G20 wil af van 'oliegekte'

Elke dag steken regeringen meer dan 2 miljard dollar belastinggeld in fossiele brandstoffen. Deze enorme investering in een zeer winstgevende sector door landen die op de rand van een faillissement staan of hun bevolking amper kunnen voeden, is vergelijkbaar met “complete gekte” vinden veel experts.
Zondag conludeerden de landen die deelnamen aan de top van de G20 in Toronto dat die gekte beperkt of zelfs gestopt moet worden.
“Ik was onder de indruk. Ik vermoed dat we eindelijk zo ver zijn dat subsidies voor fossiele brandstoffen afgebouwd worden”, zegt Mark Halle, directeur Handel en Investering van het Internationaal Instituut voor Duurzame Ontwikkeling (IISD) in Genève.
“Als landen hun tekorten moeten terugdringen, kunnen ze moeilijk voorbijgaan aan het feit dat ze miljarden weggeven aan de industrie voor fossiele brandstoffen, om de brandstofprijzen laag te houden.”

Geen visie


De subsidie van meer dan 2 miljard dollar per dag voor fossiele brandstoffen is een conservatieve schatting, gebaseerd op onderzoek van het IISD. Dergelijke hoge subsidies ondermijnen niet alleen beleid op het gebied van energiezuinigheid, ze maken het ook onmogelijk voor duurzame energie om te concurreren, zegt Halle.
Niet iedereen is optimistisch over de intenties van de G20, omdat veel van de lidstaten zich vaak niet aan hun beloften houden.
“De landen van de G20 lieten niet de visie en moed zien die nodig is van wereldleiders in het licht van de rampzalige olievervuiling in de Golf van Mexico”, zegt Darek Urbaniak van Friends of the Earth Europe. Urbaniak wijst erop dat BP, het bedrijf dat verantwoordelijk is voor de olievervuiling, gesubsidieerd wordt met publiek Brits en Europees geld.
Canada en Australië probeerden de afspraken binnen de G20 af te zwakken door ze niet-bindend te maken, zegt hij. De VS probeerden juist een steviger afspraak op tafel te krijgen. De landen stemden ermee in om “inefficiënte subsidies voor fossiele brandstof” af te bouwen, maar elk land mag zelf bepalen welke dat zijn. Sommige landen, zoals Japan, Australië en Italië, hebben al aangegeven dat ze dergelijke subsidies niet hebben.
“Australië wil de kolensector beschermen, Canada wil zijn teerzand blijven subsidiëren - een milieu- en klimaatramp die lijkt op de olieverspilling van BP, maar dan in slow motion”, zegt Urbaniak.

Olieprijs


“Uit ons onderzoek blijkt dat Canada in de afgelopen twee jaar net zoveel subsidie aan olie en gas heeft gegeven als aan klimaatprogramma’s”, zegt Albert Koehl van Ecojustice, een Canadese ngo.
Canada investeert miljarden dollars in de ontwikkeling van technologie voor CO2-afvang en opslag, volgens Koehl een nieuwe manier om de olie- en gasindustrie te subsidiëren, vooral de teerzanden.
De meeste industrielanden subsidiëren olie, steenkool en aardgas om de exploratie- en productiekosten omlaag te brengen. Ontwikkelingslanden gebruiken subsidies om de kosten voor de verbruikers laag te houden. Beide vormen van subsidie moedigen volgens experts het verbruik van fossiele brandstoffen aan en laten daardoor ook de olieprijs stijgen.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3205   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift