'Europa moet zijn energietransitie ernstig voorbereiden'

De olieramp in de Golf van Mexico doet de discussie over de afhankelijkheid van fossiele brandstoffen opnieuw oplaaien. Ook Europa doet er best aan om die afhankelijkheid zo snel mogelijk te verminderen, niet alleen omwille van het klimaat maar ook om geopolitieke redenen.
De vraag naar energie stijgt spectaculair, waardoor de druk op de energiemarkten erg groot wordt. Door de verschuivende machtsrelaties heeft Europa steeds minder in de pap te brokkelen op die internationale markten.
Deze combinatie van oliepiek en “piek-Europa” kan bijgevolg wel eens voor erg onaangename verrassingen zorgen. Dat is de overtuiging van Coby van der Linden, directeur van het CIEP, het International Energy Programme van het Clingendael Instituut in den Haag.
Begin jaren tachtig consumeerden de Oeso-landen 80 procent van de commerciële energie, vandaag is dat nog minder dan de helft. ‘De energiestromen van vandaag zijn veranderd, terwijl ook de unilaterale macht van de VS is ontmaskerd, samen met die van de Oeso-landen en van Europa. In alle belangrijke discours vandaag trekt Europa aan het kortste eind, het oude continent is over zijn geopolitieke piek heen. De klimaatonderhandelingen in Kopenhagen waren het duidelijkste bewijs hiervan.’ Zo klonk de ontnuchterende analyse van professor Van der Linden bij haar uiteenzetting voor de VIRA (Vlaams-Nederlandse Vereniging voor Internationale Relaties-Anders).
Dat heeft ernstige consequenties, zeker wanneer het over energie gaat. Van der Linden: ‘Aan de onderhandelingstafels zijn vandaag niet alleen de disgenoten veranderd maar ook de wijze van economie bedrijven.’
Sinds de jaren negentig is de wereldmarkt steeds meer geliberaliseerd en ook Europa is daarin meegegaan. China heeft zich in die geliberaliseerde markt ingewerkt, maar gaat daar op een heel aparte manier mee om. Van der Linden: ‘China heeft heel goed weten te manoeuvreren om zijn eigen ondernemingen een plek te geven aan de grote tafel van de wereldmarkt. Maar in tegenstelling tot een Exxon Mobile, dat handel drijft op een geglobaliseerde wereldmarkt, werkt China met bilaterale relaties. De opbrengsten van de Chinese energiewinning in Afrika vloeien rechtstreeks naar China en niet naar de wereldmarkt.’
De Chinese honger is bovendien gigantisch: per jaar groeit de Chinese energiecapaciteit met de grootte van die van Groot-Brittannië. De windenergie neemt een spectaculaire vlucht, maar kan de vraag niet bijhouden. Steenkool is voor China nog altijd de motor voor groei, alle klimaatonderhandelingen ten spijt. Per week komt er in China een kolencentrale bij.
En ook voor andere groeilanden blijven fossiele brandstoffen van groot belang. Van der Linden: ‘Het Europese klimaatplan van 20 procent hernieuwbare energie en 20 procent meer energie-efficiëntie tegen 2020 is niet alleen belangrijk met het oog op de klimaatopwarming. Het is ook een absolute noodzaak om onze olieafhankelijkheid te reduceren omdat de druk op de oliemarkten gewoon te groot wordt en dat kan tot conflicten leiden. Waarom maken we de olieproducerende landen geen onderdeel van de oplossing in plaats van hen altijd als het grote probleem te beschouwen?’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Latijns-Amerika & ecologie
    Alma De Walsche schrijft over ecologische thema’s, van klimaat- en energiebeleid, over landbouw- en voedsel tot transitie-initiatieven en baanbrekers. Ze volgt al enkele decennia Latijns-Amerika, met een speciale focus op de Andeslanden.
randomness