Europa wijst Oezbeekse katoendeal af

Eergisteren verwierp de Commissie Buitenlandse Zaken van de EU unaniem een voorstel dat de invoer van katoen uit Oezbekistan zou vergemakkelijken. Europarlementslid Nicole Kiil-Nielsen (EELV) was de drijvende kracht achter de neen-stem en noemt de gedwongen kinderarbeid op de Oezbeekse velden als reden.

  • Peretz Partensky Katoenplukkers op de Oezbeekse velden Peretz Partensky

Katoen is Oezbekistans belangrijkste product, goed voor zestig procent  van de inkomsten door export van het land. Wat er met dat geld precies gebeurt, is onduidelijk. Oezbeekse boeren zijn wettelijk verplicht hun katoen te verkopen aan Oezchlopkoprom, het bedrijf dat een staatsmonopolie op katoen heeft en voor 51 procent in handen van de overheid is. Wie precies eigenaar is van de overige 49 procent is officieel niet bekend, maar onderzoeken van journalisten en ngo’s wijzen in de richting van de kring rond president Karimov.

De katoenboeren krijgen een vaste prijs betaald voor hun product, die, afhankelijk van de internationale katoenkoers en de wind die dat moment binnen Oezchlopkoprom waait, een derde tot een tiende van de marktprijs bedraagt. Tijdens het oogstseizoen wordt heel Oezbekistan naar de katoenvelden gestuurd. Dokters, ambtenaren en leerkrachten vormen geen uitzondering, ook zij moeten die weken hun dagtaak in de steek laten om katoen te gaan plukken, zo melden zowel New Eurasia als RFE/RL. Daarnaast worden ook tienduizenden kinderen, sommigen pas zeven jaar, door de staat ingeschakeld voor het zware oogstwerk. 

De stemming in de Commissie Buitenlandse Zaken ging over het insluiten van Oezbeeks textiel in de Overeenkomst voor Partnerschap en Samenwerking met Oezbekistan, een document dat sinds 1999 de relatie tussen de Europese Unie en het land reguleert. Dit zou de invoertarieven aanzienlijk naar beneden halen en het land op die manier een grotere afzetmarkt opleveren.

In een reactie aan MO* zei Nicole Kiil-Nielsen tevreden te zijn dat het textielakkoord unaniem verworpen werd. Ze vraagt om een onafhankelijke missie van het IAO (Internationale Arbeidsorganisatie), die op het terrein moet onderzoeken hoe de katoenbouw verloopt. Als dat onderzoek er komt en de Oezbeekse regering vervolgens de nodige maatregelen neemt, kan de zaak opnieuw bekeken worden. Ook geeft de Commissie Buitenlandse Zaken slechts een advies, de uiteindelijke beslissing ligt bij het Europese Parlement. Voltooid verleden tijd is het handelsverdrag dus nog niet.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur