“Gaza in 2015 nog slechter af dan in midden jaren 1990”

Het Augustusrapport van de Verenigde Naties over de toestand in Gaza is weinig rooskleurig. Zolang de markt afgesloten blijft, maakt een groeiende economie geen schijn van kans.

“De economie in Gaza zal naar alle verwachting bescheiden groeien en waarschijnlijk zullen de mensen in 2015 nog steeds slechter af zijn dan ze waren in het midden van de jaren 1990”. Zo luidt het in een persbericht dat de Verenigde Naties verspreidden naar aanleiding van het rapport ‘Gaza in 2020, een leefbare plaats?’

Geen markt, geen productie

“Sinds Hamas in 2006 werd verkozen en Israël de grenzen verzegelde moest ik de productie in mijn textielfabriek met de helft reduceren”, getuigt Rizik Al-Madhoun (41). Tegen december 2007 schreven de VN in een rapport dat nog slechts één procent van de 960 textielfabrieken in Gaza open waren.

Vandaag zouden nog steeds 80 procent van alle fabrieken in Gaza gesloten zijn of op een minimumcapaciteit functioneren.

In juni 2012 merkten de VN op dat “het voortdurende verbod op de doortocht van goederen van Gaza naar zijn traditionele markten op de Westbank en Israël, samen met de strenge beperkingen op de toegang tot landbouwgrond en viswater, een duurzame groei verhinderen en de hoge werkloosheid, de voedselonzekerheid en de afhankelijkheid van hulp bestendigen.”

“Het gebied is in wezen al geïsoleerd sinds 2005”, stelt het recente VN-persbericht, “wat betekent dat de economie op lange termijn en onder de huidige omstandigheden, niet levensvatbaar kan zijn. Gaza wordt op dit moment in leven gehouden door externe financiering en de illegale tunneleconomie.”

Laat export toe

Het rapport benadrukt eveneens dat de Palestijnen van Gaza ” toegang moeten hebben tot de wereld buiten Gaza voor religieuze, educatieve, medische, culturele, commerciële en andere doeleinden.”

Textielfabrikant Rizik Al-Madhoun vereenvoudigt de oproep: laat export vanuit Gaza toe. “Omdat we zo weinig opties hebben, hebben de kleermakers in Gaza hun ambacht geperfectioneerd”, zegt hij. “We maken kleding die even goed of zelfs beter is dan de Turkse import die we hier krijgen. Maar zonder een markt, heeft de productie van goederen geen enkele zin.”

 

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift