Een tijdbom onder Centraal-Azië

In het hartje van Centraal-Azië tikt een tijdbom. De Ferghana-vallei, op het kruispunt van de ex-sovjetrepublieken Oezbekistan, Tadzjikistan en Kirgizstan, is het strijdtoneel van regeringslegers en extremistische moslimbewegingen, die handig inspelen op de ontevredenheid onder de werkloze bevolking. Drugskartels en grensconflicten over land en water zorgen voor olie op het vuur.

KRUITVAT: FERGHANA-VALLEI (OEZBEKISTAN, TADZJIKISTAN, KIRGIZSTAN)
SPANNINGEN SINDS: 1991
STRIJDENDE PARTIJEN: Islamitische Beweging van Oezbekistan, Partij van de Islamitische Bevrijding (Hizb-ut-Tahrir), regeringslegers
INZET: grensconflicten over land en water, de oprichting van een islamitische staat, drugshandel, welvaart


Wanneer in 1991 het Sovjetrijk verbrokkelt, valt niet alleen het communistisch verbod op religieuze beleving weg in het olie-en gasrijke Centraal Azië. Ook de broodnodige economische steun van Rusland aan de nieuwe republieken verdwijnt, waardoor er in de regio prompt een economische, sociale en politieke crisis ontstaat. Met alle gevolgen van dien: in 1999 is in het Oezbeekse deel van de Ferghana vallei 35 procent van de actieve bevolking jonger dan 25 werkloos. Het is tegen deze achtergrond dat extremistische moslimbewegingen ontstaan.
Islamitische Beweging van Oezbekistan (IBO) wordt in 1998 opgericht met als doel de regering van president Islam Karimov omver te werpen en één islamitische staat in Centraal-Azië te stichten. Onder leiding van de charismatische Juma Namangani en gefinancierd door drugshandel, giften van Osama bin Laden en gelijkgezinden in Saudi-Arabië slaagt de IBO er snel in om haar ideologie uit de dragen naar het Tadzjiekse en Kirgizische deel van de Ferghana-vallei. De Partij van de Islamitische Bevrijding, die net als de IBO in Centraal-Azië een kalifaat wil oprichten, speelt handig in op het ongenoegen van de jonge bevolking in de vallei en groeit al even snel.
Ahmed Rashid noemt de IBO ‘een van de grootste bedreigingen voor de stabiliteit van heel Centraal-Azië’. Dat beseffen ook de regeringen van Oezbekistan, Tadzjikistan en Kirgizstan, die hun militaire aanwezigheid in de Ferghana-vallei sterk hebben opgedreven, met een toename van wapenhandel en geweld tot gevolg. Volgens een recent onderzoeksrapport van het Forum for Early Warning (FEWER) maakt deze verhoogde militaire aanwezigheid van de subregio een tikkende tijdbom. Oezbekistan heeft daarenboven politieke oppositie verboden en de persvrijheid aan banden gelegd.
Een bijkomend probleem in de Ferghana-vallei is de toenemende invloed van internationale drugskartels. Werkloosheid vormt de ideale basis om drugstrafikanten te rekruteren. Zelfs politie, militairen en parlementsleden zijn volgens FEWER bij drugshandel betrokken. ‘Verscheurd door grensconflicten slagen de drie landen er niet in om een gezamenlijke strategie voor de Ferghana-vallei te ontwikkelen’, zegt David Lewis, de Centraal-Azië specialist van de International Crisis Group (ICG). Vooral aan de grens tussen Kirgizstan en Tadzjikistan nemen conflicten rond land en water toe.
Ook de media gooien olie op het vuur. ‘De Oezbeekse media schilderen Tadzjikistan steevast af als een thuis voor drugstrafikanten en terroristen, terwijl de Kirgizische pers graag afgeeft op Oezbekistan’, aldus het FEWER-rapport. ‘Door de economische achteruitgang en het gebrek aan kansen voor de snelgroeiende jonge bevolking is de situatie in de Ferghana-vallei op lange termijn potentieel gevaarlijk’, besluit Lewis. ‘Daarom is het hoog tijd voor economische en politieke hervormingen.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3068   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur