advocaten. Centraal in de rechtbank hangt een foto van Koning Mohamed VI, die nu tien jaar aan de macht is en voor meer openheid heeft gezorgd na de loden jaren onder zijn vader, Hassan II. Bayena beweert dat zijn cliënt gemarteld werd. ‘Ik wijs erop dat Marokko de conventie tegen martelen heeft getekend.’

Aan de trappen van het gerechtsgebouw staat Hassan Bekhti (42) een sigaretje te roken. Hij is de broer van Abdellatif Bekhti, een van de beschuldigden, en woont in Sint-Gillis. Hij probeert het volledige proces bij te wonen. Hassan vertelt hoe zijn broer op 30 januari 2008 ‘gekindnapt’ werd door dertig agenten van de Marokkaanse DST (Direction Générale de la Surveillance du Territoire, de binnenlandse geheime dienst). Volgens Hassan is zijn broer ‘erbij gelapt’; over de échte reden van de arrestatie durft hij naar eigen zeggen geen uitspraken doen ‘want we zijn hier omringd door de DST’.

‘Na een paar jaar komt Belliraj vrij’

In de glazen bokaal schudt Belliraj zijn medebeschuldigden vriendelijk de hand en slaat hij relaxed een praatje met iedereen. Belliraj ziet er hoegenaamd niet uit als iemand die binnen een paar weken tot de doodstraf kan veroordeeld worden. Integendeel, hij straalt je m’enfoutisme uit. ‘Jullie kunnen mij niets maken’ zegt zijn body language. (Later zal een goedgeïnformeerde bron uit het Belgische intelligence-wereldje daarover samenzweerderig zeggen: ‘Belliraj zal niet lang in de gevangenis zitten. Na hooguit twee tot vier jaar komt hij vrij, voor bewezen diensten. Je zal wel zien.’)

Wanneer meester Toufiq Idrissi het woord neemt, zet Belliraj zijn bril op en neemt nota’s. Idrissi richt zich tot de rechter. ‘Ik zou u willen vragen om uw logisch verstand te gebruiken en al uw persoonlijke emoties uit te schakelen.’ Vervolgens gaat Idrissi puntje per puntje de verklaringen af die Belliraj heeft afgelegd voor de Marokkaanse politie en onderzoeksrechter Chentouf. Idrissi probeert de rechter te overtuigen van de tegenstrijdigheden in het verhaal.

‘Politiek proces’

Na de zitting drinkt Zaazaa Abdelmalek een muntthee op het terras tegenover de rechtbank. Abdelmalek is advocaat van een aantal politici die in de zaak-Belliraj terechtstaan. De politici worden ervan beschuldigd dat ze in 1992 in Tanger samen met Belliraj een geheim terroristisch netwerk boven het doopvont hebben gehouden. Abdelmalek: ‘Belliraj zei dat hij geen terroristische relaties heeft met de politici en dat hij ze maar één keer gezien heeft. In de pv van de politie staat dat de vergadering in 1992 plaatsvond in Tanger. Dat klopt. Maar de samenkomst had niets te maken met wapens of terrorisme. Het ging om politieke ideeën.’

Voor Abdelmalek is de zaak-Belliraj een politiek proces. ‘Mijn cliënten hebben destijds in Marokko twee verenigingen opgericht: Alharakmin Ajli Aloma en Al Badil Alhadal. Ze hebben in de legaliteit en legitimiteit gewerkt. Vervolgens hebben ze ook twee politieke partijen opgezet: AlBadil Al Hadal en Al Oumma –dat was in 2005. De Marokkaanse staat wil niet dat die twee islamistische partijen blijven bestaan. Ze waren immers een unie aangegaan met de Marokkaanse gauchisten. Daarom heeft Marokko het hele dossier gefabriceerd. Dat hebben mijn cliënten voor de rechter verklaard.’

Echt hoopvol toont Abdelmalek zich niet over de uitkomst van het proces. ‘De Marokkaanse ministers van Binnenlandse Zaken en Communicatie hebben hen al veroordeeld in de pers. Dat was nog voor ze bij de onderzoeksrechter zijn verschenen. Ik hoop dat de rechter in alle onafhankelijkheid zal werken. Maar ik denk het niet.’

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur