Dossier: 

Europa, de euro en de Spaanse schuldenlast

Een verhaal van winnaars en verliezers

In 1986 werd Spanje, samen met Portugal, lid van de Europese Unie en in 1992 ondertekende het mee het Verdrag van Maastricht, waarmee het toetrad tot de eurozone. Dit lidmaatschap gaf Spanje – dat meer invoerde dan het uitvoerde- de mogelijkheid een grotere schuldenlast aan te gaan. Het was een bedrieglijke gunst, zo blijkt vandaag. Heel wat Spaanse analisten staan dan ook erg kritisch ten aanzien van de euro. Sommigen zijn die liever kwijt dan rijk.  

  • Boom and (deep) crisis in the Spanish economy: the role of the EU in ints evolution, door Miren Etzezarreta, Francisco Navarro, Ramón Ribera, Victòria Soldevila (Taifa, september 2011) Overschotten en tekorten op de lopende rekeningen als percentage van het BNP van enkele Europese centrumlanden en landen uit de periferie. Boom and (deep) crisis in the Spanish economy: the role of the EU in ints evolution, door Miren Etzezarreta, Francisco Navarro, Ramón Ribera, Victòria Soldevila (Taifa, september 2011)

Hoe die Spaanse intrede in de eurozone concreet in zijn werk ging en hoe de rijke landen de armere op sleeptouw namen, legt Miren Etxezarreta van Taifa, het netwerk voor kritische economie, me uit. ‘De Europese Unie omvat landen die economisch gezien erg verschillend zijn op vlak van productiviteit en concurrentiekracht. De industriële specialisatie van de landen in de periferie, zoals Spanje, Portugal en Griekenland, was in hoofdzaak gebaseerd op lage lonen, eerder dan op gekwalificeerde arbeid, en tweederangstechnologie.’

De periferielanden zijn afhankelijk van import uit de centrumlanden en zwengelen op die manier de economie in die centrumlanden aan. Ze hebben jarenlang de vraag verzekerd voor de centrumeconomieën, een vraag die gevoed werd en gebaseerd is op schuld,waarvoor diezelfde centrumlanden de kredieten verstrekten. Het resultaat is een onevenwicht in de handelsbalans en een groeiende kloof in competitiviteit tussen het centrum en de periferie.

Een kenmerk van de economieën in de eurozone, aldus Etxezarreta, is aan de ene kant landen met een constant deficit op hun lopende rekeningen, geografisch gesitueerd in de periferie, en aan de andere kant landen landen in het centrum (vooral Duitsland) met een overschot op de handelsbalans.

Het verdrag van Maastricht en de Monetaire Unie hebben die ongelijkheid vergroot, daarover zijn verschillende analisten in Barcelona het eens. Jaume Botey, die heel zijn carrière, 35 jaar lang aan de Universiteit van Barcelona het beleid van IMF en Wereldbank doceerde is bijzonder scherp voor Europa: ‘Ik ben altijd een tegenstander geweest van het Verdrag van Maastricht. De Spaanse economie kon deze sterke euro niet aan. Waar men op aanstuurt, is een Europa met twee snelheden.’ Voor hem mag Spanje zo snel mogelijk weer uit de eurozone stappen.

Vlak voor de crisis, had Spanje een van de hoogste buitenlandse schulden ter wereld , in procent van het bnp. In 2006 en 2007 was het deficit op de betalingsbalans 9 en 10 procent van het bnp. In absolute waarde werd het alleen door de VS overtroffen. Door de crisis daalde dat deficit tot 6 procent in 2009 en 4,7 procent in 2010.

Een spel van winnaars en verliezers

Eind de jaren negentig kwam het Spaanse economische mirakel op gang, aangedreven enerzijds door de vastgoedbubbel maar anderzijds door de internationalisering van enkele Spaanse holdings, opgericht door de privatisering van staatsbedrijven en monopolies. Het betreft bedrijven als Telefonica, Repsol, Aguas de Barcelona, Zara, Mango, Banco Santander en Banco Bilbao Vizcaya Argentaria (BBVA). Aanvankelijk richten ze zich vooral op Latijns-Amerika, maar vandaag zijn ze wereldwijd actief.

De 35 grootste bedrijven van de IBEX – de aandelenindex van de Spaane effectenbeurs- maakten in 2010 een winst van 49.881 miljoen, wat een stijging is van 24,5 procent tegenover 2009. De winsten van de bedrijven stegen 4,1 procent, de lonen 0,5 procent. Grote banken verzamelden een winst van 15.300 miljoen euro en de lonen van de hoge directies in de IBEX35 stegen gemiddeld met 20 procent.

Bijvoorbeeld Telefonica zag in 2010 zijn winst stijgen met 30,8 procent tot 10.167 miljoen euro maar 6000 arbeiders werden ontslagen “om de concurrentiekracht hoog te houden”.

Lees ook:

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3190   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift